Nee
Artikel 4.7.12. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening stelt dat het college bevoegd is om de beslissing te nemen over een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning.
| Aanvragers: | Stadsimmo nv, Vanhalme bvba |
| De aanvraag omvat: | wijziging hoogte gemene muur op perceelgrens tov laatst vergunde toestand AN3/B/2015172 |
| Dossiernummer: | AN3/B//20152695 |
Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college conform artikel 4.7.17 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kennis van het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar dat als bijlage bij dit besluit is gevoegd.
Op 3 april 2015 werd een vergunning (met ref. 2015_CBS_02880) verleend voor de bouw van 58 appartementen waarbij volgens de tekeningen een bestaande perceel scheidende muur van 7,20 m verlaagd wordt tot 3 50 m.
Een lopend burgerrechtelijk dispuut verhindert de verlaging van deze muur waardoor de vergunning met ref. 2015_CBS_02880 onuitvoerbaar wordt.
Op 15 januari 2016 ligt het verzoek neer de vergunning met ref. 2015_CBS_02880 te wijzigen door de bestaande scheidingsmuur van 7,20 m te behouden.
Na analyse van de plattegronden en doorsneden wordt aangetoond dat aan artikel 24 : Minimale lichtinval en minimale luchttoevoer van de bouwcode wordt voldaan.
Het college is tevens van oordeel dat de goede ruimtelijke ordening en woonkwaliteit van de appartementen gegarandeerd blijft door het behoud van de scheidingsmuur.
De betrokken achtergevel is voorzien van voldoende glasvlakken die de 10% van de netto-vloeroppervlakte ruimschoots overstijgt. Daarenboven beschikken alle raamopeningen over te openen delen en geeft de gelijkvloerse etage dewelke exclusief bestaat uit slaapkamers en keukens uit op een privatieve tuinstrook van minimaal 5.66 m diepte.
Op deze wijze is er garantie voor voldoende lichtinval en luchttoevoer.
De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en zijn uitvoeringsbesluiten.