Mijnheer de voorzitter,
Ik heb met belangstelling kennis genomen van het antwoord van Vlaams minister Ben Weyts op de brief die het bestuur n.a.v. mijn interpellatie in december 2015 schreef omtrent de problemen rond de afgeschafte bushalte aan De Brem en het kerkhof en de verminderde dienstverlening bij De Lijn.
Het antwoord van de minister valt in de lijn der verwachtingen, maar is – en ik denk dat alle raadsleden het hiermee eens zullen zijn – naast de kwestie.
In theorie wordt een halte misschien minder bediend dan haltes in het centrum, in theorie is er misschien op – citaat – “amper” 400 meter een andere bushalte, maar als het dan net gaat om de ouderen en minder mobielen, dan klinkt die theorie in die brief wel bijzonder hard.
Bij een bezoek in dienstencentrum De Brem werd ik bijna bestormd door mensen die hun verhaal wilden doen over hoe geïsoleerd ze zich voelen sinds het afschaffen van “hun” halte.
Ondertussen is een brief verdeeld in Merksem waarin het districtsbestuur stelt dat ze het niet “zal nalaten bij de bevoegde overheden te blijven ijveren”. Uiteraard ben ik daar verheugd over. In dat kader heb ik dan ook enkele vragen.
Graag had ik geweten welke initiatieven het districtsbestuur de komende periode zal ondernemen om de hogere overheden te overtuigen om de bushalte terug in te voeren en de dienstverlening te herstarten of een degelijk alternatief te voorzien.
Zal het college haar autoriteit en daadkracht ten volle gebruiken tot de problemen opgelost zijn?
Als volgende stap vraag ik de districtsraad een antwoord te schrijven aan minister Weyts met als belangrijkste punten:
0) dat we ons niet kunnen vinden in zijn argumentatie en zeker niet de uitspraak over de “400 meter tot de dichtstbijzijnde halte”. Dat de efficiëntie-oefening te ver gaat en de dienstverlening te sterk achteruitgaat. De feiten in zijn brief worden te positief voorgesteld.
1) Dat minister Weyts naar Merksem en het dienstencentrum komt, zodat de minister de klachten van de bewoners kan horen.
2) De vraag hoe de minister aankijkt tegen basismobiliteit, aangezien zijn brief en standpunt een belangrijk deel van onze inwoners net dat ontzegt
3) De vraag om met De Lijn in overleg te gaan, zodanig dat er voor ons district niet alleen een vlot tramnet, maar ook een fijnmazig busnet bestaat, waardoor elke inwoner van openbaar vervoer kan gebruik maken.
Antwoord districtsschepen Wendy Simons:
Dit onderwerp werd reeds uitgebreid besproken in zitting van december vorig jaar. De petitie was een bijkomend element om de minister te bevragen. Ook wij zijn enigszins teleurgesteld door het antwoord van de minister. Maar het blijft zo dat het hier geen districtsbevoegdheid betreft. Wij kunnen uw vragen aan de minister dan ook niet beantwoorden. Wij steunen uw standpunt, maar gaan niet akkoord om de minister terug aan te schrijven. Wij geven er de voorkeur aan om dit lokaal op te nemen en samen met de stad te blijven ijveren voor een goede mobiliteit.
Er zijn ook een aantal alternatieven zoals bijvoorbeeld taxicheques. We zijn ons ervan bewust dat taxicheques duurder zijn. In afwachting van een definitieve oplossing blijven we samen met de stad via overleg druk uitoefenen.
ma 07/03/2016 - 13:45