Artikel 2.2.14 §1 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) dat zegt dat de gemeenteraad het ontwerp-RUP voorlopig vaststelt.
In 2012 werd door de stad Antwerpen op vraag van het district Berchem en de sportdienst een ontwikkelingskader opgemaakt voor het sport- en recreatiegebied Het Rooi. Een aantal concrete vragen en projecten maakten het noodzakelijk om een ruimtelijk kader op te stellen voor het gebied: de bouw van een nieuwe sporthal en korfbalvelden, de overkapping van enkele tennisvelden en de vernieuwing van de infrastructuur van voetbalclub Berchem Sport. Ondertussen zijn de sporthal, de overdekte tennishal en de korfbalinfrastructuur gerealiseerd.
Voor de vernieuwing van het voetbalstadion en de infrastructuur van de jeugdwerking werd door de stad in juni 2015 een planproces opgestart. Om de vernieuwing te kunnen financieren onderzoekt de stad de mogelijkheden om samen met de private markt een project te realiseren en zo het gehele sportpark Het Rooi te kunnen voltooien. De combinatie van nieuwe sportinfrastructuur met commerciële en gemeenschapsvoorzieningen biedt tevens een antwoord op tekorten in voorzieningen op wijkniveau, aangetoond in een omgevingsanalyse uitgevoerd door de stad. In deze studie werden onder andere een supermarkt, assistentiewoningen, een dienstencentrum en jeugdwerking aangeduid als tekorten op voorzieningenniveau.
De huidige bestemming van het sportpark wordt vastgelegd in het gewestplan en is vandaag gebied voor dagrecreatie. Voor de uitvoerbaarheid van een gemengde ontwikkeling is het noodzakelijk om een ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) op te maken dat de verschillende bestemmingen toelaat. Parallel met het planproces werd een parkeeronderzoek uitgevoerd en een mobiliteitseffectenrapport van het plangebied, waarvan de resultaten werden verwerkt in het RUP.
Het plangebied van het RUP ‘Sportpark Het Rooi’ wordt begrensd door de Berchemstadionstraat, de Roderveldlaan, de Filip Williotstraat. In het zuiden vormen de Herman Vosstraat en de wandelweg achter de bebouwing van de Fruithoflaan de begrenzing. In het plangebied zijn twee RUP’s van kracht op perceelsniveau: voor het tankstation en het congrescentrum ALM. Beide worden mee opgenomen in het nieuwe RUP.
Op 18 december 2015 (jaarnummer 10645) keurde het college de proces- en richtnota voor het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) ‘Sportpark Het Rooi’ goed.
Door middel van voorliggend RUP wordt een juridisch kader gecreëerd om de ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden voor het sport- en recreatiegebied Het Rooi vast te leggen.
De ambitie is om de mogelijkheden binnen het huidige recreatiegebied te verruimen met commerciële en gemeenschapsvoorzieningen.
Doelstellingen:
In het ontwikkelingskader Het Rooi uit 2012 worden 3 doelstellingen voorgesteld: het verbeteren van de bereikbaarheid, het creëren van duidelijke toegangen en het verbeteren van de openheid en het parkkarakter van het gebied.
Een belangrijke kwaliteit van het sportpark is het open parkkarakter. Tussen de verschillende sportinfrastructuren bevindt zich een padennetwerk dat door sporters en omwonenden gebruikt wordt om zich te verplaatsen en te vertoeven. Daartegenover staat dat het sportpark van zijn omgeving wordt afgeschermd door een gesloten schil van veelal achterkanten van gebouwen. De vernieuwing van het stadion en de voetbalinfrastructuur geeft de mogelijkheid om het geheel beter te integreren en een nieuw ‘gezicht’ te geven aan het sportpark.
Daarbij worden de volgende ambities vooropgesteld:
Krachtlijnen:
Om de ambities op niveau van het gehele sportpark Het Rooi waar te maken wordt voor de opmaak van het RUP uitgegaan van 3 ruimtelijke principes.
1 Bundeling van de bebouwing in de strip langsheen de Berchemstadionstraat
Het plangebied karakteriseert zich vandaag met opeenvolgende bebouwing of een ‘strip’ langsheen de Berchemstadionstraat. De nieuwe bebouwing, te realiseren in de gemengde ontwikkeling, wil deze strip verder afwerken en een tegenwand vormen ten overstaan van de overzijde van de Berchemstadionstraat en de ontwikkeling van de Veldekens. Bij de nieuwe bebouwing is het creëren van een aanzicht voor het park een aandachtspunt.
2 Versterken van de parkstructuur
Infrastructuren die zich niet in de strip bevinden, schrijven zich in in het landschap van het sportpark en zijn hier functioneel mee verbonden. Het behoud van de open structuur van het park staat immers voorop. Naast de bestaande sportvelden maakt ook het nieuwe voetbalstadion met zijn infrastructuur voor de jeugdwerking deel uit van de parkstructuur en nodigt deze uit tot medegebruik. Een weloverwogen inplanting en benadering van deze functies moet meer verblijfsruimte en informele publieke ruimte opleveren in het sportpark en zo de parkstructuur versterken en zichtbaar maken.
3 Verbeteren van de relaties met de omgeving
Zichtrelaties en toegangen vanaf de straatkant tot in het sportpark zijn vandaag beperkt. De formele hoofdingang situeert zich tussen de twee sporthallen in de Berchemstadionstraat. Meer duidelijke toegangen en zichtassen zullen het parkachtige karakter van het gebied vergroten en de relaties met de omgeving verbeteren. Twee bijkomende toegangen langsheen de Berchemstadionstraat en de Roderveldlaan bedienen het stadion en moeten het sportpark in zijn geheel beter toegankelijk maken.
Ter onderbouwing van de voorschriften van het RUP heeft het team ontwerpend onderzoek van de stad Antwerpen een aantal ruimtelijke varianten onderzocht. Het betreft geen masterplan.
Voor de haalbaarheid van het project werd een marktbevraging uitgevoerd, waarvan de eerste resultaten reeds gekend zijn. Volgende opmerkingen werden geformuleerd op het RUP:
Relatie met het strategisch Ruimtelijk Structuurplan Antwerpen (s-RSA)
Het RUP wordt opgemaakt in uitvoering van het s-RSA en moet het generiek beleid van het s- RSA mee operationaliseren. Vanuit het beeld van ‘dorpen en metropolen, recreatie’ wordt het Rooi geselecteerd als cultuurrecreatieve toplocatie. De ambitie hier is het openstellen van het gebied voor publiek gebruik. Daarnaast moet ook het recreatief medegebruik met de aanwezige sportvelden versterkt worden.
MER-screening
|
Stap |
Datum |
|
aanvraag adressen adviesinstanties |
31 mei 2016 |
|
aanvraag advies bij adviesinstanties |
24 juni 2016 |
|
verzending screeningsdossier naar dienst MER |
23 augustus 2016 |
|
beslissing dienst MER |
2 september 2016 |
Besluit dienst MER
Op 2 september 2016 besliste de dienst MER (Vlaams gewest, departement Leefmilieu, Natuur en Energie) dat het plan geen aanleiding geeft tot aanzienlijke milieugevolgen en dat de opmaak van een plan-MER niet nodig is.
Watertoets
In toepassing van artikel 8 van het decreet betreffende het integraal waterbeleid van 18 juli 2003 moeten alle uitvoeringsplannen worden onderworpen aan een watertoets. Op 1 maart 2012 is het aangepaste besluit tot vaststelling van de nadere regels voor de toepassing van de watertoets in werking getreden. Het RUP werd afgetoetst aan de opgelegde regels en heeft geen negatieve effecten op de waterhuishouding.
Planbaten
Uit het grafisch register, dat als bijlage bij dit RUP wordt gevoegd, blijkt dat er bestemmingswijzigingen voorkomen die mogelijk planbaten kunnen doen ontstaan voor percelen, eigendom van de stad Antwerpen en/of haar dochters:
| Eigenaar |
Capakey |
Art. nr codex |
Omschrijving |
Code |
Oppervlakte |
Raming heffing |
| stad |
11003A0332/00C002 |
2.6.4. 3° |
Van categorie ‘Recreatie’ naar de categorie ‘Wonen’ |
REC_WON |
293 |
365,43 |
| stad |
11003A0332/00H002 |
2.6.4. 3° |
Van categorie ‘Recreatie’ naar de categorie ‘Wonen’ |
REC_WON |
6954 |
108314,82 |
| stad |
11003A0332/00K002 |
2.6.4. 3° |
Van categorie ‘Recreatie’ naar de categorie ‘Wonen’ |
REC_WON |
1864 |
8476,23 |
| stad | 11003A0332/00L002 | 2.6.4. 3° | Van categorie ‘Recreatie’ naar de categorie ‘Wonen’ | REC_WON | 998 | 2804,80 |
| AG VESPA | 11003A0332/00N002 | 2.6.4. 5° | Van categorie ‘Bedrijvigheid’ naar de categorie ‘Wonen’ | BED_WON | 1204 | 1929,53 |
Artikel 2.2.13 en volgende van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) die de procedure vastleggen voor de opmaak van een RUP.
Met de goedkeuring van het besluit betreffende de milieueffectrapportage over plannen en programma’s door de Vlaamse regering op 12 oktober 2007, moet de initiatiefnemer van een plan met - mogelijk - aanzienlijke milieueffecten, zoals bijvoorbeeld ruimtelijke uitvoeringsplannen, deze milieueffecten en eventuele alternatieven in kaart brengen.
Decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, artikel 8, §1 en 2, gewijzigd op 19 juli 2013.
Besluit van de Vlaamse regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets, artikel 2 en 4.
Besluit van de Vlaamse regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets in bijlage IX tot XV opgenomen kaarten.
|
Stap |
Datum |
|
collegebeslissing: richtnota |
18 december 2015 (jaarnummer 2015_CBS_10645- |
|
advies districtsraad richtnota |
21 januari 2016 (jaarnummer 2016_DRBE_00009 |
| advies GECORO | 3 februari 2016 |
|
collegebesluit: kennisneming voorontwerp- RUP |
22 april 2016 (jaarnummer 2016_CBS_03544) |
|
GECORO: advies voorontwerp-RUP |
4 mei 2016 |
|
plenaire vergadering en adviezen |
24 mei 2016 |
|
districtsraad: advies voorontwerp-RUP |
26 mei 2016 |
|
collegebesluit: voorstel aan gemeenteraad om ontwerp-RUP voorlopig vast te stellen |
2 september 2016 |
|
gemeenteraad: voorlopige vaststelling ontwerp-RUP |
26 september 2016 |
|
openbaar onderzoek (60 d) |
17 oktober 2016 – 15 december 2016 |
|
collegebesluit: sluiting openbaar onderzoek |
december 2016 |
|
GECORO advies |
januari 2017 |
|
collegebesluit: voorstel aan gemeenteraad om RUP definitief vast te stellen |
maart 2017 |
|
gemeenteraad: definitieve vaststelling |
april 2017 |
|
schorsingstermijn Vlaamse regering/deputatie (30 d) |
mei 2017 |
|
publicatie Belgisch Staatsblad |
juli 2017 |
Data in vet cursief zijn raming
De provincie lichtte haar advies mondeling toe:
De provincie gaat akkoord met de basisopties van voorliggend RUP.
Inzake buurtwegen wordt gevraagd rekening te houden met de vigerend wetgeving.
In de toelichtingsnota staat onder paragraaf 7.6 vermeld welke voet- en buurtwegen in en rond het plangebied gelegen zijn. Voorafgaand aan een vergunningsaanvraag voor een gebied waar een buurtweg ligt, dient een dossier voor opheffing, afschaffing, verlegging of opening van de buurtweg te worden opgemaakt conform de wet op de buurtwegen.
De provincie vraagt de toegankelijkheid van de hele site na te streven.
Op de vergadering merkt de stad op dat dit onderwerp voldoende ondervangen wordt tijdens de vergunningsaanvraag. Ook is de gewestelijke verordening van toepassing.
De aanpassing is doorgevoerd in de stedenbouwkundige voorschriften.
De provincie vraagt om in het RUP de discipline archeologie te behandelen.
Op de vergadering wordt door de provincie verduidelijkt dat het volstaat om dit op te nemen in het onderzoek tot milieueffectenrapportage.
Op de vergadering wordt gevraagd of het mogelijk is om op het plein aan de Berchemstadionstraat een luifel op te richten.
Volgens de stedenbouwkundige voorschriften is dit mogelijk aangezien dit als een constructie eigen aan een plein kan beschouwd worden. Dit is bijkomend verduidelijkt.
Ruimte Vlaanderen
De planopties zijn niet strijdig met het RSV of het hoger verordenend beleidskader: gunstig advies.
De GECORO vraagt om de synergie met het Groenplan aan te tonen en na te streven.
De relatie van het RUP met het Groenplan is verder uitgewerkt in de toelichtingsnota van het RUP.
De GECORO adviseert om de parkeercapaciteit van de bestaande kantoorgebouwen in de omgeving van het sportpark optimaal te benutten.
Er zijn een MOBER en een parkeerstudie opgemaakt die geïntegreerd zijn in het onderzoek tot milieueffectrapportage. Wel kunnen hieromtrent geen verordenende voorschriften worden opgenomen omdat het gebied buiten de contour van het RUP gelegen is en het onderwerp betrekking heeft op gebruik en bijgevolg niet het onderwerp vormt van een RUP.
De GECORO adviseert om in het sportpark de sportinfrastructuur en het parkgedeelte harmonisch te combineren.
In de stedenbouwkundige voorschriften van het RUP is een gepaste bepaling opgenomen.
De GECORO vraagt bovengronds parkeren uit te sluiten in de ‘zone voor recreatie’.
Voor de niet-bebouwde ruimte wordt een maximale verblijfskwaliteit vooropgesteld en staat het behoud van groen voorop. In de voorschriften is bijkomend opgenomen dat de aanleg van een parking niet is toegestaan in deze zone. Op de vergadering wordt ook de vraag aangehaald of hier nog sporthallen kunnen opgericht worden. Het is de bedoeling dat deze in de ‘zone voor gemengde functies’ of in de ‘zone voor centrumfuncties’ worden ondergebracht. In de huidige stedenbouwkundige voorschriften staat dat bebouwing is toegestaan als ze functioneel verbonden is met de sport- en spelinfrastructuur in open lucht alsook met het park. Deze functies dienen dan ook landschappelijk geïntegreerd te zijn. In de toelichtingsnota wordt dit bijkomend verduidelijkt.
In functie van de doorwaadbaarheid vraagt de GECORO om de verschillende hoofdtoegangen onderling met elkaar te verbinden.
Deze aanpassing is doorgevoerd in de stedenbouwkundige voorschriften.
De GECORO vraagt om bij de toegang de nadruk te leggen op zichtbaarheid en herkenbaarheid en niet zozeer op een ‘brede’ toegang.
Deze aanpassing is doorgevoerd in de stedenbouwkundige voorschriften.
De GECORO vraagt om lichtvervuiling te beperken voor de omwonenden.
Deze aanpassing is doorgevoerd in de stedenbouwkundige voorschriften.
De GECORO vraagt om garanties op te nemen voor het behoud van de Schaliënhoeve.
Bijkomend wordt aangehaald dat er binnen deze hoeve een museum zou gevestigd zijn. Deze aanpassing is doorgevoerd in de stedenbouwkundige voorschriften. De provincie merkt hierbij wel op dat de functies geen bijkomende overlast mogen betekenen voor de omgeving omdat het plan anders niet meer in overeenstemming is met het onderzoek tot milieueffectrapportage.
De GECORO vraagt om binnen de ‘zone voor recreatie’ het minimale aandeel park zo te situeren dat het parkkarakter er effectief en optimaal versterkt door wordt.
Ook de velden maken mede deel uit van het ‘groen karakter’ van het gebied. Bovendien is dit gebied eigendom van de stad en wordt in de toelichting hier voldoende nadruk op gelegd.
Het district wenst dat de additionele voorzieningen geen bijkomende parkeerdruk veroorzaken op het publiek domein. De inpandige parkeermogelijkheden mogen niet zichtbaar zijn vanop het publiek domein.
Het Poet-principe uit de bouwcode blijft geldig. De volledige ontwikkeling, behalve het voetbalstadion voorziet in zijn eigen parkeerbehoefte op eigen terrein. Alle parkeergelegenheden worden ofwel ondergronds, ofwel inpandig ingericht. In de voorschriften is ook een paragraaf specifiek opgenomen voor het servicestation Q8 (1.2.1.) waarbij wel toegelaten wordt dat de niet-bebouwde ruimte rondom aangewend kan worden voor parkeerplaatsen en circulatieruimten.
Er moeten oplossingen worden gezocht voor de huidige 90 parkeerplaatsen van Berchem Sport. Deze compensatie kan op de site zelf of door samengebruik, of op bedrijventerreinen, bv ALM, maar niet op het openbaar domein.
In het ontwerp voor het nieuwe plein voor ALM zijn er 50-tal parkeerplaatsen bijgekomen. Dit is ondertussen reeds uitgevoerd. Daarnaast worden de bestaande parkeerplaatsen beter gebruikt doordat er een extra toegang voorziet wordt vanaf de Roderveldlaan.
Het district vraagt dringende actie van de dienst mobiliteit om afspraken te maken met rondliggende bedrijven rond optimalisatie van hun eigen parkeerinfrastructuur en de mogelijke beschikkingstelling van zowel hun bovengrondse als ondergrondse parkeercapaciteit bij evenementen op het Rooi buiten de werkuren.
Dit is buiten het projectgebied van het RUP.
Het district vraagt voldoende fietsparkeermogelijkheden en verdere investeringen in de fiets- en busverbindingen naar het Rooi, zoals onder andere de realisatie van de fietsostrade van Lier naar Antwerpen.
Dit is buiten het projectgebied van het RUP.
Het district vraagt dat bij de opmaak van het RUP betreffende de herinrichting van het Rooi voldoende groene ruimte en vrije speelruimte voor kinderen behouden blijft:
Het district adviseert dat de oranje zone ( zone voor dag- en verblijfsrecreatie en parkruimte), met name de oppervlakte die vandaag reeds bebouwd of aangelegd is met sportvoorzieningen in open lucht (58%) niet teveel meer wordt uitgebreid in de toekomst. Zonder de toekomstige noden van de sportclubs op het Rooi te willen hypothekeren is het district van mening dat enkel kleine extra voorzieningen aanleunend bij de reeds bestaande sportvoorzieningen in open lucht op het Rooi nog een plaats kunnen hebben, vb. een uitbreiding van een chalet voor extra kleedruimte, en dergelijke meer.
Ook de velden maken mede deel uit van het ‘groen karakter’ van het sportpark. Bovendien is dit gebied eigendom van de stad en wordt in de toelichting hier voldoende nadruk op gelegd. Door een minimum aandeel park (25%) op te nemen in de voorschriften (3.2.1) wordt ook de garantie gegeven dat een groot aandeel van deze zone groen blijft.
Het district verzoekt de stad een voorbeeldlijst te willen opnemen in het RUP betreffende welke voorzieningen nog mogelijk zouden moeten kunnen zijn en welke niet.
Het RUP laat voldoende flexibiliteit toe om tegemoet te komen aan veranderende behoeften (i.s.m. de buurt en de private markt) en pint zich dus niet vast aan een limitatieve lijst. De functies moeten uiteraard kaderen binnen de bestemmingsbeschrijving.
Het district vraagt in het RUP beter in de verf te zetten dat een extra sporthal of een overdekt zwembad niet kan volgens de voorschriften in de oranje zone.
Het is de bedoeling dat deze in de ‘zone voor gemengde functies’ of in de ‘zone voor centrumfuncties’ worden ondergebracht. In de huidige stedenbouwkundige voorschriften staat dat bebouwing is toegestaan als ze functioneel verbonden is met de sport- en spelinfrastructuur in open lucht alsook met het park. Deze functies dienen dan ook landschappelijk geïntegreerd te zijn. In de toelichtingsnota wordt dit bijkomend verduidelijkt op p.28.
De bepalingen betreffende het gebied van Park West mag op geen enkele manier de werking van de heemkundige kring hypothekeren.
Het RUP hypothekeert dit niet. Artikel 5 van de voorschriften onderstreept het belang van het behoud en het respecteren van historisch patrimonium.
De gemeenteraad keurt bij monde van de fractievoorzitters volgend besluit goed.
Stemden ja: N-VA, Vlaams Belang, CD&V en Open VLD.
Hebben zich onthouden: sp.a, PVDA+ en Groen.
De gemeenteraad stelt het ontwerp-RUP Sportpark Het Rooi (algplanid:RUP_11002_214_20007_00001) voorlopig vast.
Dit ontwerp bestaat uit een grafisch plan, het grafisch register (planbaten-planschade), een plan van de bestaande en de juridische toestand, de stedenbouwkundige voorschriften en een toelichtingsnota.