Terug

2017_CBS_08363 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure - 20171862 - district Deurne - Theo Van den Boschstraat ZN, Hugo van Craenhovestraat ZN, Freddy Damsstraat ZN - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 29/09/2017 - 09:00 Hofstraat
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Caroline Bastiaens, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Sven Cauwelier, stadssecretaris

Afwezig

Koen Kennis, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Sven Cauwelier, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2017_CBS_08363 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure - 20171862 - district Deurne - Theo Van den Boschstraat ZN, Hugo van Craenhovestraat ZN, Freddy Damsstraat ZN - Goedkeuring 2017_CBS_08363 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure - 20171862 - district Deurne - Theo Van den Boschstraat ZN, Hugo van Craenhovestraat ZN, Freddy Damsstraat ZN - Goedkeuring

Motivering

Argumentatie

Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college conform artikel 4.7.17 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kennis van het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar dat als bijlage bij dit besluit is gevoegd.

Juridische grond

De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en zijn uitvoeringsbesluiten.

Onderzoek

Nee

Aanleiding en context

Aanvragers: Bouwonderneming Vooruitzicht, P x 3 Development, MATEXI PROJECTS
De aanvraag omvat: bouwen van 42 eengezinswoningen binnen het project 'Eksterlaer'
Dossiernummer: NDE1/B/digitaal/20171862

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 4.7.12. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening stelt dat het college bevoegd is om de beslissing te nemen over een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.

Artikel 2

Het college beslist de stedenbouwkundige vergunning goed te keuren en af te leveren aan de aanvrager, die ertoe gehouden is:
  • de voorwaarden geformuleerd in het advies van de dienst mobiliteit strikt na te leven. De voorwaarden zijn de volgende:
    • voor volgende deelprojecten in deze verkaveling wordt steeds een duidelijke parkeerboekhouding toegevoegd op basis van de parkeerbehoefte in de Bouwcode.
    • het aantal fietsenstallingen moet per woning voldoen aan de normen uit de bouwcode art. 29.
    • Er moeten 12 bijkomende parkeerplaatsen voorzien worden in het project, wat het aantal op 65 brengt i.p.v. de 53 parkeerplaatsen voorzien in dit project.
    • Hiervoor dienen 12 bijkomende parkeerplaatsen voorzien te worden op eigen terrein, verspreid over 12 woningen.
    • Aangezien het aanpassen van 1 naar 2 parkeerplaatsen een verbreding van de garagepoort betekent tot 5m, zal dit een invloed hebben op het totale gevelbeeld. Het is dan ook aangewezen hiermee rekening te houden bij de keuze van de percelen waar de aanpassingen zullen gebeuren, zodanig dat het straatbeeld voldoende uniform blijft. M.a.w. de aanpassing van de poorten gebeurt bij voorkeur in eenzelfde straatwand.
  • de patiowoningen worden ingepland in woonerven, straten die uitgevoerd worden naar een reeds eerder goedgekeurd riolerings-wegenisplan. Deze werken zijn reeds in uitvoering. De aanvrager van de patiowoningen dient contact op te nemen met de bouwheer van deze wegenis om alle wijzigingen te bespreken, zodat aanpassingen kunnen worden doorgevoerd;
  • ook zullen er geen privé leidingen en putjes huisriolering op openbaar domein uitgevoerd worden – deze dienen voorzien te worden op eigen terrein;
  • de voorwaarden geformuleerd in het advies van de dienst stadsbeheer afdeling groen en begraafplaatsen strikt na te leven. De voorwaarden zijn de volgende:
    • Wanneer een bemaling of tijdelijke grondwaterwinning noodzakelijk is om de bouwwerken in de diepte te realiseren, dient gebruik gemaakt te worden van een retourbemaling waarbij het opgepompte water terug in de bodem wordt gebracht om verdroging tegen te gaan.
    • Bij een te behouden boom moeten volgende zaken in acht genomen worden:
      • In het ontwerp van de gebouwen en de volledige infrastructuur errond, mag er niets voorzien worden waardoor de wortels of kroon van de boom  onaanvaardbaar moeten  beschadigd worden, noch nu, noch in de toekomst. Praktisch gezien wil dit zeggen dat het ontwerp niet mag leiden tot noodzaak om:
        • het bestaande maaiveld af te graven of op te hogen in de wortelzone van de te behouden boom;
        • graafwerken uit te voeren waarbij wortels dikker dan 5 cm moeten doorgestoken worden en/of waarbij 20 % van het totale wortelpakket moet verwijderd worden;
        • de boom drastisch te snoeien. ( d.w.z. hoger opkronen dan het huidig eindbeeld of toppen of kandelaren of verwijderen van takken dikker dan 8cm).
      • Als er werken (zowel bouwwerken, als werken aan de infrastructuur errond) worden uitgevoerd, moet de te behouden boom beschermd worden. Zowel wortels als kroon moeten beschermd worden.
        • De wortelzone van de boom moet beschermd worden om verdichting van de bodem en/of oppervlakkige beschadiging van de wortels te voorkomen. Op vlak van bescherming voor de wortelzone zijn er twee mogelijkheden:
          • Er is voldoende ruimte om de wortelzone volledig af te sluiten: dan moeten er werfhekkens geplaatst die aan elkaar vast gemaakt zijn, zodat ze niet, of in ieder geval moeilijk, te verplaatsen zijn. De grootte van de wortelzone wordt idealiter bepaald door onderzoek; als onderzoek om een of ander reden niet kan, moet men er vanuit gaan dat de wortelzone even groot is als de diameter van de kroonprojectie + 2m.
          • In die volledig afgebakende zone mag niets gebeuren. (niet graven, niet stockeren, geen afvalwater of spoelwater lozen, ….)
          • Er is niet voldoende ruimte om de wortelzone volledig af te sluiten: dan moeten er beschermingsmaatregelen op maat opgesteld worden, zodat de ruimte onder de boom toch geheel of gedeeltelijk kan gebruikt worden zonder dat er schade berokkend wordt.
        • Om uitdroging van de wortelzone te voorkomen tijdens een droogzuiging van de werf, moet water worden gegeven aan de boom, tenzij bodemonderzoek zou uitwijzen dat dit niet nodig is.
        • Naast de wortelzone moeten ook de stam en de kroon beschermd worden. Als de wortelzone volledig kan afgeschermd worden, zijn de stam en het onderste deel van de kroon uiteraard ook ineens afgeschermd. Kan de wortelzone niet volledig afgeschermd worden, dan moeten voor het beschermen van de stam en onderste deel van de kroon ook beschermingsmaatregelen op maat opgesteld worden.
        • Om schade aan het bovenste deel van de kroon te voorkomen moet de aannemer, als hij een kraan gaat gebruiken, een voldoende hoge kraan voorzien.  Als de kraan rond draait met een last eraan, mag niets de top van de boom raken. De aannemer mag ook geen snoeiwerken uitvoeren om ruimte te krijgen voor een kraan of voor om het even welke machine of stelling.
  • na uitvoering van de werken te voldoen aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten opgelegd door de Vlaamse Wooncode en het besluit van de Vlaamse regering van 12 juli 2013 betreffende de kwaliteits- en veiligheidsnormen voor woningen.

Artikel 3

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.