Terug

2016_CBS_09929 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure - 20161907 - district Wilrijk - Lievevrouwkesbosweg 71 - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 18/11/2016 - 09:00 Collegezaal, stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Fons Duchateau, schepen; Roel Verhaert, stadssecretaris

Afwezig

Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Roel Verhaert, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2016_CBS_09929 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure - 20161907 - district Wilrijk - Lievevrouwkesbosweg 71 - Goedkeuring 2016_CBS_09929 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure - 20161907 - district Wilrijk - Lievevrouwkesbosweg 71 - Goedkeuring

Motivering

Onderzoek

Nee

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 4.7.12. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening stelt dat het college bevoegd is om de beslissing te nemen over een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning.

Aanleiding en context

Aanvragers: Coca-Cola Enterprises
De aanvraag omvat: plaatsen van een lichtmast
Dossiernummer: ZWI/B/20161907

Argumentatie

Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college conform artikel 4.7.17 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kennis van het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar dat als bijlage bij dit besluit is gevoegd.

Juridische grond

De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en zijn uitvoeringsbesluiten.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.

Artikel 2

Het college beslist de stedenbouwkundige vergunning goed te keuren en af te leveren aan de aanvrager, die ertoe gehouden is:
  • de lichtmast maximaal 20 meter hoog uitvoeren;
  • om lichthinder te beperken dient gewerkt te worden met aangepaste buitenverlichting zoals armaturen die zo kort mogelijk bij de grond staan en neerwaarts gericht zijn, armaturen voorzien van vlakglas en gebruik van licht met golflengten dat een minder verstorend effect heeft.

Artikel 3

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.

Bijlagen