Terug

2012_CBS_08832 - District Merksem. Bredabaan, tussen Groenendaallaan en Victor Roosensplein. Openbare verlichting - SWOU007260. Koepelmodule 11002/AO met module 4. Subsidie - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 24/08/2012 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Patrick Janssens, burgemeester; Robert Voorhamme, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Marc Van Peel, schepen; Luc Bungeneers, schepen; Guy Lauwers, schepen; Güler Turan, schepen; Leen Verbist, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Serge Muyters, waarnemend korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Patrick Janssens, burgemeester
2012_CBS_08832 - District Merksem. Bredabaan, tussen Groenendaallaan en Victor Roosensplein. Openbare verlichting - SWOU007260. Koepelmodule 11002/AO met module 4. Subsidie - Goedkeuring 2012_CBS_08832 - District Merksem. Bredabaan, tussen Groenendaallaan en Victor Roosensplein. Openbare verlichting - SWOU007260. Koepelmodule 11002/AO met module 4. Subsidie - Goedkeuring

Motivering

Gekoppelde besluiten

Algemene financiële opmerkingen

De raming voor de nieuwe openbare verlichting bedraagt 470.191,00 EUR (21% btw inbegrepen).

De nodige kredieten worden voorzien in de budgetten 2013 en 2014.

Omdat het ontwerp 2 aparte rijbanen bevat, gescheiden door een trambaan die als middenberm wordt beschouwd, bedraagt de subsidie 2 x 75.000,00 EUR per km. In dit project bedraagt het aantal km 1,650 zodat de subsidie vastgesteld wordt op 247.500,00 EUR.

Voor de verlichting van de tramhaltes wordt bijkomend een subsidie van 37.500,00 EUR verleend.

Regelgeving: bevoegdheid

De gemeenteraad besliste op 9 september 1996 (jaarnummer 1500) om een mobiliteitsconvenant af te sluiten met het Vlaamse gewest en de Vlaamse Vervoersmaatschappij De Lijn. Op grond van artikel 4, § 1, 3 en 4 van de mobiliteitsconvenant moeten de daaruit voortvloeiende koepelmodules worden goedgekeurd door de gemeenteraad.

Aanleiding en context

Fase Actie Datum Jaarnummer
mobiliteitsconvenant (moederconvenant)
addendum
goedkeuring gemeenteraad

goedkeuring gemeenteraad
9 september 1996
5 maart 2012
1500

206
projectnota advies gemeentelijke begeleidingscommissie (GBC)
conformverklaring provinciale auditcommissie (PAC)
20 maart 2012

25 april 2012
--
--


De gemeenteraad keurde op 5 maart 2012 (jaarnummer 206) het addendum bij de mobiliteitsconvenant goed, waardoor de oorspronkelijke moederconvenant wordt aangepast aan de recente wetgeving (onder andere STOP-principe intussen ook verankerd in het decreet betreffende het mobiliteitsbeleid, participatie van de burgers, wijze van bespreking en beoordeling door de gemeentelijke begeleidingscommissie - GBC en de provinciale auditcommissie - PAC). Dit gebeurde op uitdrukkelijke vraag van de inspecteur van financiën van het Vlaamse gewest.

Argumentatie

Het Vlaamse gewest bezorgde de koepelmodules 11002/AO, met als bijlage module 4 en wijst erop dat aan deze teksten niets mag gewijzigd worden.

Met de module 4 "aan de bebouwde omgeving aangepaste verlichting, geplaatst door de lokale overheid" verbinden het Vlaamse gewest en de stad zich om aan de bebouwde omgeving een aangepaste verlichting te plaatsen in een doortocht van een gewestweg:

  • de stad staat in voor zowel de studie, de projectnota, de plaatsing, het beheer en onderhoud van de verlichting en betaalt het elektriciteitsverbruik;
  • het Vlaamse gewest betaalt, na de voorlopige oplevering van de werken, een éénmalig (niet geïndexeerd) forfaitair bedrag (75.000,00 EUR) per km gewestweg die verlicht wordt.

De PAC verklaarde de projectnota conform op 25 april 2012.

Beleidsdoelstellingen

Samen bouwen aan een aantrekkelijke stad

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen legt het volgende voor aan de gemeenteraad:

Artikel 1

De gemeenteraad keurt de koepelmodule 11002/AO, met module 4, goed voor het plaatsen van een aangepaste verlichting langs de gewestweg Bredabaan, tussen de Groenendaallaan en het Victor Roosensplein.

Artikel 2

Dit besluit heeft in principe voor de stad geen financiële gevolgen.

Bijlagen