Terug

2016_CBS_09596 - Milieuvergunningen Vlarem mededeling kleine verandering klasse 2 - Brico Belgium nv, Kernenergiestraat 60, 2610 Wilrijk-Antwerpen. Dossiernummer MV2016/354/NR - Kennisneming

college van burgemeester en schepenen
vr 04/11/2016 - 09:00 digitaal
Kennis genomen

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2016_CBS_09596 - Milieuvergunningen Vlarem mededeling kleine verandering klasse 2 - Brico Belgium nv, Kernenergiestraat 60, 2610 Wilrijk-Antwerpen. Dossiernummer MV2016/354/NR - Kennisneming 2016_CBS_09596 - Milieuvergunningen Vlarem mededeling kleine verandering klasse 2 - Brico Belgium nv, Kernenergiestraat 60, 2610 Wilrijk-Antwerpen. Dossiernummer MV2016/354/NR - Kennisneming

Motivering

Gekoppelde besluiten

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 6quater paragraaf 4 van Vlarem I bepaalt dat het college akte neemt van een mededeling van een kleine verandering van een milieuvergunning klasse 2.

Aanleiding en context

Brico Belgium nv - Steenweg op Zellik 65 - 1082 Sint-Agatha-Berchem. De aanvraag omvat de mededeling van een kleine verandering van een vergunde klasse 2-inrichting voor de opslag van gasflessen en een CLP-rechtzetting.

Argumentatie

Het college beslist op basis van het verslag van de dienst milieuvergunningen, dat als bijlage bij dit besluit is gevoegd en sluit zich aan bij deze motivatie.

Juridische grond

Het milieuvergunningendecreet van 28 juni 1985, meermaals gewijzigd, en haar uitvoeringsbesluiten (Vlarem I en II) bepalen dat niemand zonder voorafgaande schriftelijke vergunning of melding een als hinderlijk ingedeelde inrichting klasse 1, 2 of 3 mag exploiteren of veranderen.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college neemt akte van de mededeling van een kleine verandering, zoals geformuleerd in de argumentatie.

Artikel 2

Het college wijst erop dat de exploitant de vergunningsvoorwaarden van de lopende vergunning met referentie AN2007/613/AV dient na te leven.

Artikel 3

Het college wijst erop dat de exploitant volgende brandweervoorwaarden dient na te leven:

Onafhankelijk van de verplichtingen aan de houder van de milieuvergunning opgelegd via de vigerende milieureglementering alsmede via het milieuvergunningsbesluit, en onverminderd de maatregelen ter voorkoming en bestrijding van brand, door de houder van de milieuvergunning te treffen in uitvoering van de algemene en sectorale milieuvoorwaarden, dient de houder van de milieuvergunning reeds te voorzien in de hiernavermelde blusmiddelen voor eerste tussenkomst:

Snelblustoestellen

Er dienen minstens twee snelblustoestellen van minstens één bluseenheid conform NBN EN 3-7 - bij voorkeur 6 kg poeder type ABC - gelijkmatig verdeeld over de inrichting, te worden aangebracht.

Snelblustoestellen van minstens één bluseenheid conform NBN EN 3-7 - bij voorkeur 6 kg poeder type ABC - dienen aangebracht bij elk punt of lokaal met verhoogd risico, zoals ondermeer pompen, compressoren, lasposten, belangrijke elektriciteitsborden, enzovoort.

In de inrichting dienen minstens twee toestellen aanwezig te zijn.

Muurhaspels + muurhydrant 

Muurhaspels met axiale voeding (conform NBN EN 671-1) + muurhydrant (volgens de norm NBN 571 en voorzien van vaste koppelstukken doormeter 45 mm volgens KB van 30 januari 1975) met gemeenschappelijke watertoevoer met een binnendiameter van tenminste 70 mm dienen op oordeelkundig gekozen plaatsen opgesteld zodanig dat elk punt van de inrichting kan bespoten worden.

Hun aantal wordt zodanig bepaald dat de af te leggen afstand vanaf om het even welk punt tot het dichtst bijgelegen toestel niet meer bedraagt dan de lengte van de gebruikte haspels. De haspels dienen gevoed met een leiding onder druk zodanig dat het debiet bij de minst bedeelde haspel gelijk is aan of groter dan 24 liter per minuut.

De leidingen voor bluswater dienen vervaardigd in staal of in een metaal dat minstens dezelfde waarborgen biedt. De geplaatste muurhaspels dienen voorzien van een vergrendeling derwijze dat men het afsluitmondstuk niet kan verwijderen zonder het openen van een handbediende afsluiter op de watertoevoer.

De waterlevering moet te allen tijde, ook tijdens vorstperiode, gewaarborgd zijn.

Bovengrondse hydrant

Eén bovengrondse hydrant BH 100, conform NBN S 2l.019, maar met afsluiters op beide uitgeetkanten van 70 mm Ø dient voorzien. De voeding gebeurt rechtstreeks op het net van de openbare waterbedeling, door een leiding waarvan de minimale binnendiameter 150 mm bedraagt. De aansluiting op het voedingsnet dient zodanig te zijn dat het maximum debiet onmiddellijk beschikbaar is bij gebruik van de hydrant.

De kosten voor de installatie, het onderhoud en de signalering van de BH 100 is en blijft ten laste van de bouwheer/eigenaar en dit gedurende de levensduur van de inrichting.

Artikel 4

Het college wijst erop dat de verandering niet langer mag geëxploiteerd worden dan de vergunningstermijn van de lopende vergunning, zijnde 21 december 2027.

Artikel 5

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.