Terug

2012_CBS_06011 - Brandweer - Federalisering Hulpcentrum 100. Principebesluit terugkeer personeel - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 08/06/2012 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Patrick Janssens, burgemeester; Robert Voorhamme, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Luc Bungeneers, schepen; Guy Lauwers, schepen; Güler Turan, schepen; Leen Verbist, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Marc Van Peel, schepen; Serge Muyters, hoofdcommissaris van politie, vervangend korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Patrick Janssens, burgemeester
2012_CBS_06011 - Brandweer - Federalisering Hulpcentrum 100. Principebesluit terugkeer personeel - Goedkeuring 2012_CBS_06011 - Brandweer - Federalisering Hulpcentrum 100. Principebesluit terugkeer personeel - Goedkeuring

Motivering

Gekoppelde besluiten

Aanleiding en context

De wet van 15 mei 2007 betreffende de civiele veiligheid voorziet de detachering of terbeschikkingstelling gedurende één jaar van het gemeentepersoneel in dienst bij de hulpcentra 100.

Na afloop van de detachering of terbeschikkingstelling worden de statutaire personeelsleden benoemd tot statutaire personeelsleden van de Federale Overheidsdienst Binnenlandse Zaken (hierna FOD Binnenlandse Zaken) en wordt aan de contractuele personeelsleden een arbeidsovereenkomst met de FOD Binnenlandse Zaken aangeboden.

De detachering of terbeschikkingstelling is gestart op 1 november 2011. De overdracht van de personeelsleden naar de FOD Binnenlandse Zaken is voorzien op 1 november 2012.

Argumentatie

Op 31 oktober 2012 eindigt het overgangsjaar voor de personeelsleden van het Hulpcentrum 100 Antwerpen. In juli moeten zij kiezen of zij al dan niet personeel willen worden van de FOD Binnenlandse Zaken. Ze hebben daarnaast ook de keuze of zij het geldelijk statuut van stad Antwerpen wensen te behouden of dat ze het federaal geldelijk statuut willen aannemen.

Uit de infosessies die vanuit de Federale Overheidsdienst Binnenlandse Zaken werden georganiseerd, blijkt dat onvoldoende informatie voorhanden is om de personeelsleden van het Hulpcentrum 100 Antwerpen toe te laten om een gemotiveerde en bewuste keuze te maken over hun overgang naar de Federale Overheidsdienst Binnenlandse Zaken. Onder andere volgende elementen zijn onvoldoende of niet uitgeklaard:

  • de regeling van arbeidstijden (welk shiftsysteem zal gehanteerd worden);
  • de infrastructuur van de gebouwen waar naar gemigreerd wordt;
  • de uit te voeren taken (wordt men ingezet als calltaker of als dispatcher);
  • het statuut van de ploegchef (C4/C5).

De burgemeesters van stad Gent en Antwerpen hebben op 25 oktober 2011 een brief geschreven naar de bevoegde minister van Binnenlandse Zaken waarin zij hun bezorgdheid uiten over het gemis aan volledige en duidelijke informatie die de personeelsleden moet toelaten een gemotiveerde en bewuste keuze te maken.

Hierdoor bestaat de mogelijkheid dat de personeelsleden van het Hulpcentrum 100 Antwerpen niet zullen kiezen om te federaliseren, waardoor de continuïteit van de werking van het Hulpcentrum 100 Antwerpen niet verzekerd kan worden. Omdat het noodzakelijk is om de continuïteit van de werking en de sociale rust te verzekeren, is er een oplossing uitgewerkt.

De hoofdbetrachting is een maximale overstap van de personeelsleden van het Hulpcentrum 100 Antwerpen naar de Federale Overheidsdienst Binnenlandse Zaken. De huidige medewerkers hebben een jarenlange ervaring die niet verloren mag gaan bij de federalisering en migratie.

De stad Antwerpen wil het engagement aangaan om de personeelsleden voldoende tijd te gunnen om een gemotiveerde keuze te kunnen maken en erkent dat deze keuze pas kan gemaakt worden als de randvoorwaarden (werkschema, statuut, technologie en infrastructuur, …) voldoende duidelijk voorgesteld kunnen worden en de fysieke verhuis naar de Federale Overheidsdienst ook effectief gerealiseerd is.

Om deze redenen wenst de stad deze personeelsleden de mogelijkheid te bieden om, ook na 1 augustus 2012, gedurende een bepaalde tijd vanuit de Federale Overheidsdienst terug te keren naar de stad. Zo wordt voor deze personeelsleden de mogelijkheid gecreëerd om kennis te maken met hun nieuwe werkomgeving binnen de Federale Overheidsdienst in al zijn aspecten en zullen zij een gemotiveerde keuze kunnen maken. 

Deze eventuele terugkeer zou gebeuren volgens de volgende modaliteiten:

  • behoudt van hun stedelijk statuut; dit wil zeggen dat de personeelsleden die als statutair personeelslid vertrokken zijn, als statutair personeelslid kunnen terugkomen en dat de personeelsleden die als contractueel personeelslid vertrokken zijn, als contractueel personeelslid kunnen terugkomen ook al zijn ze na het vertrek bij stad Antwerpen statutair geworden bij de federale overheidsdienst;
  • behoudt van hun stedelijke rang; dit wil zeggen dat de personeelsleden die als administratief assistent vertrekken, als administratief assistent kunnen terugkomen, maar mogelijks in een andere functiespecificatie, gelet op de overdracht van de federalisering van het Hulpcentrum 100 Antwerpen. Dit houdt in dat men bij de eventuele terugkeer mogelijks herbenoemd of heraangesteld zal worden als bijvoorbeeld administratief assistent (algemene functie) in plaats van als administratief assistent (hulpcentrum 100). Bij de terugkeer zal er ook geen rekening worden gehouden met een eventuele bevordering bij de federale overheidsdienst;
  • overdracht van bij de federale overheidsdienst opgebouwde geldelijke en schaalanciënniteit naar hun stedelijke functie;
  • behoudt van de stedelijk toegekende relevante privéjaren; ook al hebben ze de federale overheidsdienst een andere validatie gehad;
  • de aanvraag tot terugkeer moet gericht worden aan het college voor burgemeester en schepenen en moet minstens vier maanden vooraf worden ingediend.

Juridische grond

  1. Artikelen 206 en 206/1 van de wet van 15 mei 2007 betreffende de civiele veiligheid voorziet de detachering van het gemeentepersoneel in dienst bij de hulpcentra 100;
  2. KB van 2 april 1965 houdende vaststelling van de modaliteiten tot inrichting van de dringende geneeskundige hulpverlening en houdende aanwijzing van gemeenten als centra van het eenvormig oproepstelsel;
  3. Koninklijk besluit van 12 oktober 2011 tot overplaatsing naar de FOD Binnenlandse Zaken van de personeelsleden in dienst bij de centra van het eenvormig oproepstelsel;
  4. Koninklijk besluit van 12 oktober 2011 tot detachering of terbeschikkingstelling naar de FOD Binnenlandse Zaken van de personeelsleden in dienst bij de centra van het eenvormig oproepstelsel;
  5. Koninklijk besluit van 12 oktober 2011 tot detachering naar de FOD Binnenlandse Zaken van de beroepsbrandweerlieden in dienst bij de centra van het eenvormig oproepstelsel.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college keurt goed dat de personeelsleden van het Hulpcentrum 100, ook na 1 augustus 2012, nog gedurende een bepaalde periode vanuit de Federale Overheidsdienst Binnenlandse Zaken kunnen terugkeren naar de stad om via mobiliteit tewerkgesteld te worden in een andere functie. Deze periode van terugkeer eindigt op 31 december 2013 maar kan verlengd worden. 

Artikel 2

Het college keurt goed dat indien deze personeelsleden terugkeren, dit gebeurt volgens volgende modaliteiten:

  • behoudt van hun stedelijk statuut; dit wil zeggen dat de personeelsleden die als statutair personeelslid vertrokken zijn, als statutair personeelslid kunnen terugkomen en dat de personeelsleden die als contractueel personeelslid vertrokken zijn, als contractueel personeelslid kunnen terugkomen;
  • behoudt van hun stedelijke rang; dit wil zeggen dat de personeelsleden die als administratief assistent vertrekken, als administratief assistent kunnen terugkomen, maar mogelijks in een andere functie specificatie, gelet op de overdracht van de federalisering van het Hulpcentrum 100 Antwerpen. Bij de terugkeer zal er geen rekening worden gehouden met een eventuele bevordering bij de federale overheidsdienst;
  • overdracht van bij de federale overheidsdienst opgebouwde geldelijke en schaalanciënniteit naar hun stedelijke functie;
  • behoudt van de stedelijk toegekende relevante privéjaren; ook al hebben ze de federale overheidsdienst een andere validatie gehad;
  • de aanvraag tot terugkeer moet gericht worden aan het college voor burgemeester en schepenen en moet minstens vier maanden vooraf worden ingediend.

Artikel 3

Dit besluit heeft in principe voor de stad geen financiële gevolgen.