Terug

2016_GR_00285 - Aanvullend agendapunt te beslissen - Charter tegen sociale dumping - Kennisneming

gemeenteraad
ma 25/04/2016 - 19:30 Raadzaal, stadhuis
Kennis genomen

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester-voorzitter; Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Filip Dewinter, raadslid; Kathleen Van Brempt, raadslid; Gerolf Annemans, raadslid; André Gantman, raadslid; Güler Turan, raadslid; Robert Voorhamme, raadslid; Anke Van dermeersch, raadslid; Karim Bachar, raadslid; Monica De Coninck, raadslid; Leen Verbist, raadslid; Fauzaya Talhaoui, raadslid; Fatma Akbas, raadslid; Greet van Gool, raadslid; Bruno Valkeniers, raadslid; Toon Wassenberg, raadslid; Wim Van Osselaer, raadslid; Patrick Janssen, raadslid; Peter Mertens, raadslid; Yasmine Kherbache, raadslid; Annemie Turtelboom, raadslid; Liesbeth Homans, raadslid; Mohamed Chebaa Amimou, raadslid; Wouter Vanbesien, raadslid; Mie Branders, raadslid; Galina Matushina, raadslid; Caroline Bastiaens, raadslid; Carine Leys, raadslid; Lisa Geets, raadslid; Leyla Aydemir, raadslid; Johan Klaps, raadslid; Danielle Meirsman, raadslid; Dirk Rochtus, raadslid; Anne Giveron, raadslid; Martine Vrints, raadslid; Koen Laenens, raadslid; Martijn Van Esbroeck, raadslid; Franky Loveniers, raadslid; Danny Feyen, raadslid; Jean Goedtkindt, raadslid; Joris Giebens, raadslid; Fatima Talhaoui, raadslid; Imade Annouri, raadslid; Dirk Van Duppen, raadslid; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Freya Piryns, raadslid; Serge Muyters, korpschef

Verontschuldigd

Maya Detiège, raadslid; Vic Van Aelst, raadslid; Kevin Vereecken, raadslid

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester-voorzitter
2016_GR_00285 - Aanvullend agendapunt te beslissen - Charter tegen sociale dumping - Kennisneming 2016_GR_00285 - Aanvullend agendapunt te beslissen - Charter tegen sociale dumping - Kennisneming

Motivering

Aanleiding en context

Bestuurszaken ontving op 15 april 2016 via eBesluitvorming een voorstel tot beslissing van raadsleden Van Brempt en Kherbache.

Argumentatie

De toelichting die door raadsleden Van Brempt en Kherbache werd bezorgd, luidt als volgt.

Inleiding

Jaarlijks kopen alle Belgische overheden samen voor zo’n 50 miljard euro aan werken, diensten en producten aan via overheidsopdrachten. Het aandeel van de lokale overheden daarin is zo’n 8 miljard. Deze opdrachten zijn dus een belangrijke bron van rechtstreekse en onrechtstreekse tewerkstelling.

De wijze waarop deze opdrachten worden toegewezen zijn strikt gereglementeerd door een Europese Richtlijn.

Het Europees Parlement heeft erover gewaakt dat die Richtlijn een efficiënt wapen is, om de strijd te kunnen aangaan tegen de frauduleuze praktijken en tegen de sociale dumping in het kader van  overheidsopdrachten.

De aanbestedende overheden worden bij de keuze van gunningscriteria aangemoedigd om meer aandacht te hebben voor criteria die betrekking hebben op het milieu, innovatie en zgn. levenscyclus.

De lidstaten mogen de overheidsinstanties die een opdracht uitschrijven verplichten om aannemers die inbreuken hebben gepleegd op de milieuwetgeving of op de sociale- en arbeidswetgeving, uit te sluiten.

Overheidsinstanties hoeven voortaan niet automatisch het laagste bod te kiezen in openbare aanbestedingen. Bij de aanschaf van goederen en diensten, aanbesteding van openbare werken, of het afsluiten van concessiecontracten kunnen voortaan ook andere factoren, zoals de tewerkstelling van kansengroepen, of kwetsbare groepen, worden meegenomen en meegewogen.

Ook de naleving van het arbeidsrecht en van CAO’s zouden een rechtstreekse rol moeten spelen in het toekennen van opdrachten, met een verplichte uitsluiting in het geval van niet-naleving van de rechten van de werknemers. Zo kan deze regelgeving een effectief instrument zijn om sociale dumping te weren bij de uitvoering van overheidsopdrachten.

Daarom onderhavig voorstel om een gedragscode, een zgn. charter ter bestrijding van sociale dumping bij lokale overheidsopdrachten die wij uitschrijven, aan te nemen, waarin wij volgende clausules opnemen:

  • De verplichte naleving van het arbeidsrecht en van de collectieve arbeidsovereenkomsten door het geheel van de inschrijvers, m.a.w. zowel door de hoofduitvoerders van een project, als door hun onderaannemers, op straffe van  uitsluiting van de inschrijver en/of de onderaannemer(s), die een overtreding begaan; 
  • De systematische opname van milieu-, sociale, ethische en tewerkstellingsclausules,  waardoor de keuze van de aanbesteding ook op andere sociaal rechtvaardige(re) criteria gebaseerd wordt, dan louter op basis van de prijs.
  • De verplichte uitsluiting van abnormaal lage offertes.
  • Een afdwingbare boeteclausule (€ 400 boete voor de inschrijvers die het charter niet naleven en die zich beroepen op frauduleuze detacheringpraktijken van werknemers en sociale dumping) en adequate controlemechanismen (informatie-uitwisseling tussen de inspectiediensten en de lokale politie). 

Aanleiding en context

Overwegende dat de sociale dumping schadelijk is voor onze economie, werkgelegenheid en sociale zekerheid; 

Overwegende dat de langdurige werkloosheid, vooral bij laaggeschoolden en werknemers met migratieachtergrond, een structureel probleem is in Vlaanderen en dat de overheidsopdrachten een belangrijke bron van werkgelegenheid kunnen betekenen ; 

Overwegende dat de belangen die op het spel staan, meer bepaald de duur van de arbeidsperiodes, de veiligheid, het loon van de werknemers en hun levensomstandigheden, belangen zijn waaraan onze overheden, elk op hun niveau, een waarde moeten hechten die uitgedrukt moet worden via een versterkte normatieve regeling; 

Overwegende dat de sociale dumping tot nadelige oneerlijke concurrentie leidt voor de bedrijven die de geldende regels wèl naleven; 

Overwegende dat het principe van het vrij verkeer van diensten en werknemers moet samengaan met de eis tot eerlijke concurrentie en bijgevolg het principe van “gelijke rechten voor gelijk werk” gerespecteerd moet worden;

Overwegende dat op het gebied van de strijd tegen de sociale dumping de Europese , federale en gewestelijke wetgevingen en lokale regelgevingen versterkt moeten worden, om juist dit fenomeen te bestrijden; 

Overwegende dat van de mogelijkheden, die de omzetting van de richtlijn 2014/24/EU betreffende het plaatsen van overheidsopdrachten biedt, gebruik gemaakt moet worden om op alle bestuursniveaus ons arsenaal aan wetgevingen en regelgevingen tegen de sociale dumping te versterken;

Overwegende dat ook andere lokale openbare instellingen aangemoedigd dienen te worden om de principes voorzien in dit Charter op te nemen in hun overheidsopdrachten;

Juridische grond

Overwegende dat artikel 23, 1° van de Grondwet het recht op arbeid en op de vrije keuze van beroepsarbeid in het raam van een algemeen werkgelegenheidsbeleid onder meer gericht  op het waarborgen van een zo hoog en stabiel mogelijk werkgelegenheidspeil) verzekert, alsmede het recht op billijke arbeidsvoorwaarden en op een billijke beloning, alsook het recht op informatie, overleg en collectief onderhandelen waarborgt; 

Overwegende dat krachtens de richtlijn 2014/24/EU betreffende het plaatsen van overheidsopdrachten,  overheidsinstanties de mogelijkheid zullen hebben om meer nadruk te leggen op de kwaliteit en op milieu- en sociale aspecten;   

Rekening houdende met het  Vlaams Plan Overheidsopdrachten voor een strategisch en gecoördineerd beleid inzake overheidsopdrachten voor Vlaanderen, zoals aangenomen door de Vlaamse Regering op 29  januari 2016;  

Besluit

Artikel 1: Het charter toegevoegd aan deze beraadslaging aan te nemen, om de sociale dumping bij de overheidsopdrachten uitgeschreven door het stadbestuur van Antwerpen en bij uitbreiding door onze andere lokale entiteiten, zoals de Antwerpse Autonome gemeentebedrijven(dochters van de stad Antwerpen), te bestrijden. 

Artikel 2:  De hogere bestuursniveaus te verzoeken om:

  • op de meest uitgebreide en bindende manier de richtlijn 2014/24/EU betreffende het plaatsen van overheidsopdrachten om te zetten naar Belgisch en Vlaams recht, meer bepaald door de voorwaarden strikt vast te leggen om tijdelijke verenigingen te vormen en hun verantwoordelijkheid te hekelen in het geval er beroep wordt gedaan op praktijken van sociale dumping; 
  • voldoende personeel te voorzien, dat verantwoordelijk is voor de strijd tegen de sociale dumping in al zijn vormen; 
  • te pleiten voor de invoering van een minimaal referentieloon op Europees niveau, wat het beste wapen tegen de sociale dumping zou zijn; 
  • ervoor te pleiten dat de werkgevers voor deze gedetacheerde werknemers sociale bijdragen betalen op het niveau van de bijdragen van het land, waarin de dienst gepresteerd wordt. 

Juridische grond

Basisreglement bestuurlijke organisatie stad Antwerpen - artikel 39

"Elk punt dat niet op de gewone agenda voorkomt, kan tot vijf dagen vóór de zitting samen met een verklarende nota aan de secretaris worden overhandigd, die deze toegelichte voorstellen van beslissing bezorgt aan de voorzitter van de raad.
Een lid van het uitvoerend bestuur kan van de mogelijkheid om agendapunten toe te voegen geen gebruik maken.
De secretaris deelt de bijgevoegde agendapunten, zoals vastgesteld door de voorzitter van de raad, en de toegelichte voorstellen onverwijld mee aan de leden van de raad."

Besluit

De gemeenteraad neemt kennis van dit besluit.

De gemeenteraad verwerpt dit aanvullend agendapunt bij monde van de fractievoorzitters.
Stemgedrag
Stemden ja: sp.a, Vlaams Belang, PVDA+ en Groen.
Stemden neen: N-VA, CD&V en Open VLD.

De gemeenteraad beslist:

Artikel 1

De gemeenteraad neemt een beslissing omtrent volgende artikels.

  • Artikel 1
    De gemeenteraad keurt het charter, toegevoegd aan deze beraadslaging, goed om de sociale dumping bij de overheidsopdrachten uitgeschreven door het stadbestuur van Antwerpen en bij uitbreiding door onze andere lokale entiteiten, zoals de Antwerpse Autonome gemeentebedrijven (dochters van de stad Antwerpen), te bestrijden. 
  • Artikel 2
    De gemeenteraad verzoekt de hogere bestuursniveaus om:
    - op de meest uitgebreide en bindende manier de richtlijn 2014/24/EU betreffende het plaatsen van overheidsopdrachten om te zetten naar Belgisch en Vlaams recht, meer bepaald door de voorwaarden strikt vast te leggen om tijdelijke verenigingen te vormen en hun verantwoordelijkheid te hekelen in het geval er beroep wordt gedaan op praktijken van sociale dumping;
    - voldoende personeel te voorzien, dat verantwoordelijk is voor de strijd tegen de sociale dumping in al zijn vormen;
    - te pleiten voor de invoering van een minimaal referentieloon op Europees niveau, wat het beste wapen tegen de sociale dumping zou zijn;
    - ervoor te pleiten dat de werkgevers voor deze gedetacheerde werknemers sociale bijdragen betalen op het niveau van de bijdragen van het land, waarin de dienst gepresteerd wordt.

Artikel 2

Dit besluit heeft in principe geen financiële gevolgen.

Bijlagen