Terug

2011_CBS_14298 - Bibliotheekgebouw Te Couwelaarlei 120 - Bescherming als monument. Voorwaardelijk gunstig advies - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 14/10/2011 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Patrick Janssens, burgemeester; Robert Voorhamme, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Marc Van Peel, schepen; Luc Bungeneers, schepen; Guy Lauwers, schepen; Monica De Coninck, schepen; Leen Verbist, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Eddy Baelemans, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Patrick Janssens, burgemeester
2011_CBS_14298 - Bibliotheekgebouw Te Couwelaarlei 120 - Bescherming als monument. Voorwaardelijk gunstig advies - Goedkeuring 2011_CBS_14298 - Bibliotheekgebouw Te Couwelaarlei 120 - Bescherming als monument. Voorwaardelijk gunstig advies - Goedkeuring

Motivering

Aanleiding en context

Op 10 augustus 2010 ontving de stad Antwerpen een aangetekende brief van de Vlaamse minister van bestuurszaken, binnenlands bestuur, inburgering, toerisme en Vlaamse rand die bevoegd is voor monumenten- en landschapszorg met in bijlage een ministerieel besluit houdende vaststelling van een ontwerp van lijst van als monument te beschermen het bibliotheekgebouw Te Couwelaarlei 120 te 2100 Deurne.

Het dossier werd opgemaakt door het agentschap Onroerend Erfgoed van de Vlaamse overheid. Het voorstel tot bescherming omvat het volledige gebouw en een lijst van cultuurgoederen die er integrerend deel van uitmaken, te weten:
- de zetels met zitting en rugleuning in bruine skai en een verchroomd stalen buisvormig onderstel;
- de stoelen met een hel roodoranje metalen zitting en rugleuning en een fijn verchroomd stalen onderstel;
- de driehoekige bijzettafeltjes met een tafelblad van gelamineerde vezelplaat op een grenen houten onderstel;
- de rechthoekige of ronde tafels met gelamineerde vezelplaat op een bruin gelakt stalen onderstel;
- de boekenrekken van gelakt metaal.

Het bibliotheekgebouw is een realisatie van architect Jul De Roover (1913-2010), in Antwerpen onder meer bekend van zijn samenwerking met Renaat Braem bij de bouw van het administratief centrum aan de Oudaan en als ontwerper van de zogenaamde Silvertopblokken op het Kiel. De bibliotheek in Deurne werd opgericht in 1971-1974 in opdracht van de gemeente in een context waarbij in Vlaanderen veel aandacht was voor cultuurspreiding, onder meer door de bouw van culturele centra en bibliotheken. Het gebouw bleef tot op vandaag relatief gaaf bewaard, inclusief een aantal roerende interieurelementen. Constructief bestaat het gebouw uit een betonskelet dat diagonaal ontworpen is, een kenmerk dat wordt doorgetrokken bij de indeling van het gebouw en zelfs bij de plaatsing van het meubilair. De gevel is opgebouwd uit verdiepingshoge raampartijen en vlakken in zandkleurig baksteenmetselwerk. Het interieur houdt op bijzondere wijze rekening met de toenmalige eisen die aan een moderne bibliotheek gesteld werden. Bij de inrichting ging veel aandacht naar de kleurstelling van zowel afwerking als meubilair, dat voor interessante kleuraccenten zorgt.

Argumentatie

Het bibliotheekgebouw situeert zich in een stedelijke context waarbij nog andere beschermde goederen in het oog springen, in casu de Expohal, Te Couwelaarlei 95, en het Koninklijk Atheneum, Frans Craeybeckxlaan 22. Naast andere (onder meer openbare) gebouwen toont deze realisatie de aandacht voor kwaliteitsvolle architectuur door de voormalige gemeente Deurne in de tweede helft van de 20ste eeuw.

De bescherming kadert in een verdere erkenning van de erfgoedwaarde van architecturale realisaties uit de tweede helft van de 20ste eeuw in Vlaanderen in het algemeen en in Antwerpen in het bijzonder. Het bibliotheekgebouw is één van de recentste gebouwen op het grondgebied van de stad Antwerpen met een status van beschermd monument. De aandacht voor 20ste-eeuwse architectuur in het algemeen wordt door deze bescherming gestimuleerd. De bescherming is tevens een eerbetoon aan de in 2010 overleden architect Jul De Roover.

Het bibliotheekgebouw is representatief voor de brutalistische betonarchitectuur van de jaren 60 van de 20ste eeuw. De architecturale kwaliteiten liggen vooral in de uitgekiende basisstructuur (de alomtegenwoordige diagonaalstructuur), het gedurfde en eerlijke materiaalgebruik en de doorgedreven detaillering. Het uit de bouwperiode bewaarde meubilair ligt in de lijn van de architectuur en draagt in belangrijke mate bij tot de ensemblewaarde van het complex. Het gebouw straalt wel de geest van de jaren 60 uit maar is allerminst gedateerd.

Cultuur en sport / lokaal cultuurbeleid / bibliotheken geeft in haar advies aan dat door de bescherming van het interieur en het meubilair het niet meer mogelijk is een hedendaags bibliotheekconcept te ontwikkelen. Aanpassingen aan het interieur en in beperkte mate aan het exterieur zijn hiervoor noodzakelijk.

Patrimoniumonderhoud / gebouwen / projectbureau bouw stelt in haar advies dat de bescherming gedeeltelijk tot geheel de mogelijkheid hypothekeert om het gebouw in overeenstemming te brengen met de huidige regelgeving en normen inzake circulatie, integrale toegankelijkheid en brandveiligheid, techniek, energieprestaties en binnenklimaat en huisvesting en functionaliteit.

Akkoord met bescherming van buitengevel en interieur. Maar de bescherming en de restauratie moet bekeken worden in het raam van een actuele herbestemming. Dit vereist specifieke, selectieve en gegradeerde beschermingsregels, met de mogelijkheid om de bescherming te heroverwegen en/of te nuanceren. Want zonder een tweede leven van het erfgoed (als gebouw in zijn omgeving) zal het monument geen lang leven beschoren zijn. In het bijzonder wijst het college op de ambities om er een hedendaagse bibliotheek in te maken en op de uitvoering van het Masterplan Deurne.

Juridische grond

Er werd een ministerieel besluit houdende vaststelling van een ontwerp van lijst van voor bescherming vatbare monumenten opgemaakt, overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 3 maart 1976 tot bescherming van monumenten, stads- en dorpsgezichten, gewijzigd bij de decreten van 18 december 1992, 22 februari 1995, 22 december 1995, 8 december 1998, 18 mei 1999, 7 december 2001, 21 november 2003, 30 april 2004, 10 maart 2006 en 27 maart 2009.

Adviezen

CS/lokaal cultuurbeleid/bibliotheken Gunstig onder voorwaarden
• Door bescherming van het interieur en meubilair zou het niet meer mogelijk zijn om een hedendaags bibliotheekconcept te ontwikkelen. Bibliotheken evolueren meer naar ontmoetingsplekken die door hun openheid en hun aangename en moderne inrichting jong en oud uitnodigen om er langer te verblijven. Een bibliotheek van nu is veel meer dan een (boeken)collectie die op hoge rekken wordt aangeboden. Hiervoor is een eigentijdse, open en flexibele inrichting noodzakelijk. Zo moeten rekken verrijdbaar zijn, stoelen moeten gemakkelijk kunnen gestapeld worden, rekken mogen niet te hoog zijn om een ruimtegevoel te creëren. Verder moet de collectie, om beter ontsloten te worden, op alternatieve manieren aangeboden worden, bvb frontale presentatie, … Ook verlichting en ruimte-indeling spelen hier een belangrijke rol in. • Om een flexibele ruimte-indeling in de toekomst te kunnen realiseren is het nodig om eventueel wanden of bepaalde constructie-elementen te kunnen wegnemen. De betonstructuur, die hoofdzakelijk de architecturale waarde van dit gebouw bepaalt, en de diagonaalconceptie die de architect vooropstelt, komt hierbij niet in het gedrang. De wanden en houten plafondconstructie die zich nu nog in het gebouw bevinden (maar ook niet meer overal) staan de flexibiliteit van een moderne bibliotheek in de weg. • Tevens zijn in een moderne bibliotheek alle routinehandelingen zoveel mogelijk geautomatiseerd en wordt de zelfredzaamheid van de bezoekers gestimuleerd door zelfuitleentoestellen en inleverautomaten. Daarvoor moet de nodige ruimte in de buurt van de inkom kunnen worden voorzien en zou de circulatiestroom van de bezoekers herbekeken moeten kunnen worden. Aanpassingen aan de zijgevel en de in- en uitgangen in functie van het regelen van de circulatiestroom zouden mogelijk moeten kunnen blijven. • Daarnaast zijn er in Deurne ook de plannen voor ‘Hart van Deurne’ waarbij de kern van Deurne verder zal worden opgewaardeerd. Hierbij is het idee dat er over een aantal jaren een nieuwe bibliotheek en cultuurcentrum (en misschien nog een aantal andere functies) komen. Vanuit CS/lokaal cultuurbeleid/bibliotheken wordt deze lange termijnvisie voluit gesteund. In dit verhaal moet het dan ook mogelijk zijn om het gebouw waarin de bibliotheek nu gehuisvest is, een andere gemeenschapsfunctie te laten vervullen. Wanneer interieur en meubilair beschermd zou worden, zou een andere invulling voor het gebouw vinden zeer moeilijk zijn.
PO/G/PB Ongunstig advies
Advies Circulatie, integrale toegankelijkheid en brandveiligheid Eerste verdieping vooraan - bibliotheekruimte De bibliotheekruimte op de eerste verdieping (in de voorste helft van het gebouw) is enkel bereikbaar voor het publiek via een binnentrap met spil. Deze spiltrap maakt dat deze ruimte niet integraal-toegankelijk is. Deze ruimte is ter hoogte van de eerste verdieping bovendien niet publiek toegankelijk vanuit de centrale trappenhal die aansluit op de hoofdingang en heeft hierdoor ook een moeilijke ontsluiting in geval van brand. Eerste verdieping achteraan - kantoren De kantoren op de eerste verdieping (in de achterste helft van het gebouw) werden initieel (bij de orpichting van het gebouw) ontworpen voor de huisvesting van de verschillende tientallen klerken van de bibliotheek. Voor het huidige beperkt aantal personeelsleden van de bib is deze ruimte veel te groot. Het is daarom aangewezen om deze ruimte te herbestemmen naar een publiek toegankelijke functie (bv. uitbreiding van de bibliotheekruimte op de eerste verdieping of meer polyvalente functie). PO adviseert om de circulatiezones in het ganse gebouw te conformeren aan de regelgeving m.b.t. brandveiligheid en integrale toegankelijkheid. Hiervoor zijn architecturale en bouwkundige ingrepen nodig. Techniek Verlichting De verlichtingsarmaturen die worden beschreven in het beschermingsdossier o.b.v. de motiveringsnota van 31 maart 2011 werden sindsdien vervangen door andere verlichtingsarmaturen, conform de huidige techniek en regelgeving i.v.m. werkplekverlichting enz. Verwarming De verwarmingsinstallatie is verouderd en dient vernieuwd/ vervangen of zelfs compleet herdacht te worden i.f.v. de huidige verwarmingstechnologie. Sanitair De sanitaire installatie dient aangepast te worden aan de nieuwe publieksfuncties (qua aantal) en aan de regelgeving rond integrale toegankelijkheid. Liften Het gebouw heeft nog zijn originele liften die niet langer voldoen aan de huidige normen qua techniek en toegankelijkheid. Deze liften zijn dringend aan revisie toe. Veiligheidssystemen Om te kunnen functioneren als een hedendaagse bibliotheek is het nodig dat installaties worden geplaatst voor de beveiliging van het gebouw (inbraakbeveiliging, brandbeveiligingsinstallatie) en voor de beveiliging van de aanwezige collectie (o.m. anti-diefstalpoortjes, enz.) PO adviseert om alle technische installaties te reviseren en te vernieuwen/ vervangen i.f.v. de huidige technologie en de huidige behoefte. Hiervoor zijn architecturale en bouwkundige ingrepen nodig. Energieprestaties en binnenklimaat De stad Antwerpen wil als bouwheer een voorbeeldfunctie vervullen inzake duurzaam bouwen, rationeel energiegebruik (REG) en het realiseren van een gezond binnenklimaat. De bescherming van het gebouw mag geen hypotheek leggen op deze REG-investeringen zoals het plaatsen van dubbele beglazing, het plaatsen van buitenzonwering, het plaatsen van binnenisolatie, het plaatsen van verbeterd buitenschrijnwerk, de integratie van hernieuwbare energie (bv. photovoltaïsche energie), enz. PO adviseert -ondanks de vrijstelling van epb-verplichtingen voor een beschermd gebouw- om maximaal te investeren in rationeel energiegebruik en om te streven naar een zo gezond mogelijk binnenklimaat. Deze investeringen impliceren architecturale en bouwkundige ingrepen. Huisvesting en functionaliteit Voor het district Deurne zal er in de toekomst een masterplan ‘Hart van Deurne’ opgemaakt worden. Verschillende publieksfuncties (bibliotheek, cultureel centrum, jeugdcentrum, enz.) kunnen samen gebracht worden in één gebouw: het UiThuis Deurne. De bib Couwelaar komt voor dit project in aanmerking. De stad volgt zo het advies van de Vlaamse Overheid (Onroerend Erfgoed) en erkent de sociaal-culturele waarde door ‘diverse vormen van cultuurbeleving’ te huisvesten in dit gebouw. De bescherming van het gebouw als monument beperkt echter zowel de organisatie van de huidige bibliotheek heel sterk, als ook de functionaliteit van het gebouw met het oog op de huisvesting van zgn. andere ‘vormen van cultuurbeleving’. De aanpassing van het interieur uit 1986 (herbestemming van conferentiezaal naar mediatheek) is een getuige van een eerdere functiewijziging waarbij de pivoterende scheidingswanden werden gesupprimeerd ten voordele van de nieuwe functie. PO adviseert om bij de reorganisatie van de bibliotheek en de herhuisvesting van andere functies in bib Couwelaar rekening te houden met het specifieke eisenprogramma van elke functie. De huisvesting van andere ‘vormen van cultuurbeleving’ zoals door Onroerend Erfgoed wordt gesuggereerd, maakt architecturale en bouwkundige ingrepen nodig. Conclusie De bescherming van de bibliotheek Couwelaar hypothekeert gedeeltelijk tot geheel de mogelijkheid om het gebouw in overeenstemming te brengen met de huidige regelgeving en normen m.b.t. bovengenoemde aandachtspunten (1. circulatie, integrale toegankelijkheid en brandveiligheid, 2. techniek, 3. energieprestaties en binnenklimaat, en 4. huisvesting en functionaliteit). Opgemaakt 9 september 2011 patrimoniumonderhoud Steven Fremault (PO/G/PB) Kristof De Greef (PO/G/HV)
Districtscollege Deurne, districtscollegebesluit van 5 september 2011, jaarnummer 3585 Gunstig advies

Beleidsdoelstellingen

BUBA - 21 Stadsontwikkeling - 12 Monumenten
Een aantrekkelijke stad, daar bouwt de groep stad Antwerpen samen aan

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college beslist kennis te nemen van het openbaar onderzoek naar aanleiding van de voorgenomen bescherming als monument van het bibliotheekgebouw Te Couwelaarlei 120.

Artikel 2

Het college beslist de voorgenomen bescherming van het gebouw voorwaardelijk gunstig te adviseren, maar vraagt dat in de toekomst zowel bouwkundige als infrastructurele aanpassingen aan de huidige regelgeving en normen mogelijk blijven in functie van de huidige of een nieuwe bestemming.

Artikel 3

Akkoord met bescherming van buitengevel en interieur. Maar de bescherming en de restauratie moet bekeken worden in het raam van een actuele herbestemming. Dit vereist specifieke, selectieve en gegradeerde beschermingsregels, met de mogelijkheid om de bescherming te heroverwegen en/of te nuanceren. Want zonder een tweede leven van het erfgoed (als gebouw en in zijn omgeving) zal het monument geen lang leven beschoren zijn. In het bijzonder wijst het college op de ambities om er een hedendaagse bibliotheek in te maken als op de uitvoering van het Masterplan Deurne.

Artikel 4

Dit besluit heeft in principe voor de stad geen financiële gevolgen.