Terug

2016_CBS_06752 - Stedelijk bedrijfsvastgoed - district Berchem. Hogeweg herinrichting binnengebied als publiek plein - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 29/07/2016 - 09:00 digitaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2016_CBS_06752 - Stedelijk bedrijfsvastgoed - district Berchem. Hogeweg herinrichting binnengebied als publiek plein - Goedkeuring 2016_CBS_06752 - Stedelijk bedrijfsvastgoed - district Berchem. Hogeweg herinrichting binnengebied als publiek plein - Goedkeuring

Motivering

Gekoppelde besluiten

Algemene financiële opmerkingen

De vastlegging van het budget zal gebeuren na opmaak raming en voorgelegd worden aan het college in een apart besluit.

Regelgeving: bevoegdheid

Gemeentedecreet artikel 57: "Het Gemeentedecreet van 15 juli 2005, inzonderheid artikel 57 §3,1° bepaalt dat het college van burgemeester en schepenen de daden van beheer over gemeentelijke inrichtingen en eigendommen binnen de door de gemeenteraad vastgestelde algemene regels dient uit te voeren."

Aanleiding en context

Op 29 januari 2016 (jaarnummer 796) keurde het college de nieuwe operationele werking goed met betrekking tot de beleidsvoorbereiding en –advisering voor huisvesting en huisvestingsbehoeften van alle stadsdiensten en stedelijke processen in of op stedelijk bedrijfsvastgoed.

Op 1 juni 2016 (jaarnummer 342) keurde het managementteam de geactualiseerde uitgangspunten voor goed beheer van de stedelijke vastgoedportefeuille goed.

Op 10 juni 2011 (jaarnummer 11013) keurde het college goed om het onbebouwde perceel, Hogeweg 64-76, als volgt in te vullen: gedeeltelijke bebouwing op perceel ter afsluiting van het plein, zoals voorgesteld in optie 3, mits rekening te houden met het advies van de stadsbouwmeester. Het voorste gedeelte van het perceel wordt ingericht als openbaar domein en/of groenzone. 

Deze beslissing werd als volgt geargumenteerd:
  • stedenbouwkundig is dit een goede oplossing. Het plein wordt gevoelsmatig “afgesloten”. De bestaande bebouwing wordt niet benadeeld, terwijl er nieuw openbaar domein en/of groen wordt gecreëerd;
  • in deze optie wordt een degelijke financiële opbrengst voor bouwgrond bekomen;
  • er wordt geen extra toegang voorzien naar de achterliggende site, maar door de reeds goede ontsluiting van de site is dit ook niet noodzakelijk.

Op 8 mei 2015 (jaarnummer 3945) keurde het college de projectdefinitie van de bouwblokkenstudie Hogeweg goed.  In deze studie werden de ruimtelijke potenties van de bouwblokken onderzocht, omsloten door de straten Grotesteenweg - Driekoningenstraat - Willem Van Laarstraat - Vredestraat. Deze studie onderzocht de potenties in het bouwblok en formuleerde een gewenste ruimtelijke ontwikkeling om het strategische karakter van deze plek ten volle uit te spelen. 

Op 15 juni 2016 (jaarnummer 280) nam het managementteam kennis van de aanbevelingen in de nota van het bouwblokkenproject Hogeweg – Willem Van Laarstraat en adviseerde gunstig om de aanleg van een tijdelijk plein ter hoogte van de bouwblokken tussen Hogeweg 64-74 en de Willem Van Laerstraat perceelnummers  681/2a en 56 m4 voor te leggen aan het college. Bij de uitwerking van het project wordt rekening gehouden met kosten en baten van de tijdelijke aanleg, functionele en kwalitatieve invulling van het plein en flankerende maatregelen om de veiligheid op het plein te garanderen.
Het managementteam nam kennis van de stedenbouwkundige ontwerpaanbevelingen en adviseert deze voor te leggen aan het college en merkte op dat het voorleggen van deze stedenbouwkundige aanbevelingen aan het college geen voorafname impliceert van toekomstige ontwikkeling en/of uitvoering van deze bebouwingen.

Argumentatie

Na afweging van verschillende ruimtelijke scenario’s werden ruimtelijke randvoorwaarden en aanbevelingen geformuleerd voor de verdere ontwikkeling van beide bouwblokken, betreffende de afbakening van de uitbreiding van het bestaande plein en daarmee ook de bouwlijn voor nieuwe gebouwen, de maximale bouwhoogte van deze gebouwen, enzovoort.

Ontwerpaanbevelingen

Districtsplein - kunstenplein:  

  • het huidige openbaar domein wordt uitgebreid met de open ruimte langs de Hogeweg (braakliggende bouwgronden) en het aangrenzend binnengebied;
  • het hoogteverschil  tussen de Hogeweg en de Willem Van Laarstraat moet optimaal geïntegreerd worden in het ontwerp;
  • het statuut van het plein (openbaar of publiek) dient uitgeklaard te worden.
Verhogen van de doorwaadbaarheid - creëren van zachte verbindingen:
  • bebouwing langs de Hogeweg tot het minimum beperken. De toegang tot het andere pleindeel kan overbouwd worden zoals aangegeven in één van de mogelijke scenario’s uit het ontwerpend onderzoek maar dan moet de onderdoorgang zo groot mogelijk zijn, zowel in breedte als in hoogte;
  • openwerken toegangen Willem Van Laarstraat, te onderzoeken herlocatie van externe brandtrap van de bibliotheek;
  • doorsteek Vredestraat naar Driekoningenstraat verder te onderzoeken.

Verdichtingsstrategie van het bouwblok: de pleinwanden

  • het nieuwe plein moet afgebakend en versterkt worden door nieuwe bebouwing;
  • de wachtgevel langs de zijde Hogeweg 82 (perceel Ideale woning) wordt afgewerkt door nieuwe bebouwing die de straatwand laat omplooien naar het binnengebied. De bouwhoogte maakt een overgang tussen de bouwhoogte van de woningen en deze van het hogere appartementsgebouw en districtshuis;
  • langs de zijde van de halfopen bebouwing te Hogeweg 60 kan er eveneens bebouwing voorzien worden die een overgang vormt tussen de bestaande en nieuwe bebouwing en de pleinen onderling. De ruimte achter de woningen ter hoogte van Hogeweg 60 en volgende kan tot op de perceelsgrens bebouwd worden met één bouwlaag, op voorwaarde dat het vloerpeil ervan, overeenkomt met dit van de Willem Van Laerstraat. Daardoor functioneert de buitenmuur van het nieuwe volume als tuinmuur voor de omliggende woningen;
  • de rooilijn voor nieuwe bebouwing langs de zijde van de bibliotheek ligt in het verlengde van de gevellijn van de bibliotheek. De maximale bouwhoogte mag niet hoger zijn dan deze van de bibliotheek. Minimaal moet er 15 meter afstand gehouden worden tot de achtergevel van de woningen uit de Hogeweg.

Ondergrondse parking

  • het ontwerp moet rekening houden met de huidige parkeerdruk, de compensatie van de bovengrondse parkeerplaatsen en een verbeterde inrit voor de bestaande parking. Daarom moet verder onderzoek duidelijk maken waar en op welke manier een bijkomende ondergrondse parking kan gerealiseerd worden. Bij voorkeur sluit deze aan op de bestaande parking zodat deze een nieuwe, verbeterde toegang krijgt en geoptimaliseerd wordt.

Het te realiseren bouwprogramma op het bouwblok is op dit moment onduidelijk. AG stedelijk onderwijs (hierna genoemd AG SO) heeft de uitbreiding van de academie Berchem opgenomen in het masterplan patrimonium AG SO 2014-2019.

De noodzaak om een (ondergrondse) parking te voorzien is afhankelijk van de aard van de toekomstige activiteiten.

Het bestaand gebouw van de academie Willem Van Laarstraat 21 is in verouderde conditie.  In geval vervanging overwogen wordt, moet de erfgoedwaarde ervan verder onderzocht worden.

In de omgeving is er nood aan capaciteit basisonderwijs. Bij een nieuwe ontwikkeling is het aan te bevelen of het concept van de brede leeromgeving toegepast kan worden op de site, met inzet overdag voor basisonderwijs en buiten de schooluren voor kunstonderwijs.

Tijdelijk plein

De aanleg van een tijdelijk plein, in afwachting van een eventueel bouwproject:

  • de begrenzing van de pleinranden en de relatie tot de omliggende gebouwen is onduidelijk;
  • indien later een parking moet aangelegd worden, moet het tijdelijk plein terug opgebroken worden.

De kosten en baten van de aanleg van een tijdelijk plein moeten verder overwogen worden. De inrichting van de ruimte moet voldoen aan de functionele en kwaliteitseisen van de stad.

Veiligheidsaspecten moeten verder onderzocht worden, gezien er momenteel vanuit de omliggende bebouwing geen permanente sociale controle is.

Indien er overwogen wordt om beelden te plaatsen wordt hiertoe de juiste procedure gevolgd (advies commissie beeld in de stad).

Er moet onderzocht worden in welke mate er speelgelegenheid kan geïntegreerd worden op de publiek opengestelde ruimte.

Om de levendigheid van het plein te versterken wordt voorgesteld om tijdelijke gebouwen te voorzien (bijvoorbeeld een pop-up bar, ontmoetingscentrum, enzovoort). De stad Antwerpen heeft een voorbeeldfunctie op vlak van duurzaamheid en architecturale beeldkwaliteit en  kostenbewustzijn. Deze vereisten zijn vaak moeilijk verenigbaar in tijdelijke infrastructuur. 

AG SO merkt op dat door het toegankelijk maken van de huidige 'speelplaats' de academie haar 'private' buitenruimte verliest. Deze wordt momenteel gebruikt voor buitenatelier beeldhouwen, vuilnisberging, opluchtberging gasflessen, laden en lossen, parkeren leerkrachten en mindervaliden.

AG SO merkt ook op dat door gebrek aan sociale controle de academie in het verleden te kampen had met vandalisme en druggebruikers. Er werd geïnvesteerd in hekwerken. Door het publiek toegankelijk maken van de huidige speelplaats, zonder toevoegen vaan extra activiteieten die de sociale controle bevorderen, wordt gevreesd voor heropflakkering van de problemen, waarbij de veiligheid van de academie en plein in het gedrang komen.

AG SO is vragende partij voor een concrete planning van de geplande werken in het binnengebied.

Beleidsdoelstellingen

1 - Woonstad
1SWN02 - Wonen, economische functies en publieke voorzieningen zijn gevarieerd, nabij en bereikbaar in elk buurt- en districtscentrum
1SWN0203 - De ruimtelijke structuur, identiteit en kwaliteit op het niveau van de bouwblokken zijn versterkt
1SWN020301 - Ruimtelijke kaders voor bouwblokprojecten zijn gemaakt
7 - Sterk bestuurde stad
1TSB12 - Het logistiek beheer bereikt het best mogelijk resultaat zowel intern als voor de burger
1TSB1204 - De vastgoedportefeuille van groep stad Antwerpen speelt doelgericht en flexibel in op de huidige en toekomstige maatschappelijke behoeften
1TSB120401 - De stedelijke gebouwen en gronden zijn optimaal gedeeld en de ruimte is efficiënt beheerd

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college neemt kennis van de ontwerpaanbevelingen in de nota van het bouwblokkenproject Hogeweg – Willem Van Laarstraat.

Artikel 2

Het college keurt principieel goed om een tijdelijk plein aan te leggen ter hoogte van de bouwblokken tussen Hogeweg 64-74 en de Willem Van Laerstraat perceelnummers  681/2a en 56 m4. Bij de uitwerking van het project wordt rekening gehouden met kosten en baten van de tijdelijke aanleg, functionele en kwalitatieve invulling van het plein en flankerende maatregelen om de veiligheid op het plein te garanderen.

Artikel 3

Het college neemt kennis dat de stedenbouwkundige ontwerpaanbevelingen geen voorafname impliceert van toekomstige ontwikkeling en/of uitvoering van deze bebouwingen.

Artikel 4

Dit besluit heeft in principe geen financiële gevolgen.

Bijlagen

  • einddocument_stuurgroep160324_LR.pdf