Terug

2016_CBS_05938 - Duurzame stad - Resultaten voorstudie uitwerking concept tertiaire sector en industrie met betrekking tot energie-efficiëntie en duurzame energie - Kennisneming

college van burgemeester en schepenen
vr 01/07/2016 - 09:00 digitaal
Kennis genomen

Samenstelling

Aanwezig

Koen Kennis, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Bart De Wever, burgemeester; Philip Heylen, schepen; Claude Marinower, schepen; Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris
2016_CBS_05938 - Duurzame stad - Resultaten voorstudie uitwerking concept tertiaire sector en industrie met betrekking tot energie-efficiëntie en duurzame energie - Kennisneming 2016_CBS_05938 - Duurzame stad - Resultaten voorstudie uitwerking concept tertiaire sector en industrie met betrekking tot energie-efficiëntie en duurzame energie - Kennisneming

Motivering

Gekoppelde besluiten

Aanleiding en context

In het Antwerpse klimaatplan (jaarnummer 541) stelt de stad Antwerpen dat het voor de tertiaire sector een instrumentarium zal ontwikkelen om bedrijven te stimuleren tot en ondersteunen bij maatregelen en investeringen met betrekking tot energie-efficiëntie en duurzame energie. Uit de emissie-inventaris blijkt immers dat de sector in vergelijking met huishoudens en stedelijke organisatie aanzienlijk minder bijdraagt aan de realisatie van de klimaatdoelstellingen. De stad had naar deze doelgroep dan ook nog geen specifiek aanbod. Hier is dus nog veel potentieel om de komende jaren CO2 te besparen. 

Op 18 september 2015 (jaarnummer 7750) gunde het college de opdracht “Het uitwerken van een concept ter ondersteuning van de tertiaire sector en industrie met betrekking tot energie-efficiënte en duurzame energie in samenwerking met stakeholders” aan het bedrijf DNV GL.

Deze opdracht past in de uitvoering van de flankerende maatregel "MT.14 – Oprichting van een centrale helpdesk energiezorg" van het klimaatplan van de stad Antwerpen. De opdracht was de ontwikkeling van een businessplan (dat los van subsidies van de stad kan functioneren) voor een instrument ter ondersteuning en stimulering van de tertiaire sector met als doel CO2-besparing,

Deze nota geeft een beknopt overzicht van de resultaten van deze opdracht. Volgende aspecten komen aan bod:

  • het proces: co-creatie met belanghebbenden;
  • het model: de belangrijkste krachtlijnen;
  • vervolgstappen.

Argumentatie

Het proces: co-creatie met belanghebbenden

Een goede mix van ongeveer 70 belanghebbenden (bedrijven, netwerkorganisaties, semi-publieke organisaties en overheden) participeerde onder de leiding van DNV GL en professor Matty Paquay aan het proces. De methodologie van Osterwalder inzake het bouwen van verdienmodellen werd over de verschillende fases gevolgd.

  1. Fase 1: uittekenen van de profielen van de gebruikers;
  2. Fase 2: uittekenen van de waardepropositie en het verdienmodel;
  3. Fase 3: validatie van het verdienmodel en de door DNV GL uitgewerkte business case. 

Sommige belanghebbenden participeerden aan alle fases. Andere belanghebbenden beperkten zich tot één of twee van de drie.

Het model: de belangrijkste krachtlijnen

Het model dat tijdens het proces werd uitgewerkt faciliteert marktontwikkeling van energie-efficiëntie en hernieuwbare energie. Het heeft volgende kenmerken:

  1. Het hart van het model is de zogenaamde "sleutelgatmethode". Dit omvat een modulair energie-stappenplan. Het stappenplan helpt organisaties te groeien in energie-efficiëntie en hernieuwbare energie, door dit te koppelen aan hun kernactiviteiten. De organisaties starten met kleine projecten omwille van het implementatiegemak, de beperkte investering(sbeslissing) en de korte terugverdientijd en streven naar grotere integrale projecten. Er worden sectorspecifieke voorbeeldstappenplannen ter beschikking gesteld en men kan beroep doen op een coach. Het model bevat concrete tools om de effectiviteit van het modulaire stappenplan te borgen en te tonen zoals een energiescan en -dashboard, een salesplan, typecontracten ...
  2. De sleutelgatmethode is onderdeel van een digitaal community-platform. Dit platform is de plaats waar gebruikers alle informatie over het model, en ruimer energie en klimaat, vinden. Een communitymanager beheert het platform en bouwt het netwerk uit.
  3. De marktplaats is ook een (beschermd/commercieel) onderdeel van het platform. Vraag en aanbod vinden elkaar op deze marktplaats gestructureerd via een offerte-module. Offertes of 'requests for proposals' zorgen voor de implementatie van het modulair energie-stappenplan en creëren marktopportuniteiten voor aanbieders van energiediensten en -producten.

Het model haalt zijn inkomsten uit reclame, publicatierecht van de offertes en het toegangsrecht tot het offerte-platform. De eenmalige kosten zijn voornamelijk de ontwikkeling van de sleutelgatmethode (modulair stappenplan en bijhorende tools) en de platformen. De belangrijkste variabele kosten zijn het loon van de communitymanager en de energie-expert(en). 

Het model beoogt drie klanten:

1. Het biedt aan de stad Antwerpen een betere sturing op de CO2-verlaging in de tertiaire sector. Het biedt ook promotiemogelijkheden voor de stad Antwerpen. De stad biedt deelnemende organisaties visibiliteit en ontwikkelt hiertoe een charter, een label en een award.

2. Het  biedt aan bedrijven een hogere competitiviteit. Dit betekent:
  • voor gebouwenbeheerders het verbeteren van gebouwprestaties;
  • voor retail het verhogen van de attractiviteit van de winkel;
  • voor lichte industrie het verhogen van de productiviteit

De bedrijven gebruiken hiertoe de sleutelgatmethodiek. Bijkomend kunnen ze volgens deze methode offertes ontwikkelen en deze plaatsen op de offerte-module. De stad biedt hen een drieledige visibiliteit:

  • het bedrijf start met de sleutelgatmethodiek: de organisatie en de stad sluiten een overeenkomst (charter) af;
  • het bedrijf beslist tot investering: de organisatie maakt een offerte. De stad biedt hen een label aan;
  • het bedrijf pakt uit: de organisatie strijdt mee voor een award.

3. Het model biedt aan de leveranciers van oplossingen een grotere markt, kwaliteitsvolle offertes (met minder acquisitiekosten) en interessante promotiemogelijkheden via het platform. Innovatieve leveranciers kunnen samen met hun klanten meedingen naar een award.

Vervolgstappen

Aan het college zal een bestek ter goedkeuring voorgelegd worden om het concept verder te ontwikkelen tot gebruiksklaar instrumentarium. Stad Antwerpen zoekt voor deze ontwikkeling ook ondersteuning bij de Vlaamse overheid met de bedoeling om het model na een pilootfase in Antwerpen ook naar andere Vlaamse steden uit te rollen. Dit betekent een meerwaarde voor de financierbaarheid en de robuustheid van het model.

De belangrijkste processen die verder worden uitgewerkt, zijn:

  • de ontwikkeling en het onderhoud van de methodiek;
  • de ontwikkeling en het beheer van van het offerte-platform en community platform;
  • de ontwikkeling en het beheer van het netwerk van de tertiaire sector;
  • de ondersteuning van de tertiaire sector bij de toepassing van de sleutelgatmethode;
  • de ondersteuning van de tertiaire sector bij de opmaak van offertes;
  • de ontwikkeling van het charter, het label en de award;
  • de ontwikkeling en het onderhouden van de relatie met de leveranciers van oplossingen;
  • het monitoren en publiceren van de afname van CO2.

Beleidsdoelstellingen

1 - Woonstad
1HWN01 - Antwerpen is een duurzame stad
1HWN0101 - De ecologische duurzaamheidsambities zijn maximaal gerealiseerd met het oog op een hoge levenskwaliteit voor iedereen en economische waardecreatie
1HWN010101 - Met een lager energieverbruik, duurzaam geproduceerde energie en schone technologie evolueren we naar klimaatneutraliteit in 2050
1HWN010101PA1579 - Klimaatplan - Tertiaire sector - Het model

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college neemt kennis van de resultaten van de voorstudie van het uitwerken van een concept ter ondersteuning van de tertiaire sector en industrie met betrekking tot energie-efficiëntie en duurzame energie.

Artikel 2

Dit besluit heeft in principe geen financiële gevolgen.

Bijlagen

  • Het Model - Voortgangsrapportage 02062016.pptx