Terug

2011_CBS_13437 - Kennisuitwisseling - Account stadsontwikkeling - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 14/10/2011 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Patrick Janssens, burgemeester; Robert Voorhamme, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Marc Van Peel, schepen; Luc Bungeneers, schepen; Guy Lauwers, schepen; Monica De Coninck, schepen; Leen Verbist, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Eddy Baelemans, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Patrick Janssens, burgemeester
2011_CBS_13437 - Kennisuitwisseling - Account stadsontwikkeling - Goedkeuring 2011_CBS_13437 - Kennisuitwisseling - Account stadsontwikkeling - Goedkeuring

Motivering

Aanleiding en context

De stad Antwerpen zet hard in op een kwalitatieve omgeving voor de Antwerpse gemeenschap van bewoners, gebruikers en bezoekers. De vruchten hiervan zijn duidelijk te aanschouwen wanneer je de stad bezoekt. Antwerpen heeft hiervoor dan ook reeds verschillende prijzen ontvangen. De ruchtbaarheid die hier aan gegeven wordt maakt dat de stad Antwerpen op gebied van stedelijke ontwikkeling aan respect en interesse wint in binnen- en buitenland. Bezoeken, lezingen, congressen, publicaties en dergelijke bieden zich aan en moeten op een coherente en professionele wijze opgevangen worden. 

Hierdoor krijgt binnen de stad ook de ambitie vorm om een geschikt aanbod te ontwikkelen dat afgestemd is enerzijds op een (internationaal) bezoekerspubliek, en anderzijds op een vakpubliek. 

Het thema van dit alles is stadsontwikkeling. Een domein dat niet eenvoudig is vast te pinnen op een enkele discipline zoals stedenbouw, architectuur of publieke ruimte maar dat deze ontwerpschalen integreert. Het start bij de goed aangelegde straat of het prachtige plein dat afgebakend wordt door interessante gebouwen. Gebouwen die mogelijk gemaakt zijn door een masterplan dat specifiek wordt gemaakt voor die bepaalde buurt. Een masterplan dat zich op zijn beurt verhoudt tot de langetermijnvisie op stadsontwikkeling zoals die in Antwerpen opgesteld is.  Er is een integratie van klein in groot en andersom. Stadsontwikkeling doorloopt zowel publieke ruimte, architectuur, als stedenbouw. Hierdoor komen verschillende diensten en partners van de stedelijke organisatie en van andere overheden of van private partijen in beeld. Stadsbreed dragen ze bij tot een kwaliteitsvolle leefomgeving.

Aanvragen voor bezoeken rond architectuur en stadsontwikkeling komen nu bij verschillende diensten en geledingen van de stad binnen. Ze worden zo correct mogelijk opgevolgd, maar het ontbreekt aan een volwaardige aanpak: 

  • soms blijven aanvragen liggen of gaan ze over en weer op zoek naar een geschikte aanspreekpersoon;
  • de aangeboden medewerking vanuit de stad kan sterk wisselen naargelang de aanspreekpersoon of andere toevallige omstandigheden;
  • over de doorverwijzing naar commerciële organisaties (voorbeeld Antwerpen Averechts, busbedrijven, catering, hotels) bestaan geen richtlijnen of aanbevelingen;
  • over de vergoeding van gebruik van stadslokalen, inzet van stadsmedewerkers, ...,  bestaan geen richtlijnen of aanbevelingen.
  • er bestaat geen overzicht van alle bestaande vakdocumentatie die aangeboden kan worden, noch een visie over de onderlinge afstemming van toekomstige vakdocumentatie (projectdocumenten, brochures, PPT-presentaties);
  • de samenwerking tussen in architectuur en stadsontwikkeling betrokken diensten (AG Stadsplanning, ruimtelijk beleid, openbaar domein, patrimoniumonderhoud, mobiliteit, AG VESPA, stadsbouwmeester, Woonhaven, Zorgbedrijf,…) is niet structureel opgezet, noch de samenwerking met de bedrijfseenheid marketing & communicatie en actieve stad, afdeling toerisme om het potentieel van bezoeken op te drijven;
  • de werklast voor diverse medewerkers is niet in overeenstemming met hun kerntaken.
  • 

Dit punt werd verdaagd in de collegezitting van 6 mei 2011 (jaarnummer 10071).
Dit punt werd verdaagd in de collegezitting van 9 september 2011 (jaarnummer 13437).

Argumentatie

Binnen de werkgroep die bestaat uit de strategisch coördinator, de verantwoordelijke voor de bedrijfseenheid actieve stad, afdeling toerisme en congres, de bedrijfsdirecteur van de bedrijfseenheid stadsontwikkeling, de directeur proces projectregie AG Stadsplanning en de stadsbouwmeester, is voorliggend besluit tot stand gekomen. 

1. WAT IS KENNISUITWISSELING?

Kennisuitwisselingsproducten zijn informatieproducten, documentaten en publicaties die in eerste instantie gericht zijn op een nationaal en/of internationaal vakpubliek. Het gaat hierbij om de voorbereiding, bewerking en vertaling van (bestaande) documentaten, toelichtingen, lezingen, presentaties, …

Kennisuitwisselingsactiviteiten zijn georganiseerde momenten waarop informatie wordt verstrekt en/of interactief gewerkt wordt rond stadsontwikkeling in Antwerpen met een nationaal en/of internationaal vakpubliek. Het gaat hierbij om de organisatie van, deelnames en bijdragen aan, alsook de zichtbaarheid op congressen, seminaries, workshops, tentoonstellingen, prijsuitreikingen, georganiseerde stadsbezoeken, lezingen…

Kennisuitwisseling is het actief vergaren en verstrekken van vakspecifieke kennis in een georganiseerde interactie met binnen- en buitenlandse vakpartners, ter bevordering van:

  • de uitwisseling van vakkennis over relevante thema’s en cases voor stadsontwikkeling;
  • het ter beschikking stellen van vakinhoudelijke informatie ter gelegenheid van congressen, seminaries, workshops, stadsbezoeken, …;
  • de profilering van de stad op gebied van stadsontwikkelingsprojecten en -ambities bij andere steden, vakverenigingen en –instituten;
  • de toename van het aantal artikels over stadsontwikkeling in Antwerpen in vakpublicaties;
  • het leggen en onderhouden van contacten met het oog op productieve samenwerkingen;
  • de interne doorstroom van opgedane kennis en expertise.

Kennisuitwisseling richt zich tot een vakpubliek. Het is evenwel zo dat diverse van de producten en activiteiten van kennisuitwisseling zo uitgewerkt zullen worden dat ze evenzeer geschikt zijn voor andere doelgroepen en aldus overlappend kunnen ingezet worden. De bedrijfseenheid actieve stad, afdeling toerisme zal deze in haar programma opnemen. Onder meer via het sectoroverleg van de bedrijfseenheid actieve stad, afdeling toerisme zullen deze producten en activiteiten bij de event-organisatoren verspreid en geactualiseerd worden. Op die manier wordt er gestreefd om het aantal stadsbezoeken rond architectuur en stadsontwikkeling door alle doelgroepen te verhogen.

2. DOELSTELLING

Dit besluit richt zich op het uitwerken van een aanpak voor de aanvragen van bezoeken rond architectuur en stadsontwikkeling die volgende doelstellingen kent:

  • coördinatie van de aanvragen bij één aanspreekpunt;
  • deskundige en consistente behandeling van de aanvragen;
  • stimulering van stadsbezoeken door differentiatie volgens doelgroepen;
  • maximale recuperatie van de kost door vergoeding voor inzet van de stad;
  • stadsbrede afstemming van het aanbod van producten en activiteiten op het vlak van kennisuitwisseling;
  • gestructureerde samenwerking tussen diverse stedelijke diensten en geledingen.

 3. WELKE DOELGROEPEN?

Er worden 5 categorieën bezoekers onderscheiden:

  • individuele bezoeker;
  • niet-georganiseerde groep;
  • groep brede interesse;
  • groep expert;
  • VIP.

Een gedeelte van het bezoekerspubliek is een vakpubliek. Dat verspreidt zich over de verschillende categorieën; de categorie “groep expert “ is volledig uit vakpubliek samengesteld. 

Vandaag wordt de stad vooral door nationale en internationale “groepen expert” aangesproken voor medewerking bij een bezoek over architectuur en stadsontwikkeling, onder meer:

  • andere overheden in binnen- en buitenland (Gent, Brussel, Rotterdam, Nantes, …);
  • vakopleidingen (Vlaamse, Brusselse, Nederlandse architectuurscholen, Parijs, Clermont-Ferrand, Oslo…);
  • vakorganisaties (publiek en privé) (VAi, EFAP, Benelux Architecture, EUROPAN, VRP, ISOCARP, Urban Land Institute);
  • organisatoren van vakbezoeken en –reizen (privé) (Antwerpen Averechts, Nederlandse firma’s,…).

Het is de ambitie om stadsbezoeken over architectuur en stadsontwikkeling niet alleen bij “groepen expert” maar bij alle onderscheiden doelgroepen te stimuleren door een betere ontvangst op maat aan te bieden. Door een slimme modulaire opzet zullen verschillende van de producten en activiteiten die ontwikkeld worden voor de ene doelgroep ook bruikbaar zijn voor een andere doelgroep. 

4. VOORSTEL VAN OPERATIONELE WERKING

4. 1. aanwerving van een account kennisuitwisseling (1 VTE)

  • één desk voor de aanvragen bezoeken vakpubliek;
  • organisatorische coördinatie door betrekken van alle geschikte partners en opvolging (“dispatching”);
  • inhoudelijke coördinatie door kwaliteitsvolle en geactualiseerde samenstelling van programma (“kwaliteitsbewaking”);
  • stadsbrede klemtoon door horizontale programmatie, samenwerking en inbedding.

Deze medewerker wordt aageworven boven op de globale personeelslijn van de bedrijfseenheid stadsontwikkeling , in de mate van het mogelijke gecompenseerd via de door het team van de stadsbouwmeester te maximaliseren inkomsten.

Binnen de bedrijven, die allen partner zijn in stadsontwikkeling, werden de volgende mogelijke opties voor het onderbrengen van de account onderzocht door de werkgroep:

  • de bedrijfseenheid actieve stad, afdeling toerisme en congres;
  • de bedrijfseenheid marketing & communicatie;
  • de bedrijfseenheid patrimoniumonderhoud;
  • AG VESPA;
  • Woonhaven, Zorgbedrijf;
  • de bedrijfseenheid stadsontwikkeling;
  • AG Stadsplanning;
  • stadsbouwmeester.

Het resultaat van dit onderzoek geeft de volgende mogelijkheden:

  • de bedrijfseenheden actieve stad, afdeling toerisme en congres en marketing & communicatie zijn geen vragende partij omwille van de nadruk op inhoudelijke aspecten in kennisuitwisseling; 
  • de bedrijfseenheid patrimoniumonderhoud, AG VESPA, Woonhaven, Zorgbedrijf: omwille van de gerichtheid op de uitvoering van architectuurprojecten niet voorgesteld. De kennisuitwisseling dient voldoende aandacht te schenken aan de integratie van projecten in de gehele visie op stadsontwikkeling van Antwerpen;
  • AG Stadsplanning, de bedrijfseenheid stadsontwikkeling: bij één van beide mogelijk mits die de garantie kan bieden om ten eerste over beide werkingsvelden van Stadsplanning en de bedrijfseenheid stadsontwikkeling heen te kunnen werken en ten tweede te kunnen verruimen buiten de schaal van stedenbouw naar de lopende architectuurprojecten bij de stad in haar verschillende geledingen (de bedrijfseenheid patrimoniumonderhoud, AG VESPA, Woonhaven, Zorgbedrijf) en de private partijen;
  • stadsbouwmeester: aangewezen omdat het team garant kan staan voor een stadsbrede nadruk en inhoudelijke kwaliteitsbewaking. Door de transversale werking en de aanwezigheid van alle disciplines architectuur, stedenbouw en publieke ruimte onderscheidt het team zich van andere diensten in de stad die een eigen nadruk op de ene of andere discipline hebben. Het team is op de hoogte van zowel projecten van de stad Antwerpen (via overleg met de verschillende bedrijfseenheden zoals de bedrijfseenheden patrimoniumonderhoud, stadsontwikkeling, cultuur, sport en jeugd, stads- en buurtonderhoud en de dochters zoals AG Stadsplanning, AG VESPA, Zorgbedrijf maar ook Woonhaven) als door private partijen (via vergunningverlening, gemeentelijke commissie ruimtelijke ordening, welstand). Vragen vanuit het vakpubliek voor elk van deze disciplines kunnen dus evenwaardig beantwoord of doorverwezen worden en dat betekent een troef voor zowel het stadsbrede perspectief als de inhoudelijke kwaliteit van de kennisuitwisseling. Overigens is het zo dat het team vandaag reeds voor sommige stadsbrede taken aangeduid is (aanspreekpunt VAi, coördinatie kandidaturen prijzen,..) die door de account dienen opgenomen te worden.

4. 2. opstart organisatorische coördinatie in samenwerking met de bedrijfseenheden actieve stad, afdeling toerisme en marketing & communicatie

  • uitwerken van een keuze-aanbod van formules, producten en activiteiten voor diverse doelgroepen;
  • uitwerken van een tarifering van inzet en ondersteuning door stad met differentiatie volgens soort aanvragen (bijvoorbeeld publiek; publiek via commerciële organisator; commercieel en dergelijke meer);
  • uitwerken van een aanpak voor uitbesteding aan event-organisatoren, catering, busvervoer,.. 

4. 3. opstart inhoudelijke coördinatie in samenwerking met (communicatie)medewerkers van de bedrijfseenheden stadsontwikkeling en patrimoniumonderhoud, AG Stadsplanning, stadsbouwmeester, AG VESPA, Woonhaven, Zorgbedrijf…

  • inventariseren en afstemmen van beschikbare documentatie;
  • opstarten van aanmaak van nieuwe stadsbreed geconcipieerde documentatie (voorbeeld bibliografie, reader van vakperspublicaties, architectuurgids, architectuurwandeling, overzichtspresentaties powerpoint,…).

 4. 4. invoeren van een overlegplatform onder leiding van het kabinet voor ruimtelijke ordening, sport en diamant

  • overleg over aanpak en stand van zaken van kennisuitwisseling met betrokken diensten en geledingen.

 4. 5. De operationele werking wordt na een periode van 1 jaar geëvalueerd.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college beslist om de account van kennisuitwisseling met betrekking tot het thema stadsontwikkeling onder te brengen bij het team van de stadsbouwmeester.

Artikel 2

Het college beslist dat deze VTE binnen stadsontwikkeling zal worden gecompenseerd.

Artikel 3

Het college geeft opdracht aan:

Dienst

Taak

PM

verhoging van de personeelslijn van de bedrijfseenheid stadsontwikkeling met 1 VTE op A1-niveau

SW, stadsbouwmeester

inschrijven van de inkomsten uit kennisuitwisseling in het budget 2012 ter compensatie van de verhoging van de personeelslijn van de bedrijfseenheid stadsontwikkeling

Artikel 4

Dit besluit heeft in principe voor de stad geen financiële gevolgen.