De in dit besluit opgenomen investeringstoelagen voor erelonen voor 2016 en 2017 voldoen beiden aan het subsidiereglement voor investeringen aan gebouwen bestemd voor de erediensten zoals goedgekeurd door de gemeenteraad op 26 juni 2006 (jaarnummer 1293). Beiden passen in de budgetten die hiervoor in de meerjarenbegroting zijn opgenomen.
Een toelage zal enkel worden uitbetaald wanneer er geen openstaande, niet-betwiste, vervallen schulden zijn ten aanzien van de stad Antwerpen.
De gemeenteraad besliste op 26 juni 2006 (jaarnummer 1293) de subsidieschema's voor investeringen vast te leggen voor investeringen aan de gebouwen bestemd voor de eredienst.
Het college keurde op 22 oktober 2010 (jaarnummer 12957) de prioriteitenstelling voor investeringswerken aan de gebouwen van de eredienst goed.
De gemeenteraad keurde op 16 december 2013 (jaarnummer 749) het meerjarenplan 2014-2019 van het eredienstbestuur Sint-Antonius-à-Padua goed.
Het Agentschap Binnenlands Bestuur van de Vlaamse overheid stelde op 15 juni 2015 de jaarrekening 2014 vast van het eredienstbestuur.
De gemeenteraad paste op 26 oktober 2015 (jaarnummer 563) het budget 2016 van het eredienstbestuur aan.
Eredienstbestuur Sint-Antonius-à-Padua vroeg in mei 2014 een restauratiepremie aan bij de Vlaamse overheid voor de werken aan haar kerkgebouw. De restauratiewerken worden daarbij in fasen ingedeeld. Fase 1a omvat de dak- en gevelwerken, fase 1b de werken aan de glas-in-loodramen.
Op 14 maart 2016 stuurde de Vlaamse overheid aan het eredienstbestuur de definitieve besluiten over de restauratiepremies voor de fasen 1a bouwkundige werken en 1b glas-in-loodramen. Op 15 maart 2016 volgde de toekenning van een restauratiepremie voor de aan deze fasen voorafgaande veiligheidswerken, noodzakelijk na storm- en hagelschade.
Het bestuur vraagt een tussenkomst van de stad in de erelonen van de architect die voortvloeien uit deze restauratie. Het totaal van de erelonen architect voor de veiligheidswerken en de restauratiefasen fase 1a + fase 1b bedraagt 327.561,53 EUR. Het totaal van de erelonen veiligheidscoördinator voor deze drie fasen bedraagt 14.889,16 EUR.
Met het bestuur is afgesproken dat het zelf 60% van de erelonen architect draagt. Dit komt overeen met wat er aan de architect verschuldigd is voor het vooronderzoek en ontwerp van het restauratiedossier. Het eredienstbestuur draagt dus zelf 327.561,53 EUR x 60% = 196.536,92 EUR.
Aan de stad wordt gevraagd de erelonen architect verschuldigd bij aanbesteding en opvolging tot de definitieve oplevering van de fasen veiligheidswerken te dragen, samen met de erelonen voor de veiligheidscoördinator. Dit is 327.561,53 EUR x 40% = 131.024.61 EUR voor de erelonen architect en 14.889,16 EUR erelonen veiligheidscoördinator, samen 145.913,77 EUR. Hiervan is 75.732,68 EUR te voorzien in 2016 en 70.181,09 in 2017.
Het subsidieschema erelonen wordt gevolgd. Voor de erelonen van de architect moet het eredienstbestuur minstens 10% bijdragen en draagt de stad maximum 90% van de kosten. Voorwaarde is dat de kerkfabriek kan aantonen hoe ze de 10% eigen aandeel zal financieren en dat ze zelf geen verdere financiële middelen heeft.
De aanvraag voldoet aan de voorwaarden en beantwoord aan de hoogste prioriteit. De dialoog met het bisdom over de toekomstvisie van de Antwerpse parochiekerken is lopend. Voor deze parochie zijn er geen plannen tot wijziging in de toekomstvisie als eredienstgebouw.
Artikel 4 van het decreet van 7 mei 2004 (gewijzigd 6 juli 2012) betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende eredienstbesturen bepaalt dat de kerkfabriek is belast met de zorg voor de materiële voorwaarden die de uitoefening van de eredienst en het behoud van de waardigheid ervan mogelijk maken. De kerkfabriek is eveneens belast met het onderhoud en de bewaring van de kerk of kerken van de parochie en met het beheer van de goederen en de gelden die eigendom zijn van de kerkfabriek of die bestemd zijn voor de uitoefening van de eredienst in de parochie.
Artikel 52/1 §1: De gemeentebesturen passen de tekorten bij van de exploitatie van de kerkfabrieken en dragen bij in de investeringen in de gebouwen van de eredienst.
Artikel 52/1 §2: De roerende en onroerende eigendommen en financiële beleggingen van de kerkfabriek, met uitzondering van de erkende gebouwen van de eredienst, vormen de reserves van de kerkfabriek en worden beheerd met het oog op het realiseren van een zo hoog mogelijk jaarlijks rendement (…). De gemeente kan de kerkfabriek niet verplichten om die reserves te gebruiken voor investeringen in het kerkgebouw.
Het college beslist aan het eredienstbestuur Sint-Antonius-à-Padua een investeringstoelage toe te kennen van 75.732,68 EUR voor de erelonen verschuldigd voor de dringende werken en restauratie van haar kerkgebouw in 2016. De uitbetaling zal gebeuren op basis van voorgelegde facturen en voor zover de beschikbare kredieten van het budgetjaar in kwestie dit toelaten.
De financieel beheerder verleent zijn visum en regelt de financiële aspecten als volgt:
| Omschrijving | Bedrag | Boekingsadres | Bestelbon |
|
Sint-Antonius-à-Padua IBAN: BE50 0910 0101 7418 |
75.732,68 EUR | budgetplaats: 5131500000 budgetpositie: 664480 functiegebied: 1SHM090305A00000 subsidie: Sub_NR fonds: Intern begrotingsprogramma: 1SA060790 budgetperiode: 1600 |
4505055474 |
|
Sint-Antonius-à-Padua IBAN: BE50 0910 0101 7418 |
70.181,09 EUR |
budgetplaats: 5131500000 "mits goedkeuring van budget 2017 door college, |
4505055475 |