Het agentschap Onroerend Erfgoed bereidt op vraag van de Vlaamse minister bevoegd voor Onroerend Erfgoed de voorlopige bescherming als monument voor van havenkraan 410KD, nu opgesteld aan de Rijnkaai. Op 14 oktober 2016 vroeg het agentschap de stad om advies aangaande deze voorlopige bescherming, conform het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013.
Ingevolge het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 vraagt het agentschap Onroerend Erfgoed voorafgaand aan de voorlopige bescherming van monumenten een advies aan de betrokken gemeenten, de agentschappen en departementen van de Vlaamse beleidsdomeinen Ruimtelijke Ordening, Wonen en Onroerend Erfgoed, Mobiliteit en Werken, Leefmilieu, Natuur en Energie, Landbouw en Visserij en aan de Vlaamse Commissie Onroerend Erfgoed. De minister beslist, rekening houdend met deze adviezen tot de voorlopige bescherming. Vervolgens organiseert de gemeente een openbaar onderzoek. Rekening houdend met de bezwaren en opmerkingen uit het openbaar onderzoek beslist de minister dan al dan niet tot de definitieve bescherming. De periode tussen de voorlopige en de definitieve bescherming duurt maximum negen maanden. De minister kan deze periode eenmalig met drie maanden verlengen.
Beschrijving
De kranen van de reeksen KA, KB en KD werden aan het begin van de jaren 1960 opgesteld in het kader van het tienjarenplan voor de uitbreiding van de haven. Een verdubbeling van de havenoppervlakte en een moderne kaaiuitrusting, gerealiseerd tussen 1956 en 1965, moesten een antwoord bieden op de sterke uitbreiding van het stukgoederenverkeer.
De kranen van de KD-reeks werden aan het begin van de jaren 1960 geleverd door het consortium van Belgische bedrijven bestaande uit de Boomse Metaalwerken en ACEC (Ateliers de Construction Electriques de Charlerloi). Eenentwintig van deze kranen kregen aanvankelijk het kenteken KB en konden een last van 5 ton laden en lossen. Later werden achttien van deze kranen aangepast zodat ze een last van zes ton konden laden en lossen. Deze exemplaren kregen het kenteken KD. De kranen werden opgesteld aan het Albertdok nadat er nieuwe en zwaardere kranensporen waren aangelegd.
Enkele exemplaren van de reeksen KA, KB en KD bleven in gebruik tot het begin van de 21ste eeuw, toen het gelijkspanningsnet van 550 volt werd afgesloten. De 410 KD is het enige bewaarde exemplaar van de oorspronkelijk 18 kranen in de KD-reeks. De kraan is gaaf bewaard en in goede bouwfysische toestand. Ze staat momenteel opgesteld aan de Rijnkaai als onderdeel van de collectie historische havenkranen van het Museum aan de Stroom. Het is een torenkraan opgebouwd uit een portaal en draaizuil met bovenbouw.
Evaluatie
Het beschermingsdossier omvat een goede inhoudelijke onderbouwing en argumentatie van de verschillende erfgoedwaarden. De kraan is van algemeen belang omwille van volgende erfgoedwaarden:
historische waarde: kranen vormen een essentieel onderdeel van de haveninfrastructuur. De kranen van de KD-reeks hebben ruim veertig jaar gediend in de haven. Als enig overgebleven exemplaar uit zijn reeks heeft de 410 KD een historische waarde in het documenteren van de spectaculaire ontwikkeling van de Antwerpse haven;
industrieel-archeologische waarde: in de jaren 1950 ondergingen de nieuwe kranen een ontwikkeling van zware mastodonten tot ranke reuzen. De 410 KD is het enige bewaarde exemplaar van de kranen van de KD-reeks. Ze illustreert de aanpassing van een ouder kraantype in functie van het laden en lossen van zwaardere lasten;
technische waarde: de 410 KD incorporeert de laatste ontwikkelingen van de kraantechnologie in 1961. Het portaal van de kraan is opgebouwd als een gelaste kokervormige constructie waar geen vakwerkbouw meer aan te pas komt behalve voor de giek. De kraan is een topkraan die onder last kan zwenken, hijsen en toppen. De torenconstructie maakt het mogelijk om de giek te balanceren met een tegengewicht aan de achterzijde. De 410 KD is opgebouwd met een draaizuil waardoor de bovenbouw op een omgekeerde kegel kan pivoteren in het portaal. De krachten van het kraanwerk worden doorgegeven aan het portaal. Het stabiliserend tegengewicht is zodoende in de holle poten van de onderbouw aangebracht.
Op basis van bovenstaande elementen stelt de dienst Stadsontwikkeling/Onroerend Erfgoed/Monumentenzorg voor de bescherming gunstig te adviseren. Om de historische rol van Antwerpen als wereldhaven te duiden is het essentieel dat in het stadsbeeld een aantal erfgoedrelicten bewaard blijven. Deze bescherming vormt een aanvulling op het reeds beschermde havenindustrieel erfgoed, in het bijzonder van de reeks havenkranen, die uniek is op wereldvlak.
De dienst Cultuur en Sport/Musea/Museum aan de Stroom adviseert de voorlopige bescherming eveneens gunstig. De kraan vormt een essentiële schakel in de collectie havenkranen van de stad Antwerpen en heeft bovendien een belangrijke vormelijke waarde. Door de bescherming als monument wordt het mogelijk om deze kraan, zoals de andere kranen in de collectie, op te nemen in een duurzaam onderhouds- en ontsluitingsbeleid.
De bescherming gebeurt op basis van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013.
Het college beslist de vraag tot voorlopige bescherming van havenkraan 410KD als monument gunstig te adviseren.