Terug

2017_CBS_08420 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure - 20171806 - district Antwerpen - Stoomstraat 1-15, Van Spangenstraat 1-11, Lange Kievitstraat 70-74, Van Immerseelstraat (tot en met de Lange Kievitstraat 49) - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 29/09/2017 - 09:00 Hofstraat
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Caroline Bastiaens, schepen; Claude Marinower, schepen; Marc Van Peel, schepen; Rob Van de Velde, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Fons Duchateau, schepen; Sven Cauwelier, stadssecretaris

Afwezig

Koen Kennis, schepen; Ludo Van Campenhout, schepen; Serge Muyters, korpschef

Secretaris

Sven Cauwelier, stadssecretaris

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2017_CBS_08420 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure - 20171806 - district Antwerpen - Stoomstraat 1-15, Van Spangenstraat 1-11, Lange Kievitstraat 70-74, Van Immerseelstraat (tot en met de Lange Kievitstraat 49) - Goedkeuring 2017_CBS_08420 - Aanvraag stedenbouwkundige vergunning. Reguliere procedure - 20171806 - district Antwerpen - Stoomstraat 1-15, Van Spangenstraat 1-11, Lange Kievitstraat 70-74, Van Immerseelstraat (tot en met de Lange Kievitstraat 49) - Goedkeuring

Motivering

Argumentatie

Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college conform artikel 4.7.17 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening kennis van het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar dat als bijlage bij dit besluit is gevoegd.

Juridische grond

De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en zijn uitvoeringsbesluiten.

Onderzoek

Nee

Aanleiding en context

Aanvragers: DE PERSGROEP PUBLISHING
De aanvraag omvat: bouwen van een kantoorgebouw met 32 appartementen
Dossiernummer: AN3/B/digitaal/20171806

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 4.7.12. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening stelt dat het college bevoegd is om de beslissing te nemen over een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.

Artikel 2

Het college beslist de stedenbouwkundige vergunning goed te keuren en af te leveren aan de aanvrager, die ertoe gehouden is:
  • de bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen strikt na te leven;
  • de gangbreedte op +1 te voorzien conform artikel 15 van de verordening toegankelijkheid;
  • de voorziene mindervalide parkeerplaats zo dicht mogelijk bij de toegankelijke ingang en voldoende breed te voorzien conform artikel 27 van de verordening toegankelijkheid;
  • het onthaal te voorzien van een verlaagd gedeelte met een hoogte tot de bovenzijde van minstens 80 cm conform artikel 28 van de verordening toegankelijkheid;
  • zitplaatsen te voorzien voor personen met een handicap in de aula op +1 conform artikel 29 van de verordening toegankelijkheid;
  • de mindervalide toiletten voldoende groot te voorzien conform artikel 30 van de verordening toegankelijkheid;
  • de insprongen ter hoogte van de ingang brasserie te voorzien van verlichting conform artikel 14 van de bouwcode;
  • de bureauruimte van appartement 5 op +5, +6, +7 en +8 enkel te gebruiken als berging;
  • een septiche put te voorzien conform artikel 43 van de bouwcode;
  • een vetafscheider te voorzien conform artikel 44 van de bouwcode;
  • 76 parkeerplaatsen te voorzien in de ondergrondse parking waarvan 32 plaatsen voor de appartementen. De overige parkeerplaatsen kunnen voor de kantoren gebruikt worden;
  • de toegang naar de ondergrondse parking moet rechts in – rechts uit georganiseerd worden, zodat het verkeer naar de parking de andere rijstrook niet kruist;
  • in de ondergrondse parking moeten 219 fietsen gestald kunnen worden. (208 voorzien);
  • laden en lossen moet gebeuren binnen de venstertijden van het voetgangersgebied;
  • gepaste afspraken maken met de stad en AG VESPA rond gebruik en beheer van de LED-scherm in de voorgevel (noorgevel);
  • de werfafsluiting en fasering van de werf moet met de bevoegde stadsdiensten/AG VESPA worden besproken en goedgekeurd in functie van verkeersveiligheid, leesbaarheid, realisatie en ambities van het totaalproject Kievit II. De werking van de tunnel in de Van Immerseelstraat mag niet gehypothekeerd worden;
  • de aanleg van de trap naar de fietsenstalling in het openbaar domein moet opgenomen worden in de aanleg van het publiek domein. Bijkomende afspraken hieromtrent tussen De Persgroep en AG VESPA dienen gemaakt te worden;
  • bijkomend adviseert AG VESPA de bouwheer expliciet om:
  • in het beveiligingsplan en in de uitwerking al het mogelijk te doen om een publieke werking van de faciliteiten op te nemen. Deze ruimte heeft een bijzondere potentie in aansluiting op het Kievitplein;
  • voor de fietshelling de beveiliging, het beheer en de integratie en aansluiting met het huidige Kievitplein doordacht te bestuderen en uit te werken in nauw overleg op te nemen met AG VESPA en de stad;
  • volgens bijgevoegd advies van de ASTRID-veiligheidscomissie dient op niveaus 0 en -1 indoordekking aanwezig te zijn;
  • overeenkomstig VLAREM II dient de uitvoerder van de werken de nodige maatregelen te nemen om stofemissies tijdens de bouwwerken zo laag mogelijk te houden;
  • indien een bronbemaling niet noodzakelijk is wegens nabijgelegen bronbemalingen dienen de invloedsferen van deze bestaande bemalingen tov het gebouw op een plan aangeduid te worden. Tevens dient gekaderd te worden wanneer deze bemalingen zullen afgerond zijn;
  • een milieuvergunning- of melding moet bekomen worden voor de bronbemaling gedurende de bouwwerken; 
  • de exploitant gaat na of een milieuvergunning- of melding noodzakelijk is voor de exploitatie in het gebouw (lozing van huishoudelijk afvalwater, stookinstallaties, airco’s, koelcel, loungeruimte, gevaarlijke producten, …). Indien nodig dient de exploitant de benodigde milieuvergunning- of melding te bekomen. Hierbij wordt rekening gehouden met de bijhorende algemene en sectorale voorwaarden uit VLAREM II;
  • indien een milieuvergunning- of melding niet nodig blijkt, geschiedt de exploitatie overeenkomstig deel 6 van VLAREM II;
  • er dient structureel hergebruik van het hemelwater voorzien te worden;
  • RWA en DWA moeten volledig gescheiden tot op de rooilijn worden gebracht. De vergunningsaanvrager dient een externe toezichtsmogelijkheid op beide aansluitingen te voorzien;
  • gravitaire kelderaansluitingen zijn niet toegelaten. Indien er afvoerpunten van de woning (bijv. klokrooster) lager gelegen zijn dan het straatniveau t.h.v. de leiding dient de aansluiting beveiligd te worden tegen terugstroming. Dit kan door aan te sluiten via een terugslagklep of pomp. Een terugslagklep dient te worden geplaatst in de aankomende leidingen en niet in de infrastructuur van de rioolbeheerder;
  • de aansluiting dient te gebeuren op een diepte van 80 cm onder het straatniveau. Afwijkingen hiervan kunnen eventueel toegelaten worden mits een gemotiveerde aanvraag;
  • de realisatie van de aansluiting dient tenminste 6 weken op voorhand te worden aangevraagd bij rio-link en gebeurt door rio-link;
  • de algemene voorwaarden mbt bouwaanvragen dienen strikt te worden nageleefd (zie bijlage advies van infrabel). Vooral wat betreft de wet van 25 juli 1891 (BS 03.08.1891), gewijzigd door de wet van 21 maart 1991 (BS 27.03.1991), op de politie der spoorwegen van toepassing mbt beplantingen;
  • wanneer bij het gebruik van een torenkraan de giek over de sporen kan draaien, is een toelating van infrabel vereist;
  • na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten opgelegd door de Vlaamse Wooncode en het besluit van de Vlaamse regering van 12 juli 2013 betreffende de kwaliteits- en veiligheidsnormen voor woningen.

Artikel 3

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.