Op 9 november 2011 werd bij het Vlaams Parlement een verzoekschrift over een ‘Consensusmodel’ voor mobiliteit in en om Antwerpen ingediend. Dit verzoekschrift werd op 16 november 2011 ontvankelijk verklaard en doorverwezen naar de Commissie voor Mobiliteit en Openbare Werken van het Vlaams Parlement. De kennisneming van het verzoekschrift stond op de commissieagenda van 8 maart 2012. De kennisneming van het verzoekschrift werd geacteerd op 12 maart 2012.
Tussen 16 november en 16 december 2011 lag het kennisgevingsdossier voor het plan-MER Oosterweelverbinding ter inzage. Tijdens de infotentoonstelling die op 8 december 2011 werd georganiseerd in het Oude Badhuis, werd het ‘Consensusmodel’ uitvoerig toegelicht aan de Vlaamse en Antwerpse projectleiders voor de Oosterweelverbinding.
Tijdens de kennisgevingsperiode werd het Consensusmodel als bijkomend te onderzoeken alternatief ingediend bij de Vlaamse dienst MER. De auteur van dit voorstel, de heer Philippe Deleu, werd op 23 februari 2012 door de Vlaamse dienst MER uitgenodigd om het Consensusmodel nader toe te lichten.
Op 9 maart 2012 vroeg de heer Philippe Deleu om het Consensusmodel, de langetermijnsvisie erachter en de voordelen ervan aan het college toe te lichten.
In grote lijnen samengevat, bevat het Consensusmodel de volgende infrastructuurwerken:
Het gaat om infrastructuurwerken waarvoor het Vlaamse Gewest bevoegd is en die voor een groot deel buiten het grondgebied van de stad Antwerpen gesitueerd zijn. Als lokaal bestuur zijn we bevoegd voor zaken van gemeentelijk belang. Het is dan ook eerder aangewezen dat de heer Deleu gehoord wordt door de Commissie Mobiliteit en Openbare Werken van het Vlaams Parlement. Dit is het uitgangspunt voor de collegiale brief aan de heer Deleu.
Het college beslist de collegiale brief gericht aan de heer Philippe Deleu, Kluislaan 3, 2180 Ekeren-Antwerpen goed te keuren.