Het college sluit zich gedeeltelijk aan bij het verslag van de dienst milieuvergunningen, dat als bijlage bij dit besluit is gevoegd. Ze voegt volgende bijkomende argumentatie toe:
Aan de geluidsinstallatie is niets gewijzigd, er wordt gewerkt met een geluidbegrenzer. Gedurende de voorbije exploitatieperiode werden amper klachten in verband met geluidshinder genoteerd.
Omdat de inrichting ondertussen een vaste waarde is in het uitgaansleven, weten de meeste bezoekers dat een parkeerplaats in de directe omgeving niet aan de orde is en hebben ze zich daar blijkbaar op ingesteld. Een parkeerproblematiek die direct gekoppeld is aan de exploitatie van de inrichting is onbestaande.
Naar aanleiding van het openbaar onderzoek werden geen opmerkingen of bezwaren geuit. Wellicht speelt de centrale ligging in de oude stadskern en de specifieke aard van de bedrijvigheid in de onmiddellijke omgeving van de dancing hierin een rol.
De afgeleide hinder blijft evenwel soms voor ernstige problemen zorgen voornamelijk te wijten aan de feestformules gericht op jongeren.
Incidenten met veelal jonge (wachtende) klanten, doen zich immers nog steeds voor (bestuurlijke verslagen van de politie over de afgelopen vergunningsperiode doen blijken van overmatig drankgebruik door jongeren en minderjarigen al dan niet met tussenkomst van een ambulance, vechtpartijen, afval op straat voor de inrichting, nachtelijk roepen op straat, ...). Om die redenen werd op 8 mei 2013 een bestuurlijke maatregel opgelegd met het oog op het beperken van de overlast met betrekking tot minderjarigen. In de geest van deze maatregel opende de inrichting onder andere om 22.00 uur al de deuren en werd er strenger gecontroleerd door het veiligheidspersoneel. Deze werkwijze bleek succesvol. Deze mitigerende maatregelen rond hinder werden na de maatregel echter deels teruggeschroefd door de uitbating waardoor de problemen met dronken (jonge) bezoekers/passanten zich helaas verder blijven voordoen. Onder meer het openingsuur op donderdagavond werd opnieuw verschoven naar 23.00 uur.
Op de vraag om afwijking van het openingsuur kan, gelet op de specifieke ligging van de inrichting en de ervaring met de exploitatie tijdens de voorbije exploitatieperiode, worden ingegaan.
De aanvrager wenst beroep te doen op de mogelijkheid voorzien in artikel 387 van het omgevingsdecreet om de vergunning te verlenen voor onbepaalde duur. Op basis van het dossier en de objectieve vaststelling van de structurele afgeleide overlast die blijft aanhouden door het stopzetten van de mitigerende maatregelen tijdens de exploitatie, kan er geen gevolg gegeven worden aan dit verzoek en wordt de duurtijd bepaald op 5 jaar teneinde de vergunning op adequate wijze verder te kunnen evalueren.
De vergunning wordt jaarlijks geëvalueerd in functie van de afgeleide hinder en zo nodig worden de genomen maatregelen bijgesteld.
Het milieuvergunningendecreet van 28 juni 1985, meermaals gewijzigd, en haar uitvoeringsbesluiten (Vlarem I en II) bepalen dat niemand zonder vergunning of melding een hinderlijke inrichting mag exploiteren.
Aanvrager: Anvers Horeca Beheer nv - Verversrui 15 - 2000 Antwerpen. De aanvraag omvat het verder exploiteren van een dansgelegenheid.
Artikel 36,4° van Vlarem I bepaalt dat het college een uitspraak dient te doen over een milieuvergunningsaanvraag klasse 2.
Het college beslist een milieuvergunning, zoals geformuleerd in de argumentatie, goed te keuren aan Anvers Horeca Beheer nv, Verversrui 15, 2000 Antwerpen voor de inrichting gelegen op hetzelfde adres. De vergunning heeft als voorwerp het verder exploiteren van een dansgelegenheid.
Het college wijst erop dat de algemene en sectorale voorwaarden van toepassing zijn.
Het college beslist dat volgende bijzondere voorwaarden van toepassing zijn:
Het college wijst erop dat de exploitant de voorwaarden zoals opgelegd door de brandweer in advies met referentienummer BW/DVDS/2017/G.00133.A1.0006 dient na te leven.
Het college beslist dat de milieuvergunning ingaat op 4 augustus 2017 voor een bepaalde duurtijd van 5 jaar.