Terug

2012_CBS_02253 - Fondsen - Stadsvernieuwing. Indiening projectaanvragen 6de oproep concept- en projectsubsidies - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 02/03/2012 - 09:00 Collegezaal, stadhuis.
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Patrick Janssens, burgemeester; Robert Voorhamme, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Marc Van Peel, schepen; Luc Bungeneers, schepen; Guy Lauwers, schepen; Güler Turan, schepen; Leen Verbist, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Eddy Baelemans, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Patrick Janssens, burgemeester
2012_CBS_02253 - Fondsen - Stadsvernieuwing. Indiening projectaanvragen 6de oproep concept- en projectsubsidies - Goedkeuring 2012_CBS_02253 - Fondsen - Stadsvernieuwing. Indiening projectaanvragen 6de oproep concept- en projectsubsidies - Goedkeuring

Motivering

Gekoppelde besluiten

Aanleiding en context

Op 18 januari 2012 ontving AG VESPA een schrijven van het team Stedenbeleid van de Vlaamse overheid, waarin de 6de oproep stadsvernieuwing informeel werd aangekondigd. Op 6 februari 2012 werd de oproep officieel bekendgemaakt.  

De stadsvernieuwingsoproep beoogt projectvoorstellen waarbij Vlaamse steden in hun stadsontwikkeling opteren voor een ingrijpende en duurzame vernieuwing van de stedelijke gebouwde ruimte, met aandacht voor publiek-private samenwerking, samenlevingsopbouw, participatie/coproductie, en een realistische inschatting van haalbaarheid (uitvoerbaarheid en timing).

Via de oproep stadsvernieuwing kunnen projectvoorstellen worden ingediend voor zowel project- als conceptsubsidies. De projectsubsidie betreft een financiële bijdrage in de realisatie van projecten (een investeringssubsidie van maximum 5.000.000,00 EUR), terwijl de conceptsubsidie (maximum 60.000,00 EUR) bedoeld is voor de verdere begeleiding van projecten die in de conceptfase zitten (en dus nog niet voldoende rijp zijn voor een projectsubsidie). Een nieuwigheid is dat vanaf dit jaar de conceptsubsidie eveneens aangewend kan worden voor bijkomende begeleiding van lopende stadsvernieuwingsprojecten (die met problemen geconfronteerd worden).

De deadline voor indiening van aanvraagdossiers is vastgelegd op 30 maart 2012. Een multidisciplinaire jury zal de ingediende voorstellen beoordelen op basis van volgende criteria:

 Uitsluitingscriteria:

  • het totale project heeft een investeringsvolume van minimum 3.000.000,00 EUR;
  • minimum 30% private inbreng (op het moment van indiening moet er nog geen PPS-overeenkomst afgesloten zijn, maar er moet wel een voldoende realistisch parcours zijn om tot private investeringen en eventueel een PPS-overeenkomst te komen).

 Kwaliteitscriteria:

  • totaalkarakter: multifunctionaliteit, samenhang en synergie;
  • wisselwerking tussen project, visie en beleid: het project verwerkelijkt een visie op de ontwikkeling van de stad;
  • het belang van het project: vernieuwend karakter, integrale duurzaamheid en impact (korte termijn) / hefboomfunctie (middellange en lange termijn);
  • kwaliteitsvolle ruimtelijke planning en kwaliteitsvol stadsontwerp;
  • participatie en maatschappelijke betrokkenheid;
  • samenwerking met publieke en private partners;
  • performante projectorganisatie, een competente regie en een krachtdadige sturing;
  • ambitieus en toch realiseerbaar project.

AG VESPA ondersteunt en begeleidt de indiening van voorstellen. Hiertoe verzond AG VESPA op 24 januari 2012 een schrijven aan alle kabinetten, bedrijfseenheden, stadsbouwmeester, OCMW en relevante dochters, met de vraag om tegen 10 februari 2012 mogelijke voorstellen te formuleren.

AG VESPA ontving in totaal 10 voorstellen (5 voorstellen tot projectsubsidie en 5 voorstellen tot conceptsubsidie), die werden toegestuurd vanuit bedrijfseenheid actieve stad, bedrijfseenheid stadsontwikkeling en AG Stadsplanning. Deze voorstellen werden uiteengezet in beknopte projectfiches. Op basis van de informatie in deze projectfiches werden de verschillende voorstellen door AG VESPA getoetst aan de hierboven vermelde beoordelingscriteria. Specifieke vragen en onduidelijkheden werden voorgelegd aan het team Stedenbeleid van de Vlaamse overheid. Daarnaast werd de stadsbouwmeester om advies gevraagd, in het bijzonder wat betreft het aspect kwaliteitsvolle ruimtelijke planning en kwaliteitsvol stadsontwerp.

Argumentatie

Het college wordt gevraagd te beslissen welke voorstellen ingediend worden bij de Vlaamse overheid. De geselecteerde voorstellen moeten vervolgens uitgeschreven worden in een volledig aanvraagdossier. De sjablonen hiervoor worden door AG VESPA toegestuurd aan de relevante contactpersonen. De uiteindelijke indiening van de aanvraagdossiers dient te gebeuren tegen de deadline van 30 maart 2012. De aanvraagdossiers moeten namens het college ondertekend worden door de burgemeester en de stadssecretaris.

Op basis van een screening aan de hand van de beoordelingscriteria, bijkomende aftoetsing bij het team Stedenbeleid en het advies van de stadsbouwmeester wordt voorgesteld om volgende voorstellen te weerhouden voor een aanvraag tot projectsubsidie:

Groen Zuid - Voormalige Scanfil-site

- Screening AG VESPA: het voorstel voldoet aan de uitsluitingscriteria en scoort sterk op de verschillende kwaliteitscriteria, in het bijzonder op totaalkarakter (stadsontwikkeling met aspecten van wonen, groen aanbod en sociale voorzieningen). Het voorstel stemt inhoudelijk overeen met de objectieven van de oproep stadsvernieuwing en met succesvolle projecten uit het verleden. Bovendien is de timing geschikt voor een aanvraag tot projectsubsidie. Een randvoorwaarde voor indiening is de nood aan motivatie van het afgelegde participatietraject.

- Advies stadsbouwmeester: het project is een typisch voorbeeld van de noodzaak om in de private ontwikkeling van stedenbouwkundige woonprojecten de aanleg van publieke ruimte en infrastructuur te subsidiëren. Het gaat in wezen om reguliere ontwerponderdelen en vernieuwing komt hier minder aan bod. De ruimtelijke en sociale meerwaarde van een kwaliteitsvolle aanleg van park en aansluitingen met de omgeving is echter duidelijk. In de aanvraag kan mijn inziens iets duidelijker gesteld worden dat het project weliswaar een private ontwikkeling is maar voor Antwerpen van publiek belang is, zodat het duidelijk overkomt dat de subsidie zeker publieke betekenis heeft. Dat kan door onder meer te wijzen op de stedenbouwkundige lasten ten behoeve van aanleg van tunnel en park die reeds aan de ontwikkelaar opgelegd zijn. Daarnaast lijkt me het nuttig om de drie posten waarvoor de subsidie aangevraagd wordt, niet summier op te sommen maar meer toe te lichten.

Heraanleg Scheldekaaien - Deelproject Sint-Andries-Zuid

- Screening AG VESPA: het voorstel voldoet aan de uitsluitingscriteria. Het project levert, wat betreft de kwaliteitscriteria, een belangrijke bijdrage aan de verwezenlijking van de harde ruggengraat uit het strategisch Ruimtelijk Structuurplan Antwerpen (s-RSA), zorgt voor een verbeterde relatie met de Schelde, en heeft een sterke hefboomwaarde (zowel stadsbreed als voor aanpalende wijken). Een randvoorwaarde voor indiening is een betere motivatie van de aanwending van het gevraagde subsidiebedrag.

- Advies stadsbouwmeester: de ruimtelijke meerwaarde van dit deelproject van de Scheldekaaien is vanzelfsprekend. De omvang van het totale budget doet de bijdrage van de projectsubsidie echter verbleken. De subsidie wordt aangevraagd voor 'verharding van het dijklichaam' en 'archeologische ruimte'. Het kan in de aanvraag meer overtuigend zijn om extra te motiveren waarom de subsidie voor deze onderdelen van het project aangevraagd wordt en welk verschil de subsidie (in die twee onderdelen) zal maken.

Volgende voorstellen worden niet weerhouden voor een aanvraag tot projectsubsidie:

Bouwblokprojecten 2060 - Lammekens en Schapen

- Screening AG VESPA: het voorstel voldoet momenteel niet aan de uitsluitingscriteria (in het bijzonder wat betreft private inbreng). Een belangrijk ontbrekend element is de concrete invulling van de bouwblokken (de keuze moet immers nog gemaakt worden). Ontwerp, budgetraming en PPS-structuur moeten nog worden uitgewerkt. De aspecten totaalkarakter en hefboomfunctie worden momenteel onvoldoende gemotiveerd.

- Advies stadsbouwmeester: het project is een typisch voorbeeld van de problematiek bij de ontpitting van 19de eeuwse bouwblokken en bij de zoektocht naar wat grotere locaties voor nieuwe publieke functies in het bouwblokkenweefsel. Op die manier heeft het thema enerzijds concrete ruimtelijke relevantie maar anderzijds ten opzichte van andere projecten beperkte impact en vernieuwing. De aanvraag is ontoereikend ingevuld en vergt vervollediging alvorens in aanmerking te komen. Voor projectsubsidie lijkt bijvoorbeeld concrete informatie over kosten onontbeerlijk.

Park Spoor Noord - Parkloods - Invulling grote loods

- Screening AG VESPA: het projectvoorstel voldoet momenteel niet aan de uitsluitingscriteria. Een financieel plan (investerings- en exploitatiekost) ontbreekt, en private inbreng en PPS-structuur zijn nog niet uitgewerkt. Bovendien worden de uitvoering en financiering van het project volledig afhankelijk gemaakt van de aangevraagde subsidie. Ook worden de aspecten totaalkarakter en hefboomwaarde onvoldoende gemotiveerd. Aftoetsing met team Stedenbeleid van Vlaamse overheid leert dat (louter) economische projecten niet overeenstemmen met de objectieven van stadsvernieuwing. Ruimtelijke aspecten zijn een essentieel onderdeel van stadsvernieuwing, maar ontbreken in het onderhavige projectvoorstel. De nadruk ligt immers op de (architecturale) invulling van een gebouw, en niet zozeer op de relatie en wisselwerking met de omgeving. Ten slotte werd Park Spoor Noord in het verleden reeds op aanzienlijke wijze met Vlaamse middelen gesubsidieerd (in het bijzonder Vlaamse cofinanciering van EFRO-middelen en de Thuis in de Stad-prijs). Dit voorstel maakt in deze oproepronde meer kans als conceptsubsidie (zie hieronder).

- Advies stadsbouwmeester: de aanvraag twijfelt tussen concept- en projectsubsidie. De aanvraag komt mijn inziens het meest over als een aanvraag conceptsubsidie vermits het vooral om toekomstig studiewerk gaat en niet om investeringen in uitvoering. Het is dan beter alle zelfzekere vermeldingen over een toekomstige projectsubsidie (bijvoorbeeld: “Voorjaar 2013. Toekenning subsidie 7de oproep”) te dimmen of te schrappen.

Tuinprojecten in Antwerpen

- Screening AG VESPA: het voorstel stemt in brede zin niet overeen met de objectieven van stadsvernieuwing en in het bijzonder de projectsubsidie (immers, een concreet stadsontwikkelingsproject ontbreekt). Bovendien voldoet het voorstel momenteel niet aan de uitsluitingscriteria. Daarnaast ontbreekt een motivering inzake totaalkarakter, hefboomwaarde en publiek-private samenwerking.

- Advies stadsbouwmeester: het thema is interessant omdat het een best practice op grotere schaal in Antwerpen wil inzetten. De ruimtelijke meerwaarde is dus aangetoond en kan succesvol vermenigvuldigd worden. De vernieuwing ligt tevens in de wijze om de subsidie in te zetten via een bottom-up wedstrijdsysteem waarbij bewoners zelf voorstellen indienen. De aanvraag is erg ontoereikend ingevuld en vergt vervollediging alvorens in aanmerking te komen. Zo is het zeker noodzakelijk om meer uit te werken hoe het systeem om op vraag van bewoners een investering voor ontpitting te doen, er concreet uit zou zien.

Eveneens op basis van de doorgevoerde screening, aftoetsing bij het team Stedenbeleid en het advies van de stadsbouwmeester wordt het college gevraagd om volgende voorstellen tot conceptsubsidie te weerhouden:

Ontwerp buitenruimte Rozemaai

- Screening AG VESPA: het voorstel stemt overeen met de objectieven van stadsvernieuwing en reeds goedgekeurde projecten. Het voorstel scoort sterk op totaalkarakter, en is een voorbeeld van geïntegreerde stadsontwikkeling. Een randvoorwaarde voor indiening is de nood aan bijkomende aandacht voor publiek-private samenwerking en participatie.

- Advies stadsbouwmeester: de 6de oproep stadsvernieuwing staat open voor inhoudelijke vernieuwing. Dit voorstel beantwoordt daaraan door een interessante insteek vanuit (natuur)landschappelijke hoek. Tegelijk koppelt het voorstel dit aan ruimtelijke structurerend belang en sociale relevantie. De conceptsubsidie zal duidelijk een hiaat vullen in de uitwerking van het bestaande masterplan en dus een concrete bijdrage betekenen voor de ruimtelijke kwaliteit van de ontwikkeling van de Rozemaai. De aanvraag zou nog wat bijgesteld kunnen worden door deze koppelingen extra in de verf te zetten. Daarnaast lijkt het raadzaam om een inleidende paragraaf toe te voegen die de wijk Rozemaai schetst (in 'Omschrijving/korte inhoud'), beter te verduidelijken hoe het de bedoeling is voldoende private woonontwikkeling toe te voegen en zo menging te verkrijgen zowel qua toekomstige investeringen als sociale samenstelling in de wijk (in 'PPS'), omzichtig om te springen met de verwijzing naar later aan te vragen projectsubsidies (in 'Budget').

Nieuw Zuid

- Screening AG VESPA: het voorstel scoort sterk op totaalkarakter (in het bijzonder de verzoening van grootstedelijke en ecologische ambities) en innovatie/duurzaamheid (duurzame stedelijke ontwikkeling op basis van energieneutraliteit). Een randvoorwaarde voor indiening is een betere motivatie van de timing. De vraag is immers of de conceptsubsidie nog tijdig een impact zal hebben op de beslissing om alsnog voor een warmtenet te kiezen (in tegenstelling tot een klassiek systeem van energievoorziening en -distributie).

- Advies stadsbouwmeester: de 6de oproep stadsvernieuwing staat open voor inhoudelijke vernieuwing. Dit voorstel beantwoordt daaraan door een prangend energievraagstuk voor te leggen in plaats van een ruimtelijk thema. Het voorstel is niet alleen relevant voor Nieuw Zuid maar voor Antwerpen en Vlaanderen in het algemeen, omdat kennisopbouw in dit domein absoluut nodig is en ook voor andere projecten inzetbaar zal zijn. De aanvraag is onderbouwd uitgewerkt zodat er aangegeven wordt dat de conceptsubsidie ingezet zal worden voor de ontwikkeling van een businessmodel. Desondanks kan het veiliger zijn met het oog op de beoordeling door de jury om ook enkele ruimtelijke aspecten op een ondergeschikt niveau in de omschrijving op te nemen (bijvoorbeeld: “Het behoort tevens tot de opdracht om in kaart te brengen welke ruimtelijke parameters voor het ontwerp of de ontwikkeling van de wijk de implementatie van een warmtenet met zich meebrengt”). In de aanvraag kan mijn inziens iets duidelijker gesteld worden dat het project weliswaar een private ontwikkeling is maar voor Antwerpen van publiek belang is, zodat het duidelijk overkomt dat de subsidie zeker publieke betekenis heeft (bijvoorbeeld schrappen: “De stad wil de private marktpartijen ondersteunen via een investering in kennisopbouw en -ontwikkeling”).

Park Spoor Noord - Parkloods - Invulling grote loods

- Screening AG VESPA: met het oog op verdere begeleiding en uitwerking van het basisconcept, lijkt dit voorstel geschikt voor een conceptsubsidie. Met behulp van de conceptsubsidie kunnen ontbrekende elementen ingevuld worden en/of onzekerheden weggenomen worden (participatie, publiek-private samenwerking, financieel plan, relatie met de omgeving). Aangezien (louter) economische projecten niet overeenstemmen met de objectieven van stadsvernieuwing, moeten de relatie en de wisselwerking met de omgeving (inclusief ontwerp) beter toegelicht en uitgewerkt worden. Ruimtelijke aspecten zijn immers een essentieel onderdeel van stadsvernieuwing.

- Advies stadsbouwmeester: de 6de oproep stadsvernieuwing staat open voor inhoudelijke vernieuwing. Dit voorstel beantwoordt daaraan door enerzijds de schaal (architectuur eerder dan stedenbouw) en anderzijds de ontwikkeling van een businessmodel. Desondanks kan het veiliger zijn met het oog op de beoordeling door de jury om ook enkele ruimtelijke aspecten op een ondergeschikt niveau in de omschrijving op te nemen. Deze ruimtelijke aspecten zouden bijvoorbeeld de gevolgen van het concept en businessmodel voor de inrichting van de loods kunnen zijn. De aanvraag kan mijn inziens concreter gemaakt worden (bijvoorbeeld: wat voor expertise wordt er juist gezocht?).

Herbestemming site Stuivenbergziekenhuis

- Op basis van de bespreking en screening van de verschillende projectvoorstellen, en in het bijzonder het voorstel inzake Antwerpen 2060 (dat niet weerhouden wordt, zie hieronder), werd bedrijfseenheid stadsontwikkeling gevraagd een bijgestuurd projectvoorstel met een concreet/specifiek stadsvernieuwingsproject in 2060 in te dienen.

- Screening AG VESPA: de herbestemming van de site van het Stuivenbergziekenhuis biedt een strategische opportuniteit voor stadsvernieuwing in Antwerpen 2060. Op basis van een synergie tussen verschillende functies (wonen, gemeenschapsvoorzieningen, groene ruimte, naast de uitbreiding van de psychiatrische instelling) kan de invulling van de site een grote hefboomwaarde hebben voor het ganse gebied 2060. De relatie tussen vernieuwde stadsontwikkeling en het behoud van patrimonium, alsook ambities op vlak van duurzaamheid, zijn belangrijke uitdagingen voor de verdere ontwikkeling van dit project. De conceptsubsidie kan aangewend worden om deze uitdagingen verder te onderzoeken, alsook om PPS-structuur en financiële planning verder uit te werken.

- Advies stadsbouwmeester: aangezien dit bijgestuurd voorstel pas later werd ingediend, werd de stadsbouwmeester niet om advies gevraagd. 

Volgend voorstel wordt niet weerhouden voor een aanvraag tot conceptsubsidie:

Antwerpen 2060

- Screening AG VESPA: het voorstel stemt niet overeen met de objectieven van de conceptsubsidie. Het voorstel gaat in op de visie inzake een gans stadsgebied, en handelt niet over een concreet stadsontwikkelingsproject. Om deze reden werd bedrijfseenheid stadsontwikkeling gevraagd een bijgestuurd voorstel in te dienen, waarin een concreet/specifiek stadsontwikkelingsproject aan bod komt (Herbestemming site Stuivenbergziekenhuis, zie hierboven).

- Advies stadsbouwmeester: de aanvraag is ontoereikend ingevuld. Het ontbreekt aan meer nauwkeurige definiëring van wat de “verdere visievorming die resulteert in een actieplan” kan inhouden en is daardoor te vaag. Het is tevens de vraag hoe de conceptsubsidie zal functioneren binnen het in opmaak zijnde RUP en of die niet beter tijdens de opmaak zelf een bijdrage had kunnen leveren.

Met het oog op een tijdige indiening van de voorstellen worden bedrijfseenheid actieve stad, bedrijfseenheid stadsontwikkeling en AG Stadsplanning gevraagd om de volledige aanvraagdossiers tegen ten laatste 20 maart 2012 aan AG VESPA te bezorgen. Hierbij wordt gevraagd om rekening te houden met de bovenvermelde toetsing aan de beoordelingscriteria en het advies van de stadsbouwmeester.

AG VESPA zal de projectaanvragen verder begeleiden en een finale screening doorvoeren van de aanvraagdossiers die tegen 20 maart 2012 worden afgeleverd. Vervolgens zal AG VESPA deze dossiers voorleggen ter ondertekening door de burgemeester en de stadssecretaris, en indienen bij het team Stedenbeleid van de Vlaamse overheid (tegen de deadline van 30 maart 2012). 

Beleidsdoelstellingen

31 - Bovenlokale fondsen
De structuurfondsen en potentiële bovenlokale subsidies worden optimaal aangetrokken en efficiënt beheerd. Antwerpen positioneert zich als actieve speler binnen Europa.
Het verwerven van bijkomende bovenlokale subsidies gebeurt optimaal.
Het opstellen, indienen en opvolgen van subsidieaanvragen door stedelijke bedrijfseenheden krijgt vakkundige ondersteuning op maat

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college neemt kennis van de projectaanvragen in het kader van de 6de oproep stadsvernieuwing, en keurt de indiening van de weerhouden voorstellen tot project- en conceptsubsidie goed. De weerhouden voorstellen zijn: Groen Zuid - Voormalige Scanfil-site (projectsubsidie), Heraanleg Scheldekaaien - Deelproject Sint-Andries-Zuid (projectsubsidie), Ontwerp buitenruimte Rozemaai (conceptsubsidie), Nieuw Zuid (conceptsubsidie), Park Spoor Noord - Parkloods - Invulling grote loods (conceptsubsidie), Herbestemming site Stuivenbergziekenhuis (conceptsubsidie). Namens het college worden de volledige aanvraagdossiers voor de deadline van 30 maart 2012 door de burgemeester en de stadssecretaris ondertekend.

Artikel 2

Dit besluit heeft in principe voor de stad geen financiële gevolgen.