Terug

2016_CBS_02153 - Nieuwe wetgeving overheidsopdrachten. - Opmerkingen van de stad Antwerpen. Collegiale brieven - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
ma 14/03/2016 - 15:00 Digitaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Philip Heylen, schepen

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2016_CBS_02153 - Nieuwe wetgeving overheidsopdrachten. - Opmerkingen van de stad Antwerpen. Collegiale brieven - Goedkeuring 2016_CBS_02153 - Nieuwe wetgeving overheidsopdrachten. - Opmerkingen van de stad Antwerpen. Collegiale brieven - Goedkeuring

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

Overeenkomstig artikel 57,§3,4° van het Gemeentedecreet is het college bevoegd voor het voeren van de gunningsprocedure, de gunning en de uitvoering van overheidsopdrachten.

Aanleiding en context

De nieuwe Europese richtlijn 2014/24/EU inzake overheidsopdrachten, moet tegen 18 april 2016 omgezet zijn in Belgisch recht.

De federale regering, die hiervoor bevoegd is, heeft op 4 januari 2016 het wetsontwerp inzake overheidsopdrachten ingediend in de kamer (Parlementaire Stukken Kamer 2015-16, nr. 1541/001). Sindsdien wordt ook verder gewerkt aan nieuwe Koninklijke (uitvoerings)Besluiten inzake de plaatsing en de uitvoering van overheidsopdrachten.

Argumentatie

De stad Antwerpen wenst de administratieve lasten bij de plaatsing (en uitvoering) van overheidsopdrachten zoveel mogelijk te beperken, zowel langs de zijde van de stad als langs de zijde van de ondernemers.

De ontwerptekst van het nieuwe Koninklijk Besluit Plaatsing die op heden wordt besproken in de Commissie voor de Overheidsopdrachten, beantwoordt echter onvoldoende aan deze doelstelling.

De stad Antwerpen wenst opmerkingen te formuleren ten aanzien van de 'wetgever'.

Om een voldoende draagvlak te vinden, is het nuttig om een collegiale brief te richten aan de federale regering, de FOD Kanselarij van de Eerste Minister, de Vlaamse Regering (die ook vertegenwoordigd is in de Commissie en vanuit haar bevoegdheid voor de lokale besturen ook hun belangen dient te verdedigen) en de Vlaamse vereniging voor steden en gemeenten (die – via de BVSG – zetelt in de Commissie voor de Overheidsopdrachten namens de lokale besturen).

 

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college keurt de collegiale brief goed aan de federale regering, de FOD Kanselarij van de Eerste Minister, de Vlaamse regering en de Vlaamse vereniging voor steden en gemeenten.

Artikel 2

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.

Bijlagen