Samenstelling
Aanwezig
Bart De Wever, burgemeester;
Ludo Van Campenhout, schepen;
Rob Van de Velde, schepen;
Nabilla Ait Daoud, schepen;
Fons Duchateau, schepen;
Sven Cauwelier, waarnemend stadssecretaris
Afwezig
Koen Kennis, schepen;
Philip Heylen, schepen;
Claude Marinower, schepen;
Marc Van Peel, schepen;
Serge Muyters, korpschef;
Roel Verhaert, stadssecretaris
Secretaris
Sven Cauwelier, waarnemend stadssecretaris
Voorzitter
Bart De Wever, burgemeester
2016_CBS_04519 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure - 2016389 - district Antwerpen - Verlatstraat 11 - 13, Verlatstraat 13 - Goedkeuring
Motivering
Regelgeving: bevoegdheid
Artikel 4.7.12. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening stelt dat het college bevoegd is om de beslissing te nemen over een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning.
Aanleiding en context
| Aanvragers: |
LYCON |
| De aanvraag omvat: |
bouwen appartementen, uitrit ondergrondse parking en de verbouwing van bestaande gebouw in binnengebied tot kantoor diensten en appartementen en de regularisatie van bouwvergunning AN1/B/20111325 en AN1/B/20132828 |
| Dossiernummer: |
AN0/B//2016389 |
Argumentatie
Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college conform artikel 4.7.17 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kennis van het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar dat als bijlage bij dit besluit is gevoegd.
Juridische grond
De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en zijn uitvoeringsbesluiten.
Besluit
Het college van burgemeester en schepenen beslist:
Artikel 1
Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.
Artikel 2
Het college beslist de stedenbouwkundige vergunning goed te keuren en af te leveren aan de aanvrager, die ertoe gehouden is
- verlichting te voorzien in de insprong op het gelijkvloers;
- een afgescheiden afvalberging te voorzien voor de commerciële ruimten;
- minstens 1m gronddekking te voorzien boven de ondergrondse parking;
- een niveauverschil van maximaal 2 cm te voorzien bij overgang tussen binnen- en buitenruimten;
- detailtekeningen van het buitenschrijnwerk alvorens plaatsing ter goedkeuring voor te leggen aan de stedelijke dienst monumentenzorg;
- de opmerkingen en voorwaarden van de brandweer strikt na te leven;
- na uitvoering van de werken te voldoen aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten opgelegd door de Vlaamse Wooncode en het besluit van de Vlaamse regering van 12 juli 2013 betreffende de kwaliteits- en veiligheidsnormen voor woningen;
- voorafgaand aan de realisatie van het project moet het hele terrein door een archeologische opgraving worden onderzocht in opdracht van de bouwheer die de financiële lasten hiervoor draagt. Deze heeft als doel het terrein te screenen op de aan– of afwezigheid van archeologisch erfgoed, om een niet gedocumenteerde vernieling van waardevol archeologisch erfgoed te vermijden;
- de opgraving gebeurt volgens de bepalingen van het archeologiedecreet. Dit betekent onder meer dat de prospectie, inclusief de rapportage, wordt uitgevoerd onder leiding van een archeoloog. De archeoloog vraagt hiervoor een opgravingsvergunning aan bij het agentschap (Onroerend erfgoed, Brussel, back office beheer, Koning Albert II-laan 19, bus 5, 1210 Brussel). Aan deze vergunning worden bijzondere voorwaarden gehecht. De bouwheer kan deze bijzondere voorwaarden best opvragen bij de provinciale dienst van het agentschap Onroerend Erfgoed (zie bovenstaande contactgegevens) om de aanbesteding van de archeologische opgraving vlot te laten verlopen;
- de archeologische opgraving omvat ook de opmaak van een rapport. Dit rapport moet, conform de bijzondere voorwaarden, binnen een bepaalde termijn na de afronding van het onderzoek aan het agentschap Onroerend Erfgoed worden bezorgd. Pas na de ontvangst van het rapport kan het agentschap Onroerend Erfgoed beoordelen of de gronden kunnen worden vrijgegeven omdat relevante archeologische sporen ontbreken.
Geen vergunning wordt verleend voor het inrichten van een appartement op +3 in het pakhuis in binnengebied.
Artikel 3
Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.