Terug

2011_CBS_10820 - Ambulante activiteiten openbare markten en openbaar domein. - Wijzigingen reglement - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
wo 01/06/2011 - 09:00 digitaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Patrick Janssens, burgemeester; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Marc Van Peel, schepen; Luc Bungeneers, schepen; Guy Lauwers, schepen; Monica De Coninck, schepen; Leen Verbist, schepen; Eddy Baelemans, korpschef; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Robert Voorhamme, schepen

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Patrick Janssens, burgemeester
2011_CBS_10820 - Ambulante activiteiten openbare markten en openbaar domein. - Wijzigingen reglement - Goedkeuring 2011_CBS_10820 - Ambulante activiteiten openbare markten en openbaar domein. - Wijzigingen reglement - Goedkeuring

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

Het Gemeentedecreet, meer bepaald artikel 42 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad: de gemeenteraad stelt de gemeentelijke reglementen vast.

Aanleiding en context

Op 17 september 2007 besliste de gemeenteraad om het “reglement met betrekking tot ambulante activiteiten op de openbare markten en op het openbaar domein” (jaarnummer 1874) goed te keuren. Het stedelijk marktreglement moest toen worden aangepast aan de nieuwe wet op de ambulante activiteiten en de organisatie van de openbare markten. Een actualisatie werd goedgekeurd door de gemeenteraad op 29 maart 2010 (jaarnummer 397).

Ondertussen dringt zich een nieuwe beperkte actualisatie op. Een aantal beslissingen van districtsbesturen moeten verwerkt worden in het marktreglement. Daarnaast zijn een aantal artikels duidelijker te formuleren zodat ze niet voor verwarring kunnen zorgen.

In het kader van de decentralisatie hebben de 9 districten advies verleend voor de wijziging van dit reglement.

Argumentatie

In de eerste plaats worden met deze actualisatie enkele reeds genomen beslissingen verwerkt in het marktreglement:

  • het college heeft op 10 december 2010 beslist (jaarnummer 15406) om in de zomer de Vogelenmarkt een uur langer te organiseren (aanpassing artikel 1 §1);
  • het district Antwerpen heeft op 31 mei 2010 beslist (jaarnummer 2365) om een biomarkt te houden op het Falconplein (aanpassing artikel 1 §1);
  • de lijst van straten waar ambulante handel verboden is, werd inmiddels door de gemeenteraad aangepast in de politiecodex, maar nog niet in het marktreglement. Meer bepaald werd de omgeving van het MAS toegevoegd als zone met leurverbod (aanpassing artikel 25).

Daarnaast moeten een aantal artikels worden herschreven zodat geen verwarring meer mogelijk is omtrent de interpretatie ervan:

  • in artikel 2 §2 wordt de mogelijkheid opgenomen dat een markthandelaar een diepere kavel kan aanvragen aan het bevoegde (districts)college. De formulering van dit artikel is voor sommige markthandelaars onduidelijk omdat het hier om de diepte van de kavel gaat en niet om de lengte. Een extra verduidelijking over de lengte wordt daarom in het artikel opgenomen.
  • artikel 5.1 §2 geeft 2 manieren aan voor markthandelaars om zich kandidaat te stellen voor een vacante standplaats. Om eenvormigheid en een leesbaardere tekst te verkrijgen, moeten punten a) en b) uit artikel 5.1 §2 op elkaar afgestemd worden in die zin dat de formulering “minstens volgende gegevens en documenten” in beide punten moet worden opgenomen.
  • zowel in de politiecodex als in het marktreglement staat de lijst van straten waar een leurverbod geldt. Er bleek verwarring te bestaan over de leurverbodszone “op minder dan 100 meter afstand van openbare markten en foren”, vooral wat betreft de markten. Daarom wordt artikel 25 van het marktreglement herschreven met de nadruk op de openbare marktlocaties.
  • zowel in de politiecodex als in het marktreglement staat de lijst van straten waar een leurverbod geldt. Deze lijst werd opgenomen om onder andere de organisatie van evenementen niet in het gedrang te brengen. Door de formulering van dit artikel is het voor sommige ambulante handelaars niet duidelijk dat er ook geen ambulante handel uitgeoefend kan worden in de buurt van evenementen. Een extra opsomming omtrent evenementen wordt daarom in het artikel opgenomen.

Verder zijn er nog organisatorische wijzigingen nodig die ervoor moeten zorgen dat de geest van de wet op ambulante handel beter gevolgd wordt:

  • de wet op ambulante handel regelt de modaliteiten voor de overdracht van een standplaats. Deze worden overgenomen in artikel 14 van het marktreglement. Om ervoor te zorgen dat deze wettelijke bepalingen niet uitgehold worden, moet in artikel 2 §4 (waarin de mogelijkheid geboden wordt aan de markthandelaar om een aanvraag in te dienen tot wijziging van productcategorie) een minimumtermijn bepaald worden tussen het moment van overdracht en het moment waarop een wijziging tot productcategorie mag worden ingediend. Het voorstel is om die termijn op 2 jaar te zetten zodat geen misbruik kan worden gemaakt van de overdrachtsregels.
  • in het marktreglement zijn er nu al maatregelen opgenomen voor markthandelaars met een vaste standplaats die hun facturen niet betalen. Nu ook markthandelaars met een losse standplaats met factuur kunnen betalen, stellen we vast dat deze facturen niet altijd betaald worden. Om dit tegen te gaan, kan in artikel 4 (over de toewijzingsregels voor losse standplaatsen) als extra toewijzingsvoorwaarde worden opgenomen dat een losse standplaats enkel kan worden toegewezen aan markthandelaars die hun facturen voor alle Antwerpse markten hebben betaald. De afdeling ambulante handel van de Federale Overheidsdienst Economie bevestigt dat dit een wettelijk toegestane toevoeging is.
  • om ervoor te zorgen dat de zones met leurverbod niet te eng worden geïnterpreteerd (bijvoorbeeld net om de hoek van een straat met leurverbod een aanvraag doen), wordt artikel 25 uitgebreid: het leurverbod geldt vanaf nu ook expliciet tot 100 meter in aanpalende straten. Zo wordt vermeden dat aanvragen voor ambulante handel worden gedaan voor een locatie die bijvoorbeeld net om de hoek ligt van een straat waar een leurverbod geldt.

Tot slot is het belangrijk een onderscheid te maken tussen het marktreglement (waarin de wet ambulante handel vertaald is) en de politiecodex waarin artikels staan die handelen over veiligheid, openbare orde, hygiëne,… Er zijn immers verschillende soorten sancties van kracht op beide documenten. Op dit moment staat in artikel 4 van het marktreglement nog vermeld dat abonnementsstandplaatsen ingenomen moeten worden een half uur na het officiële openingsuur van de markt. Aangezien verwijzingen rond openingsuren, sluitingstijden en dergelijke in de politiecodex opgenomen moeten worden, zal deze zin uit artikel 4 geschrapt worden.

Juridische grond

Volgende wetten en decreten zijn van toepassing:

  • de wet van 25 juni 1993 betreffende de uitoefening en de organisatie van ambulante en kermisactiviteiten, gewijzigd bij wet van 4 juli 2005 en bij wet van 20 juli 2006, meer bepaald de artikelen 8 tot en met 10. Volgens artikel 8§1 van voornoemde gewijzigde wet wordt de organisatie van ambulante en kermisactiviteiten op de openbare markten en kermissen geregeld bij gemeentelijk reglement. Volgens artikel 9§1 van voornoemde gewijzigde wet wordt de organisatie van ambulante en kermisactiviteiten op het openbaar domein buiten de openbare markten en kermissen geregeld bij gemeentelijk reglement; wet van 22 december 2009 tot aanpassing van sommige wetgevingen aan de Richtlijn 2006/123/EG van het Europees Parlement en de Raad betreffende diensten op de interne markt die de artikelen 9 §4 en 10bis van de wet van 25 juni 1993 wijzigt door de criteria op basis van het bestaande commercieel- of kermisaanbod te schrappen;
  • het Koninklijk Besluit van 24 september 2006 betreffende de uitoefening en organisatie van ambulante activiteiten, meer bepaald de artikelen 23 tot en met 44.
  • richtlijn 2006/123/EG van het Europees parlement en de Raad van 12 december 2006 betreffende diensten op de interne markt.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen legt het volgende voor aan de gemeenteraad:

Artikel 1

De gemeenteraad keurt volgend reglement goed:

 

AFDELING 1: organisatie van ambulante activiteiten op de openbare markten

 

Opmerking: Als in deze afdeling van dit reglement verwezen wordt naar “het college”, wordt daarmee bedoeld:

  • voor wat betreft de bovenlokale markten: het college van burgemeester en schepenen;
  • voor wat betreft de lokale markten: het districtscollege van het district waar de markt plaatsheeft.

Artikel 1: gegevens van openbare markten (wet art. 8§2)

 

§1 De gemeente richt op het openbaar domein volgende markten in:

a/Gemengde markten

district Antwerpen: bovenlokale markten

dag

plaats

van

tot

zaterdag

Oudevaartplaats en omgeving

8 uur

16 uur

zondag

Oudevaartplaats en omgeving

8 uur

13 uur (tot 14 uur in de zomertijd)

 

district Antwerpen: lokale markten

dag

plaats

van

tot

woensdag

Sint-Jansplein

8 uur

13 uur

vrijdag

Sint-Jansplein

8 uur

13 uur

donderdag

Dageraadplaats

8 uur

13 uur

donderdag

Linkeroever (Frederik Van Eedenplein)

8 uur

13 uur

donderdag

Luchtbal (Canadalaan)

8 uur

13 uur

vrijdag

Desguinlei

11.30 uur

16.30 uur

 

district Berchem: lokale markten

dag

plaats

van

tot

dinsdag

Filip Williotstraat

8 uur

13 uur

donderdag

De Villegasstraat

8 uur

13 uur

vrijdag

Zillebekelaan

8 uur

13 uur

zaterdag

De Villegasstraat

8 uur

13 uur

 

district Berendrecht-Zandvliet-Lillo: lokale markten

dag

plaats

van

tot

vrijdag

Botermarkt

8 uur

13 uur

 

district Borgerhout: lokale markten

dag

plaats

van

tot

woensdag

Gitschotellei

8 uur

13 uur

vrijdag

Laar

8 uur

13 uur

 

district Deurne: lokale markten

dag

plaats

van

tot

maandag

Arenaplein

8 uur

13 uur

donderdag

Lakborslei

8 uur

13 uur

zaterdag

Wim Saerensplein

8 uur

13 uur

 

district Ekeren: lokale markten

dag

plaats

van

tot

woensdag

Driehoekstraat

8 uur

13 uur

 

district Hoboken: lokale markten

dag

plaats

van

tot

maandag

Kioskplaats

8 uur

13 uur

 

district Merksem: lokale markten

dag

plaats

van

tot

dinsdag

Sint-Franciscusplein en omgeving

8 uur

13 uur

 

district Wilrijk: lokale markten

dag

plaats

van

tot

dinsdag

Bist

8 uur

13 uur

vrijdag

Michel Willemsplein

8 uur

13 uur

 

b/Markten voor klein antiek

district Antwerpen: lokale markten

dag

plaats

van

tot

zaterdag

Lijnwaadmarkt

9 uur

17 uur

zondag

Sint-Jansvliet

9 uur

17 uur

 

c/Bloemenmarkt

district Antwerpen: bovenlokale markten

dag

plaats

van

tot

alle dagen

Groenplaats

8 uur

19 uur

 

d/Markt met uitsluitend voeding

district Hoboken: lokale markten

dag

plaats

van

tot

zaterdag

Kioskplaats

8 uur

13 uur

 

e/Biomarkt

district Antwerpen: lokale markten

dag

plaats

van

tot

zondag

Falconplein

8 uur

16 uur

 

Het college kan beslissen om de plaats, de dag en het uur van de markt te bepalen of te wijzigen. Zulk besluit wordt achteraf door de gemeenteraad bevestigd.

 

§2 Het college kan (een) markt(en) uitzonderlijk op een andere plaats houden, ze naar een andere dag verschuiven, ze afgelasten of de aanvangs- en sluitingsuren wijzigen.

 

§3 Op 1 januari, paaszondag, paasmaandag, Hemelvaartsdag, pinksterzondag, pinkstermaandag, 1 mei, 21 juli, 15 augustus, 1 en 11 november en 25 december mogen alleen worden gehouden:

a/markten voor bloemen, sierplanten en zaden;

b/de zondagse markt van de Oudevaartplaats en omgeving voor zover deze feestdagen met een zondag samenvallen.

 

§4 Het college bepaalt het plan van de standplaatsen en maakt het bekend.

 

§5 De bloemenmarkt op de Groenplaats gaat dagelijks door, behalve op de dagen waarop er manifestaties doorgaan die door het college of via een toelating van de burgemeester goedgekeurd zijn, waarbij de bloemenmarkt voor hinder zou zorgen . De betrokken marktkramers worden hiervan tijdig in kennis gesteld.

 

Artikel 2: voorwaarden inzake toewijzing standplaatsen (wet art. 8§2, art. 10§1 en KB art. 25)

§1 Een standplaats op de openbare markt kan enkel worden toegewezen aan:

a/de natuurlijke personen die voor eigen rekening een ambulante activiteit uitoefenen en die dus houder zijn van een “machtiging als werkgever”;

b/rechtspersonen die een ambulante activiteit uitoefenen. De standplaatsen worden toegekend door tussenkomst van een persoon, verantwoordelijk voor het dagelijks bestuur van de vennootschap, die houder is van de “machtiging als werkgever”.

De standplaatsen kunnen occasioneel ook worden toegewezen aan de verantwoordelijken van verkoopsacties zonder commercieel karakter, hiervoor toegelaten overeenkomstig artikel 7 van voornoemd KB van 24/09/2006.

§2 Op iedere markt worden standplaatsen voorzien van drie meter lengte op drie meter diepte. Standplaatsen ingenomen door losse marktkramers, blijven omwille van de veiligheid altijd die afmetingen behouden. Voor vaste standplaatsen geldt echter: waar er extra ruimte achter de standplaats voorhanden is, kan de abonnementshouder wiens standplaats aan de extra ruimte grenst, een aanvraag richten aan het college voor het innemen van (een deel van) de extra ruimte. Indien het college de aanvraag goedkeurt, mag de marktkramer de extra ruimte innemen. De toelating is op naam en niet overdraagbaar. De extra ruimte wordt toegekend en aangerekend per begonnen extra meter in de diepte en over de volledige lengte van de kavel. Het bedrag van de aangerekende meters moet vóór de inname betaald zijn.

§3 Een standplaats voor standwerkers is maximum een combinatie van twee aanpalende standplaatsen waarvan de centraal opgebouwde stand maximum vier meter bedraagt en waarop slechts één product/dienst wordt voorgesteld en verkocht.

§4 Een standplaats wordt steeds toegewezen voor de verkoop van één welbepaald product of één welbepaalde dienst. Voor abonnementsplaatsen wordt dit product of die dienst vermeld in de toewijzingsbrief. Een marktkramer op een losse standplaats kan per markt voor die dag maar één welbepaald product of welbepaalde dienst tegelijk verkopen. Wanneer een markthandelaar met abonnementsplaats(en) op een bepaalde markt een ander product/dienst wil verkopen dan hetgeen vermeld staat in zijn oorspronkelijke toewijzingsbrief, moet hij/zij dit aanvragen bij het Bedrijvenloket. Het veranderen van product/dienst kan ten vroegste 2 jaar na een overdracht worden aangevraagd. Het college beslist of hij/zij het vast exploitatierecht op die markt behoudt, maar dan voor het nieuwe product/dienst (hij/zij krijgt hiervoor een nieuwe toewijzingsbrief). Het veranderen van product/dienst kan aanleiding geven tot een herplaatsing van de betrokken marktkramer.

§5 Om de diversiteit van het aanbod te waarborgen is het aantal standplaatsen per onderneming en per markt beperkt tot vier aanpalende standplaatsen. Het college kan hiervan afwijken door het aantal standplaatsen per onderneming en per markt te beperken tot maximaal zes aanpalende standplaatsen. Indien er op de marktdag zelf vóór de loting vlak naast de eigen abonnementsplaatsen nog abonnementsplaatsen vrij liggen, mag de abonnementshouder bijkomende standplaatsen vragen aan de marktleider en innemen na goedkeuring van de marktleider. Als er na de loting en de toewijzing van de losse standplaatsen nog losse standplaatsen vrij liggen, mag eender welke markthandelaar bijkomende standplaatsen vragen aan de marktleider en innemen na goedkeuring van de marktleider. Voor alle bijkomende standplaatsen moet de retributie ter plaatse betaald worden tegen afgifte van een ontvangstbewijs.

§6 Het college kan voor elke markt het aantal toegelaten plaatsen voor een bepaalde productcategorie beperken. Dit kan enkel om redenen van bescherming van de openbare orde, openbare veiligheid, volksgezondheid of milieu en moet voldoende gemotiveerd worden. In elk geval mogen markthandelaars met gasinstallaties of risicovolle verwarmingsinstallaties om veiligheidsredenen niet deelnemen aan de loting: zij kunnen dus geen losse standplaats innemen.

§7 Een markthandelaar moet behoorlijk gedekt zijn door verzekeringspolissen inzake burgerlijke aansprakelijkheid en tegen brandrisico’s. Het college kan steeds de voorlegging eisen van de polissen en van het bewijs dat de premie betaald werd.

  

Artikel 3: verhouding abonnementen – losse standplaatsen (KB art. 24§1)

De standplaatsen op de openbare markt worden toegewezen:

a/hetzij per abonnement (dit zijn de abonnementsplaatsen of vaste standplaatsen; maximum 95% van het totale aantal standplaatsen);

b/hetzij van dag tot dag (dit zijn de losse standplaatsen; minimum 5% van het totaal aantal standplaatsen).

Bij de standplaatsen die per abonnement worden toegewezen, wordt voorrang gegeven aan de standwerkers tot 5% van het totaal aantal standplaatsen op de markt.

 

Artikel 4: toewijzingsregels losse standplaatsen (KB art. 27)

De toewijzing van losse standplaatsen gebeurt bij loting op het marktterrein op de marktdag zelf. De houder van de machtiging als werkgever moet bij de toewijzing van de standplaats persoonlijk aanwezig zijn. De aanvrager voor een losse standplaats moet bovendien kunnen aantonen dat alle openstaande, vervallen en niet-betwiste stedelijke facturen en aanslagbiljetten, die betrekking hebben op de aanvrager en verband houden met alle Antwerpse markten, vereffend zijn.

Losse standplaatsen worden toegewezen vanaf het uur dat de abonnementsstandplaatsen moeten zijn ingenomen. 

 

Artikel 5: toewijzingsregels per abonnement op de openbare markten

5.1 Vacature en kandidatuurstelling standplaats per abonnement (KB art. 28 en 30)

§1 Wanneer een standplaats die per abonnement toegewezen wordt, vrijkomt, zal deze vacature bekend worden gemaakt door publicatie van een kennisgeving onder andere op de stedelijke website. Bovendien zal de vacature ter inzage liggen bij het Bedrijvenloket. De kandidaturen kunnen worden ingediend na een melding van vacature (binnen de termijn voorzien in de kennisgeving van de vacature) of op elk ander tijdstip.

§2 De aanvrager kan zijn kandidatuur ofwel schriftelijk indienen ofwel door zich persoonlijk aan te bieden bij het Bedrijvenloket van de stad Antwerpen. In elk geval moet de aanvrager een inschrijvingsrecht betalen, waarvan het bedrag vastgesteld is in het retributiereglement over markttarieven. De aanvrager moet bovendien kunnen aantonen dat alle openstaande, vervallen en niet-betwiste stedelijke facturen en aanslagbiljetten, die betrekking hebben op de aanvrager en verband houden met die specifieke vacature, vereffend zijn.

a/ Kandidaturen kunnen worden ingediend tegen ontvangstbewijs via een ter post aangetekend schrijven of op een duurzame drager. In de kandidatuur moet de aanvrager bewijzen dat voldaan werd aan de wettelijke en reglementaire voorschriften. De aanvraag bevat minstens volgende gegevens en documenten:

  • naam en adres van de aanvrager en/of van de firma;
  • aard van de aangeboden producten of diensten;
  • eventueel de hoedanigheid van standwerker;
  • het aantal gewenste standplaatsen en de gewenste markt(en);
  • een voor eensluidend verklaard afschrift van de machtiging als werkgever;
  • bewijs van betaling van het inschrijvingsrecht.

Nadat alle gegevens en documenten in het bezit van het stadsbestuur zijn, wordt de kandidatuur ingebracht in het register van de kandidaturen en wordt een genummerd, gedagtekend en ondertekend inschrijvingsbewijs afgeleverd.

b/ Een aanvrager kan zijn kandidatuur voor het bekomen van een abonnementsplaats ook indienen door zich persoonlijk aan te bieden bij het Bedrijvenloket van de stad en daar minstens volgende gegevens en documenten te tonen:

  • naam en adres van de aanvrager en/of van de firma;
  • aard van de aangeboden producten of diensten;
  • eventueel de hoedanigheid van standwerker;
  • het aantal gewenste standplaatsen en de gewenste markt(en);
  • de machtiging als werkgever.

Na betaling van het inschrijvingsrecht, wordt de kandidatuur onmiddellijk in het register van de kandidaturen ingebracht en wordt er een genummerd, gedagtekend en ondertekend inschrijvingsbewijs afgeleverd.

§3 Kandidaturen die niet worden ingediend volgens voorgaande voorschriften, zijn niet geldig en worden niet in aanmerking genomen.

 

5.2 Register van de kandidaturen (KB art. 31)

Alle kandidaturen worden naargelang hun ontvangst (chronologisch) bijgehouden in een register. Overeenkomstig het decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur kan dit register steeds worden geraadpleegd.

De kandidaturen blijven geldig voor een periode van één jaar of tot ze worden ingetrokken door hun aanvrager. (KB art. 31).

Elke kandidatuur vervalt indien:

a/de toegekende abonnementsplaats niet wordt ingenomen binnen een maand nadat de toewijzingsbrief is verstuurd;

b/de toegekende abonnementsplaats wordt geweigerd;

c/binnen het jaar geen abonnementsplaats kan worden toegekend, tenzij de aanvraag binnen de maand na de vervaldag wordt hernieuwd.

 

5.3 Volgorde van toekenning van de standplaatsen (KB art. 29 en 31)

Rekening houdend met een eventuele specialisatie wordt volgende voorrangsregel gehanteerd tussen onderstaande categorieën:

1 standwerkers voor zover ze 5 % van het totaal aantal standplaatsen niet bereiken;

2 personen die een uitbreiding van hun standplaats vragen;

3 personen die een wijziging van standplaats vragen, inclusief onderlinge ruiling. Aan het ruilingsverzoek wordt enkel gevolg gegeven als het vermoeden van misbruik (bijvoorbeeld omzeiling van de overdrachtregels kan worden uitgesloten);

4  personen die na een vooropzeg (door de stad) van een jaar hun standplaats verloren als gevolg van een definitieve opheffing van de markt of een deel van de standplaatsen en die een nieuwe standplaats aanvragen op dezelfde marktdag;

5 externe kandidaten.

 

De standplaatsen per abonnement worden binnen elke categorie toegewezen volgens chronologische volgorde van indiening van de aanvragen.

 

Wanneer twee of meerdere aanvragen behorend tot dezelfde categorie tezelfdertijd ingediend worden, wordt volgende voorrangsregels gehanteerd:

  • voorrang wordt gegeven (uitgezonderd de categorie externe kandidaten) aan de aanvrager die de hoogste anciënniteit op de markten van de gemeente heeft; wanneer de anciënniteit niet kan vergeleken worden, wordt de voorrang bepaald bij loting;
  • voor de externe kandidaten wordt de voorrang bepaald bij loting.

 

5.4 Bekendmaking van de toewijzing van de standplaatsen (KB art. 33)

 

De toewijzing van een abonnementsplaats wordt bekend gemaakt aan de aanvrager

a/ofwel bij een ter post aangetekend schrijven met ontvangstbewijs;

b/ofwel door overhandiging van een brief tegen ontvangstbewijs;

c/ofwel bij elektronische post met ontvangstbewijs.

 

5.5 Het register van de standplaatsen toegewezen per abonnement (KB art. 34)

 

Er wordt een plan of register bijgehouden waarin voor elke abonnementplaats vermeld staat:

  • de naam, voornaam, het adres van de persoon aan wie of door wiens tussenkomst de standplaats werd toegekend;
  • eventueel de handelsnaam van de rechtspersoon aan wie de standplaats toegekend werd en het adres van de maatschappelijke zetel;
  • het ondernemingsnummer;
  • de producten en/of diensten (inclusief de seizoensgebonden) die te koop aangeboden worden;
  • de duur van het gebruiksrecht van de standplaats;
  • eventueel de hoedanigheid van standwerker;
  • de datum van de toewijzing van de standplaats;
  • eventueel de naam van de overlater.

 

Overeenkomstig het decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur kan dit register steeds worden geraadpleegd.

 

Artikel 6: identificatievereiste bij uitoefenen ambulante activiteiten op openbare markt (KB art 21)

 

Elke persoon die een ambulante activiteit uitoefent op de openbare markt, dient zich te identificeren aan de hand van een leesbaar uithangbord, zichtbaar geplaatst op het kraam of het voertuig, indien hij de activiteit aan het kraam of het voertuig uitoefent. Het bord moet eveneens door de aangestelden worden aangebracht wanneer deze alleen werken.

Het bord vermeldt volgende vermeldingen:

a/hetzij de naam, voornaam van de persoon die een ambulante activiteit uitoefent als natuurlijk persoon voor eigen rekening of voor wiens rekening of in wiens dienst de activiteit wordt uitgeoefend, hetzij de naam, voornaam van de persoon die het dagelijks bestuur binnen een rechtspersoon waarneemt of voor wiens rekening of in wiens dienst de activiteit wordt uitgeoefend;

b/de firmanaam en/of de benaming van de onderneming;

c/al naargelang het geval, de gemeente van haar maatschappelijke zetel of van de uitbatingszetel en, indien de onderneming niet in België gelegen is, het land en de gemeente waar deze zich bevindt;

d/het inschrijvingsnummer in de Kruispuntbank van Ondernemingen (of een identificatie die deze vervangt indien het om een buitenlands bedrijf gaat).

 

Artikel 7: duur van het abonnement (KB art. 32)

 

De abonnementen worden toegekend voor de duur van 12 maanden. Na verloop van deze termijn worden zij stilzwijgend verlengd, behoudens anders bepaald door de aanvrager (cf. artikel 8 en 9 van onderhavig marktreglement) en behoudens schorsing en opzegging zoals bepaald in artikel 10 van dit marktreglement.

 

Artikel 8: opschorting abonnement (KB art. 32)

 

De houder van een abonnement kan het abonnement opschorten voor een voorziene periode van ten minste een maand wanneer hij ongeschikt is zijn activiteit uit te oefenen:

  • door ziekte of ongeval op grond van een medisch attest;
  • door overmacht op een verantwoorde wijze aangetoond.

De opschorting gaat in de dag waarop de gemeente op de hoogte gebracht wordt van de ongeschiktheid en houdt op ten laatste vijf dagen na de melding van het hernemen van de activiteiten. Na afloop van de opschorting krijgt de geabonneerde zijn standplaats terug.

De opschorting impliceert de opschorting van de wederzijdse verplichtingen die uit de overeenkomst voorkomen.

 

Een aanvragen van opschorting en herneming van een abonnement wordt betekend:

  • hetzij bij per post aangetekend schrijven met ontvangstbewijs;
  • hetzij bij overhandiging tegen ontvangstbewijs;
  • hetzij op een duurzame drager (fax, e-mail) tegen ontvangstbewijs.

 

Gedurende de periode van opschorting kan de standplaats worden toegewezen als losse standplaats.

 

Artikel 9: afstand van het abonnement (KB art. 32)

 

De houder van een abonnement kan afstand doen van het abonnement:

  • bij de vervaldag van het abonnement mits een opzegtermijn van ten minste 30 dagen;
  • bij stopzetting van de ambulante activiteiten mits een opzegtermijn van ten minste 30 dagen;
  • indien hij definitief ongeschikt is om zijn activiteit uit te oefenen omwille van redenen vermeld in artikel 8 van dit reglement. In dit geval is geen vooropzeg nodig;
  • op ieder ogenblik mits een opzegtermijn van ten minste 30 dagen.

 

De rechthebbenden van de natuurlijke persoon die voor eigen rekening zijn activiteit uitoefent, kunnen bij zijn overlijden zonder vooropzeg afstand doen van het abonnement waarvan hij de houder was.

 

Een aanvragen om afstand te doen van een abonnement wordt betekend:

  • hetzij bij per post aangetekend schrijven met ontvangstbewijs;
  • hetzij bij overhandiging tegen ontvangstbewijs;
  • hetzij op een duurzame drager (fax, e-mail) tegen ontvangstbewijs.

 

Artikel 10: schorsing en opzegging van abonnement (KB art. 32 laatste lid)

 

§1 Het abonnement kan door het college zonder enig recht op schadevergoeding worden geschorst of opgezegd in volgende gevallen:

  • bij niet-betaling of niet-tijdige betaling van het abonnementsgeld, 45 dagen na vervaldatum (de onbetaalde standplaatsen worden per markt als ondeelbaar beschouwd);
  • bij afwezigheid gedurende vier opeenvolgende weken zonder de marktleider vooraf of tijdens de eerste week van afwezigheid ervan op de hoogte te stellen;
  • bij overdracht van een standplaats aan een derde zonder te voldoen aan voorwaarden bepaald in artikel 14 van onderhavig gemeentelijk reglement;
  • wanneer andere producten of diensten verkocht worden dan diegene vermeld op het abonnement.

 

§2 Het abonnement kan eveneens door het college zonder enig recht op schadevergoeding worden geschorst of opgezegd in volgende gevallen:

  • bij werken aan openbare of privégebouwen;
  • bij werken van openbaar nut.

 

§3 De beslissing tot schorsing of opzegging wordt betekend bij een ter post aangetekend schrijven met ontvangstbewijs of op een duurzame drager tegen ontvangstbewijs.

 

§4 In de gevallen vermeld in artikel 10, §1 geldt het volgende:

 

1° Het college spreekt de volgende schorsing uit:

  • bij een eerste schorsing: het abonnement wordt geschorst gedurende 2 weken voor de markt of de markten waarop de feiten die tot schorsing aanleiding geven, betrekking hebben 
  • bij een tweede schorsing: het abonnement wordt geschorst gedurende 1 maand voor de markt of de markten waarop de feiten die tot schorsing aanleiding geven, betrekking hebben
  • bij een derde schorsing: het abonnement wordt geschorst gedurende drie maanden voor de markt of de markten waarop de feiten die tot schorsing aanleiding geven, betrekking hebben.

 

2° Tijdens de periode van de schorsing mag de marktkramer wiens abonnement werd geschorst, geen marktactiviteiten uitoefenen op de markt of de markten waarop de feiten die tot schorsing aanleiding geven, betrekking hebben (de marktkramer mag dus ook niet aan de loting deelnemen).

 

3° Het college kan in uitzonderlijke gevallen naast de schorsing van het abonnement ook het verbod uitspreken tot deelname aan de loting van een markt, enkele markten of van alle markten van het district of van de stad. Dergelijk verbod moet telkens individueel worden gemotiveerd.

 

Artikel 11: vooropzeg vanuit de gemeente (wet art.8§2)

 

Wanneer de markt of een deel van de standplaatsen definitief wordt opgeheven, geldt een termijn van vooropzeg aan de houders van een abonnementsplaats van één jaar.

 

Artikel 12: seizoensgebonden ambulante activiteiten (KB art. 37)

 

Een seizoensgebonden activiteit is in het algemeen een activiteit die betrekking heeft op producten of diensten die wegens hun aard of traditie slechts gedurende een periode van het jaar verkocht worden.

 

De abonnementen die toegekend worden voor de verkoop van seizoensgebonden activiteiten, worden geschorst gedurende de periode van non-activiteit. Gedurende de periode van non-activiteit kunnen deze standplaatsen worden toegewezen als losse standplaatsen.

 

Artikel 13: inname standplaatsen (KB art. 26)

 

§1 De standplaatsen op de openbare markt kunnen mits betaling van het standgeld worden ingenomen door:

a/

1) de natuurlijke persoon, houder van een machtiging als werkgever, die voor eigen rekening een ambulante activiteit uitoefent, aan wie een standplaats is toegewezen;

2) de verantwoordelijke voor het dagelijks bestuur van een rechtspersoon aan wie de standplaats is toegewezen, houder van een machtiging als werkgever;

b/ de feitelijke venno(o)t(en) van de natuurlijke persoon aan wie de standplaats werd toegewezen, houder van een machtiging als werkgever voor de uitoefening van een ambulante activiteit voor eigen rekening;

c/ de echtgenoot of echtgenote en wettelijk samenwonende van de natuurlijke persoon aan wie de standplaats werd toegewezen, houder van een machtiging als werkgever voor de uitoefening van een ambulante activiteit voor eigen rekening;

d/ de standwerker, houder van een machtiging als werkgever aan wie het tijdelijk gebruikrecht van de standplaats werd onderverhuurd, overeenkomstig de bepalingen van artikel 36 van voornoemd KB van 24 september 2006 alsook aan de standwerker, houder van een machtiging als aangestelde A en B voor de uitoefening van een ambulante activiteit voor rekening of in dienst van de persoon aan wie de standplaats werd toegewezen of onderverhuurd;

e/ door de personen die beschikken over een machtiging als aangestelde A of een machtiging als aangestelde B, die een ambulante activiteit uitoefenen voor rekening of in dienst van de natuurlijke persoon of rechtspersoon bedoeld in a/ tot c/;

f/ de personen die verkopen realiseren zonder commercieel karakter binnen het kader van de acties bedoeld in artikel 7 van voornoemd KB van 24 september 2006. Zij kunnen een standplaats innemen die toegewezen werd aan de verantwoordelijke van de actie. Desgevallend kunnen zij deze innemen buiten de aanwezigheid van deze.

 

De personen opgesomd in a/ 2) tot e/ kunnen de standplaatsen innemen, toegewezen of onderverhuurd aan de natuurlijke persoon of rechtspersoon voor wiens rekening of in wiens dienst zij de activiteit uitoefenen, buiten de aanwezigheid van de persoon aan wie of door middel van wie de standplaats werd toegewezen of onderverhuurd.

 

§2 De markthandelaar mag geen vergoeding of voordeel aanbieden, geven of aanvaarden voor het ruilen of tijdelijk innemen van een vrije standplaats.

 

Artikel 14: overdracht standplaats (KB art. 35)

 

§1 De overdracht van een standplaats is toegelaten onder volgende voorwaarden:

1° wanneer de houder van de standplaatsen overlijdt of wanneer hij zijn ambulante activiteiten als natuurlijk persoon stopzet of wanneer de rechtspersoon haar ambulante activiteiten stopzet. Bij stopzetting bezorgt de overlater of zijn rechthebbenden een document als bewijs van schrapping van zijn ambulante activiteit in de Kruispuntbank van Ondernemingen.

2° tegelijk moet(en) de overnemer(s) houder(s) zijn van machtiging als werkgever en de specialisatie van de overlater voortzetten op elke overgedragen standplaats.

3° de houder van de machtiging als werkgever die de standplaats(en) overneemt, mag door de overname over niet meer dan vier standplaatsen per markt beschikken.

 

§2 In afwijking van de bepalingen vervat in artikel 14 §1 wordt overdracht van standplaatsen toegelaten tussen:

  • echtgenoten bij hun feitelijke scheiding;
  • echtgenoten bij hun scheiding van tafel en bed;
  • echtgenoten bij echtscheiding;
  • wettelijk samenwonenden bij de stopzetting van hun wettelijke samenwoning op voorwaarde dat:
  • de overlater of de overnemer aan het stadsbestuur een document voorlegt als bewijs van de voormelde toestand;
  • de overnemer voldoet aan de voorwaarden vermeld in artikel 14 §1.

 

De overdracht is geldig voor de resterende geldigheidsduur van het abonnement van de overlater. In geval van overdracht wordt het abonnement eveneens stilzwijgend vernieuwd.

 

Artikel 15: onderverhuur standwerkers (KB art. 36)

 

De standwerkers die een abonnement voor een standplaats verkregen hebben, kunnen hun tijdelijk gebruiksrecht op deze standplaats onderverhuren aan andere standwerkers namelijk

  • rechtstreeks aan een andere standwerker;
  • via een vereniging die voor alle standwerkers zonder discriminatie openstaat.

Al naargelang, deelt de standwerker of de vereniging de lijst van standwerkers mee, aan wie het tijdelijk gebruiksrecht van de standwerkersplaats(en) werd onderverhuurd.

De prijs van de onderverhuring mag niet hoger zijn dan het deel van de abonnementsprijs voor de duur van de onderverhuring.

 

Artikel 16: modaliteiten betaling standplaatsvergoeding

 

De houders van een abonnementsplaats betalen de standplaatsvergoeding zoals bepaald in het retributiereglement over markttarieven dat goedgekeurd wordt door de gemeenteraad.

 

Diegene die een losse standplaats inneemt, betaalt de vergoeding aan de marktleider, tegen afgifte van een ontvangstbewijs. Het is verboden dit ontvangstbewijs aan derden af te staan of enige wijziging erop aan te brengen. Het ontvangstbewijs moet worden getoond op verzoek van de stadsafgevaardigde(n).

 

Artikel 17: bevoegdheid marktleider (KB art. 44)

 

De marktleider is bevoegd om documenten die de machtiging en identiteit aantonen van de personen die een ambulante activiteit uitoefenen, te controleren.

 

 

AFDELING 2: organisatie van ambulante activiteiten op het openbaar domein buiten de openbare markten

 

Onderafdeling 2.1: plaatsen op het openbaar domein waar de ambulante activiteit mag plaatsvinden zijn vooraf bepaald: bloemenverkoop met Allerheiligen

 

Artikel 18: toepassingsgebied (KB art. 42 §1)

 

Op volgende plaatsen is de uitoefening van ambulante activiteiten toegelaten na een voorafgaande machtiging van het college van burgemeester en schepenen:

 

specialisatie

periode

plaats

van

tot

bloemen

van 24 oktober tot en met 2 november

aan volgende begraafplaatsen: Antwerpen Schoonselhof, Berchem Prins Leopoldlaan-Koninklijkelaan-Floraliënlaan, Deurne Sint-Fredegandus, Deurne Ruggeveld, Deurne Silsburg, Ekeren Driehoekstraat, Hoboken Schoonselhoflei, Merksem Van Heybeeckstraat, Merksem Zwaantjeslei, Wilrijk Dokter Donnyplein, Wilrijk Steytelincklei, Wilrijk Kerkeveld, Wilrijk Jules Moretuslei

8 uur

16.45 uur

 

De bezettingsmodaliteiten kunnen op eenvoudige vraag worden bekomen bij de gemeente.

 

Artikel 19: voorafgaande machtiging (KB art. 38)

 

19.1 Aanvraag machtiging

 

Eenieder die een standplaats wenst in te nemen op één of meerdere van de in artikel 18 vermelde plaatsen om ambulante activiteiten uit te oefenen, moet voldoen aan de voorwaarden vermeld in artikel 20 en is onderworpen aan een voorafgaande machtiging. Deze machtiging moet voorafgaand aan het uitoefenen van de ambulante activiteit worden aangevraagd aan het college van burgemeester en schepenen: de handelaar die een standplaats wenst te bekomen, moet hiervoor een aanvraag indienen bij het Bedrijvenloket van de stad Antwerpen tijdens de periode van 1 oktober tot uiterlijk 10 dagen voorafgaand aan de periode van de bloemenverkoop. De aanvrager moet ook vermelden op welke specifieke plaats(-en) hij ambulante activiteiten wenst uit te oefenen.

 

19.2 Beslissing machtiging

 

In geval van positieve beslissing verkrijgt de aanvrager een machtiging met daarin vermeld

  • de aard van de producten of diensten die hij gemachtigd is te verkopen;
  • de plaats;
  • de datum en duur van de verkoop.

 

Artikel 20: voorwaarden inzake toewijzing en inname standplaatsen (KB art. 40 en 41)

 

Om een standplaats op het openbaar domein te kunnen verkrijgen en innemen, moet de aanvrager voldoen aan de voorwaarden tot het verkrijgen (cf. supra Afdeling 1 artikel 2 §§ 1 en 7) en innemen van de standplaatsen op de openbare markt (cf. supra Afdeling 1 artikel 13).

 

Artikel 21: toewijzingsregels losse standplaatsen (art. 42 §2)

 

De toewijzing van losse standplaatsen gebeurt volgens de chronologische volgorde van aanvragen en desgevallend in functie van de gevraagde plaats en specialisatie. Wanneer twee of meerdere aanvragen voor standplaatsen gelijktijdig ingediend worden, gebeurt de toewijzing via loting.

 

Artikel 22: toewijzingsregels per abonnement

 

Hier gelden dezelfde regels als voor de openbare markten (cf. supra Afdeling 1, artikel 5,8,9,10,11,12,14 en 15).

 

De standplaatsen worden toegewezen aan de bloemenverkopers die ze het vorige jaar betrokken.

 

Artikel 23: identificatievereiste bij uitoefenen ambulante activiteiten (KB art. 21)

 

Elke persoon die een ambulante activiteit uitoefent op het openbaar domein, dient zich te identificeren aan de hand van een leesbaar uithangbord, zoals beschreven in artikel 6.

 

Artikel 24: modaliteiten betaling standplaatsvergoeding

 

De houders van een standplaats moeten de standplaatsvergoeding betalen op basis van het retributiereglement over markttarieven, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad. Deze vergoeding moet vooraf worden betaald en is ondeelbaar.

 

Onderafdeling 2.2: plaatsen op het openbaar domein waar de ambulante activiteit mag plaatsvinden zijn niet vooraf bepaald

 

Artikel 25: toepassingsgebied (KB art. 43)

 

Eenieder die een standplaats wenst in te nemen op één of meerdere plaatsen van het openbaar domein buiten de openbare markten om ambulante activiteiten uit te oefenen, moet voorafgaand de toelating hiervoor krijgen van het college van burgemeester en schepenen.

 

In elk geval is het om de veiligheid van voetgangers te bewaken gezien de vaak smalle straten en om het organiseren van evenementen niet in het gedrang te brengen, verboden ambulante handel uit te voeren:

  • op de toeristische as tussen Steenplein en Koningin Astridplein: de toeristische as omvat volgende straten Steenplein, Suikerrui, Grote Markt, Maalderijstraat, Handschoenmarkt, Jan Blomstraat, Groenplaats, Schoenmarkt, Eiermarkt; Meirbrug, Meir, Wapper, Leysstraat, De Keyserlei, Jezusstraat, Teniersplaats, Kipdorpbrug, Fr. Rooseveltplaats, Gemeentestraat, Statiestraat, Breydelstraat, Koningin Astridplein, Carnotstraat, en op minder dan 100 meter afstand van kruispunten met deze straten;
  • in de Abdijstraat, Offerandestraat, Bredabaan (Merksem), Driekoningenstraat, Statiestraat (Berchem), Kern, Turnhoutsebaan (tot aan Drink), Kloosterstraat (Ekeren) ), en op minder dan 100 meter afstand van kruispunten met deze straten;
  • in de Sint-Annatunnel en de fietstunnel E17 en op de toegang tot de Waaslandtunnel, Charles De Costerlaan tot aan de August Vermeylenlaan op de linkeroever en het gedeelte van de Tunnelplaats, dat dient als toegangsweg tot de Waaslandtunnel op de rechteroever, en op minder dan 100 meter afstand van kruispunten met deze straten;
  • in de Pelikaanstraat, Vestingstraat, Schupstraat, Rijfstraat en Hoveniersstraat, en op minder dan 100 meter afstand van kruispunten met deze straten;
  • in de premetrostations;
  • in de Petroleuminrichtingen-Zuid, aan de Scheldekaaien en op de openbare wegen, op de kaaien en onder de afdaken gelegen binnen het havengebied met uitzondering van het recreatiegebied Muisbroek en de in het gebied liggende woonzones;
  • in de Vogelzanglaan en de Jan Van Rijswijcklaan tussen de Desguinlei en de Vogelzanglaan;
  • in de omgeving van het Antwerp-voetbalstadion: het gebied wordt begrensd door de Bisschoppenhoflaan (vanuit Kruiningenstraat tot Jan Welterslaan), Jan Welterslaan, de verlengde Gallifortlei, ter Heydelaan (vanuit Gallifortlei tot Ruggeveldlaan) en de denkbeeldige verlenging van de Ruggeveldlaan over de Bremweide;
  • in de omgeving van het Olympisch stadion: het gebied wordt begrensd door de VIIe-Olympiadelaan (vanaf Atletenstraat), Julius De Geyterstraat (tot de Sportstraat), de denkbeeldige verbinding tussen de Julius De Geyterstraat en Stadionstraat, de Stadionstraat en Atletenstraat;
  • in de omgeving van het Berchem-voetbalstadion: het gebied wordt begrensd door de Roderveltlaan (vanaf 200 meter voorbij de brug met de Karel Coggestraat tot Fruithoflaan), Herman Vosstraat, Robert Bosschaertstraat, Berchemboslaan, Rooiplein, Filip Williotstraat, Kanunnik Peetersstraat (tot Wapenhaghestraat), Berchemstadionstraat;
  • in de omgeving van het Sportpaleis: het gebied wordt begrensd door Schijnpoortweg, Slachthuislaan, Denderstraat, Vaartdijk, Merksemsteenweg, Bisschoppenhoflaan, Raoul Gregoirplein;
  • het centrum van Hoboken, Kioskplaats en Kapelstraat;
  • Melkmarkt, Schuttershofstraat, Hopland, Hoogstraat  en gebied de Wilde Zee (Wiegstraat, Schrijnwerkersstraat, Korte Gasthuisstraat, Groendalstraat en Lombardenvest), en op minder dan 100 meter afstand van kruispunten met deze straten;
  • op minder dan 100 meter afstand in vogelvlucht van foren;
  • op minder dan 100 meter afstand in vogelvlucht van locaties waar openbare markten gehouden worden;
  • op minder dan 100 meter afstand in vogelvlucht van locaties waar evenementen gehouden worden;
  • op de MAS-boulevard, zijnde de openbare weg gelegen in het MAS-gebouw die loopt van het gelijkvloers tot het dak.

 

Artikel 26: voorafgaande machtiging

 

26.1 Aanvraag machtiging (KB art. 43)

 

Om een standplaats in te nemen zoals vermeld in artikel 25, moet voldaan zijn aan de voorwaarden vermeld in artikel 27 en moet men beschikken over een machtiging. Deze machtiging moet voorafgaand aan het uitoefenen van de ambulante activiteit worden aangevraagd aan het college van burgemeester en schepenen. Meer bepaald dient de handelaar zijn aanvraag in bij het Bedrijvenloket en vermeldt daarin minimaal: de exacte locatie (met plan of schets), het assortiment dat hij wil verkopen en de afmetingen van zijn kraam.

 

26.2 Beslissing machtiging

 

In geval van positieve beslissing verkrijgt de aanvrager een machtiging met daarin vermeld:

  • de aard van de producten of diensten die hij gemachtigd is te verkopen;
  • de plaats;
  • de datum en duur van de verkoop.

 

De gevraagde machtiging kan bij gemotiveerd besluit worden geweigerd onder andere om onderstaande redenen:

  • redenen van openbare orde;
  • redenen van volksgezondheid;
  • bescherming van de consument.

 

De gemeente zal deze reden(-en) motiveren in zijn kennisgeving van de negatieve beslissing aan de aanvrager en verwijst tevens naar rechtsmiddelen inzake beroep.

 

Artikel 27: voorwaarden inzake toewijzing en inname standplaatsen

 

Om een standplaats op het openbaar domein te kunnen verkrijgen en innemen, moet de aanvrager voldoen aan de voorwaarden tot het verkrijgen (cf. supra Afdeling 1 artikel 2 §§ 1 en 7) en innemen van de standplaatsen op de openbare markt (cf. supra Afdeling 1 artikel 13).

 

Artikel 28: toewijzingsregels losse standplaatsen (KB art. 43 §2)

 

De toewijzing van losse standplaatsen gebeurt volgens de chronologische volgorde van aanvragen en desgevallend in functie van de gevraagde plaats en specialisatie. Wanneer twee of meerdere aanvragen voor standplaatsen gelijktijdig ingediend worden, gebeurt de toewijzing via loting.

 

Artikel 29: toewijzingsregels per abonnement

 

Hier gelden dezelfde regels als voor de openbare markten (cf. supra Afdeling 1, artikel 5,7,8,9,10,11,14 en 15). De voorwaarde inzake melding van vacature (cf. supra Afdeling 1 artikel 5.1) geldt niet.

 

Artikel 30: identificatievereiste bij uitoefenen ambulante activiteiten ( KB art 21)

 

Elke persoon die een ambulante activiteit uitoefent op het openbaar domein, dient zich te identificeren aan de hand van een leesbaar uithangbord, zoals beschreven in artikel 6.

 

Artikel 31: modaliteiten betaling standplaatsvergoeding

 

De houders van een standplaats moeten de standplaatsvergoeding betalen zoals bepaald in het retributiereglement over markttarieven.

 

AFDELING 3: sancties en rechtsmiddelen

 

Artikel 32: sancties

 

Tenzij de wet betreffende de uitoefening en de organisatie van ambulante en kermisactiviteiten en haar uitvoeringsbesluiten in uitsluitend andere maatregelen voorzien in geval van niet naleving van de verplichtingen die op de ambulante handelaar rusten en onverminderd de sanctieregeling voorzien in de Politiecodex van de Stad Antwerpen, kunnen inbreuken op dit reglement en onder meer de niet naleving van de onderrichtingen van de marktleider of de stedelijke ambtenaren leiden tot:

  • een tijdelijk verbod de standplaats in te nemen
  • de schorsing van het abonnement op een standplaats
  • de opzegging van het abonnement op een standplaats

bij gemotiveerd besluit van het college van burgemeester en schepenen of van het districtscollege na herhaalde vaststellingen en mondelinge en/of schriftelijke waarschuwingen. Betrokkene wordt de mogelijkheid geboden vooraf gehoord te worden. Het besluit van het college wordt aan de betrokkene betekend tegen ontvangstbewijs hetzij per aangetekend schrijven, hetzij per duurzame drager.

 

Artikel 33: rechtsmiddelen

 

Tegen de beslissingen van het college van burgemeester en schepenen en van de districtscolleges kan beroep worden ingesteld. Het beroep tot nietigverklaring, al dan niet voorafgegaan door of vergezeld van een verzoek tot schorsing, kan voor de afdeling Administratie van de Raad van State worden gebracht binnen een termijn van zestig dagen na de betekening ervan. Het verzoek dient bij ter post aangetekende brief te worden toegezonden aan de Raad van State, Wetenschapsstraat 33, 1040 Brussel.

 

Artikel 34: relatie tot politiecodex

 

Alleen wanneer huidig reglement strijdig is met de politiecodex, is huidig reglement van toepassing. Voor het overige blijft de politiecodex integraal van toepassing.

Artikel 2

Dit besluit heeft in principe voor de stad geen financiƫle gevolgen.