Terug

2011_GR_00776 - Stedelijk Onderwijs. Raamcontract Artesis Hogeschool - Principeovereenkomst - Goedkeuring

gemeenteraad
ma 30/05/2011 - 19:00 Raadzaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Patrick Janssens, burgemeester-voorzitter; Robert Voorhamme, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Marc Van Peel, schepen; Luc Bungeneers, schepen; Guy Lauwers, schepen; Güler Turan, raadslid; Leen Verbist, schepen; Hilda Vienne, raadslid; Johan Van Brusselen, raadslid; Bob Hulstaert, raadslid; Filip Dewinter, raadslid; Nahima Lanjri, raadslid; Jan Penris, raadslid; Tanja Smit, raadslid; Hugo Verhelst, raadslid; Erwin Pairon, raadslid; Claude Marinower, raadslid; Gerolf Annemans, raadslid; Kathleen Van Brempt, raadslid; Caroline Drieghe, raadslid; Youssef Slassi, raadslid; Wim Wienen, raadslid; Suzette Verhoeven, raadslid; Ergün Top, raadslid; Anke Van dermeersch, raadslid; Fauzaya Talhaoui, raadslid; Monica De Coninck, schepen; Jurgen Verstrepen, raadslid; Fatma Akbas, raadslid; Greet van Gool, raadslid; Bart Martens, raadslid; Eva Mangelschots, raadslid; Frank Hosteaux, raadslid; Suzy Lismont-Cools, raadslid; Toon Wassenberg, raadslid; Peggy Pooters, raadslid; Jo Vermeulen, raadslid; Eva Wuyts, raadslid; Seppe De Blust, raadslid; Wim Van Osselaer, raadslid; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Ann Coolsaet, raadslid; Freya Piryns, raadslid; George Ver Eecke, raadslid; Staf Wouters, raadslid; Chris Calluy, raadslid; Hugo Coveliers, raadslid; Karim Bachar, raadslid; Bart De Wever, raadslid; Bruno Valkeniers, raadslid; Sener Ugurlu, raadslid; Eddy Baelemans, korpschef

Verontschuldigd

Staf Neel, raadslid; Maya Detiège, raadslid; Annick De Ridder, raadslid

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Patrick Janssens, burgemeester-voorzitter
2011_GR_00776 - Stedelijk Onderwijs. Raamcontract Artesis Hogeschool - Principeovereenkomst - Goedkeuring 2011_GR_00776 - Stedelijk Onderwijs. Raamcontract Artesis Hogeschool - Principeovereenkomst - Goedkeuring

Motivering

Algemene financiële opmerkingen

  • De kosten voor dit onderzoek worden geraamd op 75.000,00 euro voor 2011.
  • 37 500,00 euro van het totale bedrag wordt voorzien op de code 5152000000.
  • 37 500,00 euro van het totale bedrag, het aandeel AG SO, zal gefinancierd zal worden vanuit de werkingstoelagen Vlaanderen.

Aanleiding en context

Binnen het kader van het door de gemeenteraad goedgekeurde raamcontract wordt nu een zevende principeovereenkomst voorgelegd. Binnen deze overeenkomst zal het onderzoeksproject Onderwijscampussen verder worden gezet. In de overeenkomst wordt een algemeen onderzoeksproject opgenomen, samen met een beschrijving van de onderzoeksvragen die gedurende het kalenderjaar 2011 zullen behandeld en verwerkt worden. De kosten voor dit onderzoek voor 2011 worden geraamd op 75.000,00 euro.

Dit budget wordt voor de helft voorzien door AG Stedelijk Onderwijs en voor de helft door stadsontwikkeling/ruimte.

Argumentatie

1. Algemene situering.

Sinds 2004 loopt er een raamcontract tussen Artesis Hogeschool Antwerpen, departement Ontwerpwetenschappen, voorheen Hogeschool Antwerpen, Henry van de Velde-instituut en stad Antwerpen. De onderzoeksopdrachten die in het kader hiervan zijn uitgevoerd, kennen een tweeledige aanpak: enerzijds bestaat het exploratieve luik dat gevoerd wordt door studenten van de architectuuropleiding en anderzijds is er het generieke luik, opgemaakt door onderzoekers van de Onderzoeksgroep Architectuur en Stedelijkheid. Net zoals vorig jaar zal de opdracht in functie staan van het masterplan onderwijs.

De aanleiding voor dit masterplan is de vaststelling dat elk onderwijsnet kampt met een tekort aan capaciteit, de pedagogische visie een andere vorm van onderwijs(infrastructuur) nodig heeft en onderwijsgebouwen meer duurzaam moeten worden. Vanuit dit gegeven ontstaat de ambitie om scholen om te vormen tot onderwijscampussen. Behalve de bestaande gebouwen moet ook onderzocht worden op welke plekken en op welke manier nieuwe scholen kunnen worden ingeplant, rekening houdend met de schaarse vrije ruimte.

Artesis Hogeschool Antwerpen zoekt mee naar antwoorden hiervoor via exploratief onderzoek op reële ontwikkelingsvragen binnen de stad en een generiek onderzoek. Stedelijk onderwijs en stadsontwikkeling volgen dit onderzoek op.

 2. Exploratief onderzoek.

Het exploratieve onderzoek is gebaseerd op casestudies van scholen in Antwerpen. Stedelijk onderwijs, stadsontwikkeling en Artesis Hogeschool Antwerpen zoeken samen interessante cases uit. Per semester zal gewerkt worden op twee tot vier cases. Ze worden gebundeld in afzonderlijke rapporten met volgende opbouw:

  • opdrachtformulering;
  • situering en analyse: kaarten (macro, meso, micro), foto’s, tekst;
  • analyse huidige werking school + wensen;
  • fiche huidige programma + gewenst programma;
  • casestudies. Voor elke individuele casestudie worden volgende elementen besproken: volumestudie, uitgangspunten en concept, programma en zonering (zowel bebouwd als onbebouwd), circulatie, fiche gevraagd programma versus gerealiseerd programma, mogelijkheden meervoudig ruimtegebruik, faseerbaarheid en uitbreidingsmogelijkheden. Bij passiefscholen is ook een bouwtechnische toelichting wenselijk.

Uit de verschillende cases worden aanbevelingen geformuleerd naar stad Antwerpen.

3. Generiek onderzoek.

De finaliteit van het generiek onderzoek is een breed te verspreiden publicatie in één of meer delen over duurzame onderwijsinfrastructuur (‘campus van de toekomst’) en de wijze waarop dit geïmplementeerd wordt in het masterplan van het stedelijk onderwijs. De focus ligt hierbij op scholen en campusvorming in Antwerpen, meer specifiek op scholen / campussen van het Autonoom Gemeentebedrijf Stedelijk Onderwijs.

Bijkomend zal een onderzoek gebeuren naar typologieën van schoolgebouwen / campussen in de stad, waarbij onderzocht wordt op welke wijze campusuitbreiding voor elke typologie kan worden toegepast.

Het onderzoek wordt opgebouwd uit literatuurstudie, plaatsbezoeken, eventuele interviews, de conclusies uit het exploratief onderzoek van de afgelopen jaren en het lopende academiejaar, kortom alle onderzoek dat nodig geacht wordt voor de publicatie. De publicatie kan bestaan uit een boek of verschillende cahiers, gekoppeld aan thema’s en studiedagen. De breed te verspreiden publicatie wordt voorzien begin juni 2012.

Doelstelling van die publicatie is enerzijds een document ter sensibilisering van alle partijen die betrokken zijn bij de ontwikkeling van onderwijscampussen, zowel binnen het stedelijk onderwijs, de andere onderwijsnetten (de voorbeeldfunctie), het ruimtelijk beleid van de stad de vergunning verlenende instanties...

Anderzijds moet de publicatie een studieboek worden bij de opmaak van projectdefinities zowel in functie van de onderwijscampus als bij de ruimtelijke visievorming inzake welstand. De publicatie zal in die zin een aanvulling bieden op het Bouwblokkenboek voor wat betreft de integratie van publieke functies in het bouwblokkenweefsel. In deze ambitie beoogt de publicatie ook een naslagwerk te zijn voor ontwerpers en architectuurstudenten.

De publicatie zal minimaal  bestaan uit:

Deel 1. Visieontwikkeling op de onderwijscampus in de stad.
Deel 2. Het resultaat van het conceptueel werk van Artesis m.b.t. de onderwijscampus in de stad.

Inclusief de formulering van aanbevelingen voor mogelijke werkwijze bij de realisatie van onderwijscampussen in stedelijke omgeving, eventuele voorstellen tot aanpassing regelgeving (stedelijk, Vlaams), typevoorbeelden van wat kan / zou kunnen, aandachtspunten voor bouwheren en architecten.

 4. Processtructuur.

De opvolging van het generiek onderzoek gebeurt door een projectgroep die tweemaandelijks samen komt. De resultaten van het exploratief onderzoek worden na de officiële oplevering van de studenten gepresenteerd aan de projectgroep. De projectgroep fungeert tevens als redactieraad voor de publicatie(s).

 De projectgroep bestaat uit:

  • projectleider Stedelijk Onderwijs, stad Antwerpen;
  • projectleider Ruimtelijke Ordening, stad Antwerpen;
  • vertegenwoordiger van de betrokken onderzoeksgroep Artesis Hogeschool Antwerpen;
  • afgevaardigde kabinet schepen voor onderwijs;
  • afgevaardigde kabinet schepen voor stadsontwikkeling.

Werkgroepen, eventueel wetenschappelijke commissie(s), worden afhankelijk de noodzaak georganiseerd. De leden zijn afhankelijk van het te bespreken onderwerp. De werkgroepen vinden minstens één keer per maand plaats. 

De tussentijdse resultaten uit het generieke onderzoek en de resultaten uit het exploratieve onderzoek worden halfjaarlijks geëvalueerd door de stuurgroep, vastgesteld door het college. De stuurgroep wordt georganiseerd door Stedelijk Onderwijs.

De stuurgroep bestaat uit:

  • schepen voor ruimtelijke ordening;
  • schepen voor onderwijs;
  • coördinator masterplan scholen;
  • coördinator ruimtelijk beleid;
  • projectleider ruimtelijke ordening, stad Antwerpen;
  • projectleider stedelijk onderwijs, stad Antwerpen;
  • departementshoofd departement ontwerpwetenschappen, Artesis Hogeschool Antwerpen;
  • onderzoekers Artesis Hogeschool Antwerpen.

 6. Timing.

Voor de exploratieve onderzoeken wordt volgende timing beoogd:
Cases worden vastgelegd samen met hun specifieke onderzoeksvraag voor de start van het nieuwe semester, in samenspraak met de respectievelijke promotoren. Dit betekent voor het eerste semester uiterlijk 01 juni, voor het tweede semester uiterlijk 01 december.
Ten laatste 2 maanden na de eindevaluatie worden de rapporten van de verschillende casestudies overhandigd aan de stad.
Voor het generieke onderzoek wordt volgende timing beoogd:
Een tweemaandelijkse terugkoppeling met het projectteam. Op deze momenten kan de onderzoeksopdracht geherformuleerd worden. De stuurgroep vindt halfjaarlijks plaats en dient vooraf te gaan door een projectgroep.

Een eerste overzichtspublicatie van het onderzoek wordt opgeleverd voor 15 juni 2012.

Zij bevat twee delen.

Juridische grond

Artikel 17 paragraaf 2,1°, f van de wet op de overheidsopdrachten van 24 december 1993 vermeldt dat bij overheidsopdrachten ingevolge de onderhandelingsprocedure er gehandeld kan worden zonder naleving van de bekendmakingregels als de werken, leveringen of diensten omwille van hun technische of artistieke specificiteit of omwille van de bescherming van exclusieve rechten slechts aan één bepaalde aannemer, leverancier of dienstverlener kunnen toevertrouwd worden.

In artikel 5 van de raamovereenkomst met de Hogeschool staat: ‘Het aantal  onderzoeksopdrachten en gedetailleerde uitschrijving van de onderzoeksprogramma’s wordt in consensus afgestemd op het overeengekomen jaarlijks budget van 75.000,00 euro. Dit bedrag kan niet overschreden worden tenzij mits uitdrukkelijke instemming van beide partijen.’

Fasering

  • Het college keurde in zitting van 28 mei 2004 (jaarnummer 5327) een raamcontract tussen de Hogeschool Antwerpen, departement Ontwerpwetenschappen en de stad goed.
  • Het college gaf opdracht aan de stedelijke planningscel om in overleg met de juridische dienst van de stafdienst het raamcontract uit te werken en voor te leggen aan de gemeenteraad.
  • Het raamcontract werd goedgekeurd door de gemeenteraad in de zitting van 22 juni 2004 (jaarnummer 1076).
  • De principeovereenkomst voor de onderzoeksprojecten 2004-2005 werd in zitting van 3 december 2004 (jaarnummer 12980) voorgelegd aan het college.
  • De principeovereenkomst voor de onderzoeksprojecten 2005-2006 werd in zitting van 23 december 2005 (jaarnummer 15207) voorgelegd aan het college.
  • De principeovereenkomst voor de onderzoeksprojecten 2006-2007 werd in zitting van 29 januari 2007 (jaarnummer 162) voorgelegd aan de gemeenteraad.
  • De principeovereenkomst voor de onderzoeksprojecten 2009 werd in zitting van 5 juni 2009 (jaarnummer 7416) voorgelegd aan het college.
  • De principeovereenkomst voor de onderzoeksprojecten 2009 werd in zitting van 29 juni 2009 (jaarnummer 1172) voorgelegd aan de gemeenteraad.
  • De principeovereenkomst voor de onderzoeksprojecten 2010 werd in zitting van 26 februari 2010 (jaarnummer 2288) voorgelegd aan het college.
  • De principeovereenkomst voor de onderzoeksprojecten 2010 werd in zitting van 29 maart 2010 (jaarnummer 403) voorgelegd aan de gemeenteraad.
  • De stuurgroep keurde op 7 december 2010 de voortgang van de studie goed.

Besluit

De gemeenteraad keurt eenparig het volgende besluit goed.

De gemeenteraad beslist:

Artikel 1

De gemeenteraad keurt de zesde principeovereenkomst binnen het raamcontract met de Artesis Hogeschool Antwerpen goed :

PRINCIPEOVEREENKOMST binnen het RAAMCONTRACT TUSSEN:

1. Enerzijds de stad Antwerpen, Grote Markt 1, 2000 Antwerpen, vertegenwoordigd door de gemeenteraad, waarvoor optreden de heren Patrick Janssens, voorzitter van de gemeenteraad en Roel Verhaert, stadssecretaris, hierna genoemd ‘de stad’, enerzijds

EN

2. De Artesis Hogeschool Antwerpen, departement Ontwerpwetenschappen, Mutsaardstraat 31 te 2000 Antwerpen, vertegenwoordigd door de heer Guy Aelterman, directeur van de Hogeschool Antwerpen,

bijgestaan door de heer Koen Van de vreken, voorzitter van het departement ontwerpwetenschappen hierna genoemd ‘het instituut’, anderzijds

IS AANGENOMEN WAT VOLGT

Artikel 1: Partijen komen overeen de in artikel 2 en 3 opgenomen onderzoeksvragen te onderzoeken in het kader van de raamovereenkomst tussen de stad Antwerpen en de Artesis Hogeschool Antwerpen departement Ontwerpwetenschappen, afgesloten in 2004. De overeenkomst werd in samenwerking met het departement en de planningscel van de Stad Antwerpen afgesloten.

 Artikel 2: Exploratief onderzoek:

Het exploratieve onderzoek is gebaseerd op casestudies van scholen in Antwerpen. Stedelijk Onderwijs, Stadsontwikkeling en Artesis Hogeschool Antwerpen zoeken samen interessante cases uit. Per semester zal gewerkt worden op twee tot vier cases. Ze worden gebundeld in afzonderlijke rapporten met volgende opbouw:

- Opdrachtformulering
- Situering en analyse: kaarten (macro, meso, micro), foto’s, tekst
- Analyse huidige werking school + wensen
- Fiche huidige programma + gewenst programma
- Casestudies.

Voor elke individuele casestudie worden volgende elementen besproken: volumestudie, uitgangspunten en concept, programma en zonering (zowel bebouwd als onbebouwd), circulatie, fiche gevraagd programma versus gerealiseerd programma, mogelijkheden meervoudig ruimtegebruik, faseerbaarheid en uitbreidingsmogelijkheden. Bij passiefscholen is ook een bouwtechnische toelichting wenselijk

Uit de verschillende cases worden aanbevelingen geformuleerd naar stad Antwerpen.

Artikel 3: Generiek onderzoek

De finaliteit van het generiek onderzoek is een breed te verspreiden publicatie in een of meer delen over duurzame onderwijsinfrastructuur (‘campus van de toekomst’) en de wijze waarop dit geïmplementeerd wordt in het masterplan van het Stedelijk Onderwijs. De focus ligt hierbij op scholen en campusvorming in Antwerpen, meer specifiek op scholen / campussen van het Autonoom Gemeentebedrijf Stedelijk Onderwijs.

Bijkomend zal een onderzoek gebeuren naar typologieën van schoolgebouwen / campussen in de stad, waarbij onderzocht wordt op welke wijze campusuitbreiding voor elke typologie kan toegepast worden.

Het onderzoek wordt opgebouwd uit literatuurstudie, plaatsbezoeken, eventuele interviews, de conclusies uit het exploratief onderzoek van de afgelopen jaren en het lopende academiejaar, kortom alle onderzoek dat nodig geacht wordt voor de publicatie. De publicatie kan bestaan uit een boek of verschillende cahiers, gekoppeld aan thema’s en studiedagen. De breed te verspreiden publicatie wordt voorzien begin juni 2012.

Doelstelling van die publicatie is enerzijds een document ter sensibilisering van alle partijen die betrokken zijn bij de ontwikkeling van onderwijscampussen, zowel binnen het stedelijk onderwijs, de andere onderwijs netten (de voorbeeldfunctie), het ruimtelijk beleid van de stad , de vergunning verlenende instanties...

Anderzijds moet de publicatie een studieboek worden bij de opmaak van projectdefinities zowel in functie van de onderwijscampus als bij de ruimtelijke visievorming inzake welstand.

De publicatie zal in die zin een aanvulling bieden op het Bouwblokkenboek voor wat betreft de integratie van publieke functies in het bouwblokkenweefsel. In deze ambitie beoogt de publicatie ook een naslagwerk te zijn voor ontwerpers en architectuurstudenten.

De publicatie zal minimaal  bestaan uit:

Deel 1: Visieontwikkeling op de onderwijscampus in de stad

Deel 2: Het resultaat van het conceptueel werk van Artesis m.b.t. de onderwijscampus in de stad.

Inclusief de formulering van aanbevelingen voor mogelijke werkwijze bij de realisatie van onderwijscampussen in stedelijke omgeving, eventuele voorstellen tot aanpassing regelgeving (stedelijk, Vlaams), typevoorbeelden van wat kan / zou kunnen, aandachtspunten voor bouwheren en architecten.

Artikel 4: processtructuur

De opvolging van het generiek onderzoek gebeurt door een projectgroep die tweemaandelijks samen komt. De resultaten van het exploratief onderzoek worden na de officiële oplevering van de studenten gepresenteerd aan de projectgroep. De projectgroep fungeert tevens als redactieraad voor de publicatie(s).

De projectgroep bestaat uit:

Projectleider Stedelijk Onderwijs, stad Antwerpen

Projectleider Ruimtelijke Ordening, stad Antwerpen

Vertegenwoordiger van de betrokken onderzoeksgroep Artesis Hogeschool Antwerpen

Afgevaardigde kabinet schepen voor onderwijs

Afgevaardigde kabinet schepen voor stadsontwikkeling

Werkgroepen, eventueel wetenschappelijke commissie(s), worden afhankelijk van de noodzaak georganiseerd. De leden zijn afhankelijk van het te bespreken onderwerp. De werkgroepen vinden minstens een keer per maand plaats. 

De tussentijdse resultaten uit het generieke onderzoek en de resultaten uit het exploratieve onderzoek worden halfjaarlijks geëvalueerd door de stuurgroep, vastgesteld door het college. De stuurgroep wordt georganiseerd door Stedelijk Onderwijs.

De stuurgroep bestaat uit:

Schepen voor ruimtelijke ordening
Schepen voor onderwijs
Coördinator Masterplan Scholen
Coördinator Ruimtelijk Beleid
Projectleider Ruimtelijke Ordening, stad Antwerpen
projectleider Stedelijk Onderwijs, stad Antwerpen
departementshoofd departement ontwerpwetenschappen, Artesis Hogeschool Antwerpen
onderzoekers Artesis Hogeschool Antwerpen

 Artikel 5: Timing

Voor de exploratieve onderzoeken wordt volgende timing beoogd:

Cases worden vastgelegd samen met hun specifieke onderzoeksvraag voor de start van het nieuwe semester, in samenspraak met de respectievelijke promotoren. Dit betekent voor het eerste semester uiterlijk 01 juni, voor het tweede semester uiterlijk 01 december.

Ten laatste 2 maanden na de eindevaluatie worden de rapporten van de verschillende casestudies overhandigd aan de stad.

Elk onderzoeksrapport wordt opgeleverd in geprinte en digitale versie, telkens in vijfvoud

Voor het generieke onderzoek en de realisatie van de brede publicatie wordt volgende timing beoogd:

Een tweemaandelijkse terugkoppeling met het projectteam. Op deze momenten kan de onderzoeksopdracht geherformuleerd worden. De stuurgroep vindt halfjaarlijks plaats en dient vooraf te gaan door een projectgroep.

Een eerste publicatie van het onderzoek wordt opgeleverd in januari 2012.

Artikel 6: Het instituut stelt twee projectleiders/onderzoekers (voltijds) ter beschikking voor het onderzoek.

Artikel 7: De resultaten van de opdrachten zullen ten minste tot de deliberatie van het instituut blijven, opdat tot jurering en deliberatie van de uitvoerende studenten zou kunnen overgegaan worden.

Artikel 8: De betalingen gebeuren na het voorleggen van de facturen. Na een positieve tussentijdse evaluatie door de stuurgroep kan een tussentijdse afrekening worden opgemaakt; Een positief eindevaluatieverslag van de stuurgroep wordt gesteld als goedkeuring van de uitgevoerde opdracht en de bijhorende vordering.

Artikel 9: Voor het uitlenen van de benodigde GIS gegevens zal een gebruiksovereenkomst worden opgemaakt tussen de stad, (indien nodig Digipolis) en het Instituut.  Indien nodig wordt het AGIV hierbij betrokken

Door het instituut wordt bij elke uitvoering een omstandig verslag opgemaakt in drie exemplaren. Hiervan is er een voor de uitvoerende student, een voor het instituut en een voor de opdrachtgever. Dit laatste exemplaar dient voorzien te zijn van alle originele documenten. Beide partijen hebben het recht de resultaten van de opdracht tentoon te stellen, te reproduceren, te publiceren en te verspreiden, mits steeds de identiteit van de medecontractant wordt vermeld. Dit recht wordt ook toegekend aan de professoren en studenten van het instituut die aan de betrokken opdracht hebben meegewerkt.

Voor het uitlenen van de benodigde GIS gegevens zal een gebruiksovereenkomst worden opgemaakt de stad, Digipolis en het Instituut. De geleverde gegevens mogen enkel gebruikt worden in het kader van de opdracht of het project waarvoor ze ter beschikking zijn gesteld. De contractant verkrijgt hiertoe een tijdelijke niet-overdraagbare en niet-exclusieve licentie op de gegevens. Stad Antwerpen of de respectievelijke andere producent blijft ten allen tijde eigenaar van de intellectuele en andere eigendomsrechten op de ter beschikking gestelde gegevens. De geleverde gegevens mogen onder geen enkele vorm worden doorgegeven, verkocht, verhuurd of ter beschikking gesteld aan derden; Het gebruik van de gegevens voor commerciële doeleinden is niet toegestaan; Stad Antwerpen of haar opdrachthouder Digipolis Antwerpen kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade ten gevolge van of naar aanleiding van het gebruik van de gegevens. Bij het beëindigen van de opdracht waarvoor de gegevens geleverd werden, of bij het beëindigen van deze overeenkomst, zal de geleverde kopie terug bezorgd worden aan de instantie die de data heeft aangeleverd; alle kopieën en afgeleide gegevens van de geleverde gegevens geïnstalleerd bij de contractant zullen vernietigd worden.

Indien de beschikbaar gestelde gegevens als bestek gebruikt wordt voor de aanmaak van eigen datagegevens, dan zal deze data eveneens ter beschikking gesteld worden aan Stad Antwerpen.

Artikel 10: De auteursrechten van het materiaal dat uit het onderzoek voorkomt komt toe aan het Instituut. De stad heeft daarbij het recht om beelden en delen van de onderzoeksresultaten te gebruiken en te reproduceren telkens met vermelding van de auteur.

Artikel 11: Voor zover er in deze overeenkomst niet van wordt afgeweken is het reglement betreffende de wetenschappelijke en maatschappelijke dienstverlening van de Artesis Hogeschool Antwerpen op de onderzoeksopdrachten van toepassing.

Opgemaakt te Antwerpen, in dubbel, op ……….., in twee originele exemplaren waarvan elke partij verklaart een exemplaar ontvangen te hebben

Voor stad Antwerpen,

Namens de gemeenteraad

De stadssecretaris                                                      De voorzitter van de gemeenteraad

 

Roel Verhaert                                                               Patrick Janssens

 

Voor Artesis Hogeschool Antwerpen,                      Voor departement Ontwerpwetenschappen,

Directeur Artesis Hogeschool Antwerpen                Departementshoofd Ontwerpwetenschappen,

 

Guy Aelterman                                                          Koenraad Van de vreken

Artikel 2

De stadsontvanger verleent zijn visum voor het huidige dienstjaar en regelt de financiële aspecten als volgt:

Omschrijving Bedrag Boekingsadres Bestelbon
 Raamcontract Artesis Hogeschool  0257.228.855

37.500,00 euro

 

 

37.500,00 euro

Budgetplaats: 5152000000
Budgetpositie: 611
Functiegebied: FDSW010701A00000
Subsidie: SUB_NR
Fonds: intern
Begrotingsprogramma: 510010600
Budgetperiode: 1100
 

Het aandeel AG SO gefinancierd zal worden vanuit de werkingstoelagen Vlaanderen.

 

 4005006387