Op 10 augustus 2010 ontving de stad Antwerpen een aangetekende brief van de Vlaamse minister van bestuurszaken, binnenlands bestuur, inburgering, toerisme en Vlaamse rand die bevoegd is voor monumenten- en landschapszorg met in bijlage een ministerieel besluit houdende vaststelling van een ontwerp van lijst van als monument te beschermen het bibliotheekgebouw Te Couwelaarlei 120 te 2100 Deurne.
Het dossier werd opgemaakt door het agentschap Onroerend Erfgoed van de Vlaamse overheid. Het voorstel tot bescherming omvat het volledige gebouw en een lijst van cultuurgoederen die er integrerend deel van uitmaken, te weten:
- de zetels met zitting en rugleuning in bruine skai en een verchroomd stalen buisvormig onderstel;
- de stoelen met een hel roodoranje metalen zitting en rugleuning en een fijn verchroomd stalen onderstel;
- de driehoekige bijzettafeltjes met een tafelblad van gelamineerde vezelplaat op een grenen houten onderstel;
- de rechthoekige of ronde tafels met gelamineerde vezelplaat op een bruin gelakt stalen onderstel;
- de boekenrekken van gelakt metaal.
Het bibliotheekgebouw is een realisatie van architect Jul De Roover (1913-2010), in Antwerpen onder meer bekend van zijn samenwerking met Renaat Braem bij de bouw van het administratief centrum aan de Oudaan en als ontwerper van de zogenaamde Silvertopblokken op het Kiel. De bibliotheek in Deurne werd opgericht in 1971-1974 in opdracht van de gemeente in een context waarbij in Vlaanderen veel aandacht was voor cultuurspreiding, onder meer door de bouw van culturele centra en bibliotheken. Het gebouw bleef tot op vandaag relatief gaaf bewaard, inclusief een aantal roerende interieurelementen. Constructief bestaat het gebouw uit een betonskelet dat diagonaal ontworpen is, een kenmerk dat wordt doorgetrokken bij de indeling van het gebouw en zelfs bij de plaatsing van het meubilair. De gevel is opgebouwd uit verdiepingshoge raampartijen en vlakken in zandkleurig baksteenmetselwerk. Het interieur houdt op bijzondere wijze rekening met de toenmalige eisen die aan een moderne bibliotheek gesteld werden. Bij de inrichting ging veel aandacht naar de kleurstelling van zowel afwerking als meubilair, dat voor interessante kleuraccenten zorgt.
Het bibliotheekgebouw situeert zich in een stedelijke context waarbij nog andere beschermde goederen in het oog springen, in casu de Expohal, Te Couwelaarlei 95, en het Koninklijk Atheneum, Frans Craeybeckxlaan 22. Naast andere (onder meer openbare) gebouwen toont deze realisatie de aandacht voor kwaliteitsvolle architectuur door de voormalige gemeente Deurne in de tweede helft van de 20ste eeuw.
De bescherming kadert in een verdere erkenning van de erfgoedwaarde van architecturale realisaties uit de tweede helft van de 20ste eeuw in Vlaanderen in het algemeen en in Antwerpen in het bijzonder. Het bibliotheekgebouw is één van de recentste gebouwen op het grondgebied van de stad Antwerpen met een status van beschermd monument. De aandacht voor 20ste-eeuwse architectuur in het algemeen wordt door deze bescherming gestimuleerd. De bescherming is tevens een eerbetoon aan de in 2010 overleden architect Jul De Roover.
Het bibliotheekgebouw is representatief voor de brutalistische betonarchitectuur van de jaren 60 van de 20ste eeuw. De architecturale kwaliteiten liggen vooral in de uitgekiende basisstructuur (de alomtegenwoordige diagonaalstructuur), het gedurfde en eerlijke materiaalgebruik en de doorgedreven detaillering. Het uit de bouwperiode bewaarde meubilair ligt in de lijn van de architectuur en draagt in belangrijke mate bij tot de ensemblewaarde van het complex. Het gebouw straalt wel de geest van de jaren 60 uit maar is allerminst gedateerd.
Cultuur en sport / lokaal cultuurbeleid / bibliotheken geeft in haar advies aan dat door de bescherming van het interieur en het meubilair het niet meer mogelijk is een hedendaags bibliotheekconcept te ontwikkelen. Aanpassingen aan het interieur en in beperkte mate aan het exterieur zijn hiervoor noodzakelijk.
Patrimoniumonderhoud / gebouwen / projectbureau bouw stelt in haar advies dat de bescherming gedeeltelijk tot geheel de mogelijkheid hypothekeert om het gebouw in overeenstemming te brengen met de huidige regelgeving en normen inzake circulatie, integrale toegankelijkheid en brandveiligheid, techniek, energieprestaties en binnenklimaat en huisvesting en functionaliteit.
Akkoord met bescherming van buitengevel en interieur. Maar de bescherming en de restauratie moet bekeken worden in het raam van een actuele herbestemming. Dit vereist specifieke, selectieve en gegradeerde beschermingsregels, met de mogelijkheid om de bescherming te heroverwegen en/of te nuanceren. Want zonder een tweede leven van het erfgoed (als gebouw in zijn omgeving) zal het monument geen lang leven beschoren zijn. In het bijzonder wijst het college op de ambities om er een hedendaagse bibliotheek in te maken en op de uitvoering van het Masterplan Deurne.
Er werd een ministerieel besluit houdende vaststelling van een ontwerp van lijst van voor bescherming vatbare monumenten opgemaakt, overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 3 maart 1976 tot bescherming van monumenten, stads- en dorpsgezichten, gewijzigd bij de decreten van 18 december 1992, 22 februari 1995, 22 december 1995, 8 december 1998, 18 mei 1999, 7 december 2001, 21 november 2003, 30 april 2004, 10 maart 2006 en 27 maart 2009.
Het college beslist kennis te nemen van het openbaar onderzoek naar aanleiding van de voorgenomen bescherming als monument van het bibliotheekgebouw Te Couwelaarlei 120.
Het college beslist de voorgenomen bescherming van het gebouw voorwaardelijk gunstig te adviseren, maar vraagt dat in de toekomst zowel bouwkundige als infrastructurele aanpassingen aan de huidige regelgeving en normen mogelijk blijven in functie van de huidige of een nieuwe bestemming.
Akkoord met bescherming van buitengevel en interieur. Maar de bescherming en de restauratie moet bekeken worden in het raam van een actuele herbestemming. Dit vereist specifieke, selectieve en gegradeerde beschermingsregels, met de mogelijkheid om de bescherming te heroverwegen en/of te nuanceren. Want zonder een tweede leven van het erfgoed (als gebouw en in zijn omgeving) zal het monument geen lang leven beschoren zijn. In het bijzonder wijst het college op de ambities om er een hedendaagse bibliotheek in te maken als op de uitvoering van het Masterplan Deurne.