Het Gemeentedecreet, meer bepaald artikel 42 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad: de gemeenteraad stelt de gemeentelijke reglementen vast.
Op 17 september 2007 besliste de gemeenteraad om het “reglement met betrekking tot ambulante activiteiten op de openbare markten en op het openbaar domein” (jaarnummer 1874) goed te keuren. Het stedelijk marktreglement moest toen worden aangepast aan de nieuwe wet op de ambulante activiteiten en de organisatie van de openbare markten. Een actualisatie werd goedgekeurd door de gemeenteraad op 29 maart 2010 (jaarnummer 397).
Ondertussen dringt zich een nieuwe beperkte actualisatie op. Een aantal beslissingen van districtsbesturen moeten verwerkt worden in het marktreglement. Daarnaast zijn een aantal artikels duidelijker te formuleren zodat ze niet voor verwarring kunnen zorgen.
In het kader van de decentralisatie hebben de 9 districten advies verleend voor de wijziging van dit reglement.
In de eerste plaats worden met deze actualisatie enkele reeds genomen beslissingen verwerkt in het marktreglement:
Daarnaast moeten een aantal artikels worden herschreven zodat geen verwarring meer mogelijk is omtrent de interpretatie ervan:
Verder zijn er nog organisatorische wijzigingen nodig die ervoor moeten zorgen dat de geest van de wet op ambulante handel beter gevolgd wordt:
Tot slot is het belangrijk een onderscheid te maken tussen het marktreglement (waarin de wet ambulante handel vertaald is) en de politiecodex waarin artikels staan die handelen over veiligheid, openbare orde, hygiëne,… Er zijn immers verschillende soorten sancties van kracht op beide documenten. Op dit moment staat in artikel 4 van het marktreglement nog vermeld dat abonnementsstandplaatsen ingenomen moeten worden een half uur na het officiële openingsuur van de markt. Aangezien verwijzingen rond openingsuren, sluitingstijden en dergelijke in de politiecodex opgenomen moeten worden, zal deze zin uit artikel 4 geschrapt worden.
Volgende wetten en decreten zijn van toepassing:
De gemeenteraad keurt volgend reglement goed:
AFDELING 1: organisatie van ambulante activiteiten op de openbare markten
Opmerking: Als in deze afdeling van dit reglement verwezen wordt naar “het college”, wordt daarmee bedoeld:
Artikel 1: gegevens van openbare markten (wet art. 8§2)
§1 De gemeente richt op het openbaar domein volgende markten in:
a/Gemengde markten
district Antwerpen: bovenlokale markten
|
dag |
plaats |
van |
tot |
|
zaterdag |
Oudevaartplaats en omgeving |
8 uur |
16 uur |
|
zondag |
Oudevaartplaats en omgeving |
8 uur |
13 uur (tot 14 uur in de zomertijd) |
district Antwerpen: lokale markten
|
dag |
plaats |
van |
tot |
|
woensdag |
Sint-Jansplein |
8 uur |
13 uur |
|
vrijdag |
Sint-Jansplein |
8 uur |
13 uur |
|
donderdag |
Dageraadplaats |
8 uur |
13 uur |
|
donderdag |
Linkeroever (Frederik Van Eedenplein) |
8 uur |
13 uur |
|
donderdag |
Luchtbal (Canadalaan) |
8 uur |
13 uur |
|
vrijdag |
Desguinlei |
11.30 uur |
16.30 uur |
district Berchem: lokale markten
|
dag |
plaats |
van |
tot |
|
dinsdag |
Filip Williotstraat |
8 uur |
13 uur |
|
donderdag |
De Villegasstraat |
8 uur |
13 uur |
|
vrijdag |
Zillebekelaan |
8 uur |
13 uur |
|
zaterdag |
De Villegasstraat |
8 uur |
13 uur |
district Berendrecht-Zandvliet-Lillo: lokale markten
|
dag |
plaats |
van |
tot |
|
vrijdag |
Botermarkt |
8 uur |
13 uur |
district Borgerhout: lokale markten
|
dag |
plaats |
van |
tot |
|
woensdag |
Gitschotellei |
8 uur |
13 uur |
|
vrijdag |
Laar |
8 uur |
13 uur |
district Deurne: lokale markten
|
dag |
plaats |
van |
tot |
|
maandag |
Arenaplein |
8 uur |
13 uur |
|
donderdag |
Lakborslei |
8 uur |
13 uur |
|
zaterdag |
Wim Saerensplein |
8 uur |
13 uur |
district Ekeren: lokale markten
|
dag |
plaats |
van |
tot |
|
woensdag |
Driehoekstraat |
8 uur |
13 uur |
district Hoboken: lokale markten
|
dag |
plaats |
van |
tot |
|
maandag |
Kioskplaats |
8 uur |
13 uur |
district Merksem: lokale markten
|
dag |
plaats |
van |
tot |
|
dinsdag |
Sint-Franciscusplein en omgeving |
8 uur |
13 uur |
district Wilrijk: lokale markten
|
dag |
plaats |
van |
tot |
|
dinsdag |
Bist |
8 uur |
13 uur |
|
vrijdag |
Michel Willemsplein |
8 uur |
13 uur |
b/Markten voor klein antiek
district Antwerpen: lokale markten
|
dag |
plaats |
van |
tot |
|
zaterdag |
Lijnwaadmarkt |
9 uur |
17 uur |
|
zondag |
Sint-Jansvliet |
9 uur |
17 uur |
c/Bloemenmarkt
district Antwerpen: bovenlokale markten
|
dag |
plaats |
van |
tot |
|
alle dagen |
Groenplaats |
8 uur |
19 uur |
d/Markt met uitsluitend voeding
district Hoboken: lokale markten
|
dag |
plaats |
van |
tot |
|
zaterdag |
Kioskplaats |
8 uur |
13 uur |
e/Biomarkt
district Antwerpen: lokale markten
|
dag |
plaats |
van |
tot |
|
zondag |
Falconplein |
8 uur |
16 uur |
Het college kan beslissen om de plaats, de dag en het uur van de markt te bepalen of te wijzigen. Zulk besluit wordt achteraf door de gemeenteraad bevestigd.
§2 Het college kan (een) markt(en) uitzonderlijk op een andere plaats houden, ze naar een andere dag verschuiven, ze afgelasten of de aanvangs- en sluitingsuren wijzigen.
§3 Op 1 januari, paaszondag, paasmaandag, Hemelvaartsdag, pinksterzondag, pinkstermaandag, 1 mei, 21 juli, 15 augustus, 1 en 11 november en 25 december mogen alleen worden gehouden:
a/markten voor bloemen, sierplanten en zaden;
b/de zondagse markt van de Oudevaartplaats en omgeving voor zover deze feestdagen met een zondag samenvallen.
§4 Het college bepaalt het plan van de standplaatsen en maakt het bekend.
§5 De bloemenmarkt op de Groenplaats gaat dagelijks door, behalve op de dagen waarop er manifestaties doorgaan die door het college of via een toelating van de burgemeester goedgekeurd zijn, waarbij de bloemenmarkt voor hinder zou zorgen . De betrokken marktkramers worden hiervan tijdig in kennis gesteld.
Artikel 2: voorwaarden inzake toewijzing standplaatsen (wet art. 8§2, art. 10§1 en KB art. 25)
§1 Een standplaats op de openbare markt kan enkel worden toegewezen aan:
a/de natuurlijke personen die voor eigen rekening een ambulante activiteit uitoefenen en die dus houder zijn van een “machtiging als werkgever”;
b/rechtspersonen die een ambulante activiteit uitoefenen. De standplaatsen worden toegekend door tussenkomst van een persoon, verantwoordelijk voor het dagelijks bestuur van de vennootschap, die houder is van de “machtiging als werkgever”.
De standplaatsen kunnen occasioneel ook worden toegewezen aan de verantwoordelijken van verkoopsacties zonder commercieel karakter, hiervoor toegelaten overeenkomstig artikel 7 van voornoemd KB van 24/09/2006.
§2 Op iedere markt worden standplaatsen voorzien van drie meter lengte op drie meter diepte. Standplaatsen ingenomen door losse marktkramers, blijven omwille van de veiligheid altijd die afmetingen behouden. Voor vaste standplaatsen geldt echter: waar er extra ruimte achter de standplaats voorhanden is, kan de abonnementshouder wiens standplaats aan de extra ruimte grenst, een aanvraag richten aan het college voor het innemen van (een deel van) de extra ruimte. Indien het college de aanvraag goedkeurt, mag de marktkramer de extra ruimte innemen. De toelating is op naam en niet overdraagbaar. De extra ruimte wordt toegekend en aangerekend per begonnen extra meter in de diepte en over de volledige lengte van de kavel. Het bedrag van de aangerekende meters moet vóór de inname betaald zijn.
§3 Een standplaats voor standwerkers is maximum een combinatie van twee aanpalende standplaatsen waarvan de centraal opgebouwde stand maximum vier meter bedraagt en waarop slechts één product/dienst wordt voorgesteld en verkocht.
§4 Een standplaats wordt steeds toegewezen voor de verkoop van één welbepaald product of één welbepaalde dienst. Voor abonnementsplaatsen wordt dit product of die dienst vermeld in de toewijzingsbrief. Een marktkramer op een losse standplaats kan per markt voor die dag maar één welbepaald product of welbepaalde dienst tegelijk verkopen. Wanneer een markthandelaar met abonnementsplaats(en) op een bepaalde markt een ander product/dienst wil verkopen dan hetgeen vermeld staat in zijn oorspronkelijke toewijzingsbrief, moet hij/zij dit aanvragen bij het Bedrijvenloket. Het veranderen van product/dienst kan ten vroegste 2 jaar na een overdracht worden aangevraagd. Het college beslist of hij/zij het vast exploitatierecht op die markt behoudt, maar dan voor het nieuwe product/dienst (hij/zij krijgt hiervoor een nieuwe toewijzingsbrief). Het veranderen van product/dienst kan aanleiding geven tot een herplaatsing van de betrokken marktkramer.
§5 Om de diversiteit van het aanbod te waarborgen is het aantal standplaatsen per onderneming en per markt beperkt tot vier aanpalende standplaatsen. Het college kan hiervan afwijken door het aantal standplaatsen per onderneming en per markt te beperken tot maximaal zes aanpalende standplaatsen. Indien er op de marktdag zelf vóór de loting vlak naast de eigen abonnementsplaatsen nog abonnementsplaatsen vrij liggen, mag de abonnementshouder bijkomende standplaatsen vragen aan de marktleider en innemen na goedkeuring van de marktleider. Als er na de loting en de toewijzing van de losse standplaatsen nog losse standplaatsen vrij liggen, mag eender welke markthandelaar bijkomende standplaatsen vragen aan de marktleider en innemen na goedkeuring van de marktleider. Voor alle bijkomende standplaatsen moet de retributie ter plaatse betaald worden tegen afgifte van een ontvangstbewijs.
§6 Het college kan voor elke markt het aantal toegelaten plaatsen voor een bepaalde productcategorie beperken. Dit kan enkel om redenen van bescherming van de openbare orde, openbare veiligheid, volksgezondheid of milieu en moet voldoende gemotiveerd worden. In elk geval mogen markthandelaars met gasinstallaties of risicovolle verwarmingsinstallaties om veiligheidsredenen niet deelnemen aan de loting: zij kunnen dus geen losse standplaats innemen.
§7 Een markthandelaar moet behoorlijk gedekt zijn door verzekeringspolissen inzake burgerlijke aansprakelijkheid en tegen brandrisico’s. Het college kan steeds de voorlegging eisen van de polissen en van het bewijs dat de premie betaald werd.
Artikel 3: verhouding abonnementen – losse standplaatsen (KB art. 24§1)
De standplaatsen op de openbare markt worden toegewezen:
a/hetzij per abonnement (dit zijn de abonnementsplaatsen of vaste standplaatsen; maximum 95% van het totale aantal standplaatsen);
b/hetzij van dag tot dag (dit zijn de losse standplaatsen; minimum 5% van het totaal aantal standplaatsen).
Bij de standplaatsen die per abonnement worden toegewezen, wordt voorrang gegeven aan de standwerkers tot 5% van het totaal aantal standplaatsen op de markt.
Artikel 4: toewijzingsregels losse standplaatsen (KB art. 27)
De toewijzing van losse standplaatsen gebeurt bij loting op het marktterrein op de marktdag zelf. De houder van de machtiging als werkgever moet bij de toewijzing van de standplaats persoonlijk aanwezig zijn. De aanvrager voor een losse standplaats moet bovendien kunnen aantonen dat alle openstaande, vervallen en niet-betwiste stedelijke facturen en aanslagbiljetten, die betrekking hebben op de aanvrager en verband houden met alle Antwerpse markten, vereffend zijn.
Losse standplaatsen worden toegewezen vanaf het uur dat de abonnementsstandplaatsen moeten zijn ingenomen.
Artikel 5: toewijzingsregels per abonnement op de openbare markten
5.1 Vacature en kandidatuurstelling standplaats per abonnement (KB art. 28 en 30)
§1 Wanneer een standplaats die per abonnement toegewezen wordt, vrijkomt, zal deze vacature bekend worden gemaakt door publicatie van een kennisgeving onder andere op de stedelijke website. Bovendien zal de vacature ter inzage liggen bij het Bedrijvenloket. De kandidaturen kunnen worden ingediend na een melding van vacature (binnen de termijn voorzien in de kennisgeving van de vacature) of op elk ander tijdstip.
§2 De aanvrager kan zijn kandidatuur ofwel schriftelijk indienen ofwel door zich persoonlijk aan te bieden bij het Bedrijvenloket van de stad Antwerpen. In elk geval moet de aanvrager een inschrijvingsrecht betalen, waarvan het bedrag vastgesteld is in het retributiereglement over markttarieven. De aanvrager moet bovendien kunnen aantonen dat alle openstaande, vervallen en niet-betwiste stedelijke facturen en aanslagbiljetten, die betrekking hebben op de aanvrager en verband houden met die specifieke vacature, vereffend zijn.
a/ Kandidaturen kunnen worden ingediend tegen ontvangstbewijs via een ter post aangetekend schrijven of op een duurzame drager. In de kandidatuur moet de aanvrager bewijzen dat voldaan werd aan de wettelijke en reglementaire voorschriften. De aanvraag bevat minstens volgende gegevens en documenten:
Nadat alle gegevens en documenten in het bezit van het stadsbestuur zijn, wordt de kandidatuur ingebracht in het register van de kandidaturen en wordt een genummerd, gedagtekend en ondertekend inschrijvingsbewijs afgeleverd.
b/ Een aanvrager kan zijn kandidatuur voor het bekomen van een abonnementsplaats ook indienen door zich persoonlijk aan te bieden bij het Bedrijvenloket van de stad en daar minstens volgende gegevens en documenten te tonen:
Na betaling van het inschrijvingsrecht, wordt de kandidatuur onmiddellijk in het register van de kandidaturen ingebracht en wordt er een genummerd, gedagtekend en ondertekend inschrijvingsbewijs afgeleverd.
§3 Kandidaturen die niet worden ingediend volgens voorgaande voorschriften, zijn niet geldig en worden niet in aanmerking genomen.
5.2 Register van de kandidaturen (KB art. 31)
Alle kandidaturen worden naargelang hun ontvangst (chronologisch) bijgehouden in een register. Overeenkomstig het decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur kan dit register steeds worden geraadpleegd.
De kandidaturen blijven geldig voor een periode van één jaar of tot ze worden ingetrokken door hun aanvrager. (KB art. 31).
Elke kandidatuur vervalt indien:
a/de toegekende abonnementsplaats niet wordt ingenomen binnen een maand nadat de toewijzingsbrief is verstuurd;
b/de toegekende abonnementsplaats wordt geweigerd;
c/binnen het jaar geen abonnementsplaats kan worden toegekend, tenzij de aanvraag binnen de maand na de vervaldag wordt hernieuwd.
5.3 Volgorde van toekenning van de standplaatsen (KB art. 29 en 31)
Rekening houdend met een eventuele specialisatie wordt volgende voorrangsregel gehanteerd tussen onderstaande categorieën:
1 standwerkers voor zover ze 5 % van het totaal aantal standplaatsen niet bereiken;
2 personen die een uitbreiding van hun standplaats vragen;
3 personen die een wijziging van standplaats vragen, inclusief onderlinge ruiling. Aan het ruilingsverzoek wordt enkel gevolg gegeven als het vermoeden van misbruik (bijvoorbeeld omzeiling van de overdrachtregels kan worden uitgesloten);
4 personen die na een vooropzeg (door de stad) van een jaar hun standplaats verloren als gevolg van een definitieve opheffing van de markt of een deel van de standplaatsen en die een nieuwe standplaats aanvragen op dezelfde marktdag;
5 externe kandidaten.
De standplaatsen per abonnement worden binnen elke categorie toegewezen volgens chronologische volgorde van indiening van de aanvragen.
Wanneer twee of meerdere aanvragen behorend tot dezelfde categorie tezelfdertijd ingediend worden, wordt volgende voorrangsregels gehanteerd:
5.4 Bekendmaking van de toewijzing van de standplaatsen (KB art. 33)
De toewijzing van een abonnementsplaats wordt bekend gemaakt aan de aanvrager
a/ofwel bij een ter post aangetekend schrijven met ontvangstbewijs;
b/ofwel door overhandiging van een brief tegen ontvangstbewijs;
c/ofwel bij elektronische post met ontvangstbewijs.
5.5 Het register van de standplaatsen toegewezen per abonnement (KB art. 34)
Er wordt een plan of register bijgehouden waarin voor elke abonnementplaats vermeld staat:
Overeenkomstig het decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur kan dit register steeds worden geraadpleegd.
Artikel 6: identificatievereiste bij uitoefenen ambulante activiteiten op openbare markt (KB art 21)
Elke persoon die een ambulante activiteit uitoefent op de openbare markt, dient zich te identificeren aan de hand van een leesbaar uithangbord, zichtbaar geplaatst op het kraam of het voertuig, indien hij de activiteit aan het kraam of het voertuig uitoefent. Het bord moet eveneens door de aangestelden worden aangebracht wanneer deze alleen werken.
Het bord vermeldt volgende vermeldingen:
a/hetzij de naam, voornaam van de persoon die een ambulante activiteit uitoefent als natuurlijk persoon voor eigen rekening of voor wiens rekening of in wiens dienst de activiteit wordt uitgeoefend, hetzij de naam, voornaam van de persoon die het dagelijks bestuur binnen een rechtspersoon waarneemt of voor wiens rekening of in wiens dienst de activiteit wordt uitgeoefend;
b/de firmanaam en/of de benaming van de onderneming;
c/al naargelang het geval, de gemeente van haar maatschappelijke zetel of van de uitbatingszetel en, indien de onderneming niet in België gelegen is, het land en de gemeente waar deze zich bevindt;
d/het inschrijvingsnummer in de Kruispuntbank van Ondernemingen (of een identificatie die deze vervangt indien het om een buitenlands bedrijf gaat).
Artikel 7: duur van het abonnement (KB art. 32)
De abonnementen worden toegekend voor de duur van 12 maanden. Na verloop van deze termijn worden zij stilzwijgend verlengd, behoudens anders bepaald door de aanvrager (cf. artikel 8 en 9 van onderhavig marktreglement) en behoudens schorsing en opzegging zoals bepaald in artikel 10 van dit marktreglement.
Artikel 8: opschorting abonnement (KB art. 32)
De houder van een abonnement kan het abonnement opschorten voor een voorziene periode van ten minste een maand wanneer hij ongeschikt is zijn activiteit uit te oefenen:
De opschorting gaat in de dag waarop de gemeente op de hoogte gebracht wordt van de ongeschiktheid en houdt op ten laatste vijf dagen na de melding van het hernemen van de activiteiten. Na afloop van de opschorting krijgt de geabonneerde zijn standplaats terug.
De opschorting impliceert de opschorting van de wederzijdse verplichtingen die uit de overeenkomst voorkomen.
Een aanvragen van opschorting en herneming van een abonnement wordt betekend:
Gedurende de periode van opschorting kan de standplaats worden toegewezen als losse standplaats.
Artikel 9: afstand van het abonnement (KB art. 32)
De houder van een abonnement kan afstand doen van het abonnement:
De rechthebbenden van de natuurlijke persoon die voor eigen rekening zijn activiteit uitoefent, kunnen bij zijn overlijden zonder vooropzeg afstand doen van het abonnement waarvan hij de houder was.
Een aanvragen om afstand te doen van een abonnement wordt betekend:
Artikel 10: schorsing en opzegging van abonnement (KB art. 32 laatste lid)
§1 Het abonnement kan door het college zonder enig recht op schadevergoeding worden geschorst of opgezegd in volgende gevallen:
§2 Het abonnement kan eveneens door het college zonder enig recht op schadevergoeding worden geschorst of opgezegd in volgende gevallen:
§3 De beslissing tot schorsing of opzegging wordt betekend bij een ter post aangetekend schrijven met ontvangstbewijs of op een duurzame drager tegen ontvangstbewijs.
§4 In de gevallen vermeld in artikel 10, §1 geldt het volgende:
1° Het college spreekt de volgende schorsing uit:
2° Tijdens de periode van de schorsing mag de marktkramer wiens abonnement werd geschorst, geen marktactiviteiten uitoefenen op de markt of de markten waarop de feiten die tot schorsing aanleiding geven, betrekking hebben (de marktkramer mag dus ook niet aan de loting deelnemen).
3° Het college kan in uitzonderlijke gevallen naast de schorsing van het abonnement ook het verbod uitspreken tot deelname aan de loting van een markt, enkele markten of van alle markten van het district of van de stad. Dergelijk verbod moet telkens individueel worden gemotiveerd.
Artikel 11: vooropzeg vanuit de gemeente (wet art.8§2)
Wanneer de markt of een deel van de standplaatsen definitief wordt opgeheven, geldt een termijn van vooropzeg aan de houders van een abonnementsplaats van één jaar.
Artikel 12: seizoensgebonden ambulante activiteiten (KB art. 37)
Een seizoensgebonden activiteit is in het algemeen een activiteit die betrekking heeft op producten of diensten die wegens hun aard of traditie slechts gedurende een periode van het jaar verkocht worden.
De abonnementen die toegekend worden voor de verkoop van seizoensgebonden activiteiten, worden geschorst gedurende de periode van non-activiteit. Gedurende de periode van non-activiteit kunnen deze standplaatsen worden toegewezen als losse standplaatsen.
Artikel 13: inname standplaatsen (KB art. 26)
§1 De standplaatsen op de openbare markt kunnen mits betaling van het standgeld worden ingenomen door:
a/
1) de natuurlijke persoon, houder van een machtiging als werkgever, die voor eigen rekening een ambulante activiteit uitoefent, aan wie een standplaats is toegewezen;
2) de verantwoordelijke voor het dagelijks bestuur van een rechtspersoon aan wie de standplaats is toegewezen, houder van een machtiging als werkgever;
b/ de feitelijke venno(o)t(en) van de natuurlijke persoon aan wie de standplaats werd toegewezen, houder van een machtiging als werkgever voor de uitoefening van een ambulante activiteit voor eigen rekening;
c/ de echtgenoot of echtgenote en wettelijk samenwonende van de natuurlijke persoon aan wie de standplaats werd toegewezen, houder van een machtiging als werkgever voor de uitoefening van een ambulante activiteit voor eigen rekening;
d/ de standwerker, houder van een machtiging als werkgever aan wie het tijdelijk gebruikrecht van de standplaats werd onderverhuurd, overeenkomstig de bepalingen van artikel 36 van voornoemd KB van 24 september 2006 alsook aan de standwerker, houder van een machtiging als aangestelde A en B voor de uitoefening van een ambulante activiteit voor rekening of in dienst van de persoon aan wie de standplaats werd toegewezen of onderverhuurd;
e/ door de personen die beschikken over een machtiging als aangestelde A of een machtiging als aangestelde B, die een ambulante activiteit uitoefenen voor rekening of in dienst van de natuurlijke persoon of rechtspersoon bedoeld in a/ tot c/;
f/ de personen die verkopen realiseren zonder commercieel karakter binnen het kader van de acties bedoeld in artikel 7 van voornoemd KB van 24 september 2006. Zij kunnen een standplaats innemen die toegewezen werd aan de verantwoordelijke van de actie. Desgevallend kunnen zij deze innemen buiten de aanwezigheid van deze.
De personen opgesomd in a/ 2) tot e/ kunnen de standplaatsen innemen, toegewezen of onderverhuurd aan de natuurlijke persoon of rechtspersoon voor wiens rekening of in wiens dienst zij de activiteit uitoefenen, buiten de aanwezigheid van de persoon aan wie of door middel van wie de standplaats werd toegewezen of onderverhuurd.
§2 De markthandelaar mag geen vergoeding of voordeel aanbieden, geven of aanvaarden voor het ruilen of tijdelijk innemen van een vrije standplaats.
Artikel 14: overdracht standplaats (KB art. 35)
§1 De overdracht van een standplaats is toegelaten onder volgende voorwaarden:
1° wanneer de houder van de standplaatsen overlijdt of wanneer hij zijn ambulante activiteiten als natuurlijk persoon stopzet of wanneer de rechtspersoon haar ambulante activiteiten stopzet. Bij stopzetting bezorgt de overlater of zijn rechthebbenden een document als bewijs van schrapping van zijn ambulante activiteit in de Kruispuntbank van Ondernemingen.
2° tegelijk moet(en) de overnemer(s) houder(s) zijn van machtiging als werkgever en de specialisatie van de overlater voortzetten op elke overgedragen standplaats.
3° de houder van de machtiging als werkgever die de standplaats(en) overneemt, mag door de overname over niet meer dan vier standplaatsen per markt beschikken.
§2 In afwijking van de bepalingen vervat in artikel 14 §1 wordt overdracht van standplaatsen toegelaten tussen:
De overdracht is geldig voor de resterende geldigheidsduur van het abonnement van de overlater. In geval van overdracht wordt het abonnement eveneens stilzwijgend vernieuwd.
Artikel 15: onderverhuur standwerkers (KB art. 36)
De standwerkers die een abonnement voor een standplaats verkregen hebben, kunnen hun tijdelijk gebruiksrecht op deze standplaats onderverhuren aan andere standwerkers namelijk
Al naargelang, deelt de standwerker of de vereniging de lijst van standwerkers mee, aan wie het tijdelijk gebruiksrecht van de standwerkersplaats(en) werd onderverhuurd.
De prijs van de onderverhuring mag niet hoger zijn dan het deel van de abonnementsprijs voor de duur van de onderverhuring.
Artikel 16: modaliteiten betaling standplaatsvergoeding
De houders van een abonnementsplaats betalen de standplaatsvergoeding zoals bepaald in het retributiereglement over markttarieven dat goedgekeurd wordt door de gemeenteraad.
Diegene die een losse standplaats inneemt, betaalt de vergoeding aan de marktleider, tegen afgifte van een ontvangstbewijs. Het is verboden dit ontvangstbewijs aan derden af te staan of enige wijziging erop aan te brengen. Het ontvangstbewijs moet worden getoond op verzoek van de stadsafgevaardigde(n).
Artikel 17: bevoegdheid marktleider (KB art. 44)
De marktleider is bevoegd om documenten die de machtiging en identiteit aantonen van de personen die een ambulante activiteit uitoefenen, te controleren.
AFDELING 2: organisatie van ambulante activiteiten op het openbaar domein buiten de openbare markten
Onderafdeling 2.1: plaatsen op het openbaar domein waar de ambulante activiteit mag plaatsvinden zijn vooraf bepaald: bloemenverkoop met Allerheiligen
Artikel 18: toepassingsgebied (KB art. 42 §1)
Op volgende plaatsen is de uitoefening van ambulante activiteiten toegelaten na een voorafgaande machtiging van het college van burgemeester en schepenen:
|
specialisatie |
periode |
plaats |
van |
tot |
|
bloemen |
van 24 oktober tot en met 2 november |
aan volgende begraafplaatsen: Antwerpen Schoonselhof, Berchem Prins Leopoldlaan-Koninklijkelaan-Floraliënlaan, Deurne Sint-Fredegandus, Deurne Ruggeveld, Deurne Silsburg, Ekeren Driehoekstraat, Hoboken Schoonselhoflei, Merksem Van Heybeeckstraat, Merksem Zwaantjeslei, Wilrijk Dokter Donnyplein, Wilrijk Steytelincklei, Wilrijk Kerkeveld, Wilrijk Jules Moretuslei |
8 uur |
16.45 uur |
De bezettingsmodaliteiten kunnen op eenvoudige vraag worden bekomen bij de gemeente.
Artikel 19: voorafgaande machtiging (KB art. 38)
19.1 Aanvraag machtiging
Eenieder die een standplaats wenst in te nemen op één of meerdere van de in artikel 18 vermelde plaatsen om ambulante activiteiten uit te oefenen, moet voldoen aan de voorwaarden vermeld in artikel 20 en is onderworpen aan een voorafgaande machtiging. Deze machtiging moet voorafgaand aan het uitoefenen van de ambulante activiteit worden aangevraagd aan het college van burgemeester en schepenen: de handelaar die een standplaats wenst te bekomen, moet hiervoor een aanvraag indienen bij het Bedrijvenloket van de stad Antwerpen tijdens de periode van 1 oktober tot uiterlijk 10 dagen voorafgaand aan de periode van de bloemenverkoop. De aanvrager moet ook vermelden op welke specifieke plaats(-en) hij ambulante activiteiten wenst uit te oefenen.
19.2 Beslissing machtiging
In geval van positieve beslissing verkrijgt de aanvrager een machtiging met daarin vermeld
Artikel 20: voorwaarden inzake toewijzing en inname standplaatsen (KB art. 40 en 41)
Om een standplaats op het openbaar domein te kunnen verkrijgen en innemen, moet de aanvrager voldoen aan de voorwaarden tot het verkrijgen (cf. supra Afdeling 1 artikel 2 §§ 1 en 7) en innemen van de standplaatsen op de openbare markt (cf. supra Afdeling 1 artikel 13).
Artikel 21: toewijzingsregels losse standplaatsen (art. 42 §2)
De toewijzing van losse standplaatsen gebeurt volgens de chronologische volgorde van aanvragen en desgevallend in functie van de gevraagde plaats en specialisatie. Wanneer twee of meerdere aanvragen voor standplaatsen gelijktijdig ingediend worden, gebeurt de toewijzing via loting.
Artikel 22: toewijzingsregels per abonnement
Hier gelden dezelfde regels als voor de openbare markten (cf. supra Afdeling 1, artikel 5,8,9,10,11,12,14 en 15).
De standplaatsen worden toegewezen aan de bloemenverkopers die ze het vorige jaar betrokken.
Artikel 23: identificatievereiste bij uitoefenen ambulante activiteiten (KB art. 21)
Elke persoon die een ambulante activiteit uitoefent op het openbaar domein, dient zich te identificeren aan de hand van een leesbaar uithangbord, zoals beschreven in artikel 6.
Artikel 24: modaliteiten betaling standplaatsvergoeding
De houders van een standplaats moeten de standplaatsvergoeding betalen op basis van het retributiereglement over markttarieven, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad. Deze vergoeding moet vooraf worden betaald en is ondeelbaar.
Onderafdeling 2.2: plaatsen op het openbaar domein waar de ambulante activiteit mag plaatsvinden zijn niet vooraf bepaald
Artikel 25: toepassingsgebied (KB art. 43)
Eenieder die een standplaats wenst in te nemen op één of meerdere plaatsen van het openbaar domein buiten de openbare markten om ambulante activiteiten uit te oefenen, moet voorafgaand de toelating hiervoor krijgen van het college van burgemeester en schepenen.
In elk geval is het om de veiligheid van voetgangers te bewaken gezien de vaak smalle straten en om het organiseren van evenementen niet in het gedrang te brengen, verboden ambulante handel uit te voeren:
Artikel 26: voorafgaande machtiging
26.1 Aanvraag machtiging (KB art. 43)
Om een standplaats in te nemen zoals vermeld in artikel 25, moet voldaan zijn aan de voorwaarden vermeld in artikel 27 en moet men beschikken over een machtiging. Deze machtiging moet voorafgaand aan het uitoefenen van de ambulante activiteit worden aangevraagd aan het college van burgemeester en schepenen. Meer bepaald dient de handelaar zijn aanvraag in bij het Bedrijvenloket en vermeldt daarin minimaal: de exacte locatie (met plan of schets), het assortiment dat hij wil verkopen en de afmetingen van zijn kraam.
26.2 Beslissing machtiging
In geval van positieve beslissing verkrijgt de aanvrager een machtiging met daarin vermeld:
De gevraagde machtiging kan bij gemotiveerd besluit worden geweigerd onder andere om onderstaande redenen:
De gemeente zal deze reden(-en) motiveren in zijn kennisgeving van de negatieve beslissing aan de aanvrager en verwijst tevens naar rechtsmiddelen inzake beroep.
Artikel 27: voorwaarden inzake toewijzing en inname standplaatsen
Om een standplaats op het openbaar domein te kunnen verkrijgen en innemen, moet de aanvrager voldoen aan de voorwaarden tot het verkrijgen (cf. supra Afdeling 1 artikel 2 §§ 1 en 7) en innemen van de standplaatsen op de openbare markt (cf. supra Afdeling 1 artikel 13).
Artikel 28: toewijzingsregels losse standplaatsen (KB art. 43 §2)
De toewijzing van losse standplaatsen gebeurt volgens de chronologische volgorde van aanvragen en desgevallend in functie van de gevraagde plaats en specialisatie. Wanneer twee of meerdere aanvragen voor standplaatsen gelijktijdig ingediend worden, gebeurt de toewijzing via loting.
Artikel 29: toewijzingsregels per abonnement
Hier gelden dezelfde regels als voor de openbare markten (cf. supra Afdeling 1, artikel 5,7,8,9,10,11,14 en 15). De voorwaarde inzake melding van vacature (cf. supra Afdeling 1 artikel 5.1) geldt niet.
Artikel 30: identificatievereiste bij uitoefenen ambulante activiteiten ( KB art 21)
Elke persoon die een ambulante activiteit uitoefent op het openbaar domein, dient zich te identificeren aan de hand van een leesbaar uithangbord, zoals beschreven in artikel 6.
Artikel 31: modaliteiten betaling standplaatsvergoeding
De houders van een standplaats moeten de standplaatsvergoeding betalen zoals bepaald in het retributiereglement over markttarieven.
AFDELING 3: sancties en rechtsmiddelen
Artikel 32: sancties
Tenzij de wet betreffende de uitoefening en de organisatie van ambulante en kermisactiviteiten en haar uitvoeringsbesluiten in uitsluitend andere maatregelen voorzien in geval van niet naleving van de verplichtingen die op de ambulante handelaar rusten en onverminderd de sanctieregeling voorzien in de Politiecodex van de Stad Antwerpen, kunnen inbreuken op dit reglement en onder meer de niet naleving van de onderrichtingen van de marktleider of de stedelijke ambtenaren leiden tot:
bij gemotiveerd besluit van het college van burgemeester en schepenen of van het districtscollege na herhaalde vaststellingen en mondelinge en/of schriftelijke waarschuwingen. Betrokkene wordt de mogelijkheid geboden vooraf gehoord te worden. Het besluit van het college wordt aan de betrokkene betekend tegen ontvangstbewijs hetzij per aangetekend schrijven, hetzij per duurzame drager.
Artikel 33: rechtsmiddelen
Tegen de beslissingen van het college van burgemeester en schepenen en van de districtscolleges kan beroep worden ingesteld. Het beroep tot nietigverklaring, al dan niet voorafgegaan door of vergezeld van een verzoek tot schorsing, kan voor de afdeling Administratie van de Raad van State worden gebracht binnen een termijn van zestig dagen na de betekening ervan. Het verzoek dient bij ter post aangetekende brief te worden toegezonden aan de Raad van State, Wetenschapsstraat 33, 1040 Brussel.
Artikel 34: relatie tot politiecodex
Alleen wanneer huidig reglement strijdig is met de politiecodex, is huidig reglement van toepassing. Voor het overige blijft de politiecodex integraal van toepassing.