Terug

2016_CBS_07312 - De Vlaamse Opera, het voormalig schermenmagazijn met gelagzaal en de site van de Vlaamse opera en het voormalig hotel Wagner - Bescherming als monument en als stadsgezicht, gunstig advies - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 19/08/2016 - 09:00 digitaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Koen Kennis, schepen; Philip Heylen, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Trees Quaegebeur, waarnemend stadssecretaris

Afwezig

Bart De Wever, burgemeester; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Serge Muyters, korpschef; Roel Verhaert, stadssecretaris
2016_CBS_07312 - De Vlaamse Opera, het voormalig schermenmagazijn met gelagzaal en de site van de Vlaamse opera en het voormalig hotel Wagner - Bescherming als monument en als stadsgezicht, gunstig advies - Goedkeuring 2016_CBS_07312 - De Vlaamse Opera, het voormalig schermenmagazijn met gelagzaal en de site van de Vlaamse opera en het voormalig hotel Wagner - Bescherming als monument en als stadsgezicht, gunstig advies - Goedkeuring

Motivering

Aanleiding en context

Het agentschap Onroerend Erfgoed bereidt op vraag van de Vlaamse minister bevoegd voor Onroerend Erfgoed de voorlopige bescherming voor van de site van de Vlaamse Opera. De Vlaamse opera en het voormalige schermenmagzijn met gelagzaal worden daarbij beschermd als monument. De Vlaamse opera, het voormalige schermenmagazijn met gelagzaal, het voormalige hotel Wagner, Franklin Rooseveltplaats 6 en Van Ertbornstraat 4-6 zouden als stadsgezicht beschermd worden. Op 19 juli 2015 vroeg het agentschap de stad om advies aangaande deze voorlopige bescherming, conform het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013.

Argumentatie

De procedure voor de bescherming van erfgoed is in het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 gewijzigd. Het agentschap Onroerend Erfgoed vraagt nu voorafgaand aan de voorlopige bescherming een advies aan de betrokken gemeenten, de agentschappen en departementen van de Vlaamse beleidsdomeinen Ruimtelijke Ordening, Wonen en Onroerend Erfgoed, Mobiliteit en Werken, Leefmilieu, Natuur en Energie, Landbouw en Visserij en aan de Vlaamse Commissie Onroerend Erfgoed. De minister beslist, rekening houdend met deze adviezen tot de voorlopige bescherming. Vervolgens organiseert de gemeente een openbaar onderzoek. Rekening houdend met de bezwaren en opmerkingen uit het openbaar onderzoek beslist de minister dan al dan niet tot de definitieve bescherming. De periode tussen de voorlopige en de definitieve bescherming duurt maximum negen maanden. De minister kan deze periode eenmalig met drie maanden verlengen.

Beschrijving

De huidige operasite is een complex samenstel van panden. Naast het operagebouw zelf omvat ze ook het voormalige schermenmagazijn met gelagzaal, het voormalige hotel Wagner, de panden Franklin Rooseveltplaats 6 en Van Ertbornstraat 4-6, die momenteel allen geïntegreerd zijn in de werking van de opera. In het besluit wordt voorgesteld de volledige site te beschermen als stadsgezicht en de Vlaamse opera en het voormalige schermenmagazijn met gelagzaal als monument.

Het operagebouw is een monumentaal pand in beaux-artstijl, opgericht in 1904-07, naar een ontwerp van stadsbouwmeester Alexis Van Mechelen. Voor de structuur werd in hoofdzaak gebruik gemaakt van staalconstructies, in combinatie met gewapend beton. De gevelfronten uit witte natuursteen zijn overladen met een rijk gesculpteerd decor. In het interieur vertaalt de beaux-arts-stijl zich in ruime, gaaf bewaarde vertrekken met een hoge architecturale en artistieke kwaliteit op het vlak van ruimtewerking, materiaalgebruik, aankleding en afwerking.

In 1904 werd een perceel aangekocht op de hoek van de Van Ertbornstraat en de Franklin Rooseveltplaats (toen Gemeenteplaats), bedoeld voor de oprichting van het schermenmagazijn met gelagzaal, waarvoor Emiel Van Averbeke onder supervisie van Van Mechelen, het ontwerp in beaux-arts-stijl leverde. Het pand werd gerealiseerd tussen 1907 en 1909.

Tot 2004 werden geen grote verbouwingen uitgevoerd. In 2004-2007 onderging het gebouw een grondige renovatie van de technische infrastructuur, naar een ontwerp door Robbrecht en Daem architecten. Als meest zichtbare ingreep werd na afbraak van de twee belendende panden in de Van Ertbornstraat een nieuwbouw toegevoegd naar ontwerp van architectenbureau Verdickt en Verdickt. Deze liet toe om een operagebouw en het schermenmagazijn ter vrijwaren van zware technische ingrepen. Het voormalige hotel Wagner werd gerenoveerd en herbestemd tot appartementen en lofts met binnentuin. Op het commercieel gelijkvloers aan de Frankrijklei werd een publieksbalie ingericht die in verbinding staat met de vestibule van de opera en met de nieuwbouw in de Van Ertbornstraat. Het geronveerd pand Rooseveltplaats 6 werd over de twee eerste bouwlagen geïntegreerd in het operagebouw. De hogere verdiepingen zijn ingericht met appartementen en lofts, horend bij het aanpalende voormalige hotel Wagner.

Het operagebouw en het voormalig schermenmagazijn worden beschermd als monument vanwege de hoge ensemblewaarde en wegens de erfgoedwaarden van zowel het exterieur als het interieur op historisch, architecturaal, artistiek en cultureel vlak. De portretbuste van Peter Benoit door de Antwerpse beeldhouwer Frans Joris (1851-1914) maakt als cultureel goed integrerend deel uit van de bescherming van de opera, omwille van zijn historische en artistieke waarde.

Ter versterking en ondersteuning van de als monument te beschermen gebouwen alsook vanwege de stedenbouwkundige en architecturale erfgoedwaarde worden het operagebouw, het voormalige schermenmagazijn en het voormalige hotel Wagner met inbegrip van de open binnenplaats beschermd als stadsgezicht. De panden aan de Frankin Rooseveltplaats (nummer 6) en in de Van Ertbornstraat (nummers 4-6) worden tevens opgenomen binnen de afbakening van het stadsgezicht wegens hun stedenbouwkundige en architecturale betekenis binnen de bebouwde context en wegens hun interne verwevenheid met het operacomplex. Met de opname binnen de afbakening zullen de toekomstige beheersmaatregelen met betrekking tot deze panden stringenter afgestemd blijven op de bebouwde context, steeds met het oog op een geïntegreerde architectuur.

Evaluatie

De dienst Stadsontwikkeling/Onroerend erfgoed/Monumentenzorg adviseert het voorliggende voorstel tot bescherming gunstig. Het algemeen belang van de opera wordt uitvoerig gedocumenteerd en de verschillende erfgoedwaarden uitgebreid geduid in de inhoudelijke nota bij het beschermingsdossier, opgemaakt door het agentschap Onroerend Erfgoed. De opdeling in enerzijds de bescherming als monumenten en anderzijds de bescherming als stadsgezicht van de ruimtelijk en functioneel bij de opera betrokken panden is een evenwichtige manier om dit soort sites te beschermen. Het waardeert de site in zijn geheel, maar zorgt tevens voor een differentiatie in de waardenstelling van de verschillende onderdelen. De afbakening van de bescherming zoals die in het dossier is weergegeven vloeit hier uit voort. Hierbij kan worden opgemerkt dat het voormalige hotel Wagner reeds was opgenomen in de vastgestelde inventaris. De bescherming als stadsgezicht is in die zin slechts een verankering van de reeds erkende erfgoedwaarde.

De gevelwand voor de als bescherming voorgestelde panden is beeldbepalend, zowel langs de zijde van de Frankrijklei als aan de Rooseveltplaats, waar ze een tegenhanger vormen voor het er schuin tegenover gelegen Koninklijk Atheneum, eveneens een beschermd monument. Beide locaties bepalen het historisch karakter van het plein. De beschermde gebouwen zullen mee de toekomstige heraanleg van de Rooseveltplaats bepalen. Een meer diepgaande studie van de historisch stedenbouwkundige identiteit en de evolutie van het stadsbeeld is daarbij nuttig. De ruimtelijke context is in de nota van het agentschap Onroerend Erfgoed weinig uitgewerkt.

De in de door het agentschap Onroerend Erfgoed opgemaakte beheersvisie is weinig specifiek. Het is dan ook aangewezen om voor de site in het algemeen en de opera in het bijzonder een beheersplan op te maken. Met een beheersplan ontwikkelt de stad niet enkel een globale visie over de instandhouding van deze gedifferentieerde site, maar kan zij als eigenaar van een deel van de site ook een premie krijgen bij de uitvoer van in het beheersplan opgesomde werkzaamheden ten belope van 80% van de aanvaarde werken.

De dienst Cultuur, Sport, Jeugd en Onderwijs/Cultuur onderschrijft het belang van een bescherming en adviseert gunstig. Er mag zo weinig mogelijk ingegrepen worden in de cultuurhistorische waarde van het gebouw. Toch is de afdeling van mening dat de bescherming de toekomstige werking van de organisatie niet mag belemmeren. De twee kunstvormen die er beoefend worden zijn erg dynamisch en voortdurend in beweging en vereisen flexibiliteit in de gebouwen. Zowel in het publieks- als in het backstage gedeelte zullen in de toekomst aanpassingswerken nodig zijn. Cultuur vraagt om bij de verdere uitwerking van het dossier de nodige ruimte te voorzien voor deze aanpassingen en denkt dat het goed is om heel gedetailleerd te kijken welke ruimtes of toekomstige ingrepen deze flexibiliteit vragen. Ook is de bescherming onlosmakelijk verbonden met de globale visie voor het hele patrimonium. Het zou goed zijn eerst die te kennen om op die manier een zo degelijk mogelijke input te kunnen voorzien voor het beschermingsdossier. Het volledige advies van cultuur werd als bijlage bij dit besluit opgenomen.

De dienst Stadsbeheer/Projectbureau Bouw adviseert gunstig. Opdat het gebouw haar functie in de toekomst optimaal zou kunnen blijven invullen zijn wel aanpassingswerken noodzakelijk. Daarbij zal uiteraard rekening gehouden worden met de intergriteit van het gebouw en de gebouwdelen. Concreet gaat het over de optimalisatie van de klimatisatie (door bijvoorbeeld isolatie van de daken, het voorzien van voorzetbeglazing, het vervangen van schrijnwerk en beglazing waar mogelijk of noodzakelijk), maatregelen inzake brandveiligheid, maatregelen inzake toegankelijkheid en optimalisatie of vervanging van de technische installaties. De dienst verzoekt om in het beschermingsbesluit de nodige ruimte te voorzien zodat de bovenstaande maatregelen, die de werking van het operagebouw in de toekomst moeten mogelijk maken, kunnen genomen worden.

Juridische grond

De bescherming gebeurt op basis van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013. Dit decreet vervangt het monumentendecreet van 1976, het archeologiedecreet van 1993 en het landschapsdecreet van 1996 en zorgt voor een aantal wijzigingen in de beschermingsprocedure.

Beleidsdoelstellingen

5 - Bruisende stad
1SBR04 - Antwerpen staat op de kaart als (onroerend) erfgoedstad: onroerend erfgoed is een troef in het ruimtelijk beleid en een hefboom voor stadsontwikkeling
1SBR0401 - Het onroerend erfgoed is gevrijwaard, waar nodig door herbestemming, om het door te geven aan de volgende generatie
1SBR040107 - Beschermingsprocedures zijn gevoerd (wettelijke taak)

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college beslist de vraag tot voorlopige bescherming van de Vlaamse opera, het voormalig schermenmagazijn met gelagzaal en de site van de Vlaamse opera en het voormalig hotel Wagner gunstig te adviseren.

Artikel 2

Het college vraagt het agentschap Onroerend Erfgoed bij de verdere uitwerking van het beschermingsdossier rekening te houden met de in de evaluatie gemaakte opmerkingen.

Artikel 3

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.

Bijlagen

  • Beschermingsdossier_adviesCS_C_def.docx