Terug

2012_CBS_01479 - Omgevingsvergunning. Conceptnota's - Collegiale brief aan VVSG - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 17/02/2012 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Patrick Janssens, burgemeester; Robert Voorhamme, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Marc Van Peel, schepen; Luc Bungeneers, schepen; Guy Lauwers, schepen; Güler Turan, schepen; Leen Verbist, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Philip Heylen, schepen; Serge Muyters

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Patrick Janssens, burgemeester
2012_CBS_01479 - Omgevingsvergunning. Conceptnota's - Collegiale brief aan VVSG - Goedkeuring 2012_CBS_01479 - Omgevingsvergunning. Conceptnota's - Collegiale brief aan VVSG - Goedkeuring

Motivering

Gekoppelde besluiten

Aanleiding en context

Op 22 juli 2011 keurde de Vlaamse regering een startnota goed over het integreren van de milieuvergunning en de stedenbouwkundige vergunning tot een ‘omgevingsvergunning’. Deze startnota zou verder uitgewerkt worden in een conceptnota. De Vlaamse regering vroeg onder meer aan de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG) om hierover een formeel advies te formuleren tegen 30 november 2011. De conceptnota was echter niet tijdig beschikbaar.

Op 18 november 2011 nam het college kennis van de startnota omgevingsvergunning en de specifieke vragen die de VVSG hierover ten aanzien van de lokale besturen stelde. Op 25 november 2011 (jaarnummer 72) keurde het college een collegiale brief gericht aan de VVSG goed waarin een standpunt vanuit de stad Antwerpen werd geformuleerd.

Op 23 december 2011 keurde de Vlaamse Regering twee conceptnota’s over de omgevingsvergunning goed.

In de conceptnota over de invoering van de omgevingsvergunning geeft de Vlaamse regering het uitgewerkt kader aan waarbinnen ze deze omgevingsvergunning zal realiseren. In de conceptnota wordt bepaald hoe de omgevingsvergunning in de praktijk vorm krijgt en worden duidelijke en concrete krachtlijnen vastgelegd voor de regelgeving. De krachtlijnen hebben betrekking op het toepassingsgebied van de omgevingsvergunning, de bevoegdheden, de procedure en de adviesverlening.
In de conceptnota over de invoering van een permanente milieu-/omgevingsvergunning gaat de Vlaamse Regering er in beginsel van uit dat de omgevingsvergunning voor onbepaalde termijn zal worden verleend. De conceptnota's worden nu voorgelegd aan de VVSG, de Vereniging van Vlaamse Provincies (VVP), de Minaraad, de Strategische Adviesraad Ruimtelijke Ordening (SARO) en de Sociaal Economische Raad van Vlaanderen (SERV), die tegen 29 februari 2012 hun advies moeten verlenen. Daarna dient de Vlaamse minister voor het leefmilieu en de Vlaamse minister bevoegd voor ruimtelijke ordening de (op basis van de adviezen) bijgestelde conceptnota ter bespreking voor te leggen, een voorontwerp van kaderdecreet omgevingsvergunning en een besluit met een gesloten lijst van Vlaamse projecten op te stellen rekening houdend met de goedgekeurde principes van de conceptnota.  

Dit punt werd verdaagd in de collegezitting van 3 februari 2012 (2012_CBS_00891).

Argumentatie

Het college gaf in zijn collegiale brief van 25 november 2011 aan de VVSG een standpunt van de stad mee over de omgevingsvergunning, op basis van de elementen die op dat moment bekend waren (startnota). In de conceptnota's zijn sommige zaken verduidelijkt ten aanzien van de startnota maar is niet tegemoet gekomen aan een aantal essentiële opmerkingen van het college.  

De Vlaamse Regering heeft de conceptnota’s voorgelegd aan de VVSG, die tegen 29 februari 2012 een advies hierover kan formuleren. Ter voorbereiding van dit formeel advies zijn de commissies ruimtelijke ordening en leefmilieu van de VVSG (waarin ambtenaren van de diensten stedenbouw en milieu van verschillende steden en gemeenten zitten) bijeen gekomen op 9 februari 2012.

In nauw overleg met de stad Gent is een gezamenlijke collegiale brief gericht aan de VVSG voorbereid. Als bijlage bij deze brief wordt een apart advies met meer achtergrond bij ieder element gegeven. Dit advies is omwille van de verschillende organisatorische structuur in de steden Gent en Antwerpen apart opgesteld maar is inhoudelijk gelijklopend.

Het college keurt nu de gezamenlijke collegiale brief met Gent goed, alsook het advies van de stad Antwerpen dat als bijlage bij de brief hoort.
Deze collegiale brief en nota worden gericht aan de VVSG en in kopie bezorgd aan minister-president van de Vlaamse Regering Kris Peeters, viceminister-president Ingrid Lieten, viceminister-president Geert Bourgois, minister voor ruimtelijke ordening Philippe Muyters en de minister voor Leefmilieu Joke Schauvliege.

Juridische grond

De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en zijn uitvoeringsbesluiten.
Het milieuvergunningsdecreet  van 28 juni 1985, meermaals gewijzigd en uitvoeringsbesluiten Vlarem I en II.  

Beleidsdoelstellingen

De opmaak en toepassing van reglementering op vlak van stedenbouw en milieuvergunningen voldoet aan kwaliteitscriteria en is op elkaar afgestemd zodat de procedures eenvoudig, transparant en uniform zijn voor medewerkers en klanten

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college beslist de collegiale brief en nota als bijlage gericht aan de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten vzw goed te keuren en in kopie te bezorgen aan minister-president van de Vlaamse Regering Kris Peeters, viceminister-president Ingrid Lieten, viceminister-president Geert Bourgois, minister voor ruimtelijke ordening Philippe Muyters en de minister voor Leefmilieu Joke Schauvliege.

Artikel 2

Dit besluit heeft in principe voor de stad geen financiële gevolgen.