Terug

2016_CBS_08764 - Duurzame stad - Tweede rapportering Vlaams actieplan fijn stof en stikstofdioxide voor stad en haven 2014-2018 - Kennisneming

college van burgemeester en schepenen
vr 07/10/2016 - 09:00 collegezaal, stadhuis
Kennis genomen

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Sven Cauwelier, waarnemend stadssecretaris

Afwezig

Serge Muyters, korpschef; Roel Verhaert, stadssecretaris

Secretaris

Sven Cauwelier, waarnemend stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2016_CBS_08764 - Duurzame stad - Tweede rapportering Vlaams actieplan fijn stof en stikstofdioxide voor stad en haven 2014-2018 - Kennisneming 2016_CBS_08764 - Duurzame stad - Tweede rapportering Vlaams actieplan fijn stof en stikstofdioxide voor stad en haven 2014-2018 - Kennisneming

Motivering

Gekoppelde besluiten

Aanleiding en context

In het kader van de Europese richtlijn van 11 juni 2008 (2008/50/EG) in verband met de verbetering van de luchtkwaliteit moeten de lidstaten actieplannen opmaken om overschrijding van de bestaande luchtkwaliteitsnormen nu en in de toekomst te voorkomen.  

Omwille van overschrijdingen voor fijnstof (PM10) en stikstofdioxide (NO2op enkele meetpunten van de Vlaamse milieumaatschappij (VMM) in de haven en het stedelijk woongebied van Antwerpen werd de lidstaat België door de Europese Commissie officieel in gebreke gesteld en werd een inbreukprocedure ingeleid bij het Europees Hof van Justitie.

Op 10 oktober 2008 (jaarnummer 12802) werd het eerste ‘Actieplan fijn stof en NO2 in de Antwerpse haven en de stad Antwerpen’, als gezamenlijk initiatief van de toenmalige Vlaamse minister bevoegd voor leefmilieu, het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen en de stad Antwerpen door het college goedgekeurd.

Ondanks een merkbare verbetering werden in de daaropvolgende jaren nog overschrijdingen van de PM10-daggrenswaarde en de NO2- jaargrenswaarde geregistreerd die een actualisatie van het eerste actieplan fijn stof en NO2 voor de stad Antwerpen en de haven noodzakelijk maakten.

Een tweede versie van het ‘Vlaams actieplan fijn stof en stikstofdioxide voor de stad en de haven van Antwerpen’ werd op 14 februari 2014 (jaarnummer 1617) door het college goedgekeurd. Op 12 juni 2015 werd een eerste voortgangsrapport over de uitwerking van het actieplan in 2014 ter kennisgeving voorgelegd aan het college (jaarnummer 5054).

Argumentatie

Het tweede actieplan moet ervoor zorgen dat de jaargrenswaarde voor NO2 en de daggrenswaarde voor PM10 gerespecteerd blijft in de haven en de agglomeratie Antwerpen. Daarbij ligt de focus op het terugdringen van de uitstoot door transport. Meer aandacht gaat ook uit naar de fijnere stoffractie (PM2.5), de roetgerelateerde parameter elementair koolstof (EC) en het ultrafijn stof (UFP). Deze fracties worden beschouwd als de meest gezondheidsschadelijke componenten van de lokale luchtverontreiniging. Voor EC en UFP werden door de Europese Commissie voorlopig geen normen vastgelegd. Voor het terugdringen van de NO2-concentraties wordt ook gekeken naar het wegverkeer, vanwege de belangrijke bijdrage van dieselwagens.

Bovenop de maatregelen om de uitstoot te verminderen zijn in het actieplan maatregelen opgenomen om de blootstelling van de bevolking aan deze uitstoot te beperken, vooral met betrekking tot de verblijfslocaties van kwetsbare doelgroepen (kinderdagverblijven, scholen, rust- en verzorgingsinstellingen, service flats, enzovoort). 

Wat betreft de ontwikkeling van het havengebied Antwerpen heeft de Vlaamse regering de bevoegdheid voor opvolging en uitwerking van de doelstelling rond luchtkwaliteit gelegd bij de stuurgroep voor het actieplan fijn stof en NO2 in Antwerpen. Een aantal acties die betrekking hebben op haventransport wordt opgevolgd in het kader van het centraal netwerk voor de ontwikkeling van het havengebied Antwerpen (CN OHA).

Op vlak van duurzame stadsontwikkeling werden twee operationele doelstellingen geformuleerd die van toepassing zijn op dit actieplan. Ze houden verband met:

  • duurzame verplaatsingen, de garantie op bereikbaarheid, verkeersveiligheid en gezonde leefkwaliteit;
  • de beperking van hinderlijke lucht- en geluidsemissies en het maximaal voorkomen van blootstelling van bewoners.

De acties zijn ondergebracht in respectievelijk de werkgroep ‘binnenstedelijk transport’ en ‘blootstelling bevolking’.

Het gezamenlijk actieplan bevat in totaal 118 acties. Hiervan zijn 11 acties reeds volledig uitgevoerd (8 in 2014), zijn 4 acties nog op te starten (16 in 2014) en zijn er 2 vertraagd (2 in 2014). De overige acties zijn in uitvoering.

Van de 118 acties hebber er 52 acties betrekking op het stedelijk woongebied, waarvan er 43 door de stedelijke overheid gecoördineerd worden. Van alle acties in het stedelijk woongebied zijn er 2 uitgevoerd (2 in 2014), 49 zijn in uitvoering (43 in 2014) en 1 actie moet nog worden opgestart (7 in 2014). 

Beleidsdoelstellingen

Antwerpen is een duurzame stad
De ecologische duurzaamheidsambities zijn maximaal gerealiseerd met het oog op een hoge levenskwaliteit voor iedereen en economische waardecreatie
Hinderlijke lucht- en geluidsemissies zijn beperkt en de blootstelling van bewoners wordt maximaal voorkomen
1 - Woonstad
Antwerpen is een duurzame stad

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college neemt kennis van de tweede rapportering over het 'Vlaams actieplan fijn stof en stikstofdioxide voor de stad Antwerpen en de haven van Antwerpen 2014-2018', opgemaakt in samenwerking met het Vlaamse gewest en het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen.

Artikel 2

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.

Bijlagen

  • Voortgangsrapportering 2015 Actieplan fijnstof en NO2.pdf
  • 201609_RapporteringActieplanAntwerpen_2015.xlsx