Terug

2012_CBS_03093 - Milieuvergunningen Vlarem klasse 2 - Jeugdhuis Tel 18 - Telex vzw, Waterstraat 16, 2180 Ekeren-Antwerpen. Dossiernummer: AN2012/3/AV - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 30/03/2012 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Robert Voorhamme, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Luc Bungeneers, schepen; Guy Lauwers, schepen; Güler Turan, schepen; Leen Verbist, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Patrick Janssens, burgemeester; Philip Heylen, schepen; Marc Van Peel, schepen; Serge Muyters, hoofdcommissaris van politie, vervangend korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris
2012_CBS_03093 - Milieuvergunningen Vlarem klasse 2 - Jeugdhuis Tel 18 - Telex vzw, Waterstraat 16, 2180 Ekeren-Antwerpen. Dossiernummer: AN2012/3/AV - Goedkeuring 2012_CBS_03093 - Milieuvergunningen Vlarem klasse 2 - Jeugdhuis Tel 18 - Telex vzw, Waterstraat 16, 2180 Ekeren-Antwerpen. Dossiernummer: AN2012/3/AV - Goedkeuring

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 36, 4° van Vlarem I bepaalt dat het college een uitspraak dient te doen over een milieuvergunningsaanvraag klasse 2.

Aanleiding en context

Aanvrager: Jeugdhuis Tel 18 - Telex vzw - Waterstraat 16 - 2180 Ekeren-Antwerpen. De aanvraag omvat de exploitatie van een jeugdhuis met een lokaal met dansgelegenheid.

Argumentatie

Het college beslist op basis van het verslag van de dienst milieuvergunningen, dat als bijlage bij dit besluit is gevoegd.

Juridische grond

Het milieuvergunningendecreet van 28 juni 1985, meermaals gewijzigd, en haar uitvoeringsbesluiten (Vlarem I en II) bepalen dat niemand zonder vergunning of melding een hinderlijke inrichting mag exploiteren.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college beslist een milieuvergunning klasse 2 goed te keuren aan Jeugdhuis Tel 18 - Telex vzw, Waterstraat 16, 2180 Ekeren-Antwerpen, voor de inrichting gelegen op hetzelfde adres. De vergunning heeft als voorwerp de exploitatie van een jeugdhuis met een lokaal met dansgelegenheid.

Artikel 2

Het college wijst erop dat voor de exploitant de volgende algemene en sectorale voorwaarden van toepassing zijn:

V01

algemene milieuvoorwaarden (hoofdstuk 4.1);

V02

algemene milieuvoorwaarden, geluid (hoofdstuk 4.5);

V03

algemene milieuvoorwaarden, oppervlaktewater (hoofdstuk 4.2);

V09

algemene milieuvoorwaarden, licht (hoofdstuk 4.6);

V70

ontspanningsinrichtingen, lokaal met dansgelegenheid (hoofdstuk 5.32, afdeling 5.32.2).

Artikel 3

Het college beslist dat de exploitant de volgende bijzondere voorwaarden en brandweervoorwaarden dient na te leven:

1 Bijzondere voorwaarden:

  • Het maximum aantal bezoekers wordt vastgesteld op 150 personen;
  • De exploitatie als lokaal met dansgelegenheid is enkel toegestaan op zaterdagavond en nacht en op een avond en nacht voorafgaand aan een feestdag. Live optredens met elektronisch versterkte muziek waarbij geen gebruik wordt gemaakt van een geluidbegrenzer zijn niet toegelaten;
  • De exploitant dient de sectorale voorwaarden van de milieuwetgeving met betrekking tot de openingsuren strikt na te leven;
  • Het maximum geluidsniveau mag de akoestische draagkracht van de inrichting niet overstijgen. Richtlijn hierbij is de conclusie van de erkende deskundige in zijn rapport van 1999 (het equivalent niveau in het midden van de dansvloer, gemeten gedurende tenminste 1 uur mag niet hoger zijn dan 90 dBA). Het gebruik van een geluidbegrenzer is verplicht;
  • Bij gebruik van de inrichting als lokaal met dansgelegenheid moet de exploitatie gebeuren met gesloten ramen en deuren;
  • De exploitant draagt er zorg voor dat tijdens elke activiteit steeds één of meerdere permanentieverantwoordelijke(n) de ganse tijd aanwezig zijn;
  • De exploitant onderzoekt de mogelijkheid een inpandige rookruimte te voorzien;
  • De exploitant neemt alle mogelijke maatregelen om lawaaihinder en andere vormen van afgeleide hinder aan de ingang en in de directe omgeving te voorkomen. Hiertoe stelt de exploitant een draaiboek samen van milderende maatregelen dat wordt overgemaakt aan en ter beschikking wordt gehouden voor de toezichthoudende ambtenaren.               

2 Brandweervoorwaarden:

  • Onafhankelijk van de verplichtingen aan de houder van de milieuvergunning opgelegd via de vigerende milieureglementering alsmede via het milieuvergunningsbesluit, en onverminderd de maatregelen ter voorkoming en bestrijding van brand, door de houder van de milieuvergunning te treffen in uitvoering van de algemene en sectorale milieuvoorwaarden, dient de houder van de milieuvergunning reeds te voorzien in de hierna vermelde blusmiddelen voor eerste tussenkomst:
  • Snelblustoestellen van minstens één bluseenheid conform NBN EN 3-7 - bij voorkeur 6 kg poeder type ABC - dienen aangebracht op volgende plaatsen:

        o In de zaal op het gelijkvloers: 2 toestellen

        o In de keuken/bar/berging : 1 toestel

        o Op de mezzanine : 1 toestel

  • De inrichting moet voorzien worden van veiligheidsverlichting, die onmiddellijk en automatisch in dienst treedt bij het uitvallen van de stroom. Minimaal dienen armaturen aangebracht te worden boven elke uitgangsdeur, in alle evacuatiewegen (gangen en trappen), in de nabijheid van de brandbestrijdingsmiddelen en in alle lokalen die uitsluitend door kunstlicht bediend worden. De veiligheidsverlichting dient verder uitgebreid te worden zodanig dat de plaatsing en de verlichtingssterkte voldoende is om een gemakkelijke ontruiming te waarborgen. De veiligheidsverlichting moet tenminste gedurende 1 uur zonder onderbreking kunnen functioneren.

Artikel 4

Het college beslist dat de milieuvergunning ingaat op 30 maart 2012 en eindigt op 30 maart 2017.

Artikel 5

Dit besluit heeft in principe voor de stad geen financiële gevolgen.