Terug

2011_CBS_15701 - Eurodesk - Deelname Antwerpen aan Smart Energy Cities Initiative - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 25/11/2011 - 09:00 digitaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Patrick Janssens, burgemeester; Robert Voorhamme, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Marc Van Peel, schepen; Luc Bungeneers, schepen; Guy Lauwers, schepen; Monica De Coninck, schepen; Leen Verbist, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Eddy Baelemans, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Patrick Janssens, burgemeester
2011_CBS_15701 - Eurodesk - Deelname Antwerpen aan Smart Energy Cities Initiative - Goedkeuring 2011_CBS_15701 - Eurodesk - Deelname Antwerpen aan Smart Energy Cities Initiative - Goedkeuring

Motivering

Algemene financiële opmerkingen

Dit besluit houdt nog geen financieel engagement in. Bij goedkeuring van dit projectvoorstel door de Europese Commissie zal dit opgenomen worden in samenwerkingsovereenkomst met Europa, ter ondertekening voorgelegd worden aan de Gemeenteraad en zullen de financiële gevolgen verwerkt worden in de begroting.

 

Aanleiding en context

Het college keurde op 6 juni 2008 (jaarnummer 6995) de operationaliseringsnota in kader van het fondsenbeheer en subsidieverwerving goed. Hierin wordt de opdracht van AG VESPA rond subsidieverwerving toegelicht. In het kader van deze opdracht wordt gezocht naar bijkomende subsidiemogelijkheden voor de stad.

Op 9 januari 2009 (jaarnummer 102) besliste het college de ondertekening van het Burgemeestersconvenant goed te keuren. Dit is een formele verbintenis van de steden om hun CO2-uitstoot te verlagen tot onder de vooropgestelde Europese 20-20-20-norm.

Op 27 maart 2009 (jaarnummer 4149) besliste het college om een klimaatbeleidsplan op te stellen, met aandacht voor een procesmatige aanpak waarin zowel interne als externe stakeholders betrokken worden.

Het college keurde op 15 oktober 2010 (jaarnummer 12632) de verdere operationalisering van de Eurodesk goed, met als finale doelstelling meer Europese subsidies naar de stad halen.

Het 7de Kaderprogramma (FP7) is het onderzoeksprogramma van Europa.

Het Smart Energy Cities Initiatief (SECI) is hiervan een onderdeel en maakt het mogelijk om techologische ontwikkelingen, die reeds voorbij de onderzoeksfase zijn, op grotere schaal te gaan implementeren. De Europese commissie wil via grote demonstratieprojecten in stedelijke districten verdere implementering mogelijk maken. 

De aanvraag voor beide projectvoorstellen gebeurt voor 1 december 2011. De start van de projecten is voorzien eind 2012, lopende tot einde 2016.

Argumentatie

Antwerpen wenst voor de lopende subsidieoproep op beide onderdelen van het SECI in te zetten.

Het eerste spoor werkt rond strategisch stedelijke planning (projectvoorstel: 'StepUp'). Hierin zal de stad Antwerpen (via Energie en Milieu Antwerpen, EMA) deelnemen vanuit een lerend netwerk van Vlaamse steden dat gecoördineerd wordt door het Vlaams Instituut voor Technologische Ontwikkeling, VITO nv. De bedoeling is om nieuwe modellen te ontwikkelen voor aspecten uit strategische stadsplanning zoals: ruimtelijke planning duurzaam integregeren in beleidsprocessen, innovatieve businessmodellen, ... Hiervoor wordt geen financieel engagement verwacht. De stad zal leren door de samenwerking met andere steden en van de resultaten die andere steden beogen en bereiken. De Vlaamse volwaardige projectpartners in dit onderdeel zijn: Gent, Eandis en VITO nv.

Meerwaarde voor Antwerpen:

De stad Antwerpen (via EMA) haakt met dit voorstel in op de stedelijke doelstelling om in 2050 CO2-neutraal te worden. De omzetting van deze ambitie moet gebeuren door strategisch na te denken over de toekomst. Er is onder andere nood aan innovatieve businessmodellen om investeringen te implementeren. Het inzetten op strategische planning zal de impact van grootschalige district verwarming en koeling systemen weergeven op de stedelijke klimaatbalans. Hierdoor sluit het eerste projectvoorstel aan op het voorstel hieronder.

De deelname van de stad in dit voorstel wordt geformaliseerd door middel van onderstaande intentieverklaring.

Het tweede spoor (projectvoorstel : 'LOOP') gaat namelijk over duurzame energieconcepten via verwarming en koeling op districtniveau. Hierin is Antwerpen (EMA- én het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen, GHA) volwaardige projectpartner, samen met VITO nv. Het Europees consortium bestaat uit de steden: Amsterdam, Glasgow, Grenoble en Antwerpen. Amsterdam beschikt reeds over verschillende gebieden met warmte- en koudenetten. In dit demonstratieproject zullen zij een koppeling leggen tussen de verschillende warmtenetten. Zo kan er meer restwarmte gevaloriseerd worden, afkomstig van de afvalenergiecentrale. Glasgow ontvangt in 2014 de Gemenebestspelen. De sportinfrastructuur en het atletendorp zal voorzien worden van een collectief duurzaam energiesysteem dat haar warmte ontvangt van een energiecentrale die de lokale biomassastromen moet valoriseren. In totaal worden ongeveer 3.500 woningen aangesloten. Grenoble tenslotte is al sinds de jaren '60 actief met warmtenetten. Zij willen deze investeringen verduurzamen via biomassa en geothermische warmtepompen. Daarnaast zullen ook de verschillende gebieden met elkaar gekoppeld worden, zoals ook de slimme regeling en metering met inbegrip van grootschalige thermische opslag.

De onderzoeks- en industriële partners zijn: KEMA (Nederland), Austrian Institute for Technology (Oostenrijk), University of Strathclyde (Verenigd Koninkrijk), VITO nv, commissariat à l'Energie Atomique et aux Energies Alternatives (CEA, Frankrijk), Nuon (Nederland) en het Afvalenergiebedrijf Amsterdam (Nederland).

EMA en GHA vatten elk in het consortium plaats als volwaardige partner tussen ervaren steden in de uitbouw en exploitatie van collectieve duurzame energiesystemen. Ze komen daarmee in een lerende rol van waaruit ze praktijkervaringen van de andere steden kunnen absorberen. Tegelijk kan de stad verder bouwen op werk dat reeds werd verricht; bijvoorbeeld in kader van het projectvoorstel MIP3 (HEAT) waarin zowel GHA als EMA betrokken zijn, de haalbaarheidsstudies met betrekking tot warmtenetten in de Cadix-wijk, de restwarmte-inventaris die werd opgemaakt door het GHA en de lopende haalbaarheidsstudie in kader van het MIP2-Havenwarmte, waarbij men enkele afzetmogelijkheden van restwarmte onderzoekt, onder andere ook via warmtenetten.

Bedoeling van dit SECI-voorstel is om de twee energieclusters verder te ontwikkelen. De ambitie voor deze clusters is totale hernieuwbare energieproductie of restwarmtevalorisatie voor energie-efficiënte gebouwen en installaties via een intelligent distributiesysteem van warmte, koeling en electriciteit. Zo ontstaat finaal een energieneutrale en zelfs energiepositieve site die vorm geeft aan het Antwerpen van de toekomst.

Met de deelname van Antwerpen aan dit projectvoorstel gaat de stad een volgende ontwikkelingsfase in. De resultaten van dit project zullen de voorwaarden aangeven waarop de uiteindelijke investeringen en realisaties kunnen gebeuren. De financiering van deze investeringen kunnen dan eventueel onderwerp zijn van een nieuw vervolgprojectvoorstel in een ander Europees subsidieprogramma.

Meerwaarde voor de stad Antwerpen:

Door haar deelname zal de stad Vlaamse voorloper zijn bij het ontwerp van een energie-efficiëntie directief. Hierin worden onder andere nationale verplichtingen gesteld voor collectieve duurzame energieconcepten voor gebieden in de nabije omgeving van: nieuwe energiecentrales, opnieuw te vergunnen electriciteitscentrales en industriële sites.

FP7 financiert geen investeringsprojecten, maar biedt de stad Antwerpen wel de mogelijkheid om op Europees niveau haar ambities kenbaar te maken waardoor toekomstige investeringen betere kansen krijgen in andere subsidieprogramma's of alternatieve Europese financieringen, zoals bijvoorbeeld European Local Energy Assistance, beter gekend als ELENA.

Andere steden (Amsterdam, Glasgow) in het consortium zijn socio-economische gelijkwaardig aan Antwerpen. De relevantie om van hun grootschalige demonstratieprojecten te kunnen leren is groot en deze samenwerking kan een goede voedingsbodem vormen voor gezamenlijke subsidievoorstellen in de toekomst.    

Budget:

De subsidiepercentages door FP7 zijn afhankelijk van het soort activiteit, lopende van 75% voor de onderzoeksactiviteiten tot 100% voor management en andere activiteiten.

Het totale projectbudget van het onderzoeksvoorstel bedraagt ongeveer 19.000.000,00 euro. Het subsidiebedrag door Europa wordt geraamd op 10.500.000,00 euro.

Het budget voor de Vlaamse partners (EMA, GHA en VITO nv) bedraagt 579.065,00 euro.

In concreto wordt er voor EMA 121.600,00 euro projectbudget ingeschreven. 101.970,00 euro hiervan wordt gesubsidieerd. Voor GHA wordt 142.114,00 euro projectbudget ingeschreven, waarvan 118.457,00 euro subsidie. VITO nv zal zo'n 315.351,00 euro spenderen aan vertaling en toepassing van wetenschappelijke uitkomsten op de energieclusters die uitgewerkt worden op het Antwerpse grondgebied.

EMA, VITO nv en GHA zullen binnen FP7 samenwerken in de verdere technische ontwikkeling van de twee energieclusters, het uitwerken van de business cases met oprichting van een investeerdersnetwerk en het uitwisselen van kennis en ervaring met de andere demonstratiesteden.

De inkomende subsidies voor de stad zullen via een subsidiefiche gekoppeld worden aan volgende uitgaven: detailengineering van de energieclusters, opstellen van technische reglementen en het uitwerken en opstarten van een change management proces voor de communicatie, overtuiging en participatie van bewoners en bedrijven op het energiesysteem. Dit zal gebeuren in functie van prioriteiten en budgettaire mogelijkheden.

In het consortium en in navolging van de programmareglementering werd besloten om voor dit projectvoorstel géén intentieverklaring op te maken en de collegebeslissing als voldoende formeel te beschouwen.

 

Beleidsdoelstellingen

Evolueren naar een klimaatneutrale en ecologisch duurzame werking
De stad evolueert naar klimaatneutraal en duurzaam bouwen
Voor elk stedelijk bouw- of verbouwproject en in elk stadsontwikkelingsproject dat de stad regisseert, geheel of gedeeltelijk financiert of realiseert, integreren de verschillende stedelijke actoren duurzaamheidscriteria.
De stad zet een geïntegreerd en getoetst milieubeleid in om te werken aan een betere leefomgeving in de stad
De stad neemt milieu, energie en natuur consequent mee in haar beleidsplanning
De stad werkt een algemeen milieubeleidsplan en gedetailleerde thematische deelplannen uit die aangeven hoe tijdens deze legislatuur het streven naar een gezonde, leefbare ecocity wordt waargemaakt.
De stad zet een geïntegreerd en getoetst milieubeleid in om te werken aan een betere leefomgeving in de stad
De stad neemt milieu, energie en natuur consequent mee in haar beleidsplanning
De stad is een structurele partner van het Havenbedrijf voor de milieubeleidsplanning en -opvolging in het havengebied.
De structuurfondsen en potentiële bovenlokale subsidies worden optimaal aangetrokken en efficiënt beheerd. Antwerpen positioneert zich als actieve speler binnen Europa.
Het verwerven van bijkomende bovenlokale subsidies gebeurt optimaal.
Het opstellen, indienen en opvolgen van subsidieaanvragen door stedelijke bedrijfseenheden krijgt vakkundige ondersteuning op maat

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college keurt de deelname van de stad Antwerpen aan het Smart Energy Cities initiatief als lerende partner in het onderdeel 'strategische stedelijke planning' en als volwaardige partner in het onderdeel 'district verwarming en koeling' goed.

 

Artikel 2

Het college ondertekent de intentieverklaring die de intentie van de stad Antwerpen weergeeft om aan dit projectvoorstel deel te nemen.

Artikel 3

Dit besluit heeft in principe voor de stad geen financiële gevolgen.

Artikel 4

Het college geeft opdracht aan:

Dienst Taak
AG VESPA/EURODESK de intentieverklaring tijdig (25 november 2011) en volledig bij de projectleider te bezorgen.