Terug

2016_CBS_05764 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure - 2016703 - district Antwerpen - Klapdorp 18 - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 01/07/2016 - 09:00 digitaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Koen Kennis, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Bart De Wever, burgemeester; Philip Heylen, schepen; Claude Marinower, schepen; Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris
2016_CBS_05764 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure - 2016703 - district Antwerpen - Klapdorp 18 - Goedkeuring 2016_CBS_05764 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure - 2016703 - district Antwerpen - Klapdorp 18 - Goedkeuring

Motivering

Onderzoek

Nee

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 4.7.12. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening stelt dat het college bevoegd is om de beslissing te nemen over een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning.

Aanleiding en context

Aanvragers: Leonardus Reniers
De aanvraag omvat: Klapdorp 18 - Riolering
Dossiernummer: AN1/B/digitaal/2016703

Argumentatie

Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college conform artikel 4.7.17 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kennis van het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar dat als bijlage bij dit besluit is gevoegd.

Juridische grond

De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en zijn uitvoeringsbesluiten.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.

Artikel 2

Het college beslist de stedenbouwkundige vergunning goed te keuren en af te leveren aan de aanvrager, die ertoe gehouden is:
  • de bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen strikt na te leven;
  • als alternatief voor de septische put in de tuin moet gekeken worden of de deze niet in de kelder geplaatst kan worden. Een afwijking van de hoogte van de aansluiting kan dan toegestaan worden. Indien het plaatsen van een septische put technisch niet haalbaar is moet een afwijking aangevraagd worden;
  • RWA en DWA moeten volledig gescheiden tot op de rooilijn worden gebracht. De vergunningsaanvrager dient een externe toezichtsmogelijkheid op beide aansluitingen te voorzien;
  • gravitaire kelderaansluitingen zijn niet toegelaten. Indien er afvoerpunten van de woning (bijv. klokrooster) lager gelegen zijn dan het straatniveau t.h.v. de leiding dient de aansluiting beveiligd te worden tegen terugstroming. Dit kan door aan te sluiten via een terugslagklep of pomp. Een terugslagklep dient te worden geplaatst in de aankomende leidingen en niet in de infrastructuur van de rioolbeheerder;
  • de aansluiting dient te gebeuren op een diepte van 80 cm onder het straatniveau. Afwijkingen hiervan kunnen eventueel toegelaten worden mits een gemotiveerde aanvraag;
  • na uitvoering van de werken te voldoen aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten opgelegd door de Vlaamse Wooncode en het besluit van de Vlaamse regering van 12 juli 2013 betreffende de kwaliteits- en veiligheidsnormen voor woningen.

Artikel 3

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.

Bijlagen