Terug

2016_CBS_08714 - Rechtspositieregeling - Wijziging - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 07/10/2016 - 09:00 collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Sven Cauwelier, waarnemend stadssecretaris

Afwezig

Serge Muyters, korpschef; Roel Verhaert, stadssecretaris

Secretaris

Sven Cauwelier, waarnemend stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2016_CBS_08714 - Rechtspositieregeling - Wijziging - Goedkeuring 2016_CBS_08714 - Rechtspositieregeling - Wijziging - Goedkeuring

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

Op 26 september 2016 (jaarnummer 598) delegeerde de gemeenteraad de bevoegdheid tot vaststellen van de rechtspositieregeling aan het college.

Aanleiding en context

Op 30 januari 2012 (jaarnummer 70) keurde de gemeenteraad de gecoördineerde versie van de rechtspositieregeling goed. Op 24 september 2012 (jaarnummer 881), 19 november 2012 (jaarnummer 1267), 24 juni 2013 (jaarnummer 471), 16 december 2013 (jaarnummer 758), 26 mei 2014 (jaarnummer 439), 23 juni 2014 (jaarnummer 509), 22 september 2014 (jaarnummer) en 26 mei 2015 (jaarnummer 293) werden hierop een tussentijdse wijzigingen aangebracht.

Onder andere omwille van gewijzigde wetgeving dienen er een aantal wijzigingen aan de rechtspositieregeling doorgevoerd te worden. Artikel 116 van het Gemeentedecreet biedt de mogelijkheid om af te wijken van de minimale voorwaarden in het besluit van de Vlaamse regering van 7 december 2007 op verschillende onderwerpen.

Vervolgens worden de rechtspositieregelingen van het OCMW Antwerpen en van de stad Antwerpen geïntegreerd, met als doel de vereenvoudiging in de besluitvorming en administratie. Verder moet er vooral praktisch en pragmatisch met de nieuwe tekst omgegaan worden, totdat de integratie afgerond is. Zo is het logisch dat niet het college maar wel de raad voor maatschappelijk welzijn beslist voor het personeel van het OCMW, maar om het eenvoudig te houden en de eenheid in het personeelsbeleid te brengen, beslissen beide organen over dezelfde tekst. 

Argumentatie

Deel Titel Artikel Argumentatie voor wijziging
1 1.1 4. Integriteit 

Het verbod  voor ex-medewerkers om in te schrijven op een overheidsopdracht van de stad moet nader bepaald worden om interpretatieproblemen te voorkomen.
Verder werden enkele kleine tekstuele aanpassingen doorgevoerd om aan te sluiten bij de huidige interpretatie.

1 1.3 12 Schrapping van toepassingsgebied, omdat dit een overbodige herhaling is.
1 1.3 14 Schrapping van de bepaling over brandweerpersoneel, aangezien zij geen personeel meer zijn van de stad.
1 1.7 - Schrapping van titel omdat de werking met een pakjesautomaat voor leveringen verder uitgewerkt wordt.
1 1.8 - Nieuwe voorwaarden voor het toekennen van een eretitel.
2 - 3 Schrapping van de bepaling over brandweerpersoneel, aangezien zij geen personeel meer zijn van de stad.
2 - 6 Schrapping aangezien de omschakeling naar de achterbetaling van het loon van statutaire medewerkers reeds werd doorgevoerd.
2 - 14

Opname van maatregelen voor bijsturing van de arbeidsattitude van doelgroepmedewerkers bij stad en OCMW. Dit wordt inhoudelijk toegelicht bij wijziging aan titel 4.4. Voor de volledigheid wordt hier in het artikel over sancties naar verwezen.

3 3.1 3 Wijziging van brandweer naar Brandweer Zone Antwerpen, wegens nieuwe benaming
3 3.3 6 Een werkwijze om aanstellingen in de functie van E1-3 tot en met A1-3 te bekrachtigen werd door de stadssecretaris goedgekeurd op 12 april 2016 (jaarnummer 387).
3 3.5 1

Om de leesbaarheid te verhogen wordt de herhaling van een zinsdeel geschrapt en wordt de verwijzing naar de definitie van groep Antwerpen voor de duidelijkheid toegevoegd.

3 3.5.2 8

De term proeftijd is uit de arbeidsovereenkomstenwet geschrapt, de verwijzing naar de arbeidsovereenkomstenwet wordt daarom geschrapt.

4 4.2 - Hernummering van titel 4.2 wegens schrapping van artikel 2 bij vorige wijziging aan de rechtspositieregeling.
4 4.3 3 Verfijning om de pariteit in de beroepscommissie na een negatieve waardering gelijk te houden als één van de drie vakorganisaties niet aanwezig kan zijn.
4 4.4. 1-3

Nieuwe titel die maatregelen voor bijsturing van de arbeidsattitude kan opleggen aan doelgroepmedewerkers.
De huidige sanctieprocedure voor werkervaringsklanten van werkhaven wordt ingeschreven in de RPR en uitgebreid naar alle doelgroepmedewerkers (werkervaringsklanten in een activeringstraject) van de stad. Doelgroepmedewerkers werken in een tijdelijke sociale tewerkstellingsmaatregel om door te stromen naar het normaal economisch circuit. Deze sanctieprocedure is een instrument om hen bij te sturen en arbeidsattitude aan te leren.

5 5.1.2  3 Om ook medewerkers die in flextijd werken te kunnen controleren tijdens hun ziekte, moeten zij hun ziekte ook ten laatste voor 12u melden.
5 5.1.2 5

In de eerste alinea wordt vermeld dat het medisch attest uiterlijk de volgende weekdag verzonden moet worden en in de tweede alinea uiterlijk de volgende weekdag. Dit wordt gelijk getrokken.
Het is eveneens mogelijk dat de geneesheer het medisch attest digitaal invult en rechtstreeks doorstuurt, dit wordt toegevoegd.

5 5.1.2 6

Wegens gelijkschakelijkeling met de rechtspositieregeling van OCMW wordt de bepaling dat je de eerste dag ziekte verplicht thuis moet blijven, geschrapt. Dit houdt alleszins niet in dat medewerkers niet gecontroleerd kunnen worden op hun arbeidsongecshiktheid op deze eerste dag.

5 5.1.2 7

Aanpassing van uur tot wanneer controlearts kan langskomen van 20 uur naar 19 uur, zodat dit gelijk is met de richtlijn die bij OCMW geldt. Hetzelfde geldt voor de schrapping van het thuisblijven tijdens de eerste dag ziekte.

5 5.1.2 9 Toevoeging dat bezoek aan apotheker ook een geldige reden is om afwezig te zijn op het moment van controle. Deze regeling gold al bij OCMW en wordt nu gelijk getrokken naar stad.
5 5.1.2 10 Schrapping van term 'decentrale personeelsdienst' omdat dit niet meer bestaat.
5 5.1.3 13 Schrapping van term 'decentrale personeelsdienst' omdat dit niet meer bestaat.
5 5.1.3 14 Uitbreiding met term zorgkrediet aangezien dit een nieuwe vorm van structurele afwezigheid is.
5 5.2.3 5 Beperking van beschermingsmaatregel voor het geven van borstvoeding, tot 9 maanden zodat dit gelijkgetrokken wordt met de dienstvrijstelling die voor contractuelen geldt. Als de medewerkerster langer dan 9 maanden borstvoeding wenst te geven, ontvangt ze tijdens deze afwezigheid geen salaris.
5 5.2.4 6 Schrapping van term 'decentrale personeelsdienst' omdat dit niet meer bestaat.
5 5.3.2 4 Aanpassing omdat medewerkers in flextijd zelf een periode van collectieve sluiting in het tijdsregistratiesysteem moeten registreren.
5 5.3.4 7 Schrapping van term 'decentrale personeelsdienst' omdat dit niet meer bestaat.
5 5.3.4 10

Verlof voor deeltijdse prestaties is een gunst van het bestuur. Om wille van voorliggende hervormingen met betrekking tot onbetaald verlof, wordt deze verlofvorm geschrapt.

5 5.3.5 11-12

Schrapping omdat het niet meer mogelijk zal zijn om verlof voor verminderde prestaties aan te vragen.

5 5.3.6 13

Verlof voor opdracht kan toegestaan worden wanneer een betrekking wordt opgenomen bij de Groep Antwerpen. De opsomming van entiteiten wordt geschrapt.

5 5.3.6 14

Verlof voor opdracht wordt beperkt tot 2 jaar. Uitzonderingen zijn enkel mogelijk mits grondige motivatie.

5 5.3.8 17 Werkervaringsklanten worden uitgesloten van het toepassingsgebied om 2 jaar onbetaald verlof per loopbaan te nemen. De stad biedt aan werkervaringsklanten de kans, om hen binnen tewerkstellingsmaatregelen, werkgelegenheid of opleiding te bieden of om hun kans om door te stromen naar het normaal economisch circuit (NEC) te vergroten (bijvoorbeeld doorstromen naar een reguliere functie bij de stad of een functie in de private sector). De 2 jaar onbetaald verlof per loopbaan ondergraaft enerzijds de tewerkstellingmaatregel zelf en anderzijds de doorstroom naar het NEC.
5 5.3.10.1 21 Aanpassing van de verwijzing naar de geldende wetgeving om wille van de nieuwe regeling van zorgkrediet.
5 5.3.10.1 24 Aanpassing om wille van de nieuwe regeling van zorgkrediet.
5 5.5 3 Rechtzetting dat een medewerker zijn positief flexsaldo moet opgenomen hebben voor wijziging van afdeling in plaats van werkrooster.
5 5.5 4 Door de werking met flextijd wordt een collectieve sluitingsdag niet meer standaard pro rata verrekend, het artikel wordt hieraan aangepast.
5 5.5 5 Schrapping van tweede alinea omdat zowel toeslag in tijd als in geld toegestaan wordt.
5 5.5 7 Schrapping van een overbodige term omdat ook bij een negatief glijtijdsaldo de verschillende tellers worden samengevoegd.
6 6.1 2§5 Doelgroepmedewerkers worden uitgesloten van het toepassingsgebied om hun beroepservaring te laten mee tellen voor de geldelijke anciënniteit. Doelgroepmedewerkers zijn werkervaringsklanten in een activeringstraject die binnen een bepaalde termijn dienen door te stromen naar het normaal economisch circuit (NEC). Doelgroepmedewerkers met een LDE en SINE statuut krijgen in de private sector meestal het door cao 43 voorziene gewaarborgd minimum maandinkomen (GMMI). Vele doelgroepmedewerkers met een LDE en SINE statuut zijn ingekantelde personeelsleden van vzw Werkhaven Antwerpen en bij de vzw werd het GMMI toegekend.
Wanneer zij doorstromen naar een reguliere functie binnen de stad wordt met deze bepaling, beroepservaring uit de privésector of als zelfstandige meegerekend voor de geldelijke anciënniteit. Hierdoor worden alle doelgroepmedewerkers gelijk behandeld en worden ze niet gediscrimineerd qua salaris ten opzichte van reguliere functies, maar is er wel een financiële incentive om door te stromen naar het normaal economisch circuit (NEC) aan te moedigen.
6 6.2 Aanvulling op basis van het besluit van de stadssecretaris van 20 mei 2016 (jaarnummer 589) waarin beslist werd dat medewerkers tijdens een vacatieopdracht in principe geen toelage kunnen krijgen.
6.2 De bevoegdheid voor het vaststellen van de werkzaamheden die in aanmerking komen voor een gevarentoelage, werd bij collegebesluit van 29 juli 2016 (jaarnummer 6740) gedelegeerd naar de stadssecretaris.
6 6.2 16

Het gewijzigde gemeentedecreet voorziet in artikel 116 dat de stad Antwerpen inzake toelages kan afwijken van de minimale voorwaarden die de Vlaamse regering vaststelt. De invoering van de toelage 4B past binnen deze afwijkingsmogelijkheid en heeft tot doel om personeelsleden, uitgezonderd het niveau A en personeelsleden in flextijd, die ingepland worden om toezichtstaken tijdens gezinsonvriendelijke avonduren uit te voeren, extra te verlonen. Deze toelage wordt tijdelijk ingevoerd voor de duur van deze legislatuur.

6 6.3 18

Een abonnement voor dienstreizen kan toegekend worden aan een personeelslid, indien bij het afwegen van de verplaatsingskosten blijkt dat dit voor een bepaalde periode de meest kostenbewuste oplossing is.

6 6.4 20 Aanvulling van de richtlijn die reeds door de stadssecretaris op 15 december 2011 (jaarnummer 2844) werd beslist.
6 6.4 21bis

In navolging van het Lokaal Akkoord 2014-2019 werd een “verzekering voor gewaarborgd inkomen” afgesloten voor contractuele personeelsleden vanaf de 4e maand arbeidsongeschiktheid, met ingang van 1 januari 2016. De voorwaarden voor deze verzekering werden vastgesteld in een verzekeringspolis, waarnaar integraal wordt verwezen.   

6 6.4 21 Indien de medewerker er zelf voor kiest om zijn overuren van voor 2009 in bulk op te nemen voorafgaand aan zijn pensioen, in plaats van geleidelijk via een afbouwplan, dan wordt dit beschouwd als een structurele afwezigheid. Hierdoor wordt de premie voor de hospitalisatieverzekering niet meer ten laste genomen door de werkgever gedurende de opname van de overuren.
7 visie - Schrapping van de bepaling over brandweerpersoneel, aangezien zij geen personeel meer zijn van de stad.
12 12.1 1

Het personeel van de brandweer is door de brandweerhervorming ambtshalve overgedragen naar de brandweer Zone Antwerpen. Hierdoor kan worden geschrapt dat de rechtspositieregeling niet van toepassing is op het operationeel personeel van de brandweer.

Werkervaringsklanten met een artikel 60 statuut worden uitgesloten van het toepassingsgebied met uitzondering van de bepalingen omtrent aanwervings-, bevorderingsvoorwaarden en interne personeelsmobiliteit. Werkervaringsklanten met een artikel 60 statuut zijn personeelsleden van het OCMW en de raad voor maatschappelijke welzijn heeft een apart statuut met de arbeidsvoorwaarden uitgewerkt in de toepassingsmodaliteiten voor werkervaringsklanten op 30 april 2015 (jaarnummer 295).

12 12.1 2

Medewerkers met een beroepsinlevingsovereenkomst, individuele beroepsopleiding of overeenkomst in het kader van alternerend leren verrichten geen arbeidsprestaties maar leren praktische vaardigheden op de werkvloer. In hogere wetgeving wordt bepaald dat het arbeidsreglement of de arbeidsvoorwaarden van de plaats van de werkvloer van toepassing is. Met dit artikel wordt de gehele rechtspositieregeling van toepassing gemaakt voorzover deze niet in strijd is met hogere wetgeving en met de genomen principebeslissingen door het college, stadssecretaris en eventuele latere wijzigingen van deze beslissingen.

12 12.2 1

Om wille van een materiële vergissing werd verwezen naar artikel 2 van titel 6.1, terwijl naar artikel 4 van titel 6.1 verwezen moest worden. In artikel 4 is de nieuwe loonberekening opgenomen. Deze berekening trad pas in werking op het moment dat het college besliste om de nieuwe loonmotor in werking te nemen.

Bij de inwerkingstredingsdatum voor de uitsluiting van werkervaringsklanten LDE en SINE van het meerekenen van beroepservaring uit de privésector of als zelfstandige voor de geldelijke anciënniteit, wordt rekening gehouden met de datum van inkanteling van vzw Werkhaven Antwerpen.

12 12.3 5

Bij §3: aanvulling met de term 'zorgkrediet' om wille van de nieuwe regeling.
Bij §6: aanvulling van de wettelijke basis voor loopbaanonderbreking en -vermindering voor personeelsleden die hier bij wijze van overgangsmaatregel gebruik van maken.
Bij §7: er wordt specifiek toegevoegd dat een nieuwe aanvraag of verlenging van verlof voor deeltijdse prestaties vanaf 1 november 2016 niet meer mogelijk is. Personeelsleden die een deeltijds regime wensen, kunnen een aanpassing van hun contract of benoeming krijgen, of een ander verlofstelsel aanvragen. De voorwaarden voor onbetaald verlof zullen worden herbekeken in het kader van het nieuwe decreet.

12 12.3 9bis Schrapping van artikel omdat het opgebouwde verlofrecht van 2012 ondertussen werd uitbetaald.
13 - - Definitie van wie met de groep Antwerpen wordt bedoeld.
13 - - De sociale tewerkstellingsmaatregelen werden naar aanleiding van de zesde staatshervorming hervormd. Dit artikel schrapt en voegt tewerkstellingsmaatregelen bij de definitie voor werkervaringsklanten toe.
13 - - Voetnoot 1 en 2 wordt aangevuld met aanvullende besluitvorming
13 - - Omdat de maatregelen ter bijsturing van de arbeidsattitude en de uitsluiting voor de meerekenbaarheid van privé-ervaring en ervaring als zelfstandige voor de geldelijke anciënniteit enkel van toepassing is op doelgroepmedewerkers, wordt een definitie van doelgroepmedewerker toegevoegd.
bijlage 1 3.1 - Wijziging van brandweer naar Brandweer Zone Antwerpen, wegens nieuwe benaming
bijlage 1 3.2 - Ook tijdens een lopende tuchtprocedure kan een medewerker niet bevorderen omdat zich dan de situatie kan voordoen dat iemand bevordert net voordat hij een eventuele straf uitgesproken krijgt. Betrokkene kan tijdens de tuchtprocedure wel meedoen aan de bevorderingsselectie als hij aan de voorwaarden voldoet, maar niet worden aangesteld zolang het tuchtonderzoek loopt.
bijlage 1  3.5 - Verwijzing naar de wetgeving waarin de voorwaarden voor uitvoering van de functie van erfgoedbewaker zijn opgenomen, in plaats van de voorwaarden op te sommen.

Juridische grond

Gemeentedecreet van 15 juli 2005, zoals gewijzigd op 3 juni 2016.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college keurt de wijzigingen aan de rechtspositieregeling goed.

Artikel 2

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.

Bijlagen

  • 2016_sept_RPR_wijzigingen_bijlage_CBS_v3_gecoord.pdf