Artikel 57 §3, 4° van het gemeentedecreet van 15 juli 2005 stelt dat het college bevoegd is voor het voeren van de gunningsprocedure, de gunning en de uitvoering van overheidsopdrachten.
| Fase | Bestuursorgaan | Datum | Jaarnummer |
|
overeenkomst afgesloten met architect Mark Vahecke & Vera Suls bvba, voor de renovatie van de Sint-Augustinuskerk en annexgebouwen |
gemeenteraad | 16 december 1996 | 2410 |
|
goedkeuring aanpassing overeenkomst |
gemeenteraad | 28 april 1997 | 729 |
|
gunning aan de Tijdelijke Vereniging Goedleven Fr. nv - Altritempi nv, tegen 843.137,91 EUR, exclusief btw |
college | 21 december 2007 | 17691 |
|
goedkeuring schorsing in afwachting van een beslissing van Ruimte en Erfgoed |
college | 8 april 2011 | 3681 |
Op vraag van de Raad van Bestuur van Amuz, stelt bedrijf cultuur,sport & jeugd voor om de pleisterwerken aan kolommen en bogen, zoals voorzien in het bestek, niet uit te voeren.
Het college keurde de schorsing goed van de uitvoering van de bepleistering- en schilderwerken aan de kolommen en bogen in de kerk, door de Tijdelijke Vereniging Goedleven Fr. nv – Altritempi nv van de interieurrestauratie fase 3.3, de vierde deelfase, in afwachting van een beslissing van Ruimte en Erfgoed inclusief alle hieraan verbonden risico’s.
Aan Ruimte en Erfgoed werd advies gevraagd, voor het niet uitvoeren van de bepleistering- en schilderwerken aan de kolommen en bogen in de kerk, met de volgende argumentatie van de bedrijfseenheid cultuur, sport & jeugd:
1) akoestiek:
De concertzaal neemt sinds enkele jaren een belangrijke plek in het in het Vlaamse en internationale culturele veld. Een van de troeven daarbij is de huidig door topmusici ervaren uitstekende akoestiek van de kerk die herbestemd is tot concertruimte. Elke ingreep heeft een invloed op de akoestiek. Ondanks de technische studies die uitgevoerd werden en aantonen dat er technisch gesproken geen of een miniem effect zou zijn, blijkt uit testen en opstellingen met musici dat er mogelijk een veel grotere impact is dan technisch nu voorspeld wordt. Het aanbrengen van pleister, verf of andere materialen op de zuilen en de bogen hebben een blijvende impact en zijn niet onmiddellijk terug te draaien. Uitgaande van de huidige werking is deze ingreep dan ook bijzonder risicovol. Daarbij wil AMUZ, de huidige gebruiker van de ruimte, vermijden dat er wijzigingen rond de akoestiek zouden plaatsvinden. Een werking die jaren is opgebouwd kan op korte termijn zijn reputatie van 'schitterende akoestiek' verliezen, met alle gevolgen van dien.
2) de natuursteen waarin de zuilen zich vandaag bevinden vormt in het beeld van de bezoeker van AMUZ een eenheid.
3) omgekeerd geldt echter dat in een latere fase, wanneer de inzichten over akoestiek of het gebruik van de kerkruimte zouden wijzigen, het een kleine moeite is om alsnog de bepleistering aan te brengen.
Het advies van Ruimte en Erfgoed is als volgt:
hoewel de restauratieoptie om het barokke interieur opnieuw af te werken met een dunne kalklaag goed onderbouwd was en op een consensus kon rekenen van alle betrokkenen kunnen wij u mededelen dat we akkoord gaan met de voorgestelde aanpassing, met name het voorlopig niet bepleisteren van de zuilen en de gordelbogen in het kerkschip.
We betreuren de beslissing aangezien het een gemiste kans is om de barokke binnenruimte te herstellen.
Ons akkoord met de wijziging steunt op het feit dat deze in feite het behoud van bestaande toestand beoogt, wat van uit het oogpunt van de monumentenzorg zeker ook aanvaardbaar is.
Ruimte en Erfgoed is akkoord met de wijziging van het bestek in verband met de bepleistering- en schilderwerken aan de kolommen en bogen in de kerk, zodat volgende werken niet moeten uitgevoerd worden en de schorsing kan beëindigd worden:
| Artikel | omschrijving | bedrag |
| 11.1.1 | bepleistering zuilen kerkschip | 7.297,32 EUR |
| 6.11.1.2 | bepleistering bogen kerkschip | 15.488,69 EUR |
| 8.1.4.1 | schilderwerk zuilen kerkschip | 4.222,93 EUR |
| 8.1.4.2 | schilderwerk bogen kerkschip | 5.163,67 EUR |
| totaal | 32.172,61 EUR |
Volgens artikel 42 § 1 van de bijlage van het Koninklijk Besluit van 26 september 1996 is de aannemer ertoe gehouden alle toevoegingen, weglatingen en wijzigingen aan de opdracht aan te brengen, die de aanbestedende overheid in de loop van de uitvoering beveelt en die met het voorwerp van de opdracht samenhangen en binnen de perken ervan blijven. De aannemer is echter tot de uitvoering van bijwerken niet meer verplicht zodra hun totale waarde meer dan 50 percent van het initieel bedrag van de opdracht beloopt. (plus- en minwerken)
Het college: