Terug

2016_CBS_00818 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure - 20152813 - district Borgerhout - Kattenberg 83-85-87 - Weigering

college van burgemeester en schepenen
wo 10/02/2016 - 09:00 digitale
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Bart De Wever, burgemeester; Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris
2016_CBS_00818 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure - 20152813 - district Borgerhout - Kattenberg 83-85-87 - Weigering 2016_CBS_00818 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure - 20152813 - district Borgerhout - Kattenberg 83-85-87 - Weigering

Motivering

Onderzoek

Nee

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 4.7.12. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening stelt dat het college bevoegd is om de beslissing te nemen over een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning.

Aanleiding en context

Aanvragers: Mohamed Tarrahi
De aanvraag omvat: het verbreden van een toegangspoort voor een magazijn en functiewijziging carwash
Dossiernummer: ZBO/B//20152813

Argumentatie

Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college conform artikel 4.7.17 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kennis van het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar dat als bijlage bij dit besluit is gevoegd.

Vanuit goede ruimtelijke ordening is het niet opportuun om deze aanvraag te vergunnen aangezien er een reële overlast zal ontstaan op de directe omgeving. Onderstaande argumentatie verduidelijkt dit:

  • Inzake parkeren:

In het verslag GSA is de parkeerparagraaf uitgewerkt. Deze gaat uit van bepaalde aannames die niet stroken met de realiteit op vlak van handcarwashes in Antwerpen naar parkeerbehoefte op eigen terrein. Onderstaande aangepaste parkeerparagraaf geeft de te verwachten parkeergeneratie weer zoals deze gehanteerd wordt in Antwerpen. Deze zelfde normering wordt ook toegepast in het toekennen van vestingstoelatingen, die noodzakelijk zijn voor de uitbating van een handcarwash in Antwerpen.

Aangezien uit de berekening blijkt dat er een tekort aan parkeerplaatsen is zal er een overlast ontstaan naar de woonbuurt. Klanten zullen hun beurt afwachten in de directe omgeving. Aangezien de buurt kampt met een constante parkeerdruk is het nagenoeg onmogelijk om in de parkeerstrook voor de deur te parkeren. Deze kan dus niet in rekening gebracht worden voor een vlotte uitbating van de handelszaak te verzekeren. De enige ruimte die steeds “bruikbaar” is in de straat is het gelijkgronds voetpad naast het verkeersplateau met de Jaak de Braeckeleerstraat. Dit impliceert dus foutparkeren of stationeren op een voetpadzone. Dit dient vermeden te worden aangezien het verkeersplateau voorzien is om een veilige voetgangersoversteekplaats in de wijk te voorzien met voldoende zichtbaarheid. Door dit verwachte foutief gedrag komt de veiligheid in gedrang.

De parkeerparagraaf wordt  vervangen door onderstaande:

Voorliggende aanvraag genereert een werkelijke parkeerbehoefte van 6 parkeerplaatsen.

Deze functie valt niet onder een specifieke functies zoals vermeld in art. 30 van de bouwcode . De parkeergeneratie dient op maat berekend te worden. Een handcarwash heeft een specifiek mobiliteitsprofiel. Dit is sterk verschillend ten opzichte van een wasstraat van een automatische carwash waar een constante doorstroming is van voertuigen. Een handcarwash dient per wasplaats minstens 3 parkeerplaatsen te hebben op eigen terrein om zo voldoende interne buffering te hebben voor wachtende wagens. Deze behoefte is vastgesteld op basis van bestaande vestigingen met minder parkings en diens overlast op de woonbuurt alsook vestigingen die meer plaatsen hebben en geen overlast op de buurt geven naar parkeren.

Ter info: deze parkeernormen zijn ook opgenomen in de voorwaarden tot het bekomen van een vestigingstoelating in woongebied. 

Aangezien de aanvraag spreekt over 2 ingerichte wasplaatsen is er een behoefte aan minimum 6 parkeerplaatsen op eigen terrein.

Op de plannen zijn 2 parkeerplaatsen afgebakend in de doorgang naar de straat. Tevens zorgen deze parkeerplaatsen voor een versmalde doorgang waardoor tweerichtingsverkeer niet meer mogelijk is.

Het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 2.

Op plan zijn er 2 plaatsen aangeduid. Dit aantal is niet toereikend.

Het aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 4.

Dit is het verschil tussen het aantal autostal- en/of autoparkeerplaatsen volgens de werkelijke parkeerbehoefte en het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen.

In deze aanvraag zijn er 4 plaatsen te kort. Gelet op de specifieke functie die deze plaatsen nodig heeft om op eigen terrein een goede werking van de handcarwash te verzekeren, kan deze aanvraag niet in aanmerking komen voor het afkopen van de parkeerplaatsen.

De vergunning dient op basis van tekort aan parkeerplaatsen op eigen terrein geweigerd te worden.

  • Inzake circulatie straat: auto en fiets:

De handcarwash geeft uit op de Kattenberg. Deze straat is geselecteerd in het mobiliteitsplan als een schakelroute in het fietsnetwerk. Tevens heeft de provinciale overheid Antwerpen, alsook de Vlaamse regering deze straat opgenomen in het Bovenlokaal Functioneel Fietsroutenetwerk (BFF). Deze straat heeft dus een bovenlokaal belang inzake fietsverkeer.  Vanuit het district Borgerhout en de stad Antwerpen is besloten om deze straat aan te leggen als fietsstraat. De bouwvergunningen zijn in opmaak en zullen dit jaar ingediend worden. De nodige budgetten zijn voorzien voor de aanleg in 2016 te starten.

Gelet de huidige verkeersintensiteit in de straat en de selectie als fietsroute en geplande aanleg als fietsstraat, is het niet opportuun vanuit verkeersveiligheid om een verkeersintensieve handelsfunctie toe te laten in de Kattenberg. Een handcarwash kent een constante stroom van aan en afrijdende wagens. Deze zijn niet te vereenzelvigen met de bepalingen omtrent fietsstraten in het mobiliteitsplan en fietsbeleidsplan.

  • Inzake interne circulatie:

Het autoverkeer kent ook een enkelrichtingsregime. De aan te leggen fietsstraat zal in beide richtingen kunnen gebruikt worden door fietsers. Ter hoogte van de in- en uitrit zal dit tot vele conflicten leiden. Door de smalle straat en de parkeerstroken zal er nagenoeg geen zichtbaarheid zijn op aankomend fietsverkeer uit beide richtingen. Voor een particuliere in- en uitrit/garagebox vormt dit geen probleem gelet op de lage intensiteiten per dag. Echter met een auto intensieve in- en uitrit zoals deze, waar mogelijks ook wagens voorwaarts en achterwaarts zullen circuleren, is er een reëel gevaar dat door slechte zichtbaarheid er teveel conflicten zullen ontstaan met de zwakke weggebruikers (fietsers op de fietsstraat en voetgangers).

Tevens is het pand ook zeer klein van binnen afmetingen. Zoals steeds leggen we op dat er voorwaarts in- en uitgereden moet worden om ongelukken te vermijden. Aangezien de ruimte dermate beperkt is inpandig dient men verschillende steekbewegingen uit te voeren achteraan in het magazijn om wagens te laten keren. De praktijk leert ons dat er mogelijks gemakshalve achteruit uit gereden zal worden. Dit is niet toelaatbaar.

  • Adviezen:

De dienst Ondernemen (OS/BI/INVEST) uit haar bezorgdheden rond de smalle inpandige in- en uitrit van de handelszaak in combinatie met de 2 parkeerplaatsen. Dit wordt omschreven als weinig haalbaar. Doordat er te weinig parkings zijn kan de doorgang snel geblokkeerd geraken door wachtende wagens. Binnen en buiten rijden is ook niet mogelijk tegelijk. Probleem is dat de aanvraag gaan bijkomende maatregelen omschrijft om kop op kop confrontaties te vermijden. Vanuit professioneel oogpunt zien we fysiek ook geen ruimte om dit probleem op te lossen. De doorgang en de poort is niet voorzien op 2 richtingverkeer.

Daarnaast verwacht ze ook problemen met een vlotte en veilige in- en uitrijbeweging door de smalle straat (plaats deze bezorgdheid naast de aanleg van de fietsstraat en hier ontstaat een belangrijk aandachtspunt inzake verkeersveiligheid voor de fietsers in dubbelrichting).

De dienst mobiliteit (SW/MOB) vermeldt dat voor de werknemers gaan fietsstallingen voorzien zijn. Verder gaat het advies niet. Gelet op het advies van de dienst Ondernemen is bijkomende informatie opgevraagd. Bij navraag geeft men aan dat het moeilijk in te schatten is hoeveel wagens deze specifieke handelszaak zal aantrekken. Dit is een terecht standpunt aangezien bepaalde handelszaken succesvol en minder succesvol kunnen zijn. In deze stedenbouwkundige aanvraag dienen we uit te gaan van een naar behoren werkende en aantrekkende handcarwash die uit de praktijkervaring in Antwerpen een grote autogeneratie betekend. De stelling dat er dus momenten kunnen zijn met file opbouw is  terecht en is niet verenigbaar met deze woonstraat. Tevens niet verenigbaar met de fietsstraat zoals zal aangelegd worden in 2016, alsook zelfs met de huidige intensiteiten van fietsstromen. File opbouw betekent namelijk stilstaande wagens die de autocirculatie in de wijk hinderen en door het smalle straatprofiel een zware impact betekend voor de comfortabele en veilige doorgang van de fietsers op de fietsstraat in beide richtingen. Tevens zoals hierboven aangegeven zal file opbouw leiden tot foutparkeren op de gelijkgrondse voetpaden in de directe omgeving wat ook niet wenselijk is en een verkeersveiligheidsprobleem veroorzaakt.

Daarnaast geven ze ook aan dat er vanuit wordt gegaan dat de medewerkers er op moeten toezien dat bij een volzette handcarwash er geen wagens meer mogen binnenrijden. Praktisch is dit niet controleerbaar en handhaafbaar zonder extra maatregelen te nemen. Het bouwdossier speelt hier niet op in en biedt dus geen zekerheden dat er geen wagen binnen en direct, achterwaarts terug buitenrijden als de parking volzet is.

Conclusie:

In deze is voorliggende aanvraag naar goede ruimtelijke ordeningen en naar verenigbaarheid met de woonomgeving niet verantwoordbaar. Tevens is de verbouwing niet van die aard dat het de gewenste functie kan dragen. In deze kan er dus geen vergunning verleend worden voor de voorliggende plannen.

  • Ter info

Tevens streeft het college naar behoorlijk bestuur en wenst daarom ook de aanvrager te informeren over de verplichting waaraan de stad handcarwashvestigingen heeft onderworpen. Voorgestelde uitbating voldoet niet aan alle voorwaarden om een vestigingstoelating te bekomen. Meer info kan u hieromtrent nalezen op “www.ondernemeninantwerpen.be”. 

Juridische grond

De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en zijn uitvoeringsbesluiten.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college sluit zich niet aan bij het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar en motiveert zijn beslissing volgens bovenstaande argumentatie.

Artikel 2

Het college beslist de stedenbouwkundige vergunning te weigeren.

Artikel 3

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.