Artikel 2.2.13 en volgende van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, goedgekeurd bij besluit van de Vlaamse regering op 15 mei 2009, die de procedure vastleggen voor de opmaak van de gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (RUP).
Het collegebesluit van 10 juli 2008 (jaarnummer 8600) dat de decretale procedure van opmaak van een gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan aanvult. In dit collegebesluit wordt de kennisneming door het college vermeld.
Op 18 maart 2005 (jaarnummer 2641) nam het college akte van het voorontwerp-bijzonder plan van aanleg (BPA) ‘Galgenweel woonuitbreiding’, het werd voorlopig vastgesteld door de gemeenteraad op 27 juni 2005 (jaarnummer 1449). Van 15 juli 2005 tot en met 29 augustus 2005 werd een openbaar onderzoek gehouden. Na evaluatie van de ingediende bezwaarschriften bleek het noodzakelijk een nieuw traject op te starten voor een ruimer onderzoeksgebied. Het BPA werd opgemaakt in het kader van het decreet betreffende de ruimtelijke ordening van 18 mei 1999. Op basis van art. 102 van dit decreet kan een stedenbouwkundige vergunning worden geweigerd wanneer de aanvraag onverenigbaar is met het voorlopig vastgesteld ontwerp-BPA.
Op 18 september 2006 keurde de gemeenteraad van de stad Antwerpen het strategisch Ruimtelijk Structuurplan Antwerpen goed (s-RSA) (jaarnummer 1779). De deputatie van de provincie Antwerpen keurde het plan goed op 21 december 2006. In het s-RSA is het plangebied gesitueerd in de zachte ruggengraat (groene schakel tussen het strategisch project Scheldeboorden Linkeroever en Middenvijver). Verder zijn de beelden van de ecostad (bebouwing innovatief oplossen en ontwikkelen van stedelijke parkstructuur) en de poreuze stad (in gebruik nemen van holtes in de straatwand en verbeteren van de leefkwaliteit) het meest relevant voor het plangebied.
Op 9 maart 2007 (jaarnummer 2963) keurde het college de procesnota van het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) Galgenweel Oost goed.
Op 13 juli 2007 (jaarnummer 8936) keurde het college de richtnota goed.
Op 21 mei 2010 (jaarnummer 5959) besliste het college kennis te nemen van het voorontwerp-RUP Galgenweel Oost en het hieraan gekoppelde communicatietraject goed te keuren.
Het voorontwerp-RUP dat op 21 mei 2010 ter kennisname werd voorgelegd aan het college was op basis van besprekingen intern in de stad aangepast ten opzichte van de proces- en richtnota. In de procesnota werd voorgesteld de KMO-zone deels te herbestemmen naar woonzone (voor het onbebouwd driehoekig perceel), en deels te bestendigen en te verfijnen als bedrijvenzone (voor de reeds bebouwde bedrijventerreinen). In het toenmalig voorgesteld voorontwerp-RUP werd besloten ook de reeds ingevulde bedrijventerreinen te herbestemmen als bedrijventerrein met nabestemming wonen om zo een samenhangend stedelijk woonweefsel te bekomen.
Advies
Na de kennisname door het college werd het voorontwerp-RUP voorgesteld aan de verschillende adviesorganen.
Op 22 juni 2010 (jaarnummer 812) werd een gunstig advies gegeven door de districtsraad van Antwerpen op voorwaarde dat:
- er dringend duidelijkheid komt over de omvang van de bodemverontreiniging op de site, de maatregelen die moeten worden genomen om deze vervuiling te saneren, de kostprijs en de timing daarvan en de financiële verantwoordelijkheid voor deze operatie
- in de zone Wo2 het bestaande hoogstammige buurtgroen maximaal bewaard en geïntegreerd wordt;
- er geen ontsluiting wordt gerealiseerd met de Regatta-site via de bestaande parking in de Edmond de Coussemakerstraat aangezien dit aanleiding zal geven tot sluipverkeer;
- om de verkeersafwikkeling bij het inrijden van de E. De Coussemakerstraat (zijde Blancefloerlaan) vlotter te laten verlopen, werk wordt gemaakt van het verleggen van de inrit van de Aldi parking naar de zijde Blancefloerlaan;
- alle maatregelen worden genomen om de bestaande zendmast zo snel mogelijk definitief uit de woonzone te verwijderen;
- voor de zone Be-Wo-1 meer duidelijkheid wordt gecreëerd welke mogelijkheden de aldaar gevestigde bedrijven nog hebben om uit te breiden, te verbouwen of van functie en/of activiteit te veranderen;
- voldoende afstand wordt gelaten tussen nieuwe en bestaande woningen om de privacy te garanderen.
Op zitting van 2 juni 2010 werd het voorontwerp-RUP Galgenweel Oost toegelicht aan de GECORO, waarna deze gunstig adviseerde.
Op 27 augustus 2010 werd een plenaire vergadering georganiseerd met de provincie Antwerpen, de gewestelijk stedenbouwkundig ambtenaar en de andere adviserende instanties, zoals opgelegd in de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO). De meeste adviezen waren gunstig tot voorwaardelijk gunstig.
De gewestelijk stedenbouwkundige ambtenaar bracht een gunstig advies uit voor de herbestemming van de driehoekige braakliggende restzone, als afwerking van de aanpalende woonwijk. Indien de bebouwde KMO-zone niet wordt opgenomen in het RUP is bijkomende buffering ten opzichte van de aanpalende KMO wel aangewezen.
Er wordt echter voorbehoud gemaakt bij de nabestemming wonen voor het gerealiseerde deel KMO en dit bij gebrek aan een degelijke mobiliteitsstudie/ MOBER, nader uitgewerkte stedenbouwkundige voorschriften inzake het moment en de wijze van ingaan van de nabestemming en de inrichting van de nieuwe woonzone en een afweging ten aanzien van de economische structuur. Voor dit planonderdeel wordt een ongunstig advies uitgebracht.
De deputatie van de provincie Antwerpen verleent ongunstig advies omwille van volgende redenen:
- de omvorming van KMO-zone naar woonzone is onvoldoende gemotiveerd;
- de concrete omvorming van KMO-zone naar ‘zone voor bedrijf met nabestemming wonen’ is onvoldoende uitgewerkt:
- wanneer kan de nabestemming in werking treden?
- welke gevolgen heeft het RUP voor de bestaande bedrijven?
- welke oplossingen worden er geboden aan de bestaande bedrijven
- wat bij een gedeeltelijke omvorming van ‘bedrijf’ naar ‘wonen’? In dat geval wordt noch de kwaliteit van de nieuwe woonomgeving gegarandeerd noch worden de gevolgen hiervan voor de bestaande bedrijven opgevangen.
- de impact van de omvorming van het ‘braakliggende driehoekige perceel’ naar woonzone op de bedrijven is niet onderzocht. Deze omvorming kan niet los gezien worden van de rest van de KMO-zone. Ook hier ontbreekt voldoende motivering.
Mobiliteitseffectenrapport MOBER
Begin juli 2010 werden ook de resultaten van het MOBER Linkeroever opgeleverd. Eind juni 2009 werd aan het studiebureau Vectris, binnen het raamcontract mobiliteit, opdracht gegeven om een MOBER voor Linkeroever, omgeving Blancefloerlaan op te maken. In dit rapport wordt het gecumuleerd mobiliteitseffect ingeschat van de geplande stedenbouwkundige programma’s van Katwilgweg, Galgenweel Oost, Regatta en Esmoreit. De verkeersgeneratie voor de nieuwe activiteiten is doorgerekend op basis van de gegevens van het Onderzoek verplaatsingsgedrag Antwerpen. De modal split waarmee gerekend werd is 62/38.
In het besluit van de Vlaamse regering over het Masterplan 2020 wordt gesteld dat er tegen 2020 een duurzame modal split voor de Antwerpse agglomeratie moet bereikt worden van 50/50. 50% van de vervoersbewegingen dient te voet, met de fiets of het openbaar vervoer gedaan te worden. In de eindfase van de studie is hiermee rekening gehouden.
Relevante conclusies en aanbevelingen MOBER Linkeroever:
Blancefloerlaan: de ontwikkeling van het geplande stedenbouwkundig programma leidt zonder bijkomende maatregelen tot een verliestijd voor het openbaar vervoer en een geringe afwikkeling van het autoverkeer. Geen verliestijd voor openbaar vervoer en een redelijke verkeersafwikkeling van autoverkeer vereist verkeerstechnische aanpassing van alle kruisingen op het wegtraject en een aanpassing van het snelheidsregime.
Galgenweel Oost: aangezien er geen volwaardig kruispunt is op de Blancefloerlaan ter hoogte van de woonwijk Galgenweel Oost is het waarschijnlijk dat de staduitwaartse autobeweging door de bewoners van Galgenweel Oost via de hoofdontsluiting van Regatta zal verlopen. Hierdoor zal de hoofdontsluitingsweg van Regatta zwaar belast worden. De maximale spitsuurintensiteit voor dit type weg werd vastgesteld op 350 pae. Het studiebureau heeft bijgevolg verschillende varianten bestudeerd met zowel een korte als een lange termijn perspectief. Het korte termijn perspectief is de realisatie van fase 1, het driehoekig onbebouwd perceel uit het ontwerp van RUP Galgenweel Oost, het lange termijn perspectief is de realisatie van fase 2, het bebouwde bedrijventerrein. Men gaat hierbij steeds uit van een volledige realisatie van Regatta. Afhankelijk van het scenario is er ofwel een sterke belasting van de hoofdontsluitingsweg van Regatta of van het kruispunt met de Galgenweellaan/ Halewijnlaan. Vooral bij de realisatie van de tweede fase van Galgenweel Oost is er een zeer hoge verkeersintensiteit.
Na evaluatie en verwerking van bovenstaande adviezen en de resultaten van het MOBER is besloten om het voorontwerp-RUP grondig te herbekijken. Er wordt besloten om op de site Combori wonen uit te sluiten, maar wel een verweving van KMO, recreatieve en culturele activiteiten mogelijk te maken. Deze functies hebben een ander mobiliteitsprofiel, waardoor de effecten op de algehele mobiliteit gunstiger zullen zijn. Daarnaast blijft de keuze voor herbestemming van het driehoekig onbebouwd perceel naar wonen en het bestaand grasplein naar publiek domein ongewijzigd. De tussenliggende KMO-zone, die pas recent werd ontwikkeld en ingevuld met verschillende bedrijven, wordt in dit RUP buiten beschouwing gelaten omdat een herbestemming vandaag niet realistisch is.
Het plangebied bevindt zich op Antwerpen Linkeroever ten zuiden van de Blancefloerlaan en ten noorden van de vijver Galgenweel. Ten oosten van het gebied wordt het bestaande woonweefsel van Antwerpen Linkeroever gesitueerd, het gebied ten zuidwesten wordt op termijn ingevuld door het grootschalige project Regatta, een gemengd project van wonen met kantoren, handel en recreatieve activiteiten. Het Regatta-project omarmt de bestaande KMO-zone en raakt het bestaande woonweefsel van Linkeroever slechts in beperkte mate, een sterkere relatie dringt zich op. De KMO-zone speelt dan ook een cruciale rol in het afwerken van de bestaande woonwijk en het tot stand komen van de belangrijke link tussen de bestaande wijk en de nieuwe woonwijk Regatta. Het plangebied is momenteel op het gewestplan deels als zone voor KMO en deels als zone voor wonen bestemd. Voorliggend RUP concretiseert de visie door 2 zones, namelijk 'Zone Coussemaker' en 'Rand Regatta', te herbestemmen.
De oostelijke ‘Zone Coussemaker’ betreft onder andere het onbebouwd driehoekig perceel tussen de bebouwde KMO-zone langs de Blancefloerlaan en het bestaande woonweefsel rond de Edmond de Coussemakerstraat. De herbestemming is er op gericht het bestaande woonweefsel te vervolledigen. Omdat de huidige bestemming van het driehoekig perceel volgens het gewestplan (KMO) geen woonontwikkeling toelaat, wordt het perceel met dit RUP herbestemd naar wonen. Aansluitend wordt ook het grasplein herbestemd naar zone voor publiek domein. Ten westen van de nieuwe woonzone wordt de bestaande buffer van 15 meter breed bestendigd als zone voor groen om de woonkwaliteit naast het KMO-terrein te verzekeren.
‘Rand Regatta’ betreft het meest westelijke perceel van de KMO-zone dat bijna volledig is bebouwd met 1 bedrijfsgebouw (1962, ca. 3ha). Uitvoering gevend aan het s-RSA en haar visie over de zachte ruggengraat en aansluitend op de naastgelegen zone voor recreatie en gemeenschapsvoorzieningen van het RUP Galgenweel-Borgerweert, bestemmingszone 'rand Combori' (MB 02/05/2007), wordt hier een meer flexibele invulling voorgesteld die een betere aansluiting betracht met de aangrenzende omgeving. Het perceel wordt herbestemd naar een zone voor gemengde functies waar bedrijvigheid, recreatieve en culturele activiteiten mogelijk zijn.
Het RUP vertaalt deze visie in een juridisch plan dat zowel voor de eigenaars als voor de omwonenden meer zekerheid schept. Volgend programma wordt mogelijk gemaakt:
- een publiek grasveld;
- wonen;
- buffergroen;
- zone voor ambachtelijke bedrijven en kleine en middelgrote ondernemingen, culturele activiteiten en recreatieve functies.
Een aantal ruimtelijke concepten geven sturing aan het plan en zorgen ervoor dat de verschillende doelstellingen bereikt worden.
1. Afwerken van het bestaande woonweefsel van de sector Galgenweel en het linken van het Regatta-project en de bestemmingszone ‘parkrand Oost’ en ‘rand Combori’ (BPA Galgenweel-Borgerweert) aan het bestaande woonweefsel van Linkeroever. Dit in uitvoering van de doelstelling voor de poreuze stad ‘het in gebruik nemen van holtes in de straatwand’.
1.1. Ontwikkeling van het driehoekig onbebouwd perceel en verdere invulling van het woongebied met respect voor het reeds gerealiseerde stratentracé. De bestaande woonwijk linken met de ‘bestemmingszone Parkrand Oost’ (BPA Galgenweel-Borgerweert).
1.2. Herbestemming van ‘Rand Regatta’ naar een zone waar verweving van KMO, recreatieve en culturele activiteiten mogelijk is waardoor de link met de ‘bestemmingszone Rand Combori’ (BPA Galgenweel-Borgerweert) en het gehele Regatta-project wordt versterkt.
2. Streven naar een evenwicht met verschillende bewonersgroepen op Linkeroever in uitvoering van de doelstelling voor de poreuze stad ‘het verbeteren van de leefkwaliteit’.
2.1. Voldoende flexibiliteit van percelen en bebouwde structuren mogelijk laten zodat innovatieve concepten mogelijk blijven ten einde een zo breed mogelijk doelpubliek te bereiken. Grotere woningen met voldoende private buitenruimte moeten de wijk ook aantrekkelijk maken voor jonge gezinnen. Zo worden onder andere een minimum aantal grondgebonden woningen (minimum 100m², 3 slaapkamers en een private buitenruimte aansluitend op de woning) opgelegd.
3. Infrastructuur creëren voor het sociale leven in uitvoering van de doelstelling voor de poreuze stad ‘het verbeteren van de leefkwaliteit’.
3.1. Het bestendigen van het grasveld in de bestaande wijk als onderdeel van het wijkgebeuren in open lucht (momenteel kan, volgens het gewestplan, het grasveld bebouwd worden).
3.2. Culturele en recreatieve activiteiten mogelijk maken in ‘Rand Regatta’. Onder culturele en recreatieve activiteiten wordt onder andere begrepen jeugdactiviteiten, theater, bowling of bezinningsruimtes. Deze lijst is niet limitatief.
4. Tegemoet komen aan de doelstellingen voor de ecostad ‘bebouwing innovatief oplossen’ en de integratie tussen open ruimte en stedelijke woonbuurten bevorderen. Dit met speciale aandacht voor de toegankelijkheid en het creëren van fronten.
4.1. Speciale aandacht besteden aan fronten ten opzichte van de Blancefloerlaan (Rand Regatta) en het Regatta-project en het grasplein (Zone Coussemaker).
5. Het projectgebied inpassen in de stedelijke parkstructuur om tegemoet te komen aan de uitwerking van de zachte ruggengraat.
5.1. Verbinding creëren voor langzaam verkeer tussen Galgenweel en Middenvijver. In ‘Rand Regatta’ kan het bestaande bedrijfsgebouw behouden blijven en verschillende functies huisvesten. Bij nieuwbouw zijn de voorschriften geïnspireerd op de voorschriften van ‘bestemmingszone Rand Combori’ (BPA Galgenweel-Borgerweert) zodat samen met deze zone een brede, groene link gecreëerd wordt tussen Middenvijver en het Galgenweel.
Milieueffectenrapportage (MER)
|
aanvraag adressen adviesinstanties |
3 oktober 2008 |
|
aanvraag advies bij adviesinstanties |
25 februari 2009 |
|
rappelbrief aanvraag advies adviesinstanties |
31 maart 2009 |
|
verzending screeningsdossier naar dienst MER |
7 mei 2009 |
|
beslissing dienst MER |
10 juni 2009 |
Op 10 juni 2009 besliste het Departement Leefmilieu en Energie, afdeling Milieu -, Natuur en Energiebeleid, dienst MER (milieueffectenrapportage), dat de MER-screening van de stad aanvaard wordt en dat de opmaak van een plan-MER niet nodig is omdat het plan geen aanleiding geeft tot aanzienlijke milieugevolgen.
De mobiliteitsproblematiek wordt door verscheidene adviesinstanties aangekaart. De dienst MER pleitte voor de opmaak van een mobiliteitsstudie (MOBER) waarin de toename van het aantal woningen en de gecumuleerde mobiliteitseffecten van het RUP Galgenweel Oost met de overige plannen/projecten in de omgeving (RUP Katwilgweg, Regatta-project, aansluitingscomplex Oosterweelverbinding, …) op het omliggende wegennet en het openbaar vervoersnet in kaart worden gebracht. Op basis van deze aanbevelingen, startte de stad Antwerpen een mobiliteitsonderzoek voor de verschillende ontwikkelingen langs de Blancefloerlaan. Begin juli 2010 werd het mobiliteitseffectenrapport (MOBER) Linkeroever opgeleverd.
Watertoets
In toepassing van artikel 8 van het decreet betreffende het integraal waterbeleid van 18 juli 2003 moeten alle uitvoeringsplannen worden onderworpen aan een watertoets. Voor dit plan werd de watertoets onderzocht:
- het plangebied is niet gelegen in een overstromingsgevoelig gebied;
- het plangebied is infiltratiegevoelig.
Het plangebied is reeds grotendeels verhard (bedrijventerrein). Voor de realisatie van het plan zal evenwel bijkomende verharding voorzien worden. Dit geldt voornamelijk voor de braakliggende driehoek. Het grasplein blijft onverhard. Er wordt niet verwacht dat het project in negatieve effecten zal resulteren voor wat de waterhuishouding betreft. In de voorschriften van het RUP is bovendien bijkomend bepaald dat:
- woningen waarvoor de gewestelijke verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater niet van toepassing is, toch verplicht dienen te voorzien in een groendak (vertraagde afvoer) of een hemelwaterput;
- de niet-bebouwde perceelsdelen moeten worden beschouwd als groenzones voor tuinaanleg;
- verhardingen worden beperkt tot opritten, paden, terrassen en dergelijke.
Art. 2.2.13 en volgende van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO), goedgekeurd bij besluit van de Vlaamse regering op 15 mei 2009, die de procedure vastleggen voor de opmaak van de gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (RUP).
Met de goedkeuring van het besluit betreffende de milieueffectrapportage over plannen en programma’s door de Vlaamse regering op 12 oktober 2007, moet de initiatiefnemer van een plan met – mogelijk – aanzienlijke milieueffecten, zoals bijvoorbeeld ruimtelijke uitvoeringsplannen, deze milieueffecten en eventuele alternatieven in kaart brengen.
Decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, artikel 8, §1 en 2.
Besluit van de Vlaamse regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets, artikel 2 en 4.
Besluit van de Vlaamse regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets in bijlage IX tot XV opgenomen kaarten.
|
Stap |
Datum |
|
collegebesluit: procesnota |
9 maart 2007 (jaarnummer 2963) |
|
collegebesluit: richtnota |
13 juli 2007 (jaarnummer 8936) |
|
collegebesluit: kennisneming voorontwerp- RUP Galgenweel Oost |
21 mei 2010 (jaarnummer 5959) en 17 juni 2011 |
|
districtsraad: advies |
22 juni 2010 (jaarnummer 812) |
|
GECORO: advies |
2 juni 2010 |
|
plenaire vergadering en adviezen |
27 augustus 2010 |
|
collegebesluit: voorstel aan gemeenteraad om ontwerp RUP voorlopig vast te stellen |
|
|
gemeenteraad: voorlopige vaststelling ontwerp RUP |
|
|
openbaar onderzoek |
|
|
collegebesluit: sluiting openbaar onderzoek |
|
|
GECORO advies |
|
|
collegebesluit: voorstel aan gemeenteraad om RUP definitief vast te stellen |
|
|
gemeenteraad: definitieve vaststelling |
|
|
deputatie: goedkeuring |
|
Het college neemt kennis van het voorontwerp-RUP Galgenweel Oost.
Dit voorontwerp-RUP bestaat uit een grafisch plan, een plan van de bestaande feitelijke en juridische toestand, een plan planbaten/planschade, de stedenbouwkundige voorschriften en een toelichtingsnota.
Het college beslist de adviezen in te winnen van:
1 de besturen en openbare instellingen zoals opgelegd in de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening;
2 de betrokken districtsraad;
3 GECORO (gemeentelijke commissie ruimtelijke ordening).
Het college geeft opdracht aan:
|
Dienst |
Taak |
|
SW/RM/RB |
na inwinnen van de adviezen, gemotiveerd, al dan niet aangepast aan voormelde adviezen, het voorontwerp-RUP te agenderen op het college met het oog op een voorlopige vaststelling door de gemeenteraad.
|