Artikel 43 van het Gemeentedecreet van 15 juli 2005 stelt dat de gemeenteraad bevoegd is voor de beslissingen tot oprichting van, deelname aan of vertegenwoordiging in instellingen, verenigingen en ondernemingen.
De stad Antwerpen is deelnemer in de opdrachthoudende Intercommunale Maatschappij voor Energievoorziening Antwerpen (IMEA).
In zitting van 24 juni 2013 (jaarnummer 462) keurde de gemeenteraad de voordracht van de heer Paul Cordy bij IMEA voor een mandaat in het regionaal bestuurscomité goed.
In zitting van 24 juni 2013 (jaarnummer 462) keurde de gemeenteraad de voordracht van de heer Paul Cordy bij IMEA voor een mandaat in de raad van bestuur goed.
In zitting van 24 juni 2013 (jaarnummer 462) keurde de gemeenteraad de voordracht van de heer Paul Cordy bij IMEA als ondervoorzitter van het regionaal bestuurscomité goed.
Op 26 september 2016 legde de heer Paul Cordy de eed af als Vlaams Volksvertegenwoordiger.
Er wordt voorgesteld om de heer Carl Geeraerts voor te dragen bij IMEA voor een mandaat in het regionaal bestuurscomité, ter vervanging van de heer Paul Cordy.
Er wordt voorgesteld om de heer Carl Geeraerts voor te dragen bij IMEA voor een mandaat in de raad van bestuur, ter vervanging van de heer Paul Cordy.
Er wordt voorgesteld om de heer Carl Geeraerts voor te dragen bij IMEA als ondervoorzitter van het regionaal bestuurscomité, ter vervanging van de heer Paul Cordy.
Het decreet van 6 juli 2001 betreffende de intergemeentelijke samenwerking.
De gemeenteraad beslist om de heer Carl Geeraerts voor te dragen bij IMEA voor een mandaat in het regionaal bestuurscomité, ter vervanging van de heer Paul Cordy.
De gemeenteraad beslist om de heer Carl Geeraerts voor te dragen bij IMEA voor een mandaat in de raad van bestuur, ter vervanging van de heer Paul Cordy.
De gemeenteraad beslist om de heer Carl Geeraerts voor te dragen bij IMEA als ondervoorzitter van het regionaal bestuurscomité, ter vervanging van de heer Paul Cordy.
De gemeenteraad beslist dat de stadsafgevaardigde, bij het uitoefenen van de verplichtingen verbonden aan de afvaardiging, steeds het bestuursakkoord als uitgangspunt moet nemen en waar nodig dient te overleggen met het college.