Terug

2016_DCEK_00040 - Beheer openbaar bomenbestand 2016 - Veltwijckpark, district Ekeren (dossier 328/15). Vervangen van vijf bomen - Goedkeuring

districtscollege Ekeren
di 02/02/2016 - 14:00 Hecerna
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Koen Palinckx, districtsvoorzitter; Sabine Coene, districtsschepen; Pol Bruyninckx, districtsschepen; Ludo Van Reusel, districtsschepen; Tamara Heynen, districtsschepen; Karin Nauwelaerts, districtssecretaris

Secretaris

Karin Nauwelaerts, districtssecretaris

Voorzitter

Koen Palinckx, districtsvoorzitter
2016_DCEK_00040 - Beheer openbaar bomenbestand 2016 - Veltwijckpark, district Ekeren (dossier 328/15). Vervangen van vijf bomen - Goedkeuring 2016_DCEK_00040 - Beheer openbaar bomenbestand 2016 - Veltwijckpark, district Ekeren (dossier 328/15). Vervangen van vijf bomen - Goedkeuring

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

Met de collegebeslissing van 6 maart 2015 (jaarnummer 1791) werden de bevoegdheden van de districtcolleges gecoördineerd. Artikel 11 bepaalt dat het districtcollege bevoegd is voor lokale parken en groenaanplantingen.

Bij besluit van de gemeenteraad van 30 maart 2015 (jaarnummer 147) werden de bovenlokale locaties vastgelegd.

Het Veltwijckpark is lokaal. Het district heeft beslissingsbevoegdheid.

Aanleiding en context

Op 19 maart 2003 (jaarnummer 2628) nam het college kennis van de formele goedkeuring door het ministerie van de Vlaamse gemeenschap van 30 januari 2003 over het beheerplan van het beschermde landschap “buitenpark Veltwijckkasteel”.

In het Veltwijckpark, district Ekeren, dienen vijf bomen te worden vervangen. Deze ingreep werd niet vermeld in het beheerplan.

Argumentatie

Het betreft vier Tilia platyphyllos (zomerlinden - stamomtrekken tussen 123 cm en 185 cm) en één Fagus sylvatica (groene beuk - stamomtrek 201 cm). De zomerlinde met stamomtrek 185 cm staat naast het fietspad en de rijweg, de andere drie zomerlinden staan in de dreef ter hoogte van de speeltuin en de groene beuk staat dicht bij de omheining van de speeltuin.

Deze bomen bevinden zich allemaal in slechte gezondheidstoestand:

 

  • de zomerlinde met stamomtrek 185 cm is onderaan de stamvoet aangetast door schimmel, hierdoor zal hij op termijn instabiel worden;
  • de zomerlinde met stamomtrek 138 cm is volledig afgestorven;
  • de zomerlinde met stamomtrek 136 cm heeft op 170 cm hoogte een grote holte in de stam. De holte is aan het inrotten en de stam klinkt op verschillende plaatsen hol;
  • de zomerlinde met stamomtrek 123 cm vertoont een zwamlichaam van de tonderzwam. Dit is een zwakteparasiet en veroorzaakt witrot. De boom zal op termijn op deze plaats afbreken;
  • de groene beuk vertoont aan de stamvoet vruchtlichamen van de reuzenzwam. Deze aantasting komt voor op beschadigde of verzwakte wortels of stamvoeten en zorgt voor sterke aantasting van het wortelfundament. Hierdoor komt de stabiliteit van de boom in het gedrang.

 

Deze bomen dienen om veiligheidsredenen te worden geveld.

Zij worden vervangen door vijf nieuwe bomen van eerste grootte, boomsoort zal later worden bepaald.

Conform de Vlaamse codex ruimtelijke ordening is het vellen van de bomen, welke een stamomtrek hebben van meer dan één meter, vergunningsplichtig. Het college levert hiervoor een stedenbouwkundige vergunning af.

Het stedelijk wijkoverleg van het district Ekeren dient de buurtbewoners in te lichten over de geplande ingreep.

Juridische grond

Artikel 4.2.1, 3° van de Vlaamse codex ruimtelijke ordening bepaalt dat er een stedenbouwkundige vergunning is vereist voor het vellen van bomen die op een hoogte van 1 meter boven het maaiveld, een stamomtrek hebben van 1 meter en die geen deel uitmaken van begroeide oppervlakten, zoals vermeld in het Bosdecreet van 13 juni 1990.

 Artikel 4.7.1, §2 van de Vlaamse codex ruimtelijke ordening bepaalt dat de Vlaamse Regering de handelingen van algemeen belang of van publiekrechtelijke [...] rechtspersonen kan aanwijzen, dewelke omwille van hun beperkte ruimtelijke impact of de eenvoud van het dossier binnen de reguliere procedure worden behandeld.

Artikel 3/1 van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 mei 2000 tot aanwijzing van de handelingen in de zin van artikel 4.1.1, 5°, artikel 4.4.7, § 2, en artikel 4.7.1, § 2, tweede lid, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en tot regeling van het vooroverleg met de Vlaamse Bouwmeester bepaalt dat het vellen van bomen die op gemeentelijk openbaar domein gelegen zijn en geen deel uitmaken van een bos worden behandeld binnen de reguliere procedure zoals voorzien in artikel 4.7.1., §2 van de Vlaamse codex ruimtelijke ordening.

Art. 4.7.12. van de Vlaamse codex ruimtelijke ordening bepaalt dat een vergunning binnen de reguliere procedure wordt afgeleverd door het college van burgemeester en schepenen van de gemeente waarin het voorwerp van de vergunning gelegen is.

Artikel 6.4.4., §1 van het decreet van 12 juli 2013 betreffende het onroerend erfgoed bepaalt dat handelingen aan of in beschermde goederen die niet onderworpen zijn aan een stedenbouwkundige vergunning niet kunnen worden aangevat zonder toelating van het Vlaams Instituut voor het onroerend erfgoed.

Artikel 6.4.4., §2 van het decreet van 12 juli 2013 betreffende het onroerend erfgoed bepaalt dat voor handelingen aan of in beschermde goederen die onderworpen zijn aan een stedenbouwkundige vergunning, de vergunningverlenende overheid eerst het advies in van het Vlaams Instituut voor het onroerend erfgoed dient in te winnen. 

Bescherming als landschap

Bij regentsbesluit van 18 november 1949 werd het kasteel “Veltwijck” gerangschikt als monument en het omliggend park als landschap (datum Belgisch staatsblad 2 april 1949).

Bij ministerieel besluit van 1 juli 1992 werd de omgeving van het kasteel “Veltwijck” uitgebreid als bescherming tot landschap (datum Belgisch staatsblad 9 oktober 1992).

Besluit van de Vlaamse regering van 17 november 1993 tot bepaling van de algemene voorschriften inzake instandhouding van monumenten, stads- en dorpsgezichten, gewijzigd bij besluit van de Vlaamse regering van 23 juni 2006 en 5 juni 2009 (Belgisch staatsblad van 10 maart 1994, 22 augustus 2006 en 18 september 2009).

Hoofdstuk III. Voorschriften betreffende bodemgesteldheid en vegetatie

Artikel 4. De volgende werken en werkzaamheden aan beschermde monumenten zijn verboden behoudens schriftelijke vergunning van de Vlaamse regering of haar gemachtigde:

1° het uitvoeren van om het even welke ingreep op bomen en vegetatiecomplexen evenals op de betrokken wortelzones, zoals onder meer snoeien, ontwateren of grondverdichten;

Het decreet van 16 april 1996 houdende de bescherming van landschappen, inzonderheid de artikelen 14 en 15, hierna genoemd het decreet;

Het besluit van de Vlaamse regering van 3 juni 1997 houdende algemene beschermingsvoorschriften, advies- en toestemmingsprocedure, instelling van een register en vaststelling van een herkenningsteken voor beschermde landschappen, gewijzigd besluit van 4 april 2003 (Belgisch staatsblad 1 oktober 1997 en 20 juni 2003):

Artikel 11: onverminderd de toepassing van artikel 3 is verboden betreffende specifieke landschapselementen en hoogstamboomgaarden:

1° het vellen, ontwortelen of beschadigen van bomen en heesters; onderhoudswerkzaamheden zoals snoeien of knotten zijn toegestaan mits ze oordeelkundig worden uitgevoerd;

3° het verwijderen of beschadigen van holle wegen taluds, steilranden, graften, houtkanten, houtwallen, hagen, dreven, bomenrijen, solitaire bomen, dijken, aarden wallen en poelen;

Artikel 12: onverminderd de toepassing van artikel 3 is verboden betreffende tuinen en parken:

1° het wijzigen, van het uitzicht, de aard, de stijl en het gebruik, ondermeer door het wijzigen, verwijderen of toevoegen van waterlopen en grachten, vijvers en waterbekkens, wegen en paden, laanbeplantingen, boomgroepen en solitaire bomen, heestergroepen en solitaire struiken, perken en borders, hagen, afsluitingen, paviljoenen en ijskelders, muren en trappen, bruggen, schuttingen, loofgangen en pergola’s, priëlen en hekken, tuin- en parkornamentiek en tuin- en parkmeubilair;

5° het inkorten of wegnemen van gesteltakken of hoofdwortels, onderhoudswerken zoals snoeien of knotten zijn toegelaten, mits het oordeelkundig gebeurt; het normale onderhoud van hakhoutbestanden is toegelaten;

Artikel 14: voor de toepassing van artikel 14 § 3 van het decreet worden de adviesaanvragen ingediend bij de cel monumenten en landschappen. De gevolmachtigde brengt binnen de dertig dagen, te rekenen vanaf de datum van ontvangst van de aanvraag, zijn advies uit.

Besluit

Het districtscollege Ekeren keurt eenparig het volgende besluit goed.

Het districtscollege ekeren beslist:

Artikel 1

Het districtscollege keurt goed dat vier Tilia platyphyllos (zomerlinden - stamomtrekken tussen 123 cm en 185 cm) en één Fagus sylvatica (groene beuk - stamomtrek 201 cm) worden geveld in het Veltwijckpark, district Ekeren. Zij worden vervangen door vijf nieuwe bomen van eerste grootte, boomsoort zal later worden bepaald.

Artikel 2

Het districtscollege verzoekt het college het advies in te winnen van het Vlaams Instituut voor het onroerend erfgoed voor het vellen van vier Tilia platyphyllos (zomerlinden - stamomtrekken tussen 123 cm en 185 cm) en één Fagus sylvatica (groene beuk - stamomtrek 201 cm) en na ontvangst van een gunstig advies, een stedenbouwkundige vergunning af te leveren.

Artikel 3

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.

Artikel 4

Het districtscollege geeft opdracht aan:

dienst taak
SB/GB district Ekeren inlichten over het tijdstip van het vellen van de bomen, na aflevering van de stedenbouwkundige vergunning door het college
EK-SL/WO/SWO in onderling overleg met SB/GB de buurtbewoners inlichten over de geplande ingreep

 


Bijlagen

  • Omgevingsplan_Veltwijckpark.pdf
  • Foto Veltwijckpark.pdf