Het college is bevoegd in het kader van de opmaak van het vergunningenregister en de actieve onderzoeksplicht (artikel 5.1.3 §§1 en 2, en artikel 7.6.2. §1, 5de en 6de lid van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening).
Op datum van 15 april 2016 vragen Wouter Maeyens en Pascaline Cardon, wonende te Merksem, Molenlei 58, om het pand, gelegen Molenlei 55 district Merksem, op te nemen in het vergunningenregister wegens vermoeden van vergunning.
Hierbij worden de volgende documenten ter staving toegevoegd:
1. Bestaande juridische toestand
Het pand, Molenlei 55 district Merksem, is kadastraal gekend als 'GARAGE' en kadastrale ligging 41ste afdeling, sectie B, nummer 309 T 3.
Voor dit pand werden de volgende vergunningen verleend:
Het goed is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan GRUP Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009.
Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een gemengd woon- en industriegebied.
2. Bestaande feitelijke toestand
Het pand (achterbouw bereikbaar langs een doorrit) bestaat momenteel uit een garage/werkplaats/magazijn met twee bouwlagen. De volledige constructie is bovengronds. De constructie is opgetrokken in baksteen en betonnen daken en vloeren. Er zijn lichtopeningen in de muren met bovenliggende betonnen latei (momenteel voorzien van glasdals).
3. Overtredingen
De datum van overtreding is niet gekend maar, gelet op het fotomateriaal van de constructie, werd de constructie in deze vorm opgericht.
Er werd geen proces-verbaal van overtreding teruggevonden.
Het voorwerp
Er wordt verzocht tot opname in het vergunningenregister wegens vermoeden van vergunning van een garage/werkplaats/magazijn met twee bouwlagen. De volledige constructie is bovengronds. De constructie is opgetrokken in baksteen en betonnen daken en vloeren. Er zijn lichtopeningen in de muren met bovenliggende betonnen latei (momenteel voorzien van glasdals).
De bewijsvoering
Volgens de kadastrale gegevens dateert de ingebruikneming van het gebouw vanaf 1970.
Uit de kadastergegevens blijkt dat, voor de datum van het gewestplan, in 1970 reeds een garage aanwezig was. Uit de luchtfoto's blijkt dat de ruwbouw van constructie zeker was voltooid in 1969.
In het archief werden bouwplannen teruggevonden van 31 januari 1967. Hieruit blijkt dat de garage werd vergund met de voorwaarde dat de garage de hoogte van 4 meter ten opzichte van het trottoirniveau niet mocht overschrijden.
Uit het fotomateriaal blijkt dat de huidige constructie in deze vorm werd opgetrokken zonder noemenswaardige latere verbouwingen.
Voorgaande bewijst voldoende dat de huidige toestand dateert van voor het van kracht zijnde gewestplan (9 november 1979) maar van na de inwerkingtreding van de Wet op Stedenbouw (22 april 1962).
Conclusie
De gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar stelt voor om het gebouw op te nemen in het vergunningenregister wegens vermoeden van vergunning.
Iedere constructie waarvan bewezen is dat ze gebouwd werd voor 22 april 1962 ofwel tussen deze en voor de eerste invoering van het gewestplan (3 oktober 1979, van kracht 9 november 1979), dient te worden opgenomen in het vergunningenregister met een vermoeden van vergunning in toepassing van artikel 5.1.3. §1. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke ordening.
Het college beslist dat het pand Molenlei 55, district Merksem, wordt opgenomen in het vergunningenregister wegens vermoeden van vergunning, als gebouwd tussen 1962 en 1979.
Het college geeft opdracht aan
| SW/V/SV | een duplicaat van deze beslissing te bezorgen aan het kadaster voor eventuele aanpassing van de kadastrale gegevens. |
| SW/V/SV | een duplicaat van deze beslissing te bezorgen aan SL/ST/PT voor eventueel verder gevolg. |
| SW/V/SV | een duplicaat van deze beslissing te bezorgen aan DL/huisnummering voor eventuele aanpassing van de gegevens. |