Volgens artikel 57 van het Gemeentedecreet bereidt het college de besluiten van de gemeenteraad voor en voert het deze besluiten uit.
Het bestuursakkoord 2007-2012 stelt in punt 532 dat het stadsbestuur mensen die extra presteren met resultaatsvergoedingen wil belonen. In dit verband werden door het college op 30 april 2010 (jaarnummer 5529), 25 juni 2010 (jaarnummer 8025), 9 juli 2010 (jaarnummer 8647) en 1 april 2011 (jaarnummer 3564) de uitvoeringsmodaliteiten voor de waarderingsronden 2010 en 2011 vastgelegd.
De waarderingsronde 2012 gaat van start op 1 mei 2012 en eindigt op 31 augustus 2012. Medewerkers worden tijdens deze periode geëvalueerd voor hun prestaties binnen de waarderingsperiode van 1 september 2011 tot 31 augustus 2012.
Elk jaar worden de uitvoeringsmodaliteiten voor de uitbetaling van de functioneringstoelage geëvalueerd en bijgestuurd om een zo correct mogelijke toepassing van deze modaliteiten te garanderen. Met dit besluit handhaaft het college de uitvoeringsmodaliteiten van de waarderingsronde 2011, bekrachtigt ze de verfijningen uit de beslissing stadssecretaris van 19 mei 2011 en worden enkele van de uitvoeringsmodaliteiten aangepast naar aanleiding van de evaluatie van de laatste waarderingsronde.
1) Verfijning gelijkgestelde prestaties: verlof voor compensatie van meerprestaties - overuren vòòr 2009
Verlof voor compensatie van meerprestaties wordt in het collegebesluit van 1 april 2011 (jaarnummer 3564) beschouwd als een gelijkgestelde aanwezigheid voor het tellen van de effectieve prestaties. Medewerkers die tijdens de waarderingsronde niet of weinig aanwezig zijn geweest omdat ze gedurende heel deze periode compensatie opnemen van opgebouwde overuren van vòòr 2009 bij de stad (code A25: compensatie uren < 2009), kwamen op basis van dit collegebesluit van 2011 in aanmerking voor een basiswaardering. De leidinggevenden van deze medewerkers kunnen echter geen uitspraak doen over de prestaties van deze medewerkers indien deze medewerkers tijdens de waarderingsperiode geen redelijke termijn op de werkvloer aanwezig zijn geweest. In de rechtspositieregeling wordt een prestatieperiode van 6 maanden als een redelijke termijn beschouwd om een gefundeerde uitspraak te doen over het presteren van een medewerker. Daarom komt een medewerker niet in aanmerking voor de uitbetaling van een functioneringstoelage indien de medewerker langer dan 6 maanden afwezig is van de werkvloer wegens opname van compensatie van overuren van vòòr 2009 of wegens een combinatie van andere afwezigheden (die niet gelijkgesteld werden met aanwezigheid) en de opname van overuren van vòòr 2009.
2) Verfijning gelijkgestelde prestaties: deeltijds werken - deeltijds ziek
Medewerkers die terugkeren uit ziekte kunnen, op advies van de arbeidsgeneesheer, het werk tijdelijk deeltijds hervatten. Deze maatregel moet medewerkers stimuleren om zo snel mogelijk het werk voltijds te hervatten na (langdurige) ziekte. De periode dat een medewerker deeltijds werkt en deeltijds ziek is, wordt daarom beschouwd als voltijdse aanwezigheid. Zij komen in aanmerking voor een functioneringstoelage indien zij 6 maanden effectieve prestaties leverden (incl. de prestaties geleverd gedurende het regime deeltijds werken - deeltijds ziek)
3) Medewerkers die ontslagen worden door de werkgever komen niet in aanmerking voor de uitbetaling van een functioneringstoelage.
Rechtspositieregeling van het stadspersoneel zoals goedgekeurd door de gemeenteraad op 30 januari 2012 (jaarnummer 70).
Het college beslist dat de volgende uitvoeringsmodaliteiten van toepassing zijn voor de waarderingsronde 2012 die van start gaat op 1 mei 2012 en eindigt op 31 augustus 2012.
Waarderingen
1) Voor de waarderingsperiode 2012 (= waarderingen uitgebracht in 2012 aangaande prestaties geleverd tussen 1 september 2011 en 31 augustus 2012 (waarderingsperiode van 12 maanden) bestaat het waarderingsresultaat ‘gunstig’ aan de positieve zijde. De waarderingen moeten kwalitatief beschrijvend zijn. Leidinggevenden geven in hun waarderingsverslagen op een duidelijke manier beschrijvend aan in hoeverre hun personeelsleden voldoende, goed of zeer goed hebben gepresteerd. Aan een gunstig waarderingsresultaat zal, naast de voorziene doorstroom in de functionele loopbaan, een functioneringstoelage van 2% gekoppeld worden.
2) Aan de negatieve zijde bestaan de resultaten ‘onvoldoende’ en ‘ongunstig’. De mogelijke gevolgen opgenomen in de rechtspositieregeling (geen recht op de volgende salarisschaal van de functionele loopbaan, verbetertermijn, begeleidingstraject en een nieuwe waardering na zes maanden) blijven behouden.
3) Om in aanmerking te komen voor een waardering moet betrokkene in de gestelde prestatieperiode minstens 6 maanden effectief hebben gepresteerd waarvan minstens 6 maanden buiten proefperiode. Zes maanden effectieve prestaties hebben geleverd wil zeggen dat de medewerker minstens 180 kalenderdagen (pro rata volgens arbeidsregime), aanwezig moet zijn geweest. Met aanwezigheid wordt gelijkgesteld: jaarlijks verlof en weekends of soortgelijke dagen waarop men niet ingepland was en afwezigheid wegens structurele verminderde prestaties. Verlof voor compensatie van meerprestaties (overuren vòòr 2009) worden niet met aanwezigheid gelijkgesteld. De prestaties van medewerkers die deeltijds aan het werk zijn en deeltijds ziek zijn worden voltijds gelijkgesteld met aanwezigheid.
4) Er geldt geen spreidingsprincipe voor waarderingen zodat de waarderingen en adviezen die leidinggevenden uitbrengen geclusterd kunnen worden behandeld en de functioneringstoelage voor elk betrokken personeelslid op eenzelfde moment kan worden uitbetaald. De lagere leidinggevenden brengen hun waarderingen als eerste uit (bottom up). De planning die binnen deze periode werd opgemaakt per bedrijfseenheid zal moeten worden gevolgd. Om personeelsleden na hun proeftijd, die gespreid eindigen doorheen het jaar, te kunnen omschakelen naar de vaste jaarlijkse waarderingscyclus moeten zij 6 maanden effectief hebben gepresteerd in eenzelfde functie om een waardering in de eerstkomende waarderingsronde te kunnen krijgen.
Wanneer het personeelslid nog meer dan of gelijk aan 6 aaneensluitende maanden gepresteerd heeft buiten de juridische proeftijd (voor of na) tijdens de waarderingsperiode, wordt het personeelslid gewaardeerd voor die prestaties.
Toekenning functioneringstoelage
5) De functioneringstoelage wordt enkel toegekend na een gunstige basiswaardering in de lopende waarderingsronde. Medewerkers die een 1e verbetertermijn gunstig hebben afgerond die volgt uit de negatieve waardering van een vorige waarderingsronde hebben ook recht op een functioneringstoelage als zij een gunstige basiswaardering krijgen in de waarderingsronde 2012. Medewerkers die een 1e verbetertermijn ongunstig hebben afgerond die volgt uit de negatieve waardering van een vorige waarderingsronde hebben geen recht op een functioneringstoelage ook als zij een gunstige basiswaardering krijgen in de waarderingsronde 2012.
Er wordt geen toelage toegekend voor wie een onvoldoende of ongunstige basiswaardering krijgt in de waarderingsronde 2012, ook niet wanneer de verbetertermijn nadien gunstig wordt afgerond.
6) Personeelsleden die effectief uit dienst gaan voor de start van de waarderingsperiode op 1 mei 2011, kunnen geen formele waardering meer krijgen en dus ook geen functioneringstoelage. Medewerkers die ontslagen worden door de werkgever, komen niet in aanmerking voor een basiswaardering en hebben bijgevolg geen recht op een functioneringstoelage.
7) Kabinets- en fractiepersoneel, en personeelsleden met een WEP+ contract komen niet in aanmerking voor de functioneringstoelage.
8) Voor gedetacheerde personeelsleden blijft het collegebesluit van 9 juli 2010 (jaarnummer 8647) van kracht.
Berekeningsbasis voor de functioneringstoelage
9) De basis waarop het percentage van de functioneringstoelage wordt berekend is het geïndexeerde brutoloon van de maand na de prestatieperiode waarop gewaardeerd werd (volgens weddentrap) vermenigvuldigd met twaalf (brutojaarsalaris). Als uitzondering hierop wordt voor een personeelslid dat gewaardeerd werd op prestaties die geheel vóór een proeftijd bij bevordering vielen, als berekeningsbasis voor de functioneringstoelage de weddentrap genomen waarin het personeelslid stond op de laatste volle maand voor de start van de bevordering op proef.
10) Periodes van structurele afwezigheid en periodes van schorsing bij wijze van tuchtstraf en preventieve schorsing in de gestelde waarderingsperiode, met uitzondering van palliatief verlof en verlof voor bijstand van een zwaar ziek kind, worden in mindering gebracht van de periode die in aanmerking komt voor de berekening van functioneringstoelage. Ook de periodes waarin een personeelslid in proeftijd zat, worden pro rata in mindering gebracht voor de berekening van een functioneringstoelage.
Uitbetaling van de functioneringstoelage
11) De stadssecretaris beslist na overleg met managementteam en op advies van de leidinggevende en de directiecomités per bedrijfseenheid tot uitbetaling van een functioneringstoelage van 2% voor alle personeelsleden met een gunstige waardering, rekening houdende met de bepalingen en uitzonderingen in dit besluit.
12) De uitbetaling van de functioneringstoelage gebeurt voor alle betrokkenen op hetzelfde moment en bij voorkeur op het einde van het kalenderjaar. Personeelsleden die omwille van overmacht later gunstig gewaardeerd worden krijgen nog een uitbetaling met een latere loonverwerking.
Het college bekrachtigt de verfijningen van de uitvoeringsmodaliteiten waarderen zoals beslist door de stadssecretaris van 19 mei 2011. Deze verfijningen zijn zowel van toepassing voor de waarderingsronde 2011 als voor de waarderingsronde 2012:
13) Medewerkers die omwille van compensatie overuren van vòòr 2009 geen 6 maanden effectieve prestaties hebben binnen de waarderingsperiode, komen niet in aanmerking voor een basiswaardering en hebben daarom geen recht op een functioneringstoelage.
14) Medewerkers die uit dienst gaan voor 1 mei van de waarderingsperiode om redenen van pensioen en toch zes maanden effectieve prestaties hebben, komen in aanmerking voor een basiswaardering en kunnen daardoor in aanmerking komen voor de uitbetaling van een functioneringstoelage.