Terug

2017_CBS_08425 - Milieuvergunningen Vlarem klasse 2 - ANAC Carwash nv , Boomsesteenweg 949, 2610 Wilrijk-Antwerpen. Dossiernummer MV2017/419/PV - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 29/09/2017 - 09:00 Hofstraat
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Caroline Bastiaens, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Sven Cauwelier, stadssecretaris

Afwezig

Koen Kennis, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Sven Cauwelier, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2017_CBS_08425 - Milieuvergunningen Vlarem klasse 2 - ANAC Carwash nv , Boomsesteenweg 949, 2610 Wilrijk-Antwerpen. Dossiernummer MV2017/419/PV - Goedkeuring 2017_CBS_08425 - Milieuvergunningen Vlarem klasse 2 - ANAC Carwash nv , Boomsesteenweg 949, 2610 Wilrijk-Antwerpen. Dossiernummer MV2017/419/PV - Goedkeuring

Motivering

Argumentatie

Het college beslist op basis van het verslag van de dienst milieuvergunningen, dat als bijlage bij dit besluit is gevoegd en sluit zich aan bij deze motivatie.

Juridische grond

Het milieuvergunningendecreet van 28 juni 1985, meermaals gewijzigd, en haar uitvoeringsbesluiten (Vlarem I en II) bepalen dat niemand zonder vergunning of melding een hinderlijke inrichting mag exploiteren.

Aanleiding en context

Aanvrager: ANAC Carwash nv - Noorderlaan 91 - 2030 Antwerpen. De aanvraag omvat de exploitatie van een carwash.

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 36,4° van Vlarem I bepaalt dat het college een uitspraak dient te doen over een milieuvergunningsaanvraag klasse 2.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college beslist een milieuvergunning klasse 2, zoals geformuleerd in de argumentatie, goed te keuren aan ANAC Carwash nv, Noorderlaan 91, 2030 Antwerpen om op het perceel gelegen te 2610 Wilrijk-Antwerpen, Boomsesteenweg 949, een carwash te exploiteren.

Artikel 2

Het college wijst erop dat de exploitant de algemene en sectorale voorwaarden dient na te leven.

Artikel 3

Het college wijst erop dat de exploitant volgende bijzondere voorwaarden dient na te leven:

  1. de exploitant dient door een deskundige te laten onderzoeken in hoeverre de opvang en het gebruik van hemelwater mogelijk is conform artikel 5.15.0.9§2 van Vlarem titel II. Van de resultaten van dit onderzoek wordt een rapport opgemaakt dat wordt overgemaakt aan de vergunningverlenende overheid ten laatste 6 maanden na het ingaan van de vergunningstermijn;
  2. de KWS-afscheider dient  aan volgende voorwaarden te voldoen:
    • voldoende groot gedimensioneerd zijn en voorzien van een automatische afsluiter;
    • regelmatig gereinigd worden;
    • de exploitant inspecteert om de 3 maanden de KWS-afscheider en houdt een logboek bij van de inspecties en kan ook een alarmsysteem voorzien om de goede werking van de KWS-afscheider op te volgen;
    • de afvalstoffen die hierbij vrijkomen moeten opgehaald worden door een daartoe erkende ophaler en afgevoerd worden naar een vergunde verwerker. De overeenstemmende attesten worden bijgehouden en ter beschikking gehouden van de toezichthoudende overheid.

Artikel 4

Het college wijst erop dat de exploitant volgende standaard brandweervoorwaarden dient na te leven:

  • onafhankelijk van de verplichtingen aan de houder van de milieuvergunning opgelegd via de vigerende milieureglementering alsmede via het milieuvergunningsbesluit, en onverminderd de maatregelen ter voorkoming en bestrijding van brand, door de houder van de milieuvergunning te treffen in uitvoering van de algemene en sectorale milieuvoorwaarden, dient de houder van de milieuvergunning reeds te voorzien in de hiernavermelde blusmiddelen voor eerste tussenkomst:
  • er dienen minstens twee snelblustoestellen van minstens één bluseenheid conform NBN EN 3-7 - bij voorkeur 6 kg poeder type ABC - gelijkmatig verdeeld over de inrichting, te worden aangebracht;
  • een snelblustoestel van 5 kg CO2 - ½ bluseenheid conform NBN EN 3-7 - dient aangebracht nabij de toegang tot de hoogspanningscabine.

Artikel 5

Het college beslist dat de milieuvergunning voor onbepaalde duur ingaat op de dag dat de stedenbouwkundige vergunning definitief wordt toegestaan.

Artikel 6

Het college beslist dat de vergunde inrichting dient in gebruik te worden genomen binnen de 3 jaar vanaf de datum van deze milieuvergunning, zoniet vervalt deze milieuvergunning van rechtswege.

Artikel 7

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.