Terug

2016_DCEK_00361 - Voorontwerp masterplan Hoekakker. Advies - District Ekeren - Goedkeuring

districtscollege Ekeren
di 18/10/2016 - 14:00 Hecerna
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Koen Palinckx, districtsvoorzitter; Sabine Coene, districtsschepen; Pol Bruyninckx, districtsschepen; Ludo Van Reusel, districtsschepen; Tamara Heynen, districtsschepen; Karin Nauwelaerts, districtssecretaris

Secretaris

Karin Nauwelaerts, districtssecretaris

Voorzitter

Koen Palinckx, districtsvoorzitter
2016_DCEK_00361 - Voorontwerp masterplan Hoekakker. Advies - District Ekeren - Goedkeuring 2016_DCEK_00361 - Voorontwerp masterplan Hoekakker. Advies - District Ekeren - Goedkeuring

Motivering

Gekoppelde besluiten

Aanleiding en context

Hoekakker is een onbebouwd en groen gebied van circa 18 hectare groot, gelegen in de wijk Donk in het district Ekeren. Het bestaat grotendeels uit weilanden en akkers. Drie beken stromen in of in de onmiddellijke omgeving van het plangebied: de Donkse Beek loopt langs de Prinshoeveweg ten noorden van het gebied, de Oudelandse beek doorkruist het plangebied en de Laarse beek stroomt ten zuiden parallel met de E19.

In het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (GRUP) ‘Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen’ werd het gebied bestemd als ‘reservegebied voor wonen Hoekakker’ en is het vanaf 31 december 2015 bestemd voor wonen zoals bepaald in artikel 2C.2 ‘woongebied’.

Twee derde van de gronden is in handen van projectontwikkelaar nv Vooruitzicht en één derde in eigendom van sociale huisvestingsmaatschappij De Ideale Woning. De  twee eigenaars plannen een nieuwe woonwijk met zo’n 600 woningen en appartementen en enkele voorzieningen, gebouwd rond een publiek park.

In opdracht van de eigenaars wordt door ontwerpbureau BUUR een masterplan opgemaakt. De stad Antwerpen begeleidt BUUR bij de opmaak van dit plan. Na kennisneming van het voorontwerp masterplan wordt in de volgende fase het voorontwerp verder uitgewerkt naar een definitief masterplan. In deze fase moet het voorontwerp eveneens ter advies worden voorgelegd aan de districtsraad, de gemeentelijke commissie voor ruimtelijke ordening (GECORO), de stadsbouwmeester en verschillende ambtelijke werkgroepen. Het definitief masterplan zal in december 2016 voorgelegd worden aan het college.

Het definitief masterplan wordt juridisch vertaald in een ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) Hoekakker. Samen met het definitief masterplan wordt de richtnota van dit RUP voorgelegd aan het college. De definitieve vaststelling van RUP Hoekakker wordt midden 2018 voorzien.

In collegezitting van 9 september 2016 (jaarnummer 7720) nam het college kennis van dit voorontwerp masterplan.

Argumentatie

In het gebied Hoekakker wordt ingezet op de inrichting van een publiek park dat circa twee derde van de totale oppervlakte van het projectgebied inneemt. Op die manier wordt de site een groen hart voor Ekeren-Donk waar de mensen uit de wijk kunnen recreëren en elkaar ontmoeten. De inrichting van het park biedt kansen om de ecologische waarde van de site te verhogen. De Oudelandse beek wordt opgewaardeerd en krijgt een volwaardige plaats in het park.

De waterproblematiek in Hoekakker werd in verschillende overlegmomenten met experten, provincie Antwerpen en het Vlaams gewest besproken. Er wordt vooropgesteld dat binnen Hoekakker zo veel water gebufferd moet worden als tijdens een statistische 100-jarige overstroming (T100). Dit komt overeen met dezelfde neerslaghoeveelheid in het gebied als tijdens de overstroming van juli 1995. De komberging die bijgevolg minimaal nodig is in het projectgebied is 11.700 m³. Het masterplan heeft echter de ambitie om veel meer water te bufferen dan minimaal wordt vooropgesteld. Door het park grotendeels overstroombaar te maken, kan veel meer dan de noodzakelijke buffercapaciteit worden voorzien, namelijk circa 40.000 m³. Dit buffervolume kan gezien worden als een 200-jarige overstroming. Deze overcapaciteit creëert bijkomende reserve, zo wordt onder andere de impact van de klimaatswijziging mee opgevangen.

Water wordt in Hoekakker als thema omarmd en zal mee de identiteit van het park bepalen. Op die manier wordt het watersysteem een leesbaar onderdeel van het landschap. Deze ambities werden eveneens vastgelegd in de startbeslissing signaalgebied Hoekakker I, opgesteld door het Bekkensecretariaat, dat in het najaar 2016 ter goedkeuring wordt voorgelegd aan de Vlaamse regering. De concrete invulling van het park en de wensen van de omwonenden zullen binnen een afzonderlijk ontwerp- en participatietraject, samen met de afdeling ontwerp en uitvoering (stadsontwikkeling) en de ontwerper van de opdrachtgever, verder worden uitgewerkt.

De randen van het projectgebied zijn hoger gelegen dan het centrale groengebied en bijgevolg niet overstroombaar. Op deze droge randen kan gebouwd worden, waardoor het bestaande woonweefsel van Ekeren-Donk wordt afgebouwd en een gezicht krijgt naar het nieuwe park. In de rand van het park worden zeven bouwvelden afgebakend. In deze bouwvelden situeren zich de woningen en voorzieningen, alsook parkeerinfrastructuur en de nodige wegenis. Er wordt ingezet op een mix van verschillende woningen en doelgroepen. Zo blijft flexibiliteit behouden voor de toekomst. Algemeen worden twee woontypologieën voorzien in het project: eengezinswoningen die de bestaande bouwblokken van de wijk afbouwen met een maximale hoogte van twee tot drie bouwlagen. En een tweede rand parkwoningen (gestapelde woningen) die een gezicht geven aan het park met een maximale hoogte van vijf bouwlagen. Plaatselijk wordt een hoogteaccent van zes bouwlagen voorzien.

In totaal biedt Hoekakker ruimte aan een 600-tal woningen: een mix van rijwoningen, meergezinswoningen, sociale (huur-)woningen en bescheiden (huur-)woningen. Een cluster met voorzieningen wordt gesitueerd aan de Prinshoeveweg omwille van de bereikbaarheid en zichtlocatie. Mogelijke voorzieningen zijn een buurtwinkel, een kinderdagverblijf, een dienstencentrum, assistentiewoningen en andere gemeenschapsfuncties.

Het project Hoekakker wenst eveneens in te zetten op duurzame mobiliteit door een aantal basisprincipes te integreren:

  • geen ontsluitingswegen voor gemotoriseerd verkeer doorheen de site Hoekakker;
  • traag netwerk versterken binnen het projectgebied;
  • autoverkeer spreiden over het bestaande stratennetwerk om de verkeersdruk te verdelen;
  • geen bovenlokale voorzieningen om de verkeersattractie te beperken;
  • inzetten op bijkomende buurtondersteunende functies zodat korte verplaatsingen te voet of per fiets gebeuren.

Ter ondersteuning van het luik mobiliteit maakte nv MINT in opdracht van nv Vooruitzicht een mobiliteitsstudie op (eindrapport maart 2016). Voor de conclusies van de studie werd uitgegaan van een project van 615 wooneenheden en de voorzieningen zoals opgenomen in voorliggend masterplan.

De mobiliteitsstudie geeft aan dat voor wat betreft de verkeersafwikkeling in de omliggende wijk geen problemen te verwachten zijn. Het kruispunt Laar-Kapelsesteenweg wordt wel benoemd als problematisch. Optimalisaties aan het kruispunt zijn niet mogelijk (wordt nu heraangelegd). De mobiliteitsstudie concludeert dat een verslechtering van 2 % door de ontwikkeling van Hoekakker niet significant is.

Op dit moment is het projectgebied onvoldoende geënt op het openbaar vervoer en fietsen. Voor verbetering van de connectie met het openbaar vervoer en het bestaand fietsnetwerk worden in het mobiliteitsplan enkele optimalisaties gesuggereerd maar niet concreet actie toe ondernomen:

  • fietstunnel(s) onder het spoor om aan te sluiten op de fietsostrade Antwerpen-Essen;
  • het optimaliseren van de fietsstalplaatsen aan de haltes openbaar vervoer (bushaltes Kapelsesteenweg en treinstation Ekeren) om het openbaar vervoer meer te stimuleren;
  • doorstromingsmaatregelen op de Kapelsesteenweg en verhogen aanbod openbaar vervoer;
  • uitwijkhavens en zone 30 in Gerardus Stijnenlaan kan veiligheid voor trage weggebruiker verhogen.

Voor wat het parkeren betreft worden alle parkeerplaatsen voor de nieuwe bewoners (1,5 per woning), zowel voor de eensgezinswoningen als van de gestapelde woningen, ondergronds georganiseerd. Bezoekersparkeren (0,3 per woning) wordt grotendeels bovengronds georganiseerd in parkeerpockets. De nv Vooruitzicht engageert zich om de gevraagde bezoekersparkings bij bouwveld 1 en 5 eveneens ondergronds te voorzien.

Advies

De draft voorontwerp masterplan Hoekakker werd op 28 juni 2016 voorgelegd aan de stadsbouwmeester en de betrokken stedelijke diensten voor advies. Vooral met de concrete invulling van de bouwvelden (afwerken met eengezinswoningen en parkrand met gestapelde woningen) wordt slechts onder voorbehoud akkoord gegaan. Zowel naar het statuut van de woningen ‘in het park’, de uitwerking van de parkrand en de grens tussen publiek-privaat is het voorstel nog te onduidelijk. Deze onduidelijkheden dienen eerst verder onderzocht te worden en voorgelegd aan de stadsbouwmeester en betrokken werkroepen alvorens een definitief akkoord gegeven kan worden over de effectieve invulling van bouwvelden in het masterplan.

  • Voorbehoud bij een opsplitsing van het bouwveld in twee bebouwingsstrepen (eengezinswoningen en parkrand). De stedelijke parkrand moet duidelijker gedefinieerd worden; er wordt gevraagd dit tot op architectuurniveau te concretiseren. Indien geen kwalitatieve oplossing wordt gevonden, wordt de typologie zoals voorgesteld in het eerste ontwerp voor Hoekakker terug opgenomen, namelijk het afbouwen van de bestaande bouwblokken met slechts één bouwblokschil met meergezinswoningen.
  • De grens publiek-privaat dient onderzocht te worden en vorm gegeven. De contour van het park moet definitief worden vastgelegd. De bezorgdheid wordt eveneens geuit dat naarmate het ontwerpproces vordert, het park verkleint.
  • Milderende maatregelen op vlak van mobiliteit moeten deel uitmaken van het totaalpakket. Dit is ook belangrijk voor communicatie naar de bevolking. Er wordt verwacht dat de eigenaar hierin een voorstel doet.
  • Parkeren in open lucht is door verschillende redenen de minst wenselijke vorm van parkeren. Binnen het masterplan moet dit tot een minimum beperkt worden. De parkeerstructuur is op dit moment nog erg versnipperd. Daarbij kan de ruimtelijke integratie van de parkeerpockets beter. Parkeren op het maaiveld kan enkel als het op een kwalitatieve manier kan, zoniet moet de parkeerbehoefte ondergronds worden gerealiseerd.

Het POET-principe (parkeren op eigen terrein) stelt dat de volledige parkeerbehoefte op eigen terrein dient te worden gerealiseerd. Dit wil zeggen dat de parkeerplaatsen die op het maaiveld in open lucht worden gerealiseerd niet worden overgedragen als openbaar domein en hun privaat karakter behouden. Dit dient ruimtelijk voldoende duidelijk te zijn. Daarbij biedt het park niet het programma om te functioneren als een bovenlokaal park. Het is dus niet nodig om parkeerplaatsen te voorzien speciaal voor bezoekers van het park. Dit met uitzondering van de volkstuintjes.

  • Optimalisaties en ruimtelijke meerwaarden voor de stad kunnen verder onderzocht worden in functie van het onderzoek naar stedenbouwkundige ontwikkelingskosten.

In de volgende fase worden bovenstaande onderzoeksvragen verder uitgewerkt en besproken. Het voorontwerp masterplan wordt eveneens te advies voorgelegd aan de districtsraad van Ekeren, de GECORO, het coördinatie-overleg openbaar domein, de plangroep en andere noodzakelijke werkgroepen.

Communicatie

Op basis van voorliggend voorontwerp masterplan werd op vrijdag 30 september 2016 een infomoment georganiseerd voor de buurtbewoners. Dit gebeurt in samenwerking met nv Vooruitzicht en De Ideale Woning. Met panelen en een maquette werd het voorontwerp masterplan Hoekakker toegelicht.

Advies districtsraad Ekeren

De districtsraad bracht op 18 mei 2015 unaniem advies uit m.b.t. het gebied Hoekakker waarbij gevraagd werd via een RUP dit gebied maximaal te herbestemmen als parkgebied. Het voorliggend ontwerp masterplan wordt onder meer afgetoetst op basis van dit advies.

Ruimtegebruik

Ekeren telt momenteel ongeveer 367m² groen per inwoner, wat ver boven het stedelijk gemiddelde van 157 ligt. Maar de realiteit is ook dat Ekeren nog wel een tekort kent aan publiek en buurtgroen. De Antwerpenaar heeft gemiddeld 69.1 % buurtgroen binnen de 400 m van zijn woning. Voor Ekeren bedraagt dit  54.2 %. De districtsraad staat dan ook positief tegenover het gegeven dat ca. 13 ha van Hoekakker via een Ruimtelijk Uitvoeringsplan herbestemd zal worden tot publiek toegankelijk parkgebied. De districtsraad wenst van zeer nabij betrokken te worden bij de opmaak van de detailplannen voor de invulling en omgeving van het parkgebied. In elk geval moet de nodige aandacht gaan naar het gebruik van inheemse planten en bomen en naar een verhoogde biodiversiteit in het gebied.

De districtsraad staat positief tegenover het voorstel om ca. 1.7 ha van de open ruimte te reserveren voor gemeenschappelijke vormen van landbouw (samentuinen, gemeenschapslandbouw…). De districtsraad vindt het noodzakelijk om de landbouwers die momenteel nog actief zijn binnen het gebied te betrekken bij deze ontwikkeling.

De districtsraad is van mening dat de ontwikkelaars de nodige aandacht moeten besteden aan een duidelijk lichtplan voor het parkgebied. Een degelijke en slimme en energiearme  verlichting is belangrijk voor o.a. het verhogen van de veiligheid in het park.

Water

De districtsraad staat positief tegenover de voorstellen uit het ontwerp masterplan waarbij op basis van doorgedreven onderzoek door het studiebureau IMDC en rekening houdend met de startbeslissing voor het signaalgebied Hoekakker, een buffercapaciteit wordt voorzien van ca. 40.000 m³ teneinde een 200-jarige overstroming te kunnen bufferen. Op deze wijze wordt resoluut gekozen voor een klimaat-robuuste Hoekakker. Conform de startbeslissing voorziet het masterplan enkel bebouwing in de randzones en blijft het centrale gedeelte ruimte bieden voor water(buffering). Hiermee komt het plan tegemoet aan de voorwaarde om de waterproblematiek van het gebied in hoge mate en duurzaam op te lossen.

Wat de waterproblematiek in de hoger gelegen delen van de wijk Donk betreft (de wijk tussen Hoekakker en Kapelsesteenweg) wenst de districtsraad te blijven ijveren voor meer maatregelen om ook daar de waterproblematiek duurzaam en structureel op te lossen.

Bebouwing

De districtsraad is van mening dat het voorliggend voorstel uit het masterplan om maximaal 600 woningen te voorzien, waarbij wordt uitgegaan van 4 tot zelfs 6 bouwlagen voor wat betreft de meergezinswoningen, niet beantwoordt aan de realiteit van de woonwijk Ekeren-Donk en ingaat tegen de richtlijnen uit het Gewestelijk Ruimtelijk Structuurplan Antwerpen. Wanneer we de totale oppervlakte van Hoekakker voor ogen houden, zijnde 18 ha, en dit in relatie brengen tot het voorziene aantal woningen (600) dan betekent dit een woondichtheid van ongeveer 33 woningen/ha.

Gebieden met een grote woningdichtheid zijn stedelijke gebieden waar de gemiddelde dichtheid minstens 25 woningen per hectare bedraagt. Gebieden met een middelgrote woningdichtheid zijn stedelijke gebieden of kernen van buitengebieden waar de gemiddelde dichtheid tussen de 15 en 25 woningen per hectare bedraagt. Tenslotte zijn gebieden met een geringe woningdichtheid residentiële gebieden waar de gemiddelde dichtheid 15 woningen per hectare niet overschrijdt.

Voor Ekeren Donk geldt momenteel een reële woondichtheid van 17.7 woningen per ha. Een evolutie voor de zone Hoekakker naar meer dan 30 woningen per ha betekent een enorme verdichting voor deze woonwijk. De bebouwing rond het gebied Hoekakker bestaat nu uit traditionele verkavelingen met eengezinswoningen met tuin, in gesloten bebouwing.

Bovendien wordt duidelijk weergegeven in  het ruimtelijk structuurplan Antwerpen voor wat betreft Hoekakker : De ontwikkeling van Hoekakker moet in harmonie aansluiten bij het gebied Ekeren Donk zodat het dorpskarakter en de identiteit van deze wijk gevrijwaard blijft” (p.139).

In het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan, afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, wordt in de toelichtingsnota op p. 147 duidelijk gesteld voor wat betreft Hoekakker : “Er wordt gestreefd naar 25 wooneenheden per ha.”

Daarom wenst de districtsraad een woningdichtheid van maximaal 25 woningen per ha. te adviseren wat neerkomt op ca. 450 wooneenheden.

De districtsraad pleit voor een overgang tussen het reeds bebouwde gebied en Hoekakker via een duidelijke keuze voor eengezinswoningen en een transparantie tussen parkrand en park  en is geen voorstander voor een hardere, stedelijke parkrand.

De districtsraad wenst dat de bebouwing meer in harmonie wordt gebracht met heel de residentiële wijk Ekeren Donk. Dit houdt in dat het district absoluut geen voorstander is van woningen van 5 en 6 bouwlagen. Dit  zou een nefast precedent zijn voor heel de wijk die nu juist gekenmerkt wordt door bebouwing die niet hoger gaat dan 3 bouwlagen. Ook hier geldt dat Hoekakker in harmonie moet zijn met het dorpskarakter van Ekeren Donk. De districtsraad adviseert daarom een maximum van 4 bouwlagen. Minder bouwlagen mag echter ook niet betekenen dat het  percentage verharding (bebouwingspercentage) op het terrein toeneemt.

De districtsraad vraagt de opmaak van een beeldkwaliteitsplan voor het gebied en ook een duidelijke woonbehoeftenstudie die de haalbaarheid van het bijbouwen van enkele honderden woningen in deze wijk aantoont.

Wat betreft het  gedeelte van 1/3 van de woningen die voorzien worden voor sociale huisvesting, is de districtsraad voorstander van een goede en evenwichtige mix van sociale koopwoningen, sociale huurwoningen en bescheiden woningen, aansluitend bij de identiteit van de wijk Ekeren-Donk. De districtsraad wenst er zeer over te waken dat jonge tweeverdieners de kans krijgen op betaalbaar (nieuwbouw) wonen in Ekeren.

Mobiliteit

De mobiliteitsoplossingen zoals voorgesteld door het studiebureau Mint zijn voor de districtsraad niet afdoende. Het plan gaat te veel uit van veronderstellingen en vage intenties. De mobiliteitsstudie moet concrete, haalbare en realistische oplossingen aanreiken die de verkeersafwikkeling voor de wijk Ekeren Donk verbeteren bij een stijgende verkeersdruk ten gevolge van bebouwing op Hoekakker.

In de studie wordt letterlijk aangegeven dat de structurele files op het Laar enkel zullen toenemen bij realisatie van het project Hoekakker. Dit mag op geen enkele wijze de bedoeling zijn.  Bovendien zal dit sluipverkeer genereren doorheen de woonwijk van Ekeren Donk en richting Merksem. Ook de Prinshoeveweg wordt gezien als een knelpunt, zowel richting Kapelsesteenweg als richting centrum, waar de verkeersintensiteiten tot 40 % kunnen toenemen in de spitsuren.

De keuze om het verkeer vanuit Hoekakker te spreiden vanuit zeven bebouwingsclusters is niet fout, maar het probleem blijft dat al dit verkeer (zeker van de zuidelijke en westelijke clusters) enkel afgewikkeld kan worden via Oude landen en Laar. Het is precies op het Laar, ter hoogte van het kruispunt met de Kapelsesteenweg, dat zich de bottleneck situeert wat ook wordt bevestigd door de studie.

De studie geeft bovendien aan dat de kruispunten tussen Oude Baan en Kapelsesteenweg en Prinshoeveweg met de Kapelsesteenweg moeizaam functioneren wat tot verkeersopstoppingen leidt. Dit toont andermaal het belang aan van een dringende heraanleg van deze gewestweg. Dit is een project waar de stad en het gewest een hogere prioriteit aan moeten hechten in het kader van de geplande ontwikkelingen op Hoekakker.

Positief in het masterplan is dat er sterk wordt ingezet op fietsgebruik en openbaar vervoer, maar dit is vandaag niet de realiteit in deze wijk. Het autogebruik ligt hier nog steeds hoog. Men wil de bewoning zo invullen dat er minder gebruik zal gemaakt worden van de wagen maar om dat te realiseren wordt door het studiebureau te veel gekeken naar oplossingen die van hogere overheden, de Lijn en NMBS of Infrabel moeten komen. Zo is vandaag de busfrequentie van lijn 33 naar Ekeren centrum te laag en zijn er geen rechtstreekse busverbindingen vanuit de wijk Donk met het centrum van Antwerpen.

Ook het station biedt te weinig mogelijkheden voor de aanleg van bijkomende fietsparkings. De frequentie van de treinen is bovendien te laag voor een vlotte bediening van de wijk Ekeren Donk. De voorstellen om op de Kapelsesteenweg fietsenstallingen te realiseren is eveneens niet realistisch en praktisch onhaalbaar wegens te beperkte ruimte.

Het plan gaat te veel uit van mobiliteitsoplossingen die de stad, noch de ontwikkelaars in de hand hebben qua timing en beslissingsbevoegdheid, zoals de  aanleg van een fietstunnel (of twee) onder de spoorlijn Antwerpen-Essen of de aanleg van een fietspad doorheen het private gebied van KLINA (Sint-Lucassite). Nochtans is de aanleg van een verbinding tussen Donk en het centrum van Ekeren via een fiets- en voetgangerstunnel onder spoorlijn 12 ter hoogte van de Prinshoeveweg voor het district een absolute vereiste. De districtsraad vraagt daarom dat dit dwingend wordt opgelegd.

De parkeernorm van de stad is in de wijk Donk relatief hoog. De districtsraad stelt dat ook de parkeervraag van toekomstige bewoners hoog zal zijn.

Daarom is de districtsraad ook voorstander van het resoluut hanteren van de huidige norm van 1.8 zoals voorzien in de bouwcode en niet een aangepaste, verlaagde norm van 1.5 parkeerplaatsen/woning. De norm van 1.8 is volgens het district op maat van een wijk zoals Hoekakker, met weinig openbaar vervoer, ver van het centrum en met een moeilijk bereikbare bovenlokale fietsinfrastructuur.

Voor de districtsraad is de conclusie dat het volume aan bijkomende woningen op Hoekakker recht evenredig in verhouding moet staan tot structurele, haalbare, realistische en efficiënte mobiliteitsoplossingen. De districtsraad wenst dat voor dit laatste een nieuwe of verbeterde en onafhankelijke mobiliteitsstudie wordt gemaakt.

Bijkomende voorzieningen

De districtsraad is absoluut voorstander van voorzieningen op maat van deze woonwijk zoals het gegeven dat er een kindercrèche en andere nuttige gemeenschapsfuncties geïntegreerd worden in de plannen.

De districtsraad is zeer bezorgd over de beschikbare capaciteit van het basisonderwijs in de wijk Donk wanneer het aantal inwoners in de wijk gevoelig stijgt. De districtsraad wenst dat onderzocht wordt of een uitbreiding van het schoolaanbod, zeker voor wat betreft het kleuteronderwijs, noodzakelijk is.

Duurzaamheid

De districtsraad vraagt om te onderzoeken of een warmtenet voor Hoekakker haalbaar is. In elk geval moet er gestreefd worden naar een CO2 neutrale energievoorziening. De districtsraad is ook voorstander van het plaatsen van groendaken voor de meergezinswoningen. Uiteraard moet er eveneens geopteerd worden voor technisch haalbare en economisch duurzame energieoplossingen zoals zonnepanelen of warmtepompen. Het district wenst energie-neutrale woningen op Hoekakker.

De districtsraad is voorstander van de integratie van autodelen en een systeem van fietsdelen op Hoekakker.

Juridische grond

Artikel 285 van het Gemeentedecreet dat de algemene adviesbevoegdheid van de districtsraad bepaalt voor alle aangelegenheden die betrekking hebben op het district.

Besluit

Het districtscollege Ekeren keurt eenparig het volgende besluit goed.

Het districtscollege ekeren beslist:

Artikel 1

De districtsraad van Ekeren adviseert gunstig wat betreft het ruimtegebruik:

  1. omdat het aanleggen van een publiek toegankelijk park – waarbij ca. 13 ha via een ruimtelijk uitvoeringsplan parkgebied wordt – betekent dat het percentage buurtgroen in Ekeren stijgt;
  2. omdat ca. 1,7 ha van de open ruimte zal gereserveerd worden voor gemeenschappelijke vormen van landbouw;
  3. op voorwaarde dat het district van zeer nabij betrokken wordt bij de opmaak van de detailplannen voor de invulling en omgeving van het parkgebied;
  4. op voorwaarde dat de nodige aandacht gaat naar het gebruik van inheemse planten en bomen en naar een verhoogde biodiversiteit in het gebied;
  5. op voorwaarde dat wat de gemeenschappelijke vormen van landbouw betreft, de Ekerse landbouwers actief worden betrokken bij deze ontwikkeling;
  6. op voorwaarde dat een duidelijk lichtplan wordt opgesteld voor het parkgebied, met aandacht  voor een slimme en energiearme verlichting waardoor o.a. de veiligheid in het park verhoogd wordt.

Artikel 2

De districtsraad van Ekeren adviseert gunstig m.b.t. de waterhuishouding:

  1. op voorwaarde dat de voorstellen uit het ontwerp masterplan (waarbij op basis van het onderzoek door het studiebureau IMDC  en rekening houdend met de startbeslissing voor het signaalgebied Hoekakker, een buffercapaciteit wordt voorzien van ca. 40.000 m³ teneinde een 200-jarige overstroming te kunnen bufferen) effectief gerealiseerd worden;
  2. op voorwaarde dat conform de startbeslissing enkel de randzones bebouwd worden en het centrale gedeelte ruimte biedt voor water(buffering);
  3. op voorwaarde dat maatregelen onderzocht worden om de waterproblematiek in de hoger gelegen delen van de wijk Donk (tussen Hoekakker en Kapelsesteenweg) aan te pakken;

zodat het plan tegemoet komt aan de noodzaak om de waterproblematiek van het volledige gebied structureel en duurzaam op te lossen.

Artikel 3

De districtsraad adviseert gunstig wat betreft de bebouwing:

  1. mits een beeldkwaliteitsplan en een woonbehoeftenstudie wordt opgemaakt die de haalbaarheid van het bijbouwen van enkele honderden woningen in deze wijk aantoont;
  2. mits een woningdichtheid van maximaal 25 woningen per ha. gerealiseerd wordt, wat neerkomt op ca. 450 wooneenheden omdat een evolutie van 17,7 woningen per ha naar meer dan 30 woningen per ha een enorme verdichting zou betekenen, terwijl het ruimtelijk structuurplan van Antwerpen vermeldt: De ontwikkeling van Hoekakker moet in harmonie aansluiten bij het gebied Ekeren Donk zodat het dorpskarakter en de identiteit van deze wijk gevrijwaard blijft” (p.139) en in het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan, afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, in de toelichtingsnota op p. 147 duidelijk gesteld voor wat betreft Hoekakker : “Er wordt gestreefd naar 25 wooneenheden per ha.”;
  3. mits een overgang tussen het reeds bebouwde gebied en Hoekakker gerealiseerd wordt  via een duidelijke keuze voor eengezinswoningen, met een  transparantie tussen parkrand en park (dus geen harde stedelijke parkrand);
  4. mits de bebouwing maximaal 3 bouwlagen telt, met enkele accenten naar 4, en zo meer in harmonie wordt gebracht met heel de residentiële wijk Ekeren Donk (waar er nu maximum 3 bouwlagen zijn) zodat het dorpse karakter bewaard blijft. Minder woonheden kan geenszins betekenen dat er meer verharding en minder parkgebied gerealiseerd wordt;
  5. mits voor het gedeelte van 1/3 van de woningen voor sociale huisvesting een goede en evenwichtige mix van sociale koopwoningen, sociale huurwoningen en bescheiden woningen gegarandeerd wordt, aansluitend bij de identiteit van de wijk Ekeren-Donk en waarbij erover gewaakt wordt dat jonge tweeverdieners de kans krijgen op betaalbaar (nieuwbouw) wonen in Ekeren.

Artikel 4

De districtsraad adviseert ongunstig wat betreft de mobiliteit omdat de voorstellen van het mobiliteitsplan te veel uitgaan van veronderstellingen en vage intenties en geen concrete, haalbare en realistische oplossingen aanreiken die de verkeersafwikkeling voor de wijk Ekeren Donk verbeteren bij een stijgende verkeersdruk ten gevolge van bebouwing op Hoekakker:

  • De districtsraad adviseert dat het volume aan bijkomende woningen op Hoekakker recht evenredig in verhouding moet staan tot structurele, haalbare, realistische en efficiënte mobiliteitsoplossingen. De districtsraad adviseert om hiervoor een nieuwe of verbeterde en onafhankelijke mobiliteitsstudie te maken.
  • In de studie wordt letterlijk aangegeven dat de structurele files op het Laar enkel zullen toenemen bij realisatie van het project Hoekakker. Dit mag op geen enkele wijze de bedoeling zijn.  Bovendien zal dit sluipverkeer genereren doorheen de woonwijk van Ekeren Donk en richting Merksem. Ook de Prinshoeveweg wordt gezien als een knelpunt, zowel richting Kapelsesteenweg als richting centrum, waar de verkeersintensiteiten tot 40 % kunnen toenemen in de spitsuren.
  • De keuze om het verkeer vanuit Hoekakker te spreiden vanuit zeven bebouwingsclusters is niet fout, maar het probleem blijft dat al dit verkeer (zeker van de zuidelijke en westelijke clusters) enkel afgewikkeld kan worden via Oude landen en Laar. Het is precies op het Laar, ter hoogte van het kruispunt met de Kapelsesteenweg, dat zich de bottleneck situeert, wat ook wordt bevestigd door de studie.
  • De studie geeft bovendien aan dat de kruispunten tussen Oude Baan en Kapelsesteenweg en Prinshoeveweg met de Kapelsesteenweg moeizaam functioneren wat tot verkeersopstoppingen leidt. Dit toont andermaal het belang aan van een dringende heraanleg van deze gewestweg. Dit is een project waar de stad en het gewest een hogere prioriteit aan moeten hechten in het kader van de geplande ontwikkelingen op Hoekakker.
  • De districtsraad vindt het positief dat het masterplan sterk inzet op fietsgebruik en openbaar vervoer maar benadrukt ook dat dit vandaag niet de realiteit is in deze wijk. Het autogebruik ligt hier nog steeds hoog. Men wil de bewoning zo invullen dat er minder gebruik zal gemaakt worden van de wagen maar om dat te realiseren kijkt het studiebureau te veel naar oplossingen die van hogere overheden, de Lijn en NMBS of Infrabel moeten komen. Zo is vandaag de busfrequentie van lijn 33 naar Ekeren centrum te laag en zijn er geen rechtstreekse busverbindingen vanuit de wijk Donk met het centrum van Antwerpen.
  • Het station biedt te weinig mogelijkheden voor de aanleg van bijkomende fietsparkings. De frequentie van de treinen is bovendien te laag voor een vlotte bediening van de wijk Ekeren Donk. De voorstellen om op de Kapelsesteenweg fietsenstallingen te realiseren is eveneens niet realistisch en praktisch onhaalbaar wegens te beperkte ruimte.
  • Het plan gaat te veel uit van mobiliteitsoplossingen die de stad, noch de ontwikkelaars in de hand hebben qua timing en beslissingsbevoegdheid, zoals de  aanleg van een fietstunnel (of twee) onder de spoorlijn Antwerpen-Essen of de aanleg van een fietspad doorheen het private gebied van KLINA (Sint-Lucassite). Nochtans is de aanleg van een verbinding tussen Donk en het centrum van Ekeren via een fiets- en voetgangerstunnel onder spoorlijn 12 ter hoogte van de Prinshoeveweg voor het district een absolute vereiste. De districtsraad vraagt daarom dat dit dwingend wordt opgelegd.
  • De parkeernorm van de stad is in de wijk Donk relatief hoog. De districtsraad benadrukt dat ook de parkeervraag van  toekomstige bewoners hoog zal zijn. Daarom is de districtsraad voorstander van het resoluut hanteren van de huidige norm van 1.8 zoals voorzien in de bouwcode en niet een aangepaste, verlaagde norm van 1.5 parkeerplaatsen/woning. De norm van 1.8 is volgens het district beter afgestemd op maat van een wijk zoals Hoekakker, met weinig openbaar vervoer, ver van het centrum en met een moeilijk bereikbare bovenlokale fietsinfrastructuur.

Artikel 5

De districtsraad adviseert om op maat van deze woonwijk een kindercrèche en andere nuttige gemeenschapsfuncties te integreren in de plannen.

Artikel 6

De districtsraad adviseert om te onderzoeken of een uitbreiding van het schoolaanbod in de wijk Donk, zeker voor wat betreft het kleuteronderwijs, bij een gevoelige stijging van het aantal inwoners, noodzakelijk is.

Artikel 7

Wat duurzaamheid betreft adviseert de districtsraad:

  • om te onderzoeken of een warmtenet voor Hoekakker haalbaar is;
  • om een CO2 neutrale energievoorziening te realiseren;
  • om groendaken te voorzien voor de meergezinswoningen;
  • om technisch haalbare en economisch duurzame energieoplossingen zoals via zonnepanelen of warmtepompen te gebruiken zodat de nieuwe woningen op Hoekakker energieneutraal zijn.

De districtsraad is voorstander van de integratie van autodelen en een systeem van fietsdelen op Hoekakker.

Artikel 8

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.

Bijlagen

  • 1_Voorontwerp.pdf
  • 2_Bijlage1.pdf
  • 3_Bijlage2.pdf
  • 4_Bijlage3.pdf