Deze studie wordt als volgt gefinancierd:
Artikel 57 § 3, 5° van het Gemeentedecreet van 15 juli 2005 stelt dat het college bevoegd is voor het vaststellen van de wijze van gunning en de voorwaarden van overheidsopdrachten als het gaat om een opdracht van dagelijks bestuur.
De opdracht is een gezamenlijk initiatief van de bedrijfseenheid Stadsontwikkeling (de afdelingen Ontwerp en Uitvoering, Ruimte en Energie en Milieu Antwerpen) en de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM). Het kadert dan ook in de uitwerking van het Groenplan, het Hemelwaterplan en de Klimaatadaptatiestrategie van de stad Antwerpen. De krijtlijnen voor een nieuwe gravitaire Schijn-Scheldeverbinding zijn reeds ingetekend in het goedgekeurde voorontwerp van het Bovenlokaal Groenplan. De actie om de haalbaarheid technisch, ruimtelijk en financieel verder uit te werken, is ook een belangrijke goedgekeurde vervolgactie die voorkomt uit de ‘Kennisgave van de Neerslagmodellering’ (2015_CBS_08408), en is tevens een belangrijke ingreep die nu wordt meegenomen in het Hemelwaterplan dat Rio-link momenteel opmaakt in opdracht van de stad Antwerpen.
Een gravitaire Schijn-Scheldeverbinding (in plaats van een opgepompte Schijn-Scheldeverbinding ter hoogte van het Sportpaleis) is nog steeds een belangrijke prioriteit op Vlaams niveau. Dit omwille van de waterveiligheid (bij pompuitval van het Schijn), omwille van de hoge energiekosten van het pompgemaal, omwille van de waterzuivering (om de waterzuiveringsinstallatie te ontlasten bij hevige neerslag) en omwille van de ecologie / het brengen van water in de stad. VMM heeft daarom gezorgd dat binnen het Oosterweelproject er nu al kokers worden voorzien om zo’n gravitaire verbinding mogelijk te maken. De VMM heeft tevens een eerste haalbaarheidsstudie laten opmaken in 2010 om een tracé via het centrum te onderzoeken. Dit eerste voorgestelde tracé door het centrum bleek niet haalbaar omwille van het ver gevorderd stadium van de werken, die parallel in de stad werden georganiseerd en bood bovendien te weinige meerwaarde op vlak van stadsontwikkeling en beeldkwaliteit. Twee alternatieve scenario’s werden echter weerhouden.
Stad Antwerpen nam in 2015 het initiatief om één alternatief scenario- het noordelijke tracé - verder te onderzoeken (via ontwerpend onderzoek) i.k.v. de opmaak van het Bovenlokaal Groenplan. Dit tracé bleek namelijk wel grote meerwaarde te betekenen voor de stedenbouw en de waterhuishouding. Het noorden van Antwerpen kampt met grote groentekorten (parktekorten), een gebrekkige ecologische structuur en een grote hitteproblematiek. Belangrijker nog is dat er structurele ingrepen nodig zijn om de Damwijk, Sportpaleis, het Eilandje en delen van Borgerhout (het noordelijk deel van het centrum), ‘waterveilig’ en ‘klimaatbestendig’ te maken. De groenblauwe structuur zou lager liggen dan zijn omgeving en -buiten bijkomende waterbuffering- ook zorgen voor een beveiliging of noodbuffer bij wateroverlast bij hevige regenval en pompuitval. Het tracé valt samen met de historische delta van het Schijn, en wordt vanuit historische waarde onderbouwd. Tevens zorgt deze nieuwe landschappelijke structuur voor bijkomende kwalitatieve open ruimte, ontwikkelingspotentieel en een mogelijke waardestijging voor dit stadsdeel.
Opdracht:
Het vooronderzoek van het Groenplan is technisch nog niet voldoende onderbouwd om de finale haalbaarheid te onderzoeken en vervolgstappen te ondernemen. Daarom wordt er een haalbaarheidsstudie uitgeschreven, met zowel een ruimtelijk, technisch als financieel luik. In het eerste luik wordt de impact van de ingreep op het landschap, de ruimtelijke planning en de inpassing in de lopende projecten bestudeerd en geoptimaliseerd. Het tweede luik omvat een hydrologische, hydraulische en ecologische onderbouwing en optimalisatie van het project. In het derde luik worden de kosten en baten van deze ingreep tegen elkaar afgezet d.m.v. een concrete set van indicatoren (monetair of niet-monetair) en worden potentiële ontwikkelingsstrategieën en financieringsmechanismen nagegaan (kostenoptimalisatie). Tenslotte zullen ook verdere beleidsaanbevelingen worden gedaan.
Selectiecriteria
Gunningscriteria
De opdracht wordt gegund aan de inschrijver met de economisch meest voordelige en regelmatige offerte, rekening houdend met de volgende gunningscriteria:
In toepassing van artikel 26§2, 1° d) van de wet van 15 juni 2006 betreffende de overheidsopdrachten, zal deze opdracht gegund worden bij vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met bekendmaking omdat het geraamde bedrag van de opdracht zonder belasting over de toegevoegde waarde de door het artikel 105 §2, 2° van het Koninklijk Besluit van 15 juli 2011 vastgestelde bedragen niet bereikt, die alleszins lager moeten zijn dan de bedragen voor de Europese bekendmaking.
Het geraamde opdrachtenbedrag bedoeld in artikel 26§2, 1° d) mag de drempels vermeld in artikel 32, eerste lid, 3° voor de opdrachten voor diensten, niet bereiken.
In toepassing van artikel 58 van het Koninklijk Besluit van 15 juli 2011 betreffende de overheidsopdrachten, dient de dienstverlener van een opdracht voor diensten overeenkomstig de bepalingen van artikelen 67 en 72, zijn financiële en economische draagkracht en zijn technische bekwaamheid aan te tonen.
In toepassing van artikel 50 van de Koninklijk Besluit van 15 juli 2011 betreffende de overheidsopdrachten, vermeldt de aanbestedende overheid het gunningscriterium of de gunningscriteria in de uitnodiging om een offerte in te dienen of in de opdrachtdocumenten.
In toepassing van artikel 38 van de wet van 15 juni 2006 betreffende de overheidsopdrachten, kunnen diensten voor rekening van verschillende aanbestedende overheden worden samengevoegd in één enkele opdracht. De betrokken personen duiden de overheid aan die in hun gezamenlijke naam bij de gunning en de uitvoering van de opdracht als aanbestedende overheid zal optreden.
Het college keurt bestek GAC/2016/3429 voor het afsluiten van een overeenkomst met betrekking tot het uitvoeren van een haalbaarheidsstudie van een nieuwe Schijn-Scheldeverbinding en bijhorende landschapsstructuur goed en keurt eveneens goed dat hiervoor een vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met bekendmaking wordt uitgeschreven.
De financieel beheerder verleent zijn visum en regelt de financiële aspecten als volgt:
| Omschrijving | Bedrag | Boekingsadres | Bestelbon |
| Haalbaarheidsstudie van een nieuwe Schijn-Scheldeverbinding en bijhorende landschapsstructuur in 2016 - Aandeel stad Antwerpen | budgetplaats:5152500000 budgetpositie:613 functiegebied:1HWN010201A00000 subsidie:sub_nr fonds:intern begrotingsprogramma:1SA010381 budgetperiode: 1600 |
10210255 | |
| Haalbaarheidsstudie van een nieuwe Schijn-Scheldeverbinding en bijhorende landschapsstructuur in 2017 - Aandeel stad Antwerpen | budgetplaats:5152500000 budgetpositie:613 functiegebied:1HWN010201A00000 subsidie:sub_nr fonds:intern begrotingsprogramma:1SA010381 budgetperiode: 1700 mits goedkeuring van de budgetten door college, gemeenteraad en hogere overheid |
10210256 |