Terug

2016_CBS_04046 - Milieuvergunningen Vlarem tijdelijke klasse 1 - Indaver nv, Luithagen-Haven 17, 2030 Antwerpen. Dossiernummer MV2016/167/PV - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 13/05/2016 - 09:00 collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2016_CBS_04046 - Milieuvergunningen Vlarem tijdelijke klasse 1 - Indaver nv, Luithagen-Haven 17, 2030 Antwerpen. Dossiernummer MV2016/167/PV - Goedkeuring 2016_CBS_04046 - Milieuvergunningen Vlarem tijdelijke klasse 1 - Indaver nv, Luithagen-Haven 17, 2030 Antwerpen. Dossiernummer MV2016/167/PV - Goedkeuring

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 37, §1 b) van Vlarem I bepaalt dat het college een uitspraak dient te doen over een tijdelijke milieuvergunningsaanvraag klasse 1 of 2.

Aanleiding en context

Aanvrager: Indaver nv - Burcht Singelberg - Ketenislaan 1 blok D - haven 1548 - 9130 Kallo. De aanvraag omvat de tijdelijke exploitatie voor de opslag van RMA in afwachting van verbranding.

Argumentatie

Het college beslist op basis van het verslag van de dienst milieuvergunningen, dat als bijlage bij dit besluit is gevoegd en sluit zich aan bij deze motivatie.

Juridische grond

Het milieuvergunningendecreet van 28 juni 1985, meermaals gewijzigd, en haar uitvoeringsbesluiten (Vlarem I en II) bepalen dat niemand zonder voorafgaande schriftelijke vergunning of melding een als hinderlijk ingedeelde inrichting klasse 1, 2 of 3 mag exploiteren of veranderen.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college beslist een tijdelijke milieuvergunning klasse 1, zoals geformuleerd in de argumentatie, goed te keuren aan Indaver nv, Burcht Singelberg, Ketenislaan 1 Blok D - haven 1548, 9130 Kallo, om op de locatie gelegen te 2030 Antwerpen, Luithagen - haven 17, RMA tijdelijk op te slaan in afwachting van verbranding.

Artikel 2

Het college wijst erop dat de volgende algemene en sectorale voorwaarden van toepassing zijn:

Algemene milieuvoorwaarden hoofdstuk 4;
Afvalstoffen hoofdstuk 5.2, subafdeling 5.2.2.5;
Elektriciteitsproductie hoofdstuk 12;
Behandelen van gassen hoofdstuk 5.16, afdelingen 5.16.1 en 5.16.3;
Machines met inwendige verbranding hoofdstuk 5.43, afdelingen 5.43.1 en 4.43.2.

Artikel 3

Het college beslist dat de exploitant de volgende bijzondere- en brandweervoorwaarden dient na te leven:

Bijzondere voorwaarden:

de exploitatievoorwaarden gehecht aan het besluit van 16 maart 2016 van de gouverneur blijven van kracht:

-  Indaver legt vooraf een werkplan ter goedkeuring voor aan het Departement Leefmilieu, natuur en energie, afdeling Milieu-inspectie, buitendienst Antwerpen;

-  Indaver voldoet aan de minimale voorwaarden voor tijdelijke nood stockage zoals opgelegd in het advies van de hulpverleningszone Antwerpen;

-  de opslagplaats is niet toegankelijk voor onbevoegden. Indaver voorziet daarenboven in bewaking van de site;

-  Indaver voorziet 24/7 in een aanspreekpunt voor de hulpdiensten;

-  Indaver voorziet in de nodige veiligheidsprocedures en te nemen maatregelen bij eventuele ongevallen om het risico op besmetting bij het scheuren of breken van verpakkingen op te vangen;

-  Indaver neemt de nodige maatregelen voor de bestrijding van ongedierte om te voorkomen dat de opgeslagen recipiënten hierdoor beschadigd kunnen worden;

-  activiteiten binnen de gevorderde opslaghal worden enkel uitgevoerd door het personeel van Indaver dat specifiek is opgeleid voor het omgaan met risicohoudend medisch afval;

-  Indaver voorziet in een degelijke opslag van het risicohoudend medisch afval zodat de individuele verpakkingen ten alle tijden intact blijven;

-  Indaver voorziet in een temperatuurbewaking van de opslagruimte. De temperatuur wordt door Indaver permanent gemonitord en Indaver voorziet in een rapportage aan de instantie die instaat voor de controle op de naleving van dit besluit. Desgevallend moeten de nodige maatregelen genomen worden om de opslagruimte voldoende koel te houden en besmettingsgevaar door oplopende temperaturen te voorkomen;

-  Indaver werkt volgens het principe first-in, first out zodat het oudste afval als eerste naar de verwerkingsinstallatie wordt afgevoerd en zodanig de opslagperiode zo kort mogelijk gehouden wordt;

-  Indaver voorziet in een inrichtingsplan en werkinstructies voor de opslag. De recipiënten moeten zo gestapeld worden dat ze niet omvallen en dat ze gemakkelijk, snel, veilig en met een minimum aan manipulatie kunnen worden geladen;

-  het risicohoudend medisch afval moet verpakt worden overeenkomstig de bepalingen van het Vlarema;

-  Indaver houdt een aanvoer- en afvoerregister bij van het opgeslagen afval zodat kan aangetoond worden hoeveel en hoelang de afvalstoffen in de opslagruimte liggen opgeslagen. Op elk ogenblik kan een actuele stocklijst worden voorgelegd;

-  het risicohoudend medisch afval wordt op de weegbrug gewogen en op de site van Indaver te Antwerpen op radioactieve besmetting gecontroleerd alvorens te worden opgeslagen in de gevorderde opslagplaats. Afvalstoffen met radioactieve besmetting mogen niet worden opgeslagen bij de nv Mexico Natie;

-  in de gevorderde opslagplaats kan maximaal 1 000 ton risicohoudend medisch afval worden opgeslagen;

-  de opslaghal wordt regelmatig gereinigd en ontsmet. Nadat alle afval uit de opslagruimte verwijderd is, dient de volledige ruimte gereinigd en ontsmet te worden; zo nodig worden nog andere behandelingen voorzien opdat de ruimte zonder milieu- en gezondheidsrisico's terug kan gebruikt worden voor de gebruikelijke opslag van goederen;

-  Indaver verstrekt wekelijks aan alle betrokken instanties volgende informatie:

  • een stand van zaken over de opstart en werking van de MediPower installatie (site Antwerpen);
  • een overzicht van de aan- en afvoer, evenals een actuele stocklijst van het risicohoudend medisch afval in de centrale opslagruimte en in de opslagruimte op de site van Indaver Antwerpen;
  • een overzicht van andere maatregelen die genomen werden met betrekking tot de opslagcapaciteit van alle type afval.

Bijkomende bijzondere voorwaarden:

  1. te allen tijde dient voldaan te worden aan alle adviezen van de betrokken hulpdiensten, waaronder brandweer;
  2. het gestockeerde RMA wordt zo snel mogelijk van de site Mexico Natie afgevoerd naar de Indaver-site volgens het FIFO-principe met inachtname van de meest stringente veiligheidsprocedures en zonder de reguliere afvoer van RMA te compromitteren;
  3. een logboek met aan- en afvoergegevens wordt zowel op de Indaver-site als op de tijdelijke opslagsite bijgehouden en is te allen tijde beschikbaar voor toezichthouders en veiligheidsdiensten;
  4. de uitbating gebeurt door eigen personeel van Indaver dat specifiek is opgeleid voor het omgaan met risicohoudend medisch afval. Indien personeel van Mexico Natie wordt ingezet dienen deze eveneens een gepaste opleiding te krijgen;
  5. de exploitant voorziet in een periodieke inspectie van de recipiënten op vochtbeschadiging. Beschadigde recipiënten worden onmiddellijk verwijderd en afgevoerd voor verwerking bij Indaver;
  6. indien bulking of een andere beschadiging wordt vastgesteld dienen deze containers onmiddellijk vernietigd te worden door verbranding, waarbij een verhoogde waakzaamheid nodig is bij transport naar de verbrandingsoven;
  7. op regelmatige tijdstippen dienen rondes uitgevoerd te worden met een IR camera om de individuele temperatuur van paletten te controleren. Indien er een te hoge temperatuur waargenomen wordt, dient het palet afgevoerd te worden voor verbranding;
  8. wanneer de binnentemperatuur 15°C bereikt, organiseert de exploitant verscherpt toezicht door middel van minimaal 2 intensieve visuele controlerondes per dag, met aandacht voor abnormale verpakkingen (boller staan van dozen of vaten). Abnormale verpakkingen worden onmiddellijk verwijderd en afgevoerd voor verwerking bij Indaver, Poldervlietweg 5 (haven 550);
  9. de exploitant voorziet bij aanhoudende binnentemperatuur van > 18°C een actieve koeling met 15°C als streefwaarde. Hierbij wordt “aanhoudende binnentemperatuur” gedefinieerd als meer dan 4 op elkaar aansluitende uren; de exploitant maakt voor de temperatuurbewaking gebruik van twee onafhankelijke meet- en registratiesystemen.

Afwijkingen:

  • in afwijking van artikel 5.2.1.5§5 van Vlarem II dient er geen groenscherm voorzien te worden;
  • in afwijking van artikel 5.2.1.2§2 van Vlarem II dient er gebruik gemaakt te worden van de weegbrug op de verwerkingssite van Indaver.

Brandweervoorwaarden:

B1

Onafhankelijk van de verplichtingen aan de houder van de milieuvergunning opgelegd via de vigerende milieureglementering alsmede via het milieuvergunningsbesluit, en onverminderd de maatregelen ter voorkoming en bestrijding van brand, door de houder van de milieuvergunning te treffen in uitvoering van de algemene en sectorale milieuvoorwaarden, dient de houder van de milieuvergunning reeds te voorzien in de hiernavermelde blusmiddelen voor eerste tussenkomst:

S1

Er dienen minstens twee snelblustoestellen van minstens één bluseenheid conform NBN EN 3-7 - bij voorkeur 6 kg poeder type ABC - gelijkmatig verdeeld over de inrichting, te worden aangebracht;

S2

Snelblustoestellen van minstens één bluseenheid conform NBN EN 3-7 - bij voorkeur 6 kg poeder type ABC - dienen goed verdeeld aangebracht à rato van 1 toestel per 150 m² (binnenruimte). Voor brandcompartimenten kleiner dan 300 m² dienen er in elk geval minstens twee toestellen aanwezig te zijn. Er mogen nochtans gedeeltelijk mobiele bluseenheden of snelblustoestellen van een ander type aangewend worden op de plaatsen waar zij meer aangewezen zijn, voor zover de aangebrachte blusmiddelen minstens eenzelfde bluseenheid conform NBN EN 3-7 bezitten en evenwaardig zijn aan de bovenvermelde;

H1

Muurhaspels met axiale voeding (conform NBN EN 671-1) aangesloten via een aangepaste leiding op de openbare waterbedeling of ander gelijkwaardig voedingssysteem, dienen op oordeelkundig gekozen plaatsen opgesteld zodanig dat elk punt van de inrichting kan bespoten worden. Hun aantal wordt zodanig bepaald dat de af te leggen afstand vanaf om het even welk punt tot het dichtst bijgelegen toestel niet meer bedraagt dan de lengte van de gebruikte haspels. De haspels dienen gevoed met een leiding onder druk zodanig dat het debiet bij de minst bedeelde haspel gelijk is aan of groter dan 24 liter per minuut. De leidingen voor bluswater dienen vervaardigd in staal of in een metaal dat minstens dezelfde waarborgen biedt. De geplaatste muurhaspels dienen voorzien van een vergrendeling derwijze dat men het afsluitmondstuk niet kan verwijderen zonder het openen van een handbediende afsluiter op de watertoevoer. De waterlevering moet te allen tijde, ook tijdens vorstperiode, gewaarborgd zijn.

Artikel 4

Het college beslist dat de milieuvergunning ingaat op 13 mei 2016 en eindigt op 13 augustus 2016.

Artikel 5

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.