Tijdens de Antwerpse gemeenteraad van vanavond, staat de goedkeuring van het nieuwe retributiereglement op de inname van het openbaar domein voor evenementen en manifestaties op de agenda. In dit reglement zal het niet langer het statuut van de organisator zijn dat bepaalt of er moet worden betaald om een evenement in de publieke ruimte te laten doorgaan, maar wel de aard van het evenement zelf. Er worden hiervoor een aantal categorieën van evenementen voorzien.
Voor de districten is de categorie van samenlevingsversterkende districtsgebonden evenementen van bijzonder belang. Evenementen die voldoen aan de criteria die binnen deze categorie worden opgesomd - zo moeten dergelijke evenementen vb. aansluiten bij de doelstellingen van het district waar ze plaatsvinden en moeten ze promotie maken voor het district - kunnen immers in aanmerking komen voor een vrijstelling van retributie. Tegelijkertijd stipuleert punt 5 binnen deze categorie echter dat
"Indien er winst wordt gemaakt op het evenement, wordt deze voor een door het district vastgelegd percentage (met een minimum van 50 %) aangewend voor eenmaatschappelijk doel gelinkt aan het district en dat het algemeen belang dientengevolge de inwoners van het district (vb. het in stand houden van plaatselijk cultureel erfgoed), (vb. een collectie restaureren), onderhoud van plaatselijk beschermde monumenten en natuurlandschappen (vb. de aankoop van een natuurdomein), ...)
Ik had graag willen weten
1. hoe de districtsbesturen werden betrokken bij het tot stand komen van dit retributiereglement in het algemeen en het punt van de samenlevingsversterkende districtsgebonden evenementen in het bijzonder (werd hierover een werkoverleg georganiseerd, werd de uiteindelijke tekst toegelicht aan het districtscollege en aan hen voorgelegd ter advies?);
2. of u voorbeelden kan geven van evenementen die in 2015 in Borgerhout werden georganiseerd, die onder deze categorie zouden kunnen ressorteren;
3. welke de andere categorieën van evenementen zijn die volgens dit nieuwe retributiereglement in aanmerking komen voor volledige of gedeeltelijke vrijstelling en welke tegenprestaties zij hiervoor in ruil moeten leveren