Het voorstel Antwerpen Tramstad 2012, inclusief het advies van de stad Antwerpen, zal ter goedkeuring voorgelegd worden aan een 'beperkte Openbaar Vervoercommissie (OVC)', waar de stad Antwerpen en haar districten geen deel van uitmaken. Voorafgaand aan dit collegebesluit nam De Lijn Antwerpen het initiatief om het besparingsplan voor te leggen aan verschillende actoren, waaronder de stad Antwerpen en de districten. Het voorstel werd besproken op de Gemeentelijke Begeleidingscommissie (GBC) van 20 maart 2012.
De Lijn Antwerpen tracht haar besparingsplan Antwerpen Tramstad 2012 in te passen binnen een visie en lange termijnplan. Ze koos er dus niet voor, zoals wel in andere provincies gebeurt, ad hoc te snoeien in lager bezette lijnen of late ritten.
De Lijn tracht van haar besparingsplan een opportuniteit te maken. De visie van Antwerpen Tramstad 2012 is gestoeld op 3 hoofdprincipes:
In de volgende argumentatie wordt telkens kort uiteengezet wat de nota Antwerpen Tramstad 2012 stelt en welk advies stadsontwikkeling/mobiliteit hierop geeft.
Introductie van het overstapmodel voor vervoerscorridors Berchem en Merksem
Nota Antwerpen Tramstad 2012
De Lijn kiest ervoor om het overstapmodel te introduceren. De Lijn stelt een aantal criteria voorop waaraan voldaan moet worden om over te kunnen gaan naar een overstapmodel:
Het overstapmodel is op korte termijn (september 2012) realiseerbaar in de vervoerscorridors Merksem en Berchem. Streekbussen zullen afgeleid worden naar station Antwerpen-Berchem en park & ride Keizershoek. Om overstappen op deze punten te kunnen realiseren wordt zowel het bus- als tramnet aangepast. Dit is nodig om het vervoersaanbod op deze locaties te versterken. Vermits het een besparing betreft, moeten versterkingen op de ene plaats ruim gecompenseerd worden op andere plaatsen in het netwerk.
Op basis van de vooropgestelde criteria kan ook de busafbouw in andere vervoerscorridors bekeken worden.
Argumentatie SW/mobiliteit
Dit is een visie die de stad Antwerpen ondersteunt. Het is ook omwille van het aanhoudend aandringen van de stad Antwerpen op streekbusafbouw, dat een dergelijk voorstel opgemaakt werd.
Momenteel maken in veel vervoerscorridors trams en bussen gebruik van dezelfde infrastructuur. Enerzijds biedt dit slechts een zeer beperkte toegevoegde waarde aan deze vervoerscorridors, anderzijds hypothekeert dit ook in grote mate mogelijkheid tot een efficiënte doorstroming en verkeerslichtenbeïnvloeding.
De stad Antwerpen kan eveneens de criteria onderschrijven die De Lijn aanhaalt om overstappen mogelijk te maken. Zowel de gebruikers als de stad Antwerpen zelf zijn gebaat bij een goed functionerend openbaar vervoersysteem. De stad Antwerpen ziet Antwerpen Tramstad 2012 als een startpunt en wil samen met De Lijn dezelfde oefening maken voor de andere corridors, anticiperend op geplande tramverlengingen.
Versterken van stamassen, herstructurering van het tramnet en frequentieverlaging op de tramlijnen
Het versterken van stamassen, herstructurering van het tramnet en frequentieverlaging op het tramnet zijn nodig om op dit moment over te kunnen gaan tot een overstapmodel. Voor de versterking van de overstappunten zijn er momenteel immers geen bijkomende middelen beschikbaar. De Lijn ging na waar het bovengrondse tramnet gerationaliseerd kon worden om het nodige materieel en personeel vrij te kunnen maken.
Versterken van stamassen: tramlijnen 2 en 9
Nota Tramstad 2012
Om voldoende tramcapaciteit te voorzien aan Keizershoek en station Antwerpen Berchem, versterkt De Lijn het tramaanbod daar.
Een nieuwe tramlijn 9 (Linkeroever-Eksterlaar) versterkt het aanbod aan station Antwerpen-Berchem. De nieuwe snelle tramlijn is nodig om voldoende capaciteit te voorzien om een overstap mogelijk te maken. Het aanbod van trams 4/8, 9 en 11 aan station Antwerpen-Berchem, biedt verschillende bestemmingen aan overstappende reizigers aan.
De Bredabaan krijgt er tram 2 bij. Om een overstap aan Keizershoek mogelijk te maken is dit een noodzaak. Maar ook voor het functioneren van de park & ride Keizershoek betekent deze versterking een belangrijke meerwaarde.
Argumentatie SW/mobiliteit
Uiteraard is de stad Antwerpen voorstander voor het versterken van stamassen, het creëren van snelle tramverbindingen naar het stadscentrum en het optimaal gebruik van de premetrokokers. De Lijn moet wel nagaan of het toevoegen van tram 2 geen congestieproblemen in de premetrokoker Schijnpoort (lijnen 2, 3, 5, 6) zal opleveren.
Het verder doortrekken van lijn 9 zou Deurne-zuid een snelle verbinding met de kernstad bezorgen, vandaar ook de expliciete vraag van het district Deurne. Omdat lijn 9 met hermelijntrams (trams met hoge capaciteit) zal rijden, is dit voorstel echter geen optie. Een langere reisweg zou meer hermelijn-kilometers betekenen. De Lijn beschikt echter niet over voldoende hermelijnen om dit op te vangen, tenzij weer capaciteit afgebouwd zou worden op andere segmenten. We gaan er van uit dat De Lijn haar trams maximaal en zo efficiënt mogelijk inzet.
Herstructurering tramlijnen 4, 8, 12 en 11
Nota Tramstad 2012
Argumentatie SW/mobiliteit
Tramlijnen 4,8 en 12
Door deze wijziging:
Het district Antwerpen gaat hiermee niet akkoord. Deze maatregelen zouden leiden tot een ondermaatse bezetting in de binnenstad. De bezorgdheid betreffende de aanbodverlaging wordt gedeeld en komt later in dit besluit nog aan bod. De studentenwijk tussen Minderbroedersrui en Leien kent omwille van haar structuur reeds een vrij lage openbaar vervoerbediening. In 2010 werd echter de frequentie van lijn 17 opgetrokken, zodat het aanbod verbeterde. Door realisatie van Brabo II zal ook de trambediening van de wijk erop vooruit gaan. Stadsontwikkeling/mobiliteit meent dat het wegvallen van het tramaanbod in de Vrièrestraat en Geuzenstraat geen wezenlijk problemen op zal leveren. Dit gedeelte van het Zuid heeft voldoende tramaanbod aan haar randen (Volkstraat en Leien). De loopafstanden blijven zeer aanvaardbaar.
De ingebruikname van de keerlus Groenplaats kan voor de stad Antwerpen slechts gedurende de werken aan de Nationalestraat.
Het verminderen van het tramaanbod in de Nationalestraat komt later in het besluit nog aan bod.
Inkorten tram 11 tot Groenenhoek
Het district Borgerhout ziet hierdoor een rechtstreekse tramverbinding tussen Borgerhout binnen en buiten de Ring vervallen. Dit kan enkel nog met een overstap aan station Antwerpen-Berchem. Om dit op te vangen, wil het district Berchem de frequentie van lijnen 9 en 11 verhogen, zodat de wachttijd bij overstappen kleiner wordt. Richting Nieuw-Borgerhout kunnen reizigers overstappen op tram 9 of 11, zodat de wachttijd zeer beperkt zal zijn (gemiddeld 2 minuten). In de andere richting gemiddeld 4 minuten. Eigenlijk zijn beide wachttijden aanvaardbaar. Uit monitoring (zie later in het besluit) zal moeten blijken of de frequentie (en dus ook de capaciteit) van tramlijn 11 volstaat.
Frequentieverlaging op het tramnet.
Nota Tramstad 2012
De frequentie van alle tramlijnen wordt teruggebracht tot een spitsuurfrequentie van 8 minuten en een daluurfrequentie van 10 minuten. Voor lijnen 11 en 12 zakt de frequentie tot 10 en 12 minuten. Op veel wegvakken rijdt meer dan 1 tramlijn, waardoor de wachttijd verkleint.
Argumentatie SW/mobiliteit
De frequentieverlaging op het net kan moeilijker gerijmd worden met de ambitie van een tramstad. De criteria die De Lijn hanteert voor overstappunten, zouden op het hele tramnet moeten gelden. Een voldoende hoge frequentie en capaciteit zijn onontbeerlijk om het tramgebruik verder te laten groeien. Deze maatregel vormt dan ook ontegensprekelijk de achilleshiel van het voorliggende plan. Nu reeds wordt aangevoeld dat tijdens piek- of spitsperiodes de capaciteit van bepaalde lijnen of segmenten ontoereikend is. Een verlaging van de frequentie, alsook de verlaging van het aanbod in de kernstad door het wegvallen van lijn 8, zou dus tot nog meer capaciteitsgebrek leiden. Zowel stadsontwikkeling/mobiliteit als meerdere districtsbesturen zijn hier bezorgd over.
De Lijn beschikt niet over bezettingscijfers om een frequentieverlaging te onderbouwen. De snelheid waarmee De Lijn haar voorstel moest concretiseren, liet niet toe om dit te analyseren. Een grondige monitoring van deze maatregel is dan ook absoluut noodzakelijk. Het uitvoeren van 0-metingen vóór het in voege gaan van de wijziging is hierbij essentieel. Maar ook omdat dit voorstel de introductie betekent van het overstapmodel, is monitoring noodzakelijk. Als 'piloot' kunnen deze ingrepen immers een wezenlijke bijdrage en onderbouwing leveren aan verdere visievorming aangaande busafbouw. Ook monitoring van het gebruik van de park & ride aan Keizershoek is nodig. Het is immers niet ondenkbaar dat een sterker aanbod aan Keizershoek een verhoogde aantrek van de park & ride betekent. Een plan van aanpak voor monitoring moet integraal deel uitmaken van het voorstel Antwerpen Tramstad 2012 dat voorgelegd zal worden aan een beperkte OVC.
De Lijn moet echter werken met het trammaterieel dat zij ter beschikking heeft. Het is niet mogelijk een tramversterking te voorzien ter hoogte van de overstappunten én de huidige tramfrequenties overal op het net te behouden (of te verbeteren). Frequentiebehoud op (delen van) het tramnet zou dus nopen tot besparingen op een ander vlak. Echter niet op vlak van streekbusafbouw omdat hiervoor juist een versterking van de tramcorridors noodzakelijk is.
Momenteel worden trams van Antwerpen en Gent in het hoogseizoen ingezet aan de Belgische kust. Omwille van het feit dat er steeds meer evenementen in Antwerpen zijn tijdens de zomervakantie, en omdat het aantal tramvoertuigen in Antwerpen beperkt is, wil de stad Antwerpen aandringen op het niet langer inzetten van tramvoeruigen aan de Belgische kust die bedoeld waren voor Antwerpen.
Stadsontwikkeling/mobiliteit beveelt aan om als stad Antwerpen blijvend in te zetten op het verbeteren van de tramdoorstroming. Een betere doorstroming betekent immers dat er minder tramvoertuigen nodig zijn om hetzelfde aanbod te bieden. Deze 'uitgespaarde' tramvoertuigen kunnen ingezet worden om het aanbod te verhogen.
Heroriënteren van streekbussen
Corridor Berchem
Nota Tramstad 2012
In Berchem kennen de streekbussen uit de vervoerscorridor Mortsel-Boechout hun eindpunt.
Dankzij de tramverlenging Mortsel-Boechout, operationeel in oktober 2012, ontstaat de opportuniteit om het busaanbod in deze regio te herbekijken en te optimaliseren. Het betreft buslijnen 9, 14, 130, 135, 140, 141, 190, 192, 193, 195, 196, 197 en 297. Buslijnen 90/91/92 en 50/51/52 zullen deze lijnen vervangen.
Tussen Mortsel en station Antwerpen-Berchem rijdt busbundel (buslijnen die grotendeels dezelfde route gebruiken) 90 gebundeld aan een daluurfrequentie van 15 minuten en een spitsuurfrequentie van 7,5 minuten. Busbundel 90 wordt via Fruithoflaan naar haar eindpunt Berchem station afgeleid.
Lijn 50/51/52 krijgt tussen Mortsel-Gemeenteplein en station Antwerpen-Berchem een daluurfrequentie van 15 minuten en een spitsuurfrequentie van 10 minuten.
Argumentatie SW/mobiliteit
Reiswegen busbundel 90
Momenteel bestaat er nog onenigheid tussen het district Berchem en De Lijn over de te volgen reiswegen van busbundel 90. Het district wil de reiswegen verdelen over Fruithoflaan enerzijds en Berchemstadionstraat anderzijds. Dit om een maximale bediening voor haar inwoners te voorzien. De Lijn wil de lijnen 90,91 en 92 maximaal bundelen om een hogere frequentie aan klanten aan te kunnen aanbieden, 7,5 minuten in de spits. In het voorstel van het district zou de frequentie (voor een beperkt gedeelte van de reisweg) 15 minuten bedragen in de spits.
Zowel voor de redenering van het district Berchem als van De Lijn valt iets te zeggen.
Omdat de afstand tot het station Antwerpen-Berchem klein is, en perfect af te leggen is met de fiets (of zelfs te voet), lijkt een frequentie van 15 minuten voor de Veldekens en de Fruithoflaan voldoende. 'Actieve' mensen kunnen de lagere frequentie compenseren met meer wandelen en fietsen naar het station. De minder actieve bevolking is evenwel gebaat met een meer nabije halte. Het spreiden van de reiswegen, met een betere dekking van het gebied, geniet daarom de voorkeur.
Bus 9 valt weg in Zurenborg
In overleg met de stad Antwerpen zal De Lijn bekijken of en hoe het busaanbod in Zurenborg bijgestuurd moet of kan worden.
Corridor Merksem
Nota Tramstad 2012
De Lijn zal streekbusbundel 640 en lijn 650 vanaf Keizershoek afleiden via Ringlaan en Lambrechtshoekenlaan (640)/Nieuwdreef (650) richting station Antwerpen-Luchtbal. Deze trajecten vervangen stadsbus 28, die dan ook verdwijnt. De frequentie van deze buslijnen is:
Deze bussen zullen niet langer langs de Bredabaan naar het stadscentrum rijden. Buslijn 640 zal verder doorrijden tot Rooseveltplaats. Buslijn 650 heeft haar eindhalte in de onmiddellijke omgeving van het station Luchtbal.
Ook buslijn 123 verdwijnt. Reizigers van Luchtbal van of naar Merksem-Noord kunnen overstappen op bus 640 of 650 aan station Luchtbal. Om deze overstap te faciliteren, zal stadsbus 23 verlegd worden naar de Columbiastraat.
Stadsbus 33 wordt één keer per uur verlengd tot Ekeren en vervangt daarmee buslijn 660 die verdwijnt. De frequentie van de verbinding blijft dezelfde.
Argumentatie SW/mobiliteit
Momenteel stopt buslijn 28 vlak voor de ingang van ziekenhuis Jan Palfijn. De Lijn kiest ervoor om met lijn 640, die hoofdzakelijk een verbindende functie heeft, zo snel mogelijk naar het stadscentrum te rijden. Om de reistijd te verminderen, doet deze lijn het ziekenhuis Jan Palfijn niet rechtstreeks aan. Stadsontwikkeling/mobiliteit vindt dit een valabel argument. Bovendien blijven zo de streekbussen geconcentreerd op assen met een hogere draagkracht. Lijnen 650 en 33 bedienen nog wel het ziekenhuis. Buslijn 650 zal de halte van buslijn 28, net voor de deur van het ziekenhuis, bedienen.
Zowel stadsontwikkeling/mobiliteit als het district Merksem zien geen problemen in het voorliggende voorstel.
Om bovenstaande herstructurering mogelijk te maken, moet de stad Antwerpen:
Eindevaluatie
Omdat het besparingsvoorstel Antwerpen Tramstad 2012 kadert binnen een visie die de stad Antwerpen en De Lijn delen, wil de stad Antwerpen het voorstel ondersteunen. Stadsontwikkeling/mobiliteit vindt dat er voldoende positieve elementen in het voorstel Antwerpen Tramstad 2012 zitten. Onder volgende voorwaarden brengt dat stad Antwerpen een gunstig advies uit:
Bovendien wil de stad Antwerpen, in samenwerking met De Lijn, anticiperen op de geplande tramverlengingen. Ook voor de andere buscorridors moet nu reeds voorbereidend werk gebeuren om de heroriëntatie ervan te concretiseren.
De wijziging aan het tram- en busnet is gepland door De Lijn op 1 september 2012.
Het college keurt de besparingsmaatregelen uit de nota Antwerpen Tramstad 2012 goed onder volgende voorwaarden:
Het college beslist de collegiale biref gericht aan De Lijn, Lode de Kesel, Grotehondstraat 58, 2018 Antwerpen goed te keuren.
| Dienst | Opdracht |
| gemeentelijk autonoom parkeerbedrijf Antwerpen | een busbuffer voorzien op de Borsbeekbrug, deze inrichting is slechts tijdelijk en vormt geen voorafname op het Masterplan Berchem station |
| stadsontwikkeling/ruimte & mobiliteit | doorstromingsmaatregelen voorzien voor de nieuwe busroutes naar stations Antwerpen-Berchem en Luchtbal |
| een eindhalte voorzien ter hoogte van station Antwerpen-Luchtbal | |
| stadsontwikkeling/ontwerp & uitvoering | realisatie van een tramhalte voor lijn 9 ter hoogte van de Lange Leemstraat onderzoeken |
| stadsontwikkeling/beheer & onderhoud en verkeerspolitie | nagaan of er bijkomende verkeerstechnische maatregelen nodig zijn voor ingebruikname lijn 9 |