Artikel 4.7.12. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening stelt dat het college bevoegd is om de beslissing te nemen over een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning.
In zitting van 29 juli 2016 (jaarnummer 6589) besliste het college een stedenbouwkundige vergunning met referentie HVN/B/20161003 te verlenen aan Vopak Terminal Eurotank voor het bouwen van een nieuwe laadstructuur voor (binnen)schepen.
In verband met de bijzondere voorwaarden die inzake de brandveiligheid in de stedenbouwkundige vergunning werden ingelast, vraagt de aanvrager Vopak Terminal Eurotank een wijziging van deze voorwaarden.
In overleg met de brandweer werden deze brandvoorzorgsmaatregelen gewijzigd in een nieuw gegeven advies met referentie BW/KVLO/2016/H.00233.A3.0010. Deze gewijzigde brandvoorzorgsmaatregelen dienen bij de verleende stedenbouwkundige vergunning met referentie HVN/B/20161003 gevoegd te worden waarvan ze integraal deel uitmaken en vervangen het gegeven advies met referentie BW/KVLO/2016/H.00233.A3.0008.
In het advies BW/KVLO/2016/H.00233.A3.0008 werden (minstens) twee waterschuimmonitoren (6000l/min) gevraagd. Gelet op het feit dat de schepen aan de kade liggen (niet aan een steiger) en het de verlading betreft van binnenschepen (geen zeeschepen) die uitsluitend dieselolie vervoeren, kan het aantal waterschuimmonitoren verminderd worden naar één exemplaar ter bescherming van de nieuwe laadarmstructuur. De overige voorwaarden opgenomen in desbetreffend advies blijven behouden in het aangepaste advies BW/KVLO/2016/H.00233.A3.0010, dat integraal het advies BW/KVLO/2016/H.00233.A3.0008 vervangt.
Het college kan zich akkoord verklaren met het aangepaste advies van de brandweer van 25 augustus 2016 met referentie BW/KVLO/2016/H.00233.A3.0010.
De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en zijn uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.
Het college beslist het aangepaste advies inzake de brandvoorzorgsmaatregelen goed te keuren, op voorwaarde dat de gewijzigde brandvoorzorgsmaatregelen met referentie BW/KVLO/2016/H.00233.A3.0010: