Terug

2016_CBS_05702 - Duurzame stad - Conceptstudie duurzame herinrichting Albertkanaal. Resultaten - Kennisneming

college van burgemeester en schepenen
vr 24/06/2016 - 09:00 collegezaal, stadhuis
Kennis genomen

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2016_CBS_05702 - Duurzame stad - Conceptstudie duurzame herinrichting Albertkanaal. Resultaten - Kennisneming 2016_CBS_05702 - Duurzame stad - Conceptstudie duurzame herinrichting Albertkanaal. Resultaten - Kennisneming

Motivering

Gekoppelde besluiten

Aanleiding en context

De provincie Antwerpen werkte een toekomstplan uit voor de bedrijvenzone langsheen het Albertkanaal onder de noemer "de kanaalkant". In dat plan werd actie 24 gedefinieerd als "Opmaken duurzaamheidsstudie voor heel het bedrijventerrein". De stad Antwerpen werd als trekker aangeduid voor deze actie. In die rol schreef de stad een opdracht uit voor een "conceptstudie duurzame herinrichting bedrijvenzone Albertkanaal". Op 24 april 2015 (jaarnummer 3442) gunde het college de opdracht aan TV Posad - Arcadis Belgium nv. De opdracht werd gefinancierd en uitgevoerd in samenwerking met de gemeenten Schoten en Wijnegem en het Vlaams Agentschap Innoveren en Ondernemen (VLAIO).

De studie werd inmiddels volledig afgerond en de resultaten en voorgestelde vervolgacties worden voorgelegd aan het college.

Argumentatie

Inleiding

De onderzoeksopdracht had tot doelstelling om uitvoerbare projectplannen uit te werken binnen het kader van een bredere visie. In de studie werd een grondige analyse van de energie- en waterstromen van het bedrijventerrein gemaakt. Met deze informatie werd in samenwerking met onder meer de bedrijven, nutsmaatschappijen en lokale overheid een 20-tal potentiële projecten in beeld gebracht waaruit vervolgens 4 projecten werden geselecteerd. Deze projecten werden geselecteerd omwille van hun replicatiepotentieel, impact en realiseerbaarheid. Ze werden verder uitgewerkt in een projectplan waarin de financiële, technische en juridische haalbaarheid werd aangetoond.

Naast de projectplannen werd ook een visie uitgewerkt die mogelijkheden aanreikt tot het breder implementeren van deze werkwijze. Deze studie laat zien waar de mogelijkheden liggen voor verduurzaming van het gebied, maar maakt ook inzichtelijk welke hindernissen dienen genomen te worden om tot een succesvolle transformatie van het gebied te komen.

Uitgangspunten

Bovenal is de bedrijvenzone Albertkanaal onderdeel van een economisch netwerk. Binnen dit netwerk is watergebonden bedrijvigheid van groot belang. Daarrond bestaan logistieke netwerken, goederen- en afvalstromen die in samenhang met de netwerken voor water- en energiestromen moeten beschouwd worden. Dit wordt haast vanzelfsprekend weerspiegeld in het programma van het toekomstplan “De kanaalkant”.

De bedrijvenzone Albertkanaal ligt daarnaast ingebed in het stedelijk weefsel van de twintigste–eeuwse gordel van de stad Antwerpen. De ruimtelijke druk in dit gebied neemt toe en daarmee is ook de noodzaak groot om na te denken over een samenhang tussen de bedrijvenzone en de aangrenzende residentiele gebieden. Zo kan er een sterke uitwisseling plaatsvinden tussen bedrijvenzone en omgeving om het gecombineerde energieverbruik terug te dringen of om de wateroverlast in het gebied te beperken, terwijl de logistieke stromen uit het oogpunt van efficiëntie en veiligheid zoveel mogelijk gescheiden blijven.

Om tot ontrafeling van potentiële projecten voor verbeterde duurzaamheid van de bedrijvenzone te komen, is een methodiek gehanteerd die uitgaat van de vier grootheden die de balans bepalen in de verduurzaming van het gebied: watervraag, waterovervloed, energievraag en energie-aanbod. Het onderzoeksproject zelf heeft een proces doorlopen van analyse via identificatie van mogelijke projecten naar uitwerking van kansrijke projecten tot projectplannen. Hierbij is nadrukkelijk  samenwerking gezocht met betrokken stakeholders. Het onderzoeksteam fungeerde daarbij als loket waarbinnen beloftevolle projecten verder uitgedacht konden worden. Deze organisatiestructuur met een gebiedsmanager als spil in de ontwikkeling van nieuwe duurzame concepten komt overeen met de suggesties die hiervoor reeds in het kaderplan geformuleerd werden. Uit de contacten met stakeholders is gebleken dat optimalisaties in energie- en waterbalans op individueel niveau binnen de bedrijven al sterk doorgevoerd zijn. De kernvraag was dus hoe samenwerking, tussen bedrijven onderling en tussen overheid en bedrijven, tot een verdere verduurzaming van de bedrijvenzone zou kunnen leiden.

Concrete resultaten in projectplannen

Het projectplan "energiebedrijf BZA" mikt op de uitwisseling van energie tussen twee bedrijven onderling. De productie van energie met behulp van zonnepanelen op de daken van een magazijn word rechtstreeks aan een naburig bedrijf geleverd. In het projectplan werden winsten voor alle partijen aangetoond. De lopende aanvraag van brownfieldconvenant van het bedrijf Gosselin biedt een kader om deze case verder uit te diepen.

In het projectplan "restwarmte foodcluster" wordt de plaatsing van een warmtekrachtkoppelingsinstallatie (WKK) gebruikt als initiator om een lokaal warmtenet te realiseren in de bestaande naastgelegen wijk met woningbouw. De financierbaarheid van het projectplan werd aangetoond, rekening houdende met het verschil in rendabiliteitseisen voor publieke en private investeringen. Het projectplan moet in een volgende fase verder verdiept worden door een partij die de investering in een warmtenet kan dragen. Warmte@Vlaanderen is daarvoor de voorkeurspartner.

Het projectplan "alternatieve productie van water met drinkwaterkwaliteit" is onder de huidige condities onhaalbaar gebleken, gezien de ongelimiteerde mogelijkheden tot grondwaterextractie en de lage kostprijs van grond- en drinkwater. Toch geven de stakeholders hier aan dat het voor de bedrijfszekerheid relevant is om deze alternatieven te blijven onderzoeken.

Het projectplan "klimaatbestendige ruimte" betreft voornamelijk investeringen om de risico’s op wateroverlast te beperken en de veiligheid in het gebied te waarborgen. De set van maatregelen geeft echter een interessante houvast om gebiedsdekkend met kleinere projecten geleidelijk maar aanzienlijk de situatie met betrekking tot de waterhuishouding en het tegengaan van hittestress te verbeteren. De gepresenteerde maatschappelijke kosten-batenanalyse vormt een aanleiding om het gesprek met bedrijven en beheerders van de publieke infrastructuur over de financiering van de maatregelen aan te gaan. Verbindingen in de planvorming met het omliggende stedelijk gebied zijn evident in de aanpak van deze wateropgave. De opmaak van investeringsplannen door RIO-link op basis van neerslagmodellering en de daaraan gekoppelde opmaak van een stedelijk waterplan vormen de ideale aanleiding om bepaalde maatregelen uit deze studie daarin op te nemen. De stad Antwerpen en de districten Deurne en Merksem zorgen er voor dat het waterplan aansluit bij de in dit onderzoek voorgestelde maatregelen. Synergiën met geplande investeringen worden daarbij steeds benut.

Voor alle vier de projectplannen geldt dat een substantiële duurzaamheidswinst te behalen is. Voor de betrokken partijen is dit in alle gevallen een belangrijke motiverende reden om positief tegenover de uitvoering van de concepten te staan. Daarnaast zijn er bij alle plannen bijkomende winsten voor de betrokkenen te behalen, soms in financiële zin, maar veelal ook in zekerheid van levering of veiligheid. Deze aspecten zijn echter, evenals de duurzaamheidswinst, minder evident om mee te kwantificeren in de doorrekening van een businesscase. Daarmee moet vermeld worden dat de terugverdientijden bij de doorrekeningen vaak op de grens liggen van wat als financieel haalbaar gezien kan worden vanuit een investeringsoogpunt.

Visie - kansen voor opschaling

Een belangrijk selectiecriterium voor de uitgewerkte projectplannen was de potentie om het concept te herhalen binnen of buiten het projectgebied. Strategisch wordt voorgesteld om bij de ontwikkeling van nieuwe projecten een stappenstrategie te volgen, uitgaande van de samenwerkingsvorm. De eerste stap vindt feitelijk al plaats en betreft optimalisatie van bedrijfsprocessen die tot verduurzaming leiden. Een volgende stap is het zoeken naar combinaties tussen twee partijen binnen de bedrijvenzone. Dit kan een bedrijf en een overheidspartij zijn, een combinatie van twee bedrijven, of een combinatie met bijvoorbeeld een distributienetbeheerder. Als in die samenwerking het optimum is bereikt, kan er gekeken worden naar opschaling binnen een cluster van de bedrijvenzone.

De ruimtelijke structuur van de bedrijvenzone geeft al ruimtelijke kaders voor dergelijke clusters aan. Feitelijk zijn deze clusters de schaal waarop we samenwerking willen bereiken in het denken over verduurzaming, het uitwisselen van ervaringen en het gezamenlijk analyseren en combineren van datasets.

Een nadere beschouwing van de mogelijkheden tot replicatie van de concepten in de projectplannen toont aan dat voor de verschillende concepten een andere schaal van implementatie het meeste potentieel biedt in duurzaamheidswinsten. Toch geldt voor alle concepten dat de collectieve cluster een interessante schaal biedt om de projecten in op te schalen en vervolgens te herhalen binnen een andere cluster van de bedrijvenzone.

Conclusie

Binnen de bedrijvenzone Albertkanaal zijn veel mogelijkheden om het gebied te versterken door te bouwen aan de duurzame netwerken. Binnen het gebied is onder betrokken stakeholders ook een bereidheid om hier stappen in te zetten. Indien een aantal praktische en juridische obstakels kunnen worden weggenomen, zou een aantal projecten al direct geïmplementeerd kunnen worden. Implementatie van projecten op de schaal van de bedrijvenzone als geheel is zeer complex en niet per se noodzakelijk. Het platform waarin kennis kan worden ontwikkeld en uitgewisseld, zou echter wel op de schaal van de bedrijvenzone als geheel moeten functioneren. De veranderende condities als gevolg van klimaatverandering, de energietransitie en de druk op ‘schoon’ water en energie sturen ook aan op nadenken op alle vlakken over verduurzaming van processen en netwerken.

Vervolgstappen

Energiebedrijf bedrijvenzone Albertkanaal

De lopende aanvraag van het Brownfieldconvenant van het bedrijf Gosselin bied een kader om deze case verder uit te diepen. Vanwege het grote replicatiepotentieel voor andere bedrijventerreinen en de mogelijkheid dat het een opstap kan zijn naar een gebiedsmanagement is POM-Antwerpen aangewezen om het vervolgtraject te trekken.

Trekker: POM-Antwerpen

Partners: Eandis, stad Antwerpen, gemeente Schoten, de bedrijven Gosselin nv en Voeders Depre nv.

Restwarmte foodcluster

Het projectplan moet in een volgende fase verder verdiept worden door een partij die de investering in een warmtenet kan dragen. Warmte@Vlaanderen is daarvoor de voorkeurspartner.

Trekker Warmte@Vlaanderen

Partners: stad Antwerpen, Dossche Mils

Alternatieve productie van water met drinkwaterkwaliteit

Lokale drinkwaterproductie vanuit lokale (afval)waterstromen wordt vandaag reeds onderzocht bij onder meer AWW. De noodzakelijke wijzigingen in het beleid met betrekking met grondwaterontrekkingen moeten op de diverse bestuurlijke niveau’s verder onderzocht worden. De provincie Antwerpen is bereid daarin het voortouw te nemen.

Trekker: provincie Antwerpen

Partners: AWW, Aquafin, Nactis nv, Belgomilk nv

Klimaatbestendige ruimte

De opmaak van investeringsplannen door RIO-link op basis van neerslagmodellering en de daaraan gekoppelde opmaak van een stedelijk waterplan vormen de ideale aanleiding om bepaalde maatregelen uit deze studie daarin op te nemen. De stad Antwerpen en de districten Deurne en Merksem zorgen er voor dat het waterplan aansluit bij de in dit onderzoek voorgestelde maatregelen. Synergiën met geplande investeringen worden daarbij steeds benut.

Trekker: stad Antwerpen

Partners: districten Merksem en Deurne, Rio-link

De visie

Het onderzoek toont aan dat de aanduiding van een gebiedsmanager voor de bedrijvenzone een voorwaarde is voor de verduurzaming van het gebied zoals beschreven in de visie. Gezien meerdere onderzoeken uit het toekomstplan “de kanaalkant” dezelfde noodzaak identificeren is het wenselijk dat dit idee verder wordt uitgewerkt binnen dit platform. De provincie Antwerpen neemt daarin het voortouw.

Trekker provincie Antwerpen (de kanaalkant)

Partners: POM-Antwerpen en de partners van het platform “de kanaalkant”

Beleidsdoelstellingen

1 - Woonstad
1HWN01 - Antwerpen is een duurzame stad
1HWN0102 - Een onderbouwd, gedragen en ondersteunend energie- en milieubeleid is gevoerd en het goede voorbeeld is door onszelf gegeven
1 - Woonstad
1HWN01 - Antwerpen is een duurzame stad
1HWN0102 - Een onderbouwd, gedragen en ondersteunend energie- en milieubeleid is gevoerd en het goede voorbeeld is door onszelf gegeven
1HWN010201 - Leefmilieu en duurzaamheid maken consequent deel uit van de stedelijke beleidsplanning en -uitvoering
1HWN010201P05648 - Klimaatadaptatiestrategie

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college neemt kennis van de resultaten van de "concepstudie duurzame herinrichting bedrijvenzone Albertkanaal".

Artikel 2

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.

Artikel 3

Het college geeft opdracht aan:

dienst taak
SW/Energie en Milieu Antwerpen

in samenwerking met de aangeduide trekkers medewerking verlenen aan de vervolgstappen voor de projectplannen en de visie

SW/Ontwerp en Uitvoering

in nauw overleg met Rio-link en de districten Merksem en Deurne de resultaten van het onderzoek "conceptstudie duurzame herinrichting bedrijvenzone albertkanaal" integreren in het waterplan


Bijlagen

  • Eindrapport.pdf