Terug

2016_CBS_11177 - Stad aan het Water - Veiligheid langs het water - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 23/12/2016 - 09:00 collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Caroline Bastiaens, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2016_CBS_11177 - Stad aan het Water - Veiligheid langs het water - Goedkeuring 2016_CBS_11177 - Stad aan het Water - Veiligheid langs het water - Goedkeuring

Motivering

Aanleiding en context

Het ‘stedelijk’ gebruik van de kaai- en dokranden neemt toe met de uitbreiding van de stedelijke haven: zitten aan de waterrand, wandelen of fietsen langs het water, organiseren van evenementen, enzovoort. Op vele plekken blijft anderzijds ook het aanmeren van schepen - een deel van de beleving en beeld van de stad Antwerpen als havenstad - behouden in combinatie met dit vernieuwde stedelijke gebruik. 

Dit specifieke openbaar domein langs het water vraagt om een aangepaste inrichting.

Het college keurde op 5 oktober 2012, jaarnummer 10435, een standpunt goed met betrekking tot de veiligheid langs de kaderand van de Scheldekaaien. In voorliggend collegebesluit wordt dit standpunt uitgebreid naar algemene ontwerprichtlijnen voor alle dok- en kaderanden in stedelijk gebied.

Argumentatie

Een interne stedelijke werkgroep werkte een voorstel uit voor algemene ontwerprichtlijnen voor dok- en kaderanden in stedelijk gebied. De werkgroep was samengesteld uit volgende stedelijke diensten: Strategisch Coördinator/Stadshavendienst, Samen Leven/Rampenplanning, Onafhankelijke Diensten/Stadsingenieur, Stadsontwikkeling/Ontwerp en Uitvoering, kabinet burgemeester en AG Vespa vanuit projectregie Stad aan het Water.

De werkgroep vraagt aan het college om onderstaande algemene ontwerprichtlijnen voor veiligheid van de dok- en kaderanden in stedelijk gebied goed te keuren.

  • Er wordt in principe géén vast hek langs het water voorzien. Een hekwerk kan immers gevaarlijk of hinderlijk zijn bij het aanmeren van schepen, een reddingspoging (of de mogelijkheid dat een slachtoffer op eigen krachten uit het water kan komen) bemoeilijken of een vals gevoel van veiligheid creëeren. Een hekwerk kan ook aanleiding geven te oneigenlijk gebruik (er op of over klimmen, af springen, enzovoort) wat het gevaar op vallen net vergroot.  
  • Enkel op specifieke plekken met een duidelijk aanwijsbaar verhoogd risico wordt een vast hek voorzien. Hieronder vallen ondermeer:
    • sport- en speelterreinen worden voorzien van ballenvangers, hekken en/of een verlaagde aanleg (voorbeelden zijn het sportterrein en het speelterrein langs het Kempisch dok);
    • smalle doorgangen worden voorzien van een balustrade (bestaande voorbeelden zijn langs het Steen en het Zuiderterras, tussen de Rijnkaai en het Bonapartedok);
    • de bedieningszone rond de sluizen wordt voorzien van een veiligheidshekwerk (zoals bijvoorbeeld het bestaande hek van 1,50 m rond de Kattendijksluis), conform de desgevallend geldende wet- en regelgeving zoals bijvoorbeeld de ISPS-regelgeving;
    • plekken die frequent gebruikt worden voor evenementen en géén aanmeerfunctie hebben (zoals de zone langs de Godefriduskaai). 
  • Pontons, steigers, en andere constructies in het water:
    • indien de constructie op het water aansluitend, of dicht tegen, de dok- of kaairand ligt (zoals ter hoogte van de jachthaven in het Willemdok), gelden de veiligheidsregels voor hoogteverschillen in het openbaar domein: vanaf een bepaald hoogteverschil wordt dan een valbeveiliging voorzien;
    • indien de constructie op het water voldoende ver van de dok- of kaairand (45-graden regel) is ingeplant is er géén noodzaak om een valbeveiliging te voorzien (zoals bijvoorbeeld de jachthaven in het Kempisch dok).  In dit geval is er immers géén risico om op een harde steiger te vallen, het water breekt de val wat het slachtoffer toelaat om op eigen krachten uit het water te komen. 
  • Een zone van 10 meter rondom de dok- en of kaairand krijgt een specifieke inrichting om de veiligheid te verhogen:
    • dit valt samen met de zone van 10 meter die klassiek wordt vrijgehouden voor de bediening en bereikbaarheid van aangemeerde schepen.
    • binnen deze zone wordt waar mogelijk een strook van minimaal vijf meter obstakelvrij gehouden voor bereikbaarheid hulpdiensten, ook tijdens evenementen;
    • binnen deze zone wordt waar mogelijk een duidelijk leesbare strook in ruwer materiaal aangelegd –bijvoorbeeld bolle kasseien- die de waterrand scheidt van een comfortstrook voor voetgangers en fietsers - bijvoorbeeld in gezaagde kasseien. De breedte van deze strook wordt in elk specifiek ontwerp op maat bepaald;
    • waar mogelijk wordt de zone van 10 meter visueel gemarkeerd, bijvoorbeeld door het plaatsen van de waterkering, overgang van materiaalgebruik, plaatsing van straatmeubilair, enzovoort. Bijkomend wordt hier ook extra aandacht geschonken aan een aangepast verlichting;
    • indien van toepassing wordt een aangepaste signalisatie voorzien om de aandacht te vestigen op de risico’s van bijvoorbeeld scheepsvaartactiviteiten, overstromingsgevaar, valgevaar, brug- of sluisbewegingen, enzovoort. 
  • Bij tijdelijke evenementen wordt indien nodig aan de initiatiefnemer gevraagd gepaste veiligheidsmaatregelen zoals bijvoorbeeld tijdelijke afsluitingen te voorzien.  
  • Er wordt aangepast reddingsmateriaal voorzien. Uitgangspunt hierbij is dat je op eigen kracht uit het water moet kunnen klimmen, en dat het reddingsmateriaal duidelijk zichtbaar is: ladders of trappen van op het water, reddingsboeien van op het land. Er wordt een vlotte toegang tot water voorzien voor hulpdiensten in functie van een eventuele redding.

Het toepassingsgebied van bovenstaande ontwerprichtlijnen betreft alle bestaande en toekomstige openbare dok- en kaairanden binnen stedelijk gebied. Dit omvat het merendeel van de Scheldekaaien en de dok- en kaairanden van het Eilandje. Voor de Scheldekaaien zijn de eerder besliste principes met betrekking tot de veiligheid langs de kaderand (collegebesluit 5 oktober 2012, jaarnummer 10435) integraal mee opgenomen in voorliggend besluit.

Deze ontwerprichtlijnen zullen worden toegepast bij elke nieuw aan te leggen dok- en kaairand binnen stedelijk gebied. Om elk nieuw ontwerp systematisch te kunnen beoordelen zal in de fase van voorontwerp per project een inventarisatie gemaakt worden van de risico’s die zich kunnen voordoen. Bij opmaak van het ontwerp wordt een voorstel opgemaakt van het risicoprofiel, de gewenste risicolimiet en van de maatregelen voor elk risico, en ter goedkeuring aan het college voorgelegd.

De reeds aangelegde dok- en kaairanden, zoals de kaairanden van het Willemdok en het Bonapartedok dienen te worden geëvalueerd, en waar mogelijk aangepast. Een eerste maatregel betreft het plaatsen van een hekwerk ter hoogte van de jachthaven Willemdok, met name de West-, Zuid- en Oostkaai van het Willemdok. Zie ook plan in bijlage.

Er wordt een permanente evaluatie commissie opgericht om nieuwe ontwerpen te beoordelen en adviseren, reeds aangelegde dok- en kaairanden te herevalueren (bijvoorbeeld bij gewijzigd gebruik).

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college beslist de algemene ontwerprichtlijnen voor veiligheid van de dok- en kaderanden in stedelijk gebied, zoals opgenomen in argumentatie, goed te keuren.

Artikel 2

Het college geeft opdracht aan:

AG Vespa en
SW/Ontwerp en Uitvoering 

  • om de algemene ontwerprichtlijnen met betrekking tot de veiligheid langs de dok- of kaderanden maximaal te integreren in de lopende dossiers en toekomstige voor heraanleg dok en kaairanden.

 

SC/Stadshavendienst

 

 

  • om een permanente evaluatiecommissie op te starten om de reeds aangelegde dok- en kaairanden bij gewijzigd gebruik te evalueren;
  • nautische input verlenen in functie van gebruik kaaien en interferentie scheepvaart stadshaven voor een  risicoanalyse;
  • om in samenwerking met de Brandweer, voor het stedelijk havengebied, een voorstel op te maken voor een plan voor de toegankelijkheid van hulpdiensten bij een eventuele redding te water, aangepast reddingsmateriaal en de inhoud van noodzakelijke signalisatie.

SW/Ontwerp en Uitvoering

  • om een aangepast hek en eventueel ander straatmeubilair (signalisatie, enzovoort) in functie van de beveiliging van dok- en kaairanden uit te werken en op te nemen in de Straatmeubilaris;
  • om de reeds aangelegde dok- en kaairanden te evalueren, en desgevallend een gebudgetteerd plan van aanpak voor aanpassing aan het college voor te leggen.

SW/Beheer en Onderhoud

  • om een hek te plaatsen ter hoogte van de jachthaven Willemdok, met name  de West-, Zuid- en Oost-kaai van het Willemdok, en hiervoor een gebudgetteerd plan aan het college ter goedkeuring voor te leggen.

 



Artikel 3

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.

Bijlagen

  • Bijlage kaartjes en beeldmateriaal