Op 4 april 2012 richtte Stanislas Le Paige, advocaat, een brief aan het college. In deze brief stelt de heer Le Paige dat zijn cliënte (niet bij naam genoemd) misnoegd is over het plaatsen van een reuzenrad op het Koningin Astridplein. De heer Le Paige stelt zich een aantal vragen bij de plaatsing en verzoekt dat de stad Antwerpen toezicht houdt op de aanwezigheidsperiode van het reuzenrad.
De eigenaar van het reuzenrad vroeg om het rad te plaatsen op het Koningin Astridplein. De eigenaar dient daarvoor een toestemming te hebben van het centraal station, en een evenemententoelating van de stad Antwerpen via een formele procedure.
Deze laatste procedure werd niet gevolgd door de eigenaar, waardoor hij niet de juiste vergunningen had om het rad te plaatsen. De stad Antwerpen vroeg de eigenaar onmiddellijk de nodige documenten te bezorgen, waarna de plaatsing geregulariseerd werd voor de periode van 30 maart 2012 tot 17 april 2012. Na 17 april 2012 werd het reuzenrad afgebroken.
Het reuzenrad en andere kermisattracties op het Koningin Astridplein staan voor de stad Antwerpen los van de organisatie van de Sinksenfoor. De kermisattracties op het plein worden geplaatst als stimulans om de buurt van het centraal station te versterken. Daarnaast wordt het rad op het Koningin Astridplein aan dezelfde strenge technische voorwaarden onderworpen als de attracties op de Sinksenfoor.
Zo kreeg het rad reeds een vergunning van het college om vanaf 6 juli 2012 tot 16 september 2012, opnieuw op het Koningin Astridplein te staan.
Het college keurt de collegiale brief over het reuzenrad op het Koningin Astridplein goed.