Op 13 mei 2011 keurde het college het besluit "Masterplan 2020 projectorganisatie - stadsbrede samenwerking" (jaarnummer 10288) goed.
Met dit besluit besliste het college over:
|
|
AG Stan |
SW |
MC |
SL |
BZ |
FI |
|
|
Regiecel Masterplan 2020 |
|
|
|
|
|
|
|
|
Projectteam Oosterweel |
|
|
|
|
|
|
|
|
Projectteam Brabo II |
|
|
|
|
|
|
|
|
Projectleider tram Wilrijk |
|
|
|
|
|
|
|
|
Projectleider R11/A111 |
|
|
|
|
|
|
|
|
Projectleider A102 |
|
|
|
|
|
|
|
|
Aanwervingen voorjaar 2011 |
1 A4 + 1 A1 |
4,5 A1 |
1 A1 |
1 A1 |
0,5 A4 |
1 |
10 |
|
TOTAAL |
|
|
|
|
|
|
14 |
Dit besluit kwam er naar aanleiding van een beslissing van de Vlaamse regering.
Op 24 september 2010 bekrachtigde de Vlaamse regering het aangepaste "Masterplan 2020. Bouwstenen voor de uitbreiding van het Masterplan Mobiliteit Antwerpen". Die beslissing omvatte eveneens de keuze voor een ondergrondse sluiting van de ring en de organisatorische implicaties die dit met zich meebrengt. Binnen dit besliste kader wordt de reeks projecten van het Masterplan 2020 verder uitgewerkt door verscheidene actoren.
De stad Antwerpen is één van de partners voor vele van deze grote infrastructuurprojecten. In de zitting van 1 oktober 2010 (jaarnummer 12314) ging het college akkoord met de beslissing van de Vlaamse regering om de Antwerpse ring te sluiten met twee tunnelcomplexen. Het college nam ook kennis van de beslissing van de Vlaamse regering dat prioritair een ondertunnelde verbinding wordt gerealiseerd onder de huidige R11 tussen het knooppunt Wommelgem en de E19 waardoor de Antwerpse ring zal worden ontdubbeld in een doorgaande en stedelijke ringweg. Het college nam eveneens akte van de meerprijs van dit project.
Het managementteam van de stad Antwerpen nam in de zitting van 27 april 2011 (jaarnummer 2011_MT_00170) kennis van de toelichting over de organisatorische implicaties van het Masterplan 2020.
De goedkeuring van het nieuwe Masterplan 2020 met een hele reeks grote infrastructuurprojecten op het grondgebied van de stad Antwerpen, impliceert dat de stad Antwerpen in dit Vlaamse infrastructuurprogramma een grotere rol zal kunnen opnemen. De stad Antwerpen heeft daarvoor reeds een aantal belangrijke engagementen op zich genomen en zal de komende jaren in een aantal van deze projecten een belangrijke rol spelen.
Op vrijdag 23 september 2011 nam de Vlaamse regering opnieuw een beslissing in het kader van het Masterplan 2020. Hierdoor wijzigen de projecten die door de stad worden opgevolgd.
De goedkeuring van het Masterplan 2020 heeft als rechtstreeks gevolg dat de stad Antwerpen in dit Vlaamse infrastructuurprogramma een grote rol zal kunnen spelen. Door de omvang van de gezamenlijke projecten is het noodzakelijk om het Masterplan 2020 in te bedden in de meerjarenplanning.
De bijkomende beslissing over het Masterplan heeft als gevolg dat er niet langer een resultaatverbintenis is in functie van de uitvoering van werken, maar wel in termen van toelage (financiële verbintenis). De organisatie en de opvolging van de bouw van de nutsleidingen ten behoeve van de Oosterweeltunnels zullen niet meer door de stad gebeuren. Er wordt enkel aan de stad gefactureerd. De drie overeenkomsten met BAM zijn intussen rond en geadviseerd.
De rol van de stad Antwerpen wijzigt dus en vraagt een andere en deels mindere inzet van personeel. Ondertussen is er ook de overeenkomst van Brabo II die werd goedgekeurd in de collegezitting van 7 oktober 2011 (jaarnummer 2011_CBS_14296) en in de gemeenteraad van 24 oktober 2011 (jaarnummer 2011_GR_01228).
De gewestwegen binnen de Leien worden vervroegd overgedragen en de stad zal zelf bouwheer zijn van de Leien fase 2 (inclusief Operaplein). Een brede communicatie en bewonersoverleg blijven noodzakelijk.
Er moet worden opgemerkt dat als gevolg van de beslissing van 13 mei 2011 reeds een aantal VTE's werden aangeworven bij het bedrijf stadsontwikkeling.
Naar aanleiding van de gewijzigde rol van de stad Antwerpen in het Masterplan 2020 kunnen volgende VTE's die eerder werden goedgekeurd, worden geschrapt:
Van de 14 voorziene VTE's kunnen er als gevolg van een gewijzigde opvolging door de stad dus 6,5 VTE's worden geschrapt.
Bijkomende noodzakelijke aanwervingen zorgen tijdelijk terug voor een verhoging begin 2012 die in de loop van 2012 zal worden gecompenseerd door uitstroom (pensioneringen...).
Conform het collegebesluit van 2 juli 2010 (jaarnummer 8423) zal, in geval van VTE-uitbreiding door uitbreiding dienstverlening of nieuwe projecten, dit steeds aan het college ter goedkeuring worden voorgelegd.
De nieuwe geformuleerde doelstellingen die eveneens werden goedgekeurd in artikel 1 van het besluit van 13 mei 2011 blijven behouden.
Het college beslist om de gefaseerde en tijdelijke verhoging van de personeelslijn met 14 VTE's van de volgende bedrijfseenheden goedgekeurd op 13 mei 2011 (jaarnummer 10288) voor de duur van het project, te verminderen met 6,5 VTE's, wat resulteert in:
Het college geeft opdracht aan:
| dienst | taak |
| het managementteam | de weerhouden aanwervingen te dragen binnen de afgesproken personeelslijn. |
| Indien in de toekomst de beschikbare investeringsmiddelen openbare werken van de stad en de districten verminderen, moet ook dit personeel evenredig verminderen. |