Terug

2016_CBS_01280 - District Berchem - Diksmuidelaan 157 - 201542 - Vraag tot opname vergunningsregister wegens vermoeden vergunning - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 19/02/2016 - 09:00 collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2016_CBS_01280 - District Berchem - Diksmuidelaan 157 - 201542 - Vraag tot opname vergunningsregister wegens vermoeden vergunning - Goedkeuring 2016_CBS_01280 - District Berchem - Diksmuidelaan 157 - 201542 - Vraag tot opname vergunningsregister wegens vermoeden vergunning - Goedkeuring

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

Het college is bevoegd in het kader van de opmaak van het vergunningenregister en de actieve onderzoeksplicht (artikel 5.1.3 §§1 en 2, en artikel 7.6.2. §1, 5de en 6de lid van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening).

Aanleiding en context

Op datum van 16 oktober 2015 vraagt KRAUSZ Chaim per e-mail om aan zijn eigendom, gelegen Diksmuidelaan 157, district Berchem, op te nemen in het vergunningenregister wegens vermoeden van vergunning.
Hij voegt hierbij de volgende documenten ter staving toe:

  • plannen huidige toestand;
  • oude bouwplannen 26 maart 1952;
  • attest bevolking;
  • uittreksel uit het kadaster.

Bestaande juridische toestand
Het pand, Diksmuidelaan 157 district Berchem, is kadastraal gekend als 'Handel/Huis' met gegevens 22e afdeling, sectie A, nummer 72 c 4.

Voor dit pand werd een bouwvergunning verleend op 26 maart 1952.

Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woongebied. De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving. (Artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen.)

Bestaande feitelijke toestand
Het pand bestaat momenteel uit een handelsruimte met achtergelegen dagverblijf en keuken op het gelijkvloers en twee bovenliggende appartementen, telkens één per verdieping. De toegevoegde plannen van de huidige toestand stemmen overeen met de in 1952 vergunde toestand.

Er werd nooit een proces-verbaal van overtreding opgemaakt.

Argumentatie

Het voorwerp

Uit de bijgevoegde bewijsmaterialen blijkt dat de huidige constructie van het gebouw in aanmerking komt voor opname als geacht vergund.

Er wordt voldoende aangetoond dat de huidige indeling en functie van het gebouw in aanmerking komt voor opname in het vergunningenregister wegens vermoeden van vergunning.

De bewijsvoering
In het archief werden bouwplannen teruggevonden van 1952. Hieruit blijkt dat het gebouw op 26 maart 1952 werd vergund.
Volgens de kadastrale gegevens dateert de ingebruikneming van voor 1962.
Het gebruik van het pand , handel op het gelijkvloers en twee bovenliggende appartementen stemt overeen met de in 1952 verleende vergunning.

Uit de bevolkingsgegevens blijkt dat, voor de datum van het gewestplan, tussen 1963 en 1993 twee gezinnen op dit adres waren ingeschreven.
Voorgaande bewijst voldoende dat de huidige toestand dateert van voor de inwerkingtreding van de Wet op Stedenbouw (22 april 1962).

Conclusie
De gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar stelt voor om, gelet op de aangehaalde argumenten, het gebouw op te nemen in het vergunningenregister als geacht vergund.

Juridische grond

Iedere constructie waarvan bewezen is dat ze gebouwd werd voor 22 april 1962 ofwel tussen deze en voor de eerste invoering van het gewestplan (3 oktober 1979, van kracht 9 november 1979), dient te worden opgenomen in het vergunningenregister met een vermoeden van vergunning in toepassing van artikel 5.1.3. §1. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke ordening.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college neemt kennis van het feit dat het pand Diksmuidelaan 157, district Berchem, inclusief het handelsgelijkvloers en de twee woongelegenheden, in het vergunningenregister wegens vermoeden van vergunning, wordt opgenomen als gebouwd voor 1962.

Artikel 2

Het college geeft opdracht aan:

Dienst Taak
SW/V/SV een duplicaat van de beslissing te bezorgen aan het kadaster voor aanpassing van de kadastrale gegevens.

Artikel 3

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.