Artikel 57 van het Gemeentedecreet bepaalt de bevoegdheid van het college
|
Datum-jaarnumer |
Bestuursorgaan |
Onderwerp: |
|
1 oktober 2003 (jaarnummer 9619) |
college van burgemeester en schepenen (CBS) |
Economisch Netwerk Albertkanaal. Kennisname. Advies eindrapport
|
|
18 september 2006 (jaarnummer 1779) |
gemeenteraad (GR) |
Definitieve vaststelling strategisch Ruimtelijk Structuurplan Antwerpen (s-RSA) |
|
29 januari 2007 (jaarnummer 188) |
GR |
Project Bruggen Albertkanaal. Open Oproep. Intentieovereenkomst met nv Beheersmaatschappij Antwerpen Mobiel. Goedkeuring |
|
29 mei 2007 (jaarnummer 1152) |
GR |
Project Bruggen Albertkanaal. Samenwerkingsovereenkomst, projectdefinitie, bestek en ontwerp van overeenkomst |
|
21 september 2007 (jaarnummer 12239) |
CBS |
Bruggen Albertkanaal. Betaling 5 laureaten. Gunning opdracht opstellen van Masterplan. Overeenkomst met ontwerpteam
|
|
16 november 2007 (jaarnummer 15301) |
CBS |
Project-MER verbreding Albertkanaal tussen Wijnegem en Antwerpen. Kennisgevingsrapport. Advies. Goedkeuring |
|
26 september 2008 (jaarnummer 11778) |
CBS |
Masterplan Bruggen Albertkanaal. Goedkeuring |
|
7 november 2008 (jaarnummer 14045) |
CBS |
Plan-MER verbreding Albertkanaal tussen Wijnegem en Antwerpen. Kennisgevingsnota. Advies
|
|
29 oktober 2010 (jaarnummer 13304) |
CBS |
Project ‘Herwaardering Albertkanaal’. Stadsafvaardiging. Goedkeuring |
|
18 november 2011 |
provinciebestuur |
Uitwerking gebiedsgerichte aanpak Albertkanaal. Brief |
Op 23 november 2011 heeft het stadsbestuur van de dienst Mer de vraag ontvangen om advies te geven op het verzoek tot ontheffing van de opmaak van een project-MER dat nv De Scheepvaart heeft ingediend voor het project ‘Modernisering van het Albertkanaal tussen Wijnegem en Antwerpen’. Binnen de procedure tot aanvraag van ontheffing van de opmaak van een project-MER is dit advies niet voorzien. Bovendien heeft de dienst MER slechts 60 dagen na het indienen van de aanvraag om te beslissen. Vandaar dat de stad slechts een beperkte termijn wordt geboden om een advies uit te brengen. Voor 9 december 2011 moet de stad haar advies aan de dienst MER kenbaar maken. Gelet op dit korte tijdsbestek wordt aan de districten Deurne en Merksem voorgesteld om hun advies rechtstreeks te bezorgen aan de dienst MER. Op basis van de verkregen adviezen beslist de dienst MER autonoom of de vraag tot ontheffing al dan niet wordt ingewilligd.
Het project om het Albertkanaal te moderniseren door de bruggen te verhogen en te verbreden en door het kanaal te verbreden, is een noodzakelijk project dat een betere modal split in het vrachtverkeer van en naar de haven mogelijk moet maken. In principe is de verbreding een project dat de steun van stad Antwerpen wegdraagt. Toch mag de invloed van een project van die omvang op de omgeving niet uit het oog worden verloren. Vandaar dat er een plan-MER is opgemaakt.
In de vraag tot ontheffing wordt het voorstel, uit één van de scenario’s van de plan-MER, herhaald om de parallelweg langs het kanaal ter hoogte van de Kop van Merksem om te leggen naar de Carettestraat. Zo ontstaat de mogelijkheid om watergebonden bedrijvigheid te voorzien op de Kop van Merksem. Dit is in strijd met het strategische Ruimtelijke Structuurplan Antwerpen (s-RSA). In het s-RSA wordt in de strategische ruimte Levendig Kanaal de potentie van dit gebied erkend als een gemengde zone van wonen en verweefbare bedrijvigheid. Watergebonden bedrijvigheid is door zijn schaal niet verweefbaar met wonen.
Het omleggen van de parallelweg naar de Carettestraat brengt het vrachtverkeer en de bijhorende overlast, luchtkwaliteit en geluidsoverlast dichter bij het woonweefsel. In de districtsraad van 26 mei 2011 (district Merksem, jaarnummer 604) en deze van 19 april 2011 (district Deurne, jaarnummer 556) vestigden de districten Merksem en Deurne, in kader van het project dat de Provinciale Ontwikkelingsmaatschappij (POM) voor de omgeving van het Albertkanaal wou opzetten, de aandacht op de Vaartkaai, de parallelweg langs het Albertkanaal. De districten Merksem en Deurne suggereren om na de verbreding de Vaartkaai over zijn volledige lengte, ook ter hoogte van de Kop van Merksem, terug aan te leggen.
Het provinciebestuur van Antwerpen start een gebiedsgericht proces op rond het Albertkanaal (besluit deputatie 20 oktober 2011). Het is aangewezen om met een gebiedsgericht geïntegreerd planproces tot een gezamenlijke visie te evolueren. De uitspraken in deze ontheffingsaanvraag moeten dan ook voorwaardelijk zijn en afhankelijk van de resultaten van het gebiedsgericht proces. Voor de stad Antwerpen blijft de ontwikkeling van de Kop van Merksem eenzijdig tot watergebonden bedrijventerreinen met inbegrip van het omleiden van de parallelweg langs de Carettestraat niet wenselijk.
Het project in de ontheffingsaanvraag blijft op bepaalde delen zeer vaag. De plannen die aangeven welke delen van de oever dienen afgegraven te worden, zijn goed leesbaar. Uit deze plannen kan echter niet worden afgeleid welke terreinen zullen worden verworven, hetzij minnelijk hetzij door te onteigenen. Onduidelijkheid is niet bevorderlijk voor een goed investeringsklimaat. Daarom wordt gevraagd, om parallel en in overeenstemming met het gebiedsgerichte planningsproces van het kanaal, zo snel mogelijk duidelijkheid te verschaffen.
Bij de uitvoering van het project moet rekening worden gehouden met de heraanleg van de Bredabaan die start in juni 2012 en twee jaar zal duren. Het afsluiten van de Frans de l’Arbrelaan voor doorgaand verkeer en de nieuwe configuratie zal een grote invloed hebben op de bewegingen rond het projectgebied. Dit moet worden meegenomen.
De stad Antwerpen adviseert voorwaardelijk gunstig op de voorliggende vraag tot ontheffing mits:
Decreet betreffende milieueffect- en veiligheidsrapportage van 18 december 2002 (B.S. 13 februari 2003).
Besluit van de Vlaamse regering houdende vaststelling van de categorieën van projecten onderworpen aan milieueffectrapportage van 10 december 2004 (B.S. 17 februari 2005)
Het college adviseert voorliggende vraag tot ontheffing voorwaardelijk gunstig mits: