De vastlegging van het budget zal gebeuren na opmaak raming en voorgelegd worden aan het college in een apart besluit.
Gemeentedecreet artikel 57: "Het Gemeentedecreet van 15 juli 2005, inzonderheid artikel 57 §3,1° bepaalt dat het college van burgemeester en schepenen de daden van beheer over gemeentelijke inrichtingen en eigendommen binnen de door de gemeenteraad vastgestelde algemene regels dient uit te voeren."
Op 29 januari 2016 (jaarnummer 796) keurde het college de nieuwe operationele werking goed met betrekking tot de beleidsvoorbereiding en –advisering voor huisvesting en huisvestingsbehoeften van alle stadsdiensten en stedelijke processen in of op stedelijk bedrijfsvastgoed.
Op 1 juni 2016 (jaarnummer 342) keurde het managementteam de geactualiseerde uitgangspunten voor goed beheer van de stedelijke vastgoedportefeuille goed.
Op 10 juni 2011 (jaarnummer 11013) keurde het college goed om het onbebouwde perceel, Hogeweg 64-76, als volgt in te vullen: gedeeltelijke bebouwing op perceel ter afsluiting van het plein, zoals voorgesteld in optie 3, mits rekening te houden met het advies van de stadsbouwmeester. Het voorste gedeelte van het perceel wordt ingericht als openbaar domein en/of groenzone.
Op 8 mei 2015 (jaarnummer 3945) keurde het college de projectdefinitie van de bouwblokkenstudie Hogeweg goed. In deze studie werden de ruimtelijke potenties van de bouwblokken onderzocht, omsloten door de straten Grotesteenweg - Driekoningenstraat - Willem Van Laarstraat - Vredestraat. Deze studie onderzocht de potenties in het bouwblok en formuleerde een gewenste ruimtelijke ontwikkeling om het strategische karakter van deze plek ten volle uit te spelen.
Op 15 juni 2016 (jaarnummer 280) nam het managementteam kennis van de aanbevelingen in de nota van het bouwblokkenproject Hogeweg – Willem Van Laarstraat en adviseerde gunstig om de aanleg van een tijdelijk plein ter hoogte van de bouwblokken tussen Hogeweg 64-74 en de Willem Van Laerstraat perceelnummers 681/2a en 56 m4 voor te leggen aan het college. Bij de uitwerking van het project wordt rekening gehouden met kosten en baten van de tijdelijke aanleg, functionele en kwalitatieve invulling van het plein en flankerende maatregelen om de veiligheid op het plein te garanderen.
Het managementteam nam kennis van de stedenbouwkundige ontwerpaanbevelingen en adviseert deze voor te leggen aan het college en merkte op dat het voorleggen van deze stedenbouwkundige aanbevelingen aan het college geen voorafname impliceert van toekomstige ontwikkeling en/of uitvoering van deze bebouwingen.
Na afweging van verschillende ruimtelijke scenario’s werden ruimtelijke randvoorwaarden en aanbevelingen geformuleerd voor de verdere ontwikkeling van beide bouwblokken, betreffende de afbakening van de uitbreiding van het bestaande plein en daarmee ook de bouwlijn voor nieuwe gebouwen, de maximale bouwhoogte van deze gebouwen, enzovoort.
Ontwerpaanbevelingen
Districtsplein - kunstenplein:
Verdichtingsstrategie van het bouwblok: de pleinwanden
Ondergrondse parking
Het te realiseren bouwprogramma op het bouwblok is op dit moment onduidelijk. AG stedelijk onderwijs (hierna genoemd AG SO) heeft de uitbreiding van de academie Berchem opgenomen in het masterplan patrimonium AG SO 2014-2019.
De noodzaak om een (ondergrondse) parking te voorzien is afhankelijk van de aard van de toekomstige activiteiten.
Het bestaand gebouw van de academie Willem Van Laarstraat 21 is in verouderde conditie. In geval vervanging overwogen wordt, moet de erfgoedwaarde ervan verder onderzocht worden.
In de omgeving is er nood aan capaciteit basisonderwijs. Bij een nieuwe ontwikkeling is het aan te bevelen of het concept van de brede leeromgeving toegepast kan worden op de site, met inzet overdag voor basisonderwijs en buiten de schooluren voor kunstonderwijs.
Tijdelijk plein
De aanleg van een tijdelijk plein, in afwachting van een eventueel bouwproject:
De kosten en baten van de aanleg van een tijdelijk plein moeten verder overwogen worden. De inrichting van de ruimte moet voldoen aan de functionele en kwaliteitseisen van de stad.
Veiligheidsaspecten moeten verder onderzocht worden, gezien er momenteel vanuit de omliggende bebouwing geen permanente sociale controle is.
Indien er overwogen wordt om beelden te plaatsen wordt hiertoe de juiste procedure gevolgd (advies commissie beeld in de stad).
Er moet onderzocht worden in welke mate er speelgelegenheid kan geïntegreerd worden op de publiek opengestelde ruimte.
Om de levendigheid van het plein te versterken wordt voorgesteld om tijdelijke gebouwen te voorzien (bijvoorbeeld een pop-up bar, ontmoetingscentrum, enzovoort). De stad Antwerpen heeft een voorbeeldfunctie op vlak van duurzaamheid en architecturale beeldkwaliteit en kostenbewustzijn. Deze vereisten zijn vaak moeilijk verenigbaar in tijdelijke infrastructuur.
AG SO merkt op dat door het toegankelijk maken van de huidige 'speelplaats' de academie haar 'private' buitenruimte verliest. Deze wordt momenteel gebruikt voor buitenatelier beeldhouwen, vuilnisberging, opluchtberging gasflessen, laden en lossen, parkeren leerkrachten en mindervaliden.
AG SO merkt ook op dat door gebrek aan sociale controle de academie in het verleden te kampen had met vandalisme en druggebruikers. Er werd geïnvesteerd in hekwerken. Door het publiek toegankelijk maken van de huidige speelplaats, zonder toevoegen vaan extra activiteieten die de sociale controle bevorderen, wordt gevreesd voor heropflakkering van de problemen, waarbij de veiligheid van de academie en plein in het gedrang komen.
AG SO is vragende partij voor een concrete planning van de geplande werken in het binnengebied.
Het college neemt kennis van de ontwerpaanbevelingen in de nota van het bouwblokkenproject Hogeweg – Willem Van Laarstraat.
Het college neemt kennis dat de stedenbouwkundige ontwerpaanbevelingen geen voorafname impliceert van toekomstige ontwikkeling en/of uitvoering van deze bebouwingen.